Boekbespreking
G. Huntemann, In den beginne de Waarheid, uitg. van Buyten en Schipperheijn, Amsterdam 1980, 152 blz., prijs ƒ 15, 90.
Dit uit het Duits vertaalde boekje - waarvan ik de vertaler niet vermeld zag - is ontstaan uit de overtuiging, dat het Oude Testament bij een brede laag van het (Duitse) kerkelijke publiek al te weinig gekend wordt, terwijl de boodschap ervan toch zo rijk en verrijkend is. De schrijver probeert nu enige facetten van deze boodschap uit vnl. de eerste boeken van Mozes aan de gemeente voor te stellen tot opbouw, afweer en bewapening. Met dit laatste is het klimaat van het boek getypeerd. Huntemann, die predikant is in Bremen en hoogleraar aan de Vrije Evangelische Hogeschool in Bazel, schuwt de strijd niet, maar staat aan het front, in verzet tegen de tijdgeest in kerk èn wereld. De manier waarop hij dit doet kon ons niet steeds overtuigen (b.v. kun je zeggen dat Gods zesdaagse scheppingsarbeid een handelen aan een gevallen schepping is? Is 'schepping uit hét niets' geen laakbare uitdrukking, is Gods 'beeld' wel te omschrijven in termen van representatie? ) en de structuur van dit boek maakt een wat chaotische indruk en de gang van het betoog is springerig, maar dit neemt niet weg dat we ons in zijn positiekeus grotendeels kunnen vinden. Zijn benadering (van de dictatuur) van de moderne, evolutionistische wetenschap kan m.n. onze catechisanteh en scholieren goede diensten bewijzen. Huntemann is niet zo ingenomen met dat modieuze zelfvertrouwen van de geschiedenis-makende mens. In veel techniek-en cultuuroptimisme ontwaart hij trekken van Babels vermetele torenbouw, een overeenkomst waarvoor dr. W. Aalders zo onthullend schreef in zijn 'Burger van twee werelden'.
Huntemann weet vanuit het Oude Testament hier en daar de actuele situatie verrassend te doorlichten. Treffend is zijn actualisering b.v. van de beeldendienst: zoals de antieke mens zich God begrijpelijk wilde maken in hout en steen, zo doet de moderne mens het in getallen!
Toch houdt dit boekje iets 'vreemds', voor mij althans. Ik denk dat dat o.a. te maken heeft met het bronnenmateriaal: Huntemann is sterk georiënteerd op met name Amerikaanse theologen, biologen en geologen. Dat is een voor mij vrijwel onbekende wereld. Vandaar wellicht de onwennigheid. Waarmee overigens de lezing u uiteraard beslist niet ontraden is.
A. de R.
W. Hendriksen: Uitzicht over de dood, uitg. Van Buyten en Schipperheijn, Amsterdam 1979, 176 blz., prijs ƒ 17, 50.
William Hendriksen is een in 'evangelical' kringen en bij Bonner of Truthvrienden inmiddels bekend exegeet van het Nieuwe Testament. Hij is hoogleraar aan het Calvijn Seminarie (V.S.). Dit boek verscheen oorspronkelijk in 1959 (engelstalig). Na een inleiding over de betekenis van de term 'eschatologie' (die Hendriksen naar onze mening te zeer reserveert voor 'dat wat gebeuren zal als het aardse leven van de mens ten einde is'; in het voetspoor van de apostelen spreken de reformatoren hierover veel spanningsvoller, over het eschaton dat is én komt), volgt een 18-tal korte hoofdstukjes over alle mogelijke vragen rond dood en onsterfelijkheid (waar, wat, wie, wanneer, hoe), een 12-tal over de tekenen (evangelieprediking, duizendjarig rijk, antichrist, Israël), een 11-tal over de wederkomst en een 5-tal over de 'uiteindelijke staat'. Na ieder lesje - deze aanduiding ligt 't dichtst bij opzet en strekking van de hoofdstukjes - volgt een reeks vragen. Ten onrechte worden deze allen 'gesprekspunten' genoemd; meer dan de helft verwijst eenvoudig terug naar de inhoud van het voorafgaande en is niet meer dan een samenvatting in vraagvorm. Boven ieder lesje staan Bijbelpericopen die in de loop van het betoog, vaak min of meer zijdelings, ter sprake komen.
Ik kan niet zo enthousiast zijn over dit boek. Om diverse redenen. Om te beginnen: de opzet doet denken aan een serie Bijbelstudies, maar dit correspondeert toch weer te weinig met de inhoud. Ten tweede: rond het thema van het boek zijn eindeloos veel nieuwsgierige vragen te stellen; Hendriksen geeft een proeve van beantwoording en hij doet dat vanuit 'Bijbelgetrouw' standpunt, maar ontkomt m.i, niet aan het gevaar hier en daar de Bijbel als naslagwerk te gebruiken. In de derde plaats: er wordt zoveel 'aangetoond', 'ontzenuwd' , 'redelijk' en 'onredelijk' geacht. Deze wijze van theologiseren en onderwijzen komt me wat te verstandelijk en afstandelijk voor.
Nu wil ik niet zeggen dat dit boek zijn nut niet kan hebben. Men zou er op gesprekskringen (selectief) mee kunnen werken. In een confrontatie met Jehova's Getuigen kan het hand-en spandiensten doen. Ook bij de catechese is het zeker te gebruiken. Wie in weinig tijd over veel vragen geïnformeerd wil worden, kan hier terecht.
A. de R.
F. Folkerts: Het Fundament, Hulpboekje bij het bijbelonderwijs in de lagere klassen van het voortgezet on-. derwijs, derde herziene druk. Uitgave van De Vuurbaak, Groningen, prijs: ƒ 24, 90.
Deze paperback bevat de behandeling van de historische stof van de Bijbel. En is bedoeld als hulpboek bij het lezen van.de Bijbel. Het is een verademing om een schoolboek door te nemen, bestemd voor de jongeren op weg naar hun volwassenheid, waarbij ervan uitgegaan wordt dat de Bijbel Gods onfeilbaar Woord is, geschreven door mensen die geïnspireerd zijn door de Heilige Geest. Dat wil niet zeggen dat alle problemen bij het lezen van de Bijbel dan automatisch opgelost zijn. De schrijver uit de vrijgemaakte kring, godsdienstleraar van beroep, heeft door het uitproberen in de praktijk, gekozen voor de vorm zoals die voor ons ligt.
Elke les (48 in totaal) heeft dezelfde opbouw: Lezen: ... (bijbelgedeelte); Leskern: ... (een samenvatting van de les); Leren: ... (teksten, bekende namen); Verwerkingsopdrachten: A (reproducerende en gemakkelijke denkvragen) B (moeilijker denkvragen en opdrachten buiten de les om: Wat zijn sabbattisten? Wat zijn Jehovah's getuigen? Wat is een mascotte? De moderne theologie (wat is dat? ) enz.). Het boek bevat een aantal bijlagen, o.a.: een bijbelgedeelte in elftalen; een samenvatting van alle bijbelboeken; maten en gewichten; een landkaart.
Dit boek kan in de klas alleen goed funktioneren, als er in de les eerst goede begeleiding gegeven wordt. De leerkracht zal afhankelijk van de beginsituatie in zijn klas aan moeten geven: wat er gelezen moet worden uit het aangegeven gedeelte (veel te lang!):1 Sam. 1 : 1-7 : 17; de leskern moet gevolgd worden, want anders is de telegramstijl niet te volgen voor de leerlingen; de opdrachten moeten ook geselekteerd worden, want anders is het waar wat er in de inleiding staat: in vier of vijf jaar globaal de gehele Bijbel door!
Maar dat kan in de praktijk niet; de eerste twee klassen in het voorgezet onderwijs lenen zich goed voor de bestudering van de Bijbel; Kerkgeschiedenis, Ethiek, Bijbelse kernwoorden. Oriëntatie t.a.v. de andere wereldgodsdiensten moeten ook aan de orde komen, gezien de weerbaarheid die nodig is. Veel materiaal, maar het zou wat aantrekkelijker aangeboden moeten worden (didaktisch zwak). Voor het maken van inleidingen en voor spreekbeurten kan deze uitgave als hulpmiddel ook goede diensten bewijzen.
I. A. Kole
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 november 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 november 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's