De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Leven met een handicap

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Leven met een handicap

8 minuten leestijd

n.a.v. Herderlijk schrijven van de bisschoppen van Nederland bij gelegenheid van het internationaal jaar van Gehandicapten 1981.

Beschamend

De Joden en de Samaritanen verschilden in de dagen van de Heere Jezus Christus met elkaar sterk in de leer. De godsdienst van de Samaritanen was er één van vermenging. De oude kanaanitische godsdienst vermengd met de dienst van de ene en waarachtige God, de God van Israël. Voor mijn gevoel bestaat de theologie van de Rooms Katholieke kerk tot op de huidige dag ook uit een groot stuk vermenging. De oude godsdienst der Romeinen vermengd met de leer der Schriften, en bovendien nog in onze tijd overgoten met een saus die heet 'Geest van deze tijd'. De verschillen in de leer tussen Protestanten en Roomsen zijn in wezen dan ook dezelfde, die er eeuwen geleden lagen tussen Joden en Samaritanen.

Nu is één ding in de Bijbel opvallend. Als de Heere de Joden de vraag wil beantwoorden 'Wie is mijn naaste?', dan stelt hij in de gelijkenis hen juist een Samaritaan ten voorbeeld. De Samaritaan verstond het dat hij de naaste was van degene die op de weg lag van Jericho naar Jeruzalem. Hij die in de leer een eigenzinnige godsdienst toebehoorde, verstond het dat hij aan de nood en de pijn van die arme man op zijn weg, niet mocht voorbijlopen, zoals de Joodse priester en de Leviet wel hadden gedaan. De Samaritaan beschaamde de Joden omdat hij, zo handelend uit bewogenheid, de wil des Heeren doet. Die gezegd heeft: 'Barmhartigheid wil Ik, en geen offeranden.' Deze gedachten kwamen bij mij op toen ik kortgeleden het herderlijk schrijven van de Nederlandse bisschoppen las. Het is een werkelijk herderlijk schrijven en ik heb heel wat brochures van protestantse zijde gelezen, die inhoudelijk heel wat minder te zeggen hebben en waarin de Schriften nauwelijks aan het woord komen.

Inhoud

De bisschoppen beginnen met te constateren er dat de Verenigde Naties het jaar 1981 hebben uitgeroepen tot het jaar van de Gehandicapten. Zij stellen, mijn inziens terecht, dat dat misverstanden met zich kan meebrengen en zijn er dan ook niet erg gelukkig mee. Een jaar van Gehandicapten gaat weer voorbij. Ieder jaar moet een jaar van en voor gehandicapten zijn. Bovendien worden, door het jaar 1981 deze naam te geven, de gehandicapten gemakkelijk aangezien als een aparte categorie in de samenleving en niet als een deel daarvan.

Na een opsomming van degenen aan wie in dit schrijven gedacht wordt (ieder die een zichtbare of onzichtbare handicap als een kruis moet dragen), beginnen de bisschoppen hun pastorale gesprek met deze achtenswaardige opmerking: 'Wanneer wij ons hart laten spreken tot de mensen met een handicap, willen wij allereerst uiting geven aan gevoelens van diep respect. Van zien en horen weten wij hoe mensen met veel krachtsinspanning en met geduldige aanvaarding hun kruis dragen, door momenten van opstandigheid en uitzichtloos verdriet heen, door pijn en teleurstelling heen. Men wordt stil, wanneer men ziet hoe diep gehandicapte mensen toch vol moed van het leven blijven houden en ervan maken wat ze  kunnen - voor zichzelf en voor anderen. Op­rechte bewondering moet men ook hebben voor de liefde en trouw die ouders besteden aan hun gehandicapte kinderen, en echtgeno­ten aan hun gehandicapte levenspartner.'

Waarom lijden?

Dit hoofdstukje begint met een kardinale zin: 'Christenen moeten meeleven en meedenken met de velen die de vraag stellen naar het - waarom van dit lijden en die zoeken naar de zin van het soms zo zinloos lijkend bestaan van vooral de zwaarst gehandicapte medemens.' Vanuit de Schrift wordt daarna door dit herderlijk schrijven een antwoord gezocht op de vraag naar de zin van het lijden. De geschiedenis uit Johannes 9, de genezing van de blindgeborene laat ons zien dat wij niet gemakkelijk mogen zeggen dat lijden een straf van God is. Gehandicapten mogen niet worden aangezien als mensen die door God in het bijzonder werden gestraft, zoals bijv. ook de melaatsen bezien worden in de Bijbelse tijd. 'Helaas is de opvatting van het lijden als een rechtstreekse straf van Godswege nog niet helemaal uitgebannen. Wie het evangeliefragment van Johannes 9 - en het boek Job uit het Oude Testament - goed op zich laat inwerken, ziet dat lijden en handicap nooit mogen worden beschouwd als wraakoefeningen van Godswege. Onze God is geen God van wraak maar een barmhartige Vader. Juist in het lijden kunnen Gods werken openbaar worden. Het is goed dat bovenstaande ook onder ons duidelijk gesteld wordt; jammer vind ik het echter dat in dit herderlijk schrijven een andere, evenzeer Bijbelse, notie gemist wordt. Helaas wordt niet gezegd, (en dat is mijn voornaamste bezwaar tegen dit verder goede boekje) dat ziekte, handicap en dood in deze wereld er zijn door onze zonden. Het is niet Gods schuld maar de onze dat wij in een gebroken wereld leven. Onze zonden deden ons het Paradijs, waar ziekte en leed niet waren, verliezen. Vanuit die belijdenis zou het spreken over Christus' lijden ook veel rijker van inhoud geworden zijn. Dat er in Hem verzoening is voor onze zonden is toch ook voor gehandicapten de enige troost beide in leven en in sterven? Hij heeft onze krankheden op Zich genomen en onze smarten gedragen, omdat Hij Zijn ziel tot een schuldoffer gesteld heeft.

Pastoraal

In het vervolg van dit schrijven richten de bisschoppen zich eerst tot hen die het het moeilijkst hebben: 'Graag willen wij ook een woord van bemoediging richten tot hen die nog volop worstelen met de aanvaarding van hun (plotselinge) handicap ..Wij hopen en bidden dat de opstandigheid van dit ogenblik deze gehandicapten niet voert tot blijvende verbittering en dat hun verdriet hen niet tot wanhoop drijft.' Een warm pleidooi wordt gehouden om ook in de gezondheidszorg patiënten als mensen te blijven bezien. 'Daarom beschouwen wij de invoering van de pastorale zorg in het geheel van de gezondheidszorg als noodzakelijk voor het totale welzijn van cliënten en medewerkers.'

De samenleving, die nu nog veel te veel kijkt naar de prestaties van een mens, zou moeten begrijpen dat zij geen samenleving is als gehandicapten erin geen volwaardige plaats ontvangen. De enige weg die bewandeld moet worden om de samenleving menselijk te doen zijn en die gehandicapten geeft waar zij recht op hebben, is integratie. 'Het principe van integratie staat tegenover de neiging de gehandicapte mens af te zonderen en achter te stellen. Maar het gaat verder dan een houding van louter verdraagzaamheid. Het sluit de verplichting in, de gehandicapte overeenkomstig zijn vermogens de kans te bieden actief te zijn op alle gebieden (gezin, school, arbeid, sport, cultuur, geloofsbeleving). Wij juichen de positieve ontwikkelingen in Nederland toe die de integratie van de gehandicapte mens bevorderen (toegankelijkheid van gebouwen, vervoersmiddelen en evenementen bijvoorbeeld). Er blijven echter letterlijk en figuurlijk nog heel wat drempels te slechten. Zo wordt een handicap nog te dikwijls aangemerkt als een beletsel voor het verrichten van arbeid.'

Gehandicapten in de gemeente

Het laatste hoofdstukje van dit geschrift begint met de herinnering aan het woord uit 1 Korinthe 12 'En hetzij dat één lid lijdt, zo lijden alle leden mede.' Dat is het uitgangspunt van de pastorale zorg door en voor gehandicapte gemeenteleden. In het dan volgende hoor ik hetzelfde als drs. J. van der Knijff in ons midden heeft neergelegd bij de oprichting van de vereniging 'Op weg met de ander'. 'De kerkgemeenschap, als lichaam van Christus, dient de lijdende en de gehandicapte mens zowel actief als verzorgend te betrekken bij het pastoraat. Actief, omdat allen een eigen roeping te vervullen hebben in de gemeente....' In kerkgebouwen moeten die voorzieningen worden getroffen die het de gehandicapten mogelijk maken aan de eredienst deel te nemen.

Juist de gelovigen die zelf weten wat het betekent gehandicapt te zijn, kunnen een onvervangbare rol spelen in de pastorale zorg voor degenen die nog volop in het aanvaardingsproces van het verlies van lichamelijke functies verkeren. Mensen die buiten het arbeidsproces zijn komen staan, kunnen in werk voor de kerk een nieuwe zin voor hun bestaan vinden.' Hier worden zaken genoemd, die naar mijn overtuiging onder ons nog veel te weinig leven, maar die én voor de gemeente én voor de gehandicapten van levensbelang zijn.

Tenslotte eindigt het herderlijk schrijven met een citaat van paus Paulus VI. Dat schijnt er in dergelijke bisschoppelijke brieven bij te horen. Voor ons hoeft dat niet. Paulus, de apostel des Heeren, heeft meer dan genoeg gezegd waarnaar wij te luisteren hebben en ons leven naar te richten.

Ik denk nog even aan de barmhartige Samaritaan. U begrijpt: niet alles wat in dit boekje staat kan mijn hart hebben. Maar ik ben er wel van overtuigd dat van de bedoeling van dit herderlijk schrijven Christus tot u en mij zegt: Ga gij heen en doe desgelijks!

H. Harkema


Enige tijd geleden is een hervormd-gereformeerde vereniging voor gehandicapten opgericht, onder de naam 'Op weg met de ander'. Van deze vereniging is ds. H. Harkema te Brakel, schrijver van bijgaand artikel, voorzitter. Hij publiceert dit artikel ook tegelijktijd in het orgaan van deze vereniging, waarvoor wij ook graag aandacht vragen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 oktober 1981

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Leven met een handicap

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 oktober 1981

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's