De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Vragen rondom de verstaanbaarheid (5)

Bekijk het origineel

Vragen rondom de verstaanbaarheid (5)

5 minuten leestijd

Vroeger meer dan nu was de tale Kanaans de taal der vromen.

Vorige maal beloofden wij te zullen terugkomen op de tale Kanaans. Hoewel het ons vooral te doen is om deze geheimtaal in de prediking, besteden wij ook enige aandacht aan het gebruik van de tale Kanaans buiten de prediking.

De taal der vromen

Vroeger meer dan nu was de tale Kanaans de taal der vromen. Zij werd gesproken, wanneer de gelovigen elkaar ontmoetten - vooral op de gezelschappen. Het is een taal die een sterke binding heeft aan de taal van de Statenvertaling, een taal waarin de geestelijke ervaringen onder woorden werden gebracht. Natuurlijk kwam het voor, dat de bekeerde man of vrouw meer centraal stond dan het Woord. Maar persoonlijk denk ik weleens met een zeker heimwee terug aan gezelschappen in Rotterdam en elders, waar vromen uit allerlei kerken spraken over wat God aan hun ziel gedaan had. Weliswaar was de taal niet altijd even Bijbels en soms zelfs eenzijdig, maar je proefde toch een geweldig stuk vroomheid, een omgang met de Heere, waarover b.v. de Psalmen spreken. Mijn leermeester, wijlen dr. Goedhart, zei weleens: Je kunt in de gemeente het Woord beter kwijt aan mensen die in wat kromme taal spreken maar die echt vroom zijn dan aan hen die het hebben over de zuivere waarheid en die de Bijbelse vroomheid missen. En dat is waar. Daarom behoren wij niet tot degenen, die de tale Kanaans bespottelijk maken. Zij vervult naar binnen toe een psychologisch zeer begrijpelijke functie. Zij geeft ook een gevoel van veiligheid en maakt de herkenning mogelijk. Zij heeft ook in de loop der eeuwen gezorgd, dat een stuk vroomheid bewaard bleef. Er zijn gevallen bekend, dat gemeenten later de vruchten hebben geplukt van de vroomheid die in gezelschappen bewaard bleef.

Nu is het echter de vraag of deze tale Kanaans een plaats moet hebben in de prediking van het Woord.

Tale Kanaans en prediking

Wij denken dat de tale Kanaans alleen een functie kan hebben in de kring der vromen. In het verkeer tussen gelovigen en ongelovigen echter is het niet juist om geheimtaal te spreken. En dat geldt ook voor de prediking. De gemeente moet in verstaanbare taal het Woord kunnen horen, mits in die taal ook de werkelijke zaken aan, de orde komen. Die zaken zouden we de 'geheimen van het Evangelie' kunnen noemen. Nu worden de geheimen of verborgenheden van het Evangelie of van het geloof slechts verstaan door de werking van de Heilige Geest. Maar de Heilige Geest werkt door het Woord, en door de prediking daarvan. Daarom moeten wij elke keer weer betrokken worden bij het Woord en in het Woord worden ingewijd. Het gaat dus niet om verstaanbare taal op zich, maar óm verstaanbare taal die mensen inwijdt in de geheimen van het Woord.

Dat 'inwijden' en wat daarmee in verband staat komen we ook tegen in het Oude Testament.

In het Oude Testament

De woorden 'chanak' en 'chanoekah' worden meestal gebruikt voor het inwijden van een huis of tempel, maar de imperatief 'chanook' wordt ook gebruikt voor een kind. 'Leer (oefen, gewen) de jongen de eerste beginselen naar de eis van zijn weg.' (Spreuken 22 : 6). De weg is het leven van een mens, gezien onder het aspekt van de bestemming van het leven. Elk leven heeft zijn doel, het zich daarop richten is de opdracht. En om zich daarop te kunnen richten, is 'een inwijding' nodig. De vaders moesten hun kinderen de dingen inprenten, Gods trouw bekendmaken en vertellen over de roemrijke daden des Heeren. Het kind moest daarin worden ingewijd, zodat het hem ging aanspreken en het betekenis voor hem kreeg. En dat geldt niet alleen de jongeren maar ook de ouderen.

De Oud Testamentische 'didache' is niet alleen te zien als inwijding, maar ook als onderricht in de weg der wijsheid. Dat onderricht in de wijsheid bestaat niet alleen in het overdragen van wijsheden, maar de leerling moest ook zelf de weg van de wijsheid gaan. Hij moest de wijsheid met het hart verstaan (Spreuken 8 : 5). Hij moest ingewijd worden in de wijsheid, zodat hij in het leven kon staan.

In het Nieuwe Testament

Het element van het onderricht heeft een grote plaats in het Nieuwe Testament. Jezus was gewoon om te leren (Markus 10 : 1). Hij leer­ de als Machthebbende en niet als de Schriftgeleerden. Hij wilde mensen inwijden in de geheimen van het Koninkrijk.

Het behoort tot de opdracht van de kerk om daarmee door te gaan (Mattheüs 28 : 10-20). De woorden 'leert hen onderhouden' sluiten in de noodzakelijkheid van paedagogische takt, van herderlijke wijsheid en voorzichtigheid. Het leren van wat bevolen is, is niet iets om de 'toehoorders' ter kennismaking aan te bieden, maar is bepalend voor de weg die 'volgelingen' hebben te gaan. Deze weg is een gaan achter Christus aan, een blijven in Zijn Woord (Johannes 8 : 31). Het is blijvende inwijding in de woorden van de Meester, het is een inleiden in het taalgebied van de Schrift, dat voor de (eigen)wijzen verborgen is, maar aan de kinderen wordt geopenbaard.

Een blijvende opdracht

De Kerk heeft de opdracht om de geheimen (verborgenheden) van het Evangelie bekend te maken. Zij doet dat (voorbereidend) door de catechese en vooral door de prediking. En prediken is uitleggen en toespitsen van het Woord, het is opening van het Woord door de verlichting van de Heilige Geest. Het is het Woord biddend leggen aan de harten van mensen. Wij bidden U van Christuswege... Maar dat biddend prediken geschiede in verstaanbare taal!

Wij prediken niet in geheimtaal. Want wanneer we dat zouden doen, zouden we het geheim nog eens extra blokkeren door onze taal. We prediken in onze taal, opdat de gemeente in haar eigen taal zou horen de grote werken Gods. Daar mag het op uitlopen, zodat mensen verrast worden door de Boodschap.

In een volgend artikel willen we letten op die verrassende Boodschap in onze taal.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 januari 1982

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Vragen rondom de verstaanbaarheid (5)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 januari 1982

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's