Jozef’s levensgeheim
Jozef is een vruchtbare tak aan een fontein; elk der takken loopt over de muur. De schutters hebben hem wel bitterheid aangedaan en beschoten, en hem gehaat. Maar zijn boog is in stevigheid gebleven, en de armen zijner handen zijn gesterkt geworden, door de handen van de Machtige Jacobs. (Gen. 49 : 22-24a)
De geschiedenis van Jozef is altijd boeiend, omdat hij een veelbewogen leven heeft gehad. Wij zien vaak een stuk tragiek in z' n levensgeschiedenis. Maar het gaat niet om ónze gedachten over Jozef, maar hoe hij bij God aangeschreven stond. Onze tekst is een woord van de oude vader Jacob, uitgesproken op z'n sterfbed. Hier spreekt Jacob niet uit zichzelf, ook niet over zichzelf, maar door de Geest van God. Dat betekent tegelijk dat hij tegen eigen vlees en bloed in spreekt. Ruben, de eerstgeborene krijgt de voornaamste zegen niet. 'Juda, gij zijt het', klinkt het van z'n lippen. Uit Juda (de zoon van Lea) zal de Christus geboren worden. Toch is Jozef een veel treffender schaduw van de Heere Jezus. Heeft Christus het vlees van Juda aangenomen, in Jozef heeft Hij meer Zijn léven op aarde laten afbeelden. In dit leven komen lijdzaamheid en volharding sterk haar voren.
Jozef is een vruchtbare tak aan een fontein. Wij kunnen dit het best weergeven met: - een vruchtbare jonge boom, vermoedelijk een wijnstok. Hij is zó vruchtbaar, dat elk van de takken over de muur loopt. Een treffend beeld van het godvrezend leven van Jozef. Waar hij ook was, overal heeft Jozef een geestelijk vruchtbaar leven geleid. Zijn broers zeiden wel 'wij zijn vroom', maar Jozef kon getuigen: ik vrees God. Dat deed hij ook als hij aan het oog van zijn vader onttrokken was. Hij was geen kameleon, die zich aanpast aan de omstandigheden. Néé, hij was een man uit één stuk. Héél z'n leven was doortrokken van de vreze des Heeren.
Hoe kwam dat? Door Gods' genade was hij in aanraking gekomen met de geheime bron van het ware leven. Zijn leven was een nabij-leven met de Heere. Ook in zijn leven was er de wandel met God. Met wie wij wandelen, die is dicht bij ons. Die beïnvloedt ons! Jozef had voortdurend contact met de verborgen bron van Gods' liefde. Uit onszelf zullen wij nooit enige vrucht voortbrengen. Uit zichzelf was Jozef niet beter dan zijn broers maar zijn levensboom stond in een andere bodem. Daar komt het precies op aan, wat de voedingsbodem van ons leven is. Waar wij onze levenskracht uit putten. Dit komt zeker voor de dag aan de vrucht. Een kwade boom kan geen goede vruchten voortbrengen. Z'n levenssappen deugen niet. Het komt voor de draad wat de grond van ons leven is. Of ons geloof wortel geschoten heeft, óf dat onze levensboom in vergiftigde bodem staat. Wat zijn er veel levens, die van de jeugd af aan verkeerd geplant zijn. Wat een bedorven, stinkende vruchten worden er gezien. Wat een jonge bomen sterven af, vaak op een verschrikkelijke manier.
Als ouders dragen we een zware taak om toe te zien uit welke bronnen onze kinderen gelaafd worden. Een nog urgenter vraag is: in welke bodem u uw kinderen geplant hebt. Hebben ze aan uzelf gezien waar het geheim van uw leven zit? Zijn de hemelse bronnen uw dagelijkse lafenis? Kinderogen ontdekken waar het hart van vader en moeder leeft.
Vader Jacob was - ondanks zijn zonden - een van God gezegende. Daarom heeft hij zoëven gezegd: 'Op Uw zaligheijd wacht ik, Heere.' Dat hebben zijn kinderen gehoord. Welke klanken vangen uw kinderen van u op? Zeggen ze: de God van mijn vader is mijn God? Dan vertoeven ze dagelijks aan dezelfde fontein, waar Jozef z'n levenswortels uitsloeg. Dit leven sterft nooit meer af. Het wordt gelaafd uit de fontein van heil, dat nooit vergaat.
Intussen is dit geen leven als aan een kabbelend beekje. Dit leven heeft felle aanvallen en vijandschap te verduren. Jacob zegt: De (boog)schutters hebben hem wél bitterheid aangedaan en hem beschoten en hem gehaat. Jozefs bloei ging niet vanzelf, maar stond aan felle bestrijding bloot. Vader Jacob gaat nu over op een ander beeld. Hij ziet een oorlogsbedrijf, boogschutters in aktie. 't Ging Jozef heel anders dan hij gedacht had, hij wordt beschoten. Er staan een aantal schutters in een wijde boog om hem heen en vuren hun pijlen op hern af. Jozef werd vervolgd vanwege de vreze des Heeren, die in zijn hart woonde. Gods' werk wordt niet geduld in deze wereld. Jozef heeft het ondervonden van verschillende zijden en alle gelovigen ervaren het of zullen het nog meemaken. Wie aan God en Zijn Woord vasthoudt, komt vroeg of laat tot een conflict. Gods' liefde en Zijn geboden zijn en blijven voor de natuurlijke mens een brok ergenis. Vooral het consequent, waarachtig gelovig-zijn wordt niet geduld. Een compromischristendom zal men wel min of meer met rust laten. Maar wie volop met Gods' geboden ernst maakt wordt gehaat. Toen Jozefs broers zagen, dat zij hem niet in hun schuitje konden krijgen, moest hij het zeker en gewis ontgelden. Er scheelde niet veel aan of ze hadden hem gedood. Welk een bitterheid deden ze hun broer aan om hem als slaaf te verkopen. Als Jozef later bij Potifar in huis komt, komen de pijlen weer van een andere kant. Dan vallen de ogen, de houding, de woorden van Potifar's vrouw als vurige pijlen op hem. Niet één dag, of twee dagen, maar dagen achteréén. Aan alle kanten trekt de zonde en de verleiding. En ook Jozef was een mens van vlees en bloed. Waarom bleef hij staande? Tussen Jozef en Potifar's vrouw stond God. Een toen ketsten alle pijlen af. Maar het was nóg niet afgelopen. Toen kwamen er de pijlen van diepe verachting, laster en haat. En in de gevangenis de pijlen van satan: wat ben je met je geloof opgeschoten? Zie je nu waar je ermee terecht komt? Met deze God raak je steeds aan lager wal.
Jozef bezwijkt niet. In het tragische hoofdstuk Gen. 39 lezen we: doch de Heere was met Jozef. Waar God is kan een mens leven, al is het in de gevangenis. Achter het ijzeren gordijn zal menige christen het (geestelijk) béter hebben dan miljoenen in het z.g.n. vrije westen. De smeltkroes brengt wel aan het daglicht wat goud is en wat onzuivere bestanddelen zijn. Het Woord van God heeft Jozefs leven gelouterd (Ps. 105 : 19). Het gelóóf triumfeert in zijn leven. Onze tekst zegt het met de woorden: zijn boog is in stevigheid gebleven en de armen zijner handen zijn gesterkt geworden door de handen van de machtige Jacobs. Jozef had óók een boog, hij was óók in spanning, met heel z'n wezen. Hij was één en al geloofsspanning, gebedsspanning. Terwijl hij met bevende handen z'n boog vasthoudt, leggen twee sterke handen zich op hem. Het zijn de handen van God. Hier hebben we het geheim van Jozefs leven. Zo kunnen we standhouden in het strijdperk! Het leven is een krijgsbanier tot in Gods handen dragen (G. Gezelle). Hoe houden we het vol? Er heeft eens een kruis op Golgotha gestaan. Daar hebben Gods' handen Zijn eigen geliefde Zoon losgelaten. Zo zijn er door het offer van Christus koorden met de hemel gelegd. Het zijn liefde-koorden. Als ons leven doortrokken is van de liefde van Christus, strijden we de goede strijd des geloofs. In Hem gaan we van kracht tot kracht. Luther vertaalt: van overwinning tot overwinning.
Nog vliegen elke dag vele pijlen op ons af. Maar zo God vóór ons is, wie zal tegen ons zijn? Als onze handen niet meer kunnen, laten we ze leggen in de doorboorde handen van Christus. Hij houdt eeuwig vast. Daarom wordt ook gezongen van Zijn trouw, Zijn roem. Zijn onoverwin'bre krachten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 november 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 november 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's