De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Christus ‘metterdaad’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Christus ‘metterdaad’

7 minuten leestijd

'En het Woord is vlees geworden'. Joh. 1 : 14a

Aan het eind van een jaar wordt in het bedrijfsleven de balans opgemaakt. Op zijn tijd immers moet de vinger aan de pols worden gelegd. Winst-en verliesrekeningen komen op tafel. Zeker in onze tijd met zijn falende economie, nu het éne bedrijf na het andere failliet gaat en het aantal werkelozen met de dag toeneemt, is het bittere noodzaak, dat er op tijd wordt geïnventariseerd.

Maar zou het niet nog veel nodiger zijn, dat we ook in geestelijk en kerkelijk opzicht eens inventariseren? In het zicht van de Oudejaarsavond 1981 moet dat kunnen lijden. Wat was, geestelijk gesproken, de winst van 't afgelopen jaar? Zijn we er, kerkelijk gezien, op vooruitgegaan?

Om dat te kunnen beoordelen, moeten we een goede maatstaf hebben, waaraan we de dingen meten, een weegschaal om de dingen mee te wegen. En mag dat dan voor deze keer het woord zijn, dat boven deze meditatie geschreven staat: 'Het Woord is vlees geworden' (Joh. 1 : 14a). Dat is om zo te zeggen de inventarisatie van het Johannes-evangelie, een samenvatting van het Kerstwonder in een handvol woorden. In de zg. proloog van het Johannes-evangelie, een soort Lukas 2 (maar dan op de manier van een ziener) wordt heel het Christus-gebeuren op een diepzinnige wijze op één noemer gebracht. Vleeswording des Woords. Hier geen stal van Bethlehem, geen zingende engelen, geen Maria of Jozef, geen wijzen uit het Oosten, zoals in andere Evangeliën. Het vierde Evangelie valt wat dat betreft helemaal 'uit de toon'. Maar niet minder geweldig is het, als Johannes, de schouwer, de geboren Christus ziet in het perspectief van vleeswording. Daar is voor hem zo goed als alles mee gezegd. En dat is niet slechts een rake typering. Het is het geheim van Kerstfeest, tot op de bodem gepeild.

Johannes noemt Jezus het Woord. En dat Woord is God Zelf. Dat wil zeggen, dat God Zich in Hem helemaal heeft uitgesproken. Een mens kan door Hem weten, wat hij aan God heeft. Een woord is immers ook onder ons mensen uitdrukking van wat er in ons binnenste leeft, uiting van gedachten en gevoelens. In onze woorden laten we anderen min of meer in ons hart kijken. En soms geven we die woorden dan ook een wat vastere vorm, we vertrouwen ze toe aan het papier. Zo schrijft soms een jongen aan een meisje een brief, waarin hij heel zijn hart uitstort. Welnu, zo is Christus Gods Woord, Zijn leesbare brief, Zijn liefdesverklaring aan het adres van zondaren. Innerlijke bewegingen der barmhartigheid, eeuwige ontferming openbaart de hoge God in het Woord, dat vlees is geworden in Christus' Jezus. Gedachten des vredes. En dat is maar niet geboren uit een opwelling van een ogenblik. Nee, want door het Woord, waarin Gods welbehagen ligt uitgedrukt, Jezus Christus is lang geleden, ook de wereld geschapen. Die hangt met heel haar bestaan en voortbestaan aan Gods lippen. Ja, de evangelist Johannes gaat nog verder terug. Hij zegt: Het Woord was bij God, het was God. Het komt dus op uit Gods eeuwig Wezen.

En dat alles nu heeft tastbare gestalte gekregen in Jezus Christus. Het Woord is vlees geworden. Meer nog dus dan tastbare gestalte. Het is vlees geworden. Het heeft de gestalte aangenomen van nietig en vergankelijk stof. Alle vlees is gras... Meer nog dan dat. Want Christus is niet in het paradijs geboren. Hij heeft het vlees van de gevallen Adam aangenomen. Dat vlees, dat sinds Genesis 3 onder de vloek ligt vanwege de rebellie tegen de hoge God. Dat vlees, dat door de zonde is toegetakeld. Dat vlees, dat als slachtvee gestempeld is om te sterven, bestemd voor de groeve der vertering, omdat het nooit meer rechtvaardig wordt voor God. Dat vlees, dat mikpunt is van satanische verzoekingen. 'Met ons ellendig vlees en bloed, bekleedt zich liever het eeuwig goed'. Zo zong Luther.

Zijn dat alleen diepzinnige woorden? Of raakt het ons in hart en nieren? Ik ben met dat woord 'vlees' immers ten voeten uit getekend. Een mens, aan wie geen eer meer te behalen is. Een afgesneden zaak. Ik krijg mijn vlees ook nooit meer in fatsoen, al roep ik duizend keer de wet en mijn 'goede wil' te hulp. Dat is juist de dwaze hoogmoed van mijn vleselijk bestaan, de meest grandioze vergissing. En Gods onwederstandelijke heilige Geest moet er aan te pas komen tot de laatste ademsnik toe om mij dat te leren en mij mijn plaats te doen innemen voor God: 'Ik ben vleselijk, verkocht onder de zonde'. (Rom. 7 : 14). Daar, juist daar openbaart zich het ondoorgrondelijke wonder van de vleeswording des Woords. Want kan ik dat ooit klein krijgen, dat God in Christus Zijn eeuwige ontferming uitdrukte in mijn vlees? Dat Jezus in de bunker van mijn door de zonde gebeukte bestaan kwam wonen om Zich met al mijn vijandschap te laten belasten, om tot zonde gemaakt te worden en zo een dierbare Borg te zijn, in Wie ik mijn bestaan voor God terugkrijg? Als ik dat geloven mag (en ook dat geloof is een wonder van Gods Geest), dan krijgt het vleesgeworden Woord gestalte in mijn hart en leven. Niet ik leef, maar Christus leeft in mij. Het Woord van Gods eeuwig welbehagen wordt een daad in mijn bestaan van vlees en bloed. Christus metterdaad.

En dan nu maar de balans opgemaakt. Werd dat Woord werkelijk in ons een daad? Maakte het ons van dood levend? Maakte het van ons een ander mens, vrijgesproken van de vloek van het vlees, vrijgemaakt om naar de Geest te leven? Of bleef het bij woorden, goedkoop en krachteloos? Als het vleesgeworden Woord in ons bestaan indaalt, kunnen wij dan nog naar het vlees blijven leven? Een mens met een lastig karakter? Een mens, die zoveel aandacht nodig heeft voor zichzelf? Of tast de genade de mens zo diep in zijn vlees aan, dat zijn kinderen het aan hem merken, dat er wat met hem gebeurd is. Als het Woord in ons vlees en bloed is geworden, zet ons dat dan niet ook midden in die goddeloze wereld, waarin wij leven, als getuigen Gods? Van huisuit geen haar beter. Maar overmand door Goddelijke liefde, gevoelen wij ons dan mede verantwoordelijk voor de mensen en de dingen rondom ons. Voor een buurvrouw, die haar gezinnetje niet meer aan kan. Voor een neefje, dat de mode van de tijd volgt en samenwoont met een vriendin. Voor het Joodse volk, dat voor de zoveelste keer verpletterd dreigt te worden door de natiën rondom. Voor Polen, waar de roep om vrijheid gesmoord wordt in bloed? Of hebben wij daar geen boodschap aan? Moeten christenen en moet de kerk er maar het zwijgen toe doen?

Christus metterdaad. Propageren we daarmee een zg. daad-christendom, dat alles op de noemer van het aardse zet? Geen woorden, maar daden? Overal, samen met humanist en marxist desnoods, het geluid van de mens bevorderen? Vrede met alle geweld? Een christendom, dat van alles een politieke zaak maakt, dat zending en ontwikkelingshulp laat samenvallen? Een christendom van lief zijn voor elkaar, waarbij alle menselijke behoeften bevredigd moeten worden. Geen deel dan in dit leven wachten. Nee, zo niet. Want zo gaat het Woord onder in onze daden. En dan zijn we wel een heel eind weg van het Vleesgeworden Woord, al heet dat alles duizend keer met een mooi woord diakonaat. Helaas is dat de trieste balans van vele kerkelijke activiteiten.

Een christenmens echter, in wie het vleesgeworden Woord gestalte aannam, herinnert in zijn doen en laten aan Hem, die aan de kant van armen en ellendigen ging staan. Maar dan wel met een boodschap. De boodschap van verlossing en bevrijding. Verlossing van ons zelfzuchtige bestaan. Bevrijding van onze slaafse gebondenheid aan ons ik met al zijn boze lusten. En een vrede, in God, die alle verstand te boven gaat. En een uitzicht op een nieuwehemel en een nieuwe aarde, in de welke gerechtigheid wonen zal. Dat blijft, ook als de wereld, hoe langer hoe meer in de greep van moordende machten komt. Dat blijft, tot op een sterfbed, tot op die dag, waarop de aarde door vuur zal vergaan.

Kom, maak voor u zelfde balans nog eens op.

Het Woord is vlees geworden.

Christus metterdaad.

Nietzsche heeft eens gezegd: 'Ik kan niet in de Verlosser geloven, zolang de verlosten er nog zo onverlost uitzien'.

Zo'n machtige Verlosser en dan nog onverlost?

Dat kan toch niet? En dat hoeft ook niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1981

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Christus ‘metterdaad’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1981

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's