Geloofsmoeilijkheden (2)
Pastorale overwegingen
Geloofsmoeilijkheden kunnen voortkomen uit het feit, dat men zeer eenzijdig het geloof ziet zetelen.
Drie eenzijdigheden
Aan het slot van het eerste artikel merkte ik op, dat geloofsmoeilijkheden kunnen voortkomen uit het feit, dat men zeer eenzijdig het geloof ziet zetelen. Wanneer de Heere Zelf door Zijn Woord en Geest onderricht, betrekt Hij de gehele mens in het heilshandelen. Maar dat juist wordt niet recht gezien menigmaal. Men gaat nogal eens het geloof betrekken op onderdelen van ons leven. Daarbij staan we nu eerst eens stil.
Het geloof zit in het denken
Daar zijn mensen, die de mening huldigen en verdedigen, dat het geloof zetelt in het hoofd. Geloven betekent zuiver en zindelijk denken. Wat redelijk aanvaardbaar is, kan worden aanvaard. In de tijd van de verlichting bekeek men alles rationeel. Betrekt men de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek bij wat men als waarheid heeft te geloven, dan komt men in de problemen. Nu is aan de ene kant zeker waar, dat het geloof niet buiten het verÂstand om gaat. We lezen van 'verstand met goddelijk licht bestraald'. Wanneer de Heere in ons gaat werken, komen we er achter, dat wat wij voor enorme wijsheid aanzien, bij God dwaasheid is. Gelukkig, die ook aan het einde van zijn kennen en weten komt. Gelukkig de mens, die het niet meer weet, hoe het ooit verder moet en goed zou kunnen worden met God. De Heere geeft inzicht in de Schrift. We worden onderricht, zodat er geestelijk onderscheid komt. Wat omhelzen we dan het wonder, dat er nog een weg is tot behoud. Dat God een weg uitdacht tot zaligheid met verheerlijking van al Zijn deugden in Christus. Maar met ons eigen verstand blijven we staan voor het geheimenis. 't Verstand laat na de ware grond van 't weldoen op te merken, zingen we in een berijmd psalmvers. En nog geldt wat Paulus schrijft, 'dat de natuurlijke mens niet verstaat de dingen, die des Geestes Gods zijn'.
Het geloof zit in het voelen? !
Lijnrecht tegenover de mensen, die zo staan op zuiver denken, bevinden zich zij, die het geloof zoeken in het gevoel, van binnen, diep in 't hart. Je moet het voelen, wil het waar zijn. En ik geloof, dat er ook onder degenen, die zalig worden zijn, vooral in de eerste tijd van het nieuwe leven, die denken 'als ik maar voelen mag van binnen, dan geloof ik dat 't waar is'. Evenmin als het geloof buiten het verstand omgaat, gaat het buiten het gevoel om. Werkelijk, we voelen iets van het ongenoegen Gods, dat brandt op onze ziel, als het niet goed is met de Heere. En we voelen ook iets van de liefde, die uitgestort wordt in het hart, waarbij het ons warm om het hart wordt. Maar weet u, er is veel gevoel zonder geloof. Het gevoel komt ook bij ons van binnen uit en gaat naar buiten. Dat is iets van onszelf. Dat is snel wisselvallig. Maar het geloof komt van buiten af naar binnen toe. Dat is een werk Gods. En dat ankert in wat God zegt en doet. Maar wel worden we onderwezen op de hoge school van de Heilige Geest, dat als het geloof wordt beoefend, wij ook het gevoel ervan hebben. Maar er is veel wat voor geloof doorgaat, hoewel het slechts gevoelsaandoeningen en gemoedswerk betreft. Daarom worden we ook voorzichtig en smeken we al meer om ontdekkend licht van Boven. Ons hart is zo arglistig.
Het geloof zit in het doen? !
Weer anderen, vooral in deze tijd, zeggen: 'neen, het geloof is niet denken of gevoelen, maar daad, actie, handelen. Wie gelooft, moet daden stellen, ervoor uitkomen, actie voeren, demonstreren. Het geloof zit eigenlijk in je handen. Nu is waar dat het geloof niet buiten de handen en voeten omgaat. Zijn we in de kerk ooit met de Jacobus-brief klaar gekomen? We horen soms aan het begin van een preek, in ouderwetse kringen nog wel eens: geliefde (toe)hoorders! Overigens: de kerk is geen gehoorzaal. Maar wat ik zeggen wilde, waarom niet: geliefde daders. Maar de vrucht ziet men vaak aan voor de grond van het geloof. Als men gelooft, dan moet men toch... Dat is een nieuw wetticisme, dat ons verlamt in krampachtigheid. Alles moet zo nodig. Worden we met een nieuw juk der dienstbaarheid bevangen? Vrucht groeit en rijpt. De grond van 't geloof ligt buiten ons, in Christus en Zijn volbracht werk. Maar door het geloof in Hem bidden we dat ons kracht gegund wordt uit de opgestane Levensvorst, om de geboden des Heeren te doen uit dankbaarheid. Daders des Woords zijn is meer dan slechts hoorder te wezen. Wezen we een drietal eenzijdigheden aan, volgende keer gaan we op andere geloofsmoeilijkheden in.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 oktober 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 oktober 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's