Zwarte dag voor de hervormde kerk
Dr. G. H. ter Schegget is 'eindelijk' benoemd als hoogleraar.
De aanhouder wint of, om het met een woord van ds. M. Groenenberg in Hervormd Nederland te zeggen: 'de gestadige drup doet op de duur zelfs de sterkste steen barsten'.
Dr. G. H. ter Schegget is 'eindelijk' benoemd als hoogleraar. Men zou kunnen zeggen, dat dr. ter Schegget één van de meest omstreden theologen is in Nederland, en wel vanwege zijn uitgesproken marxistische ideeën. Dat blijkt uit zijn geschriften; dat bleek (praktisch) door zijn stellingname in de Zwolse schoolproblematiek, toen het erom ging of een communist bij het christelijk onderwijs werkzaam kon zijn.
Nadat Ter Schegget de functie van secretaris voor de Raad voor de Verhouding van Kerk en Israël niet gekregen had (dr. Gerssen werd daarvoor benoemd - met 25 tegen 24 stemmen) ging het ene na het andere hoogleraarschap aan zijn neus voorbij.
Hij werd niet benoemd in de vacature van Niftrik (kerkelijk hoogleraar té Amsterdam), ook niet in de vacature Lekkerkerker (kerkelijk hoogleraar te Groningen), voor welke posten hij had gesolliciteerd.
In 1976 werd Ter Schegget door studenten voorgedragen als staatshoogleraar te Utrecht in de vacature van prof. dr. J. de Graaf (ethiek), maar hij werd niet benoemd.
Toen kwam de vacature Strijd (kerkelijk hoogleraar te Amsterdam). Na vier jaar strijd tussen de voordrachtcommissie en TWO werd Ter Schegget niet benoemd. Het werd dr. W. Verdonk.
De Amsterdamse faculteit had intussen Ter Schegget niet willen voordragen in de vacature van prof. dr. J. Sperna Weiland (geschiedenis van het christendom).
En dan nu de Leidse vatature. De Hervormde Kerk mocht een derde kerkelijk hoogleraar benoemen. De commisse voor het Theologisch Wetenschappelijk Onderwijs zette hem op de voordracht. Met 27 tegen 26 stemmen werd dr. A. A. Spijkerboer (op het laatste moment op de voordracht gekomen) gekozen. Spijkerboer bedankte echter, tot ieders verrassing. Hij bleef liever gewoon wijkpredikant. Het pastoraat trok hem meer dan het professoraat. Dus moest de synode zich opnieuw met deze vacature bezig houden. Op de voordracht voor de laatste synodevergadering stonden drie personen: (opnieuw) Ter Schegget, en verder dr. E. Schroten en dr. S. Meyers. Met 29 stemmen werd nu dr. ter Schegget gekozen tot kerkelijk hoogleraar te Leiden.
Zwarte bladzijde
Een zwarte bladzijde in het leven van onze kerk. Voor het eerstin de geschiedenis is een notoir marxistisch theoloog benoemd.
De synode zal dat wéten als hij straks als kerkelijk hoogleraar de synode móet adviseren. Kenschetste prof. dr. Roscam Abbing hem niet als indoctrinair in zijn wetenschappelijke instelling, d.w.z. dat hij, voor andere opvattingen dan (zijn) marxistische geen ruimte laat? Er is een wissel omgegaan in onze kerk, waardoor de polarisatiekloof verbreed is en verdiept.
En in Leiden is - om het befaamde woord van de Leidse prof. dr. F. O. van Gennep te gebruiken - de rotarydub compleet. Zonder de Bond is de Hervormde Kerk, aldus Van Gennep, een rotaryclub. Ooit zaten Van Gennep en Ter Schegget broederlijk samen in de beweging Shaloom.
Leiden kreeg de kans niet om te zorgen dat het daar geen rotaryclub werd. Dan zou men immers dr. Meyers, die wel veel synodale stemmen kreeg (18), niet kiezen. De Gereformeerde Bond mag best meedoen, maar tot op zekere hoogte!
Geen gesprek
Rest hier nog te vermelden dat T. W. O. tot drie maal toe een verzoek om een samenspreking met het. hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond onbeantwoord liet; dat het moderamen - deswege aangeschreven - schreef dat deze zaak bij T.W.O. thuis hoorde; èn dat, toen uiteengezet was dat T.W.O. niets van zich liet horen, het moderamen schreef, dat er best een keer gepraat zou kunnen worden, maar dan in het kader van de regelmatige gesprekken tussen het moderamen en de modaliteitsorg'anisaties (dat wordt dan volgend jaar voorjaar of zo). De benoeming zou dan toch al geschied zijn.
Wil men ons nog horen? , schreef de classis Heusden in een brief aan de synode inzake de brief van het moderamen over de kernwapendemonstratie. In het beste geval, zou ik willen zeggen, wel horen (alwas het in dit geval zelfs niet zo.) maar in ieder geval niet met effect. De midden-orthodoxie regeert zolang ze het leven heeft. Hoeveel vertegenwoordigers van bloedeloze classes hebben intussen aan deze benoeming niet meegewerkt? Er is verbolgenheid, verdriet, weedom over deze de-aanhouder-wint politiek, waardoor intussen de marxistische theologie voluit erkenning kreeg.
v. d. G.
Het verzet is gebroken, de wissel is om
Dr. G.H. ter Schegget en zijn vrienden hebben dus nu hun zin: de vurig begeerde post als hoogleraar is verkregen. Jarenlang heeft een meerderheid in de generale synode van onze kerk zich gekant tegen zijn benoeming als kerkelijk hoogleraar. Dat verzet bleek nu gebroken, want een royale meerderheid verkoos hem. Welke motieven ook een rol hebben gespeeld bij hen die voor hem stemden, het kwaad is geschied, er is een wissel om. Wat betekent dat nu voor het geheel van onze kerk?
Een nieuwe lijn
De splitsing in rijkshoogleraren en kerkelijke hoogleraren dateert van 1878. De eersten verzorgen de opleiding tot het kandidaats- en/of doctoraal examen, daarna komt het kerkelijk examen, dat wordt afgelegd onder verantwoordelijkheid van de kerkelijke hoogleraren. Tot voor kort hadden de 4 Universiteiten waar de aanstaande predikanten worden opgeleid elk 2, dus in totaal 8 hoogleraren namens de Nederlandse Hervormde Kerk. Nu zijn dat er 11, te weten 3 in Leiden, Groningen en Utrecht en 2 aan de gemeentelijke Universiteit van Amsterdam.
Nu heeft de synode van onze kerk dus gezegd; 'dr. ter Schegget, u gaat namens de kerk in Leiden christelijke ethiek doceren': En impliciet heeft zij gezegd: 'U kunt dat doen vanuit uw visie op mens en maatschappij, op kerk en wereld, al weten wij heel goed dat dit een marxistische visie is’.
Want de nieuw benoemde is een onbewimpeld marxist.
Het in en in trieste van deze benoeming is, dat het nog niet eerder is vertoond sinds 1951 (toen de nieuwe kerkorde werd ingevoerd) dat onze kerk een onderdeel van de vorming van de aanstaande dienaren des Woords mede toevertrouwde aan een man wiens denken zó duidelijk wortelt in een ideologie, die in, elk opzicht een anti-Evangelie is.
Marxistische wetenschapsbeoefening staat er bekend om, dat zij zonder blikken of blozen de feiten verdraait tot zij passen in de marxistische kraam. Dat ook 'onze' nieuwe hoogleraar dat doet hebben anderen, terzake kundigen aangetoond. Desondanks ging de benoeming door. Het is niet zo'n beste beurt voor de synode, die bewezen heeft - althans een meerderheid van haar - dat een rechte en evenwichtige beoefening van de theologische wetenschap haar onverschillig laat.
Maar dat zij iemand benoemde, die zó totaal vreemd is aan het geloof en de belijdenis van de kerk der Reformatie, reikt nog veel verder.
Rekbaar als elastiek
In artikel X van de kerkorde is sprake van de gemeenschap met de belijdenis der vaderen. Het wordt in het kerkelijk beleid steeds meer duidelijk hoe rekbaar men deze gemeenschap acht. De hele trend is van de belijdenis af en tegen de belijdenis in. Waar loopt dat op uit? Is het geduld met de zwakheden van de kerk bij hen die op de bodem van Schrift en belijdenis staan even rekbaar? Mij dunkt van niet. Beseft de synode dan nog steeds niet, dat er grenzen zijn aan hetgeen de gereformeerden in de Hervormde Kerk kunnen verdragen? Om den gewetenswil kunnen verdragen? Of stuurt zij het bewust aan op een breuk? Hautain gaat men zijn gang, of het nu de commissie voor het theologisch wetenschappelijk onderwijs is (TWO), het moderamen of de synode zelf. Men tieeft immers de macht!
De arrogantie van de macht
De benoeming van dr. ter Schegget zou, zo werd vooraf wel gesteld, juist daarom ook zo goed zijn, omdat hij een denkrichting vertegenwoordigt, die opkomt voor het recht der armen en de heersende machten wil onderwerpen.
Leugenachtig is deze redenering.
De ideologie van het marxisme maakt alleen nieuwe armen en brengt andere machthebbers en onderdrukkers aan het bewind, die de gruweldaden van de vorige ver overtreffen.
En wat doet de kerk? Daar tergt de meerderheid de minderheid, omdat zij de macht heeft. De macht van het getal. Daardoor is het gekomen tot de wanverhouding, dat slechts één van de elf kerkelijke hoogleraren tot de kring van de hervormd-gereformeerden behoort. En hoe staat dit getal in verhouding tot het aantal gereformeerde studenten in de theologie? En tot het kerkvolk? Van het recht der armen en de macht en onderdrukking van de heersers gesproken!
Onder het juk, onder het Kruis
In de vorige eeuw werd veel gesproken van 'het synodale juk'. Dat was het juk van de Algemeene Synode, die stelselmatig weigerde in vragen terzake van de leer enige uitspraak te doen, omdat zij zich daartoe niet bevoegd achtte. Na 30 jaar nieuwe kerkorde en generale synode moet ik zeggen: dit juk is niet zachter, deze last is niet lichter. Het wordt voor de gereformeerden in de kerk en in de ambtelijke vergaderingen van de kerk steeds moeilijker.
Wat moeten wij doen? Ons maar blijven schikken? Tot elke prijs? Hoe lang nog?
Het dragen van dit juk brenge ons in elk geval dichter bij het kruis van onze Heere Jezus Christus. En het doe ons Kruis-gezinden en Kruis-gemeenten zijn.
Dan hebben wij dat gemeen met onze broeders en zusters, die, nog veel meer dan wij, want ook maatschappelijk, lijden onder de arrogantie van de macht. Daarbij denk ik vooral aan de macht die uitgeoefend wordt door de atheïstische geestverwanten van de marxistische hoogleraar Ter Schegget. Kerkelijk hoogleraar wel te verstaan.
Een zwarte dag, een zwarte tijd.
Ontferme de Heere zich over onze kerk.
L. J. Geluk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 1981
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's