Het voorontwerp en het onderwijs
Het voorontwerp van een wet gelijke behandeling is ook toegespitst op het onderwijs in het algemeen en op het christelijke onderwijs in het bijzonder.
Toespraak op de vergadering van de E.A., op 9-1-'82 te Amersfoort.
Het voorontwerp van een wet gelijke behandeling is ook toegespitst op het onderwijs in het algemeen en op het christelijke onderwijs in het bijzonder.
Dat blijkt uitdrukkelijk uit de stukken waarin het onderwijs herhaaldelijk wordt genoemd. Een enkel sprekend voorbeeld uit het Advies over de wettelijke bestrijding van discriminatie wegens homofilie.
Op blz. 57 wordt verhaald van een uitspraak van de Arnhemse arrondissementsrechter, waarmee deze een schoolbestuur in het gelijk stelde, dat een homofiele onderwijzer onmiddellijk met ziekteverlof had gestuurd toen deze met zijn vriend ging samenwonen.
De belangrijkste overwegingen van de rechter waren, 'dat hoezeer ook de wetenschappelijke inzichten en de maatschappelijke opvattingen omtrent homosexualiteit zich hier te lande de laatste jaren wijzigen, niet gezegd kan worden dat gedaagde als bestuur van een lagere school voor jongens en meisjes in redelijkheid niet als richtsnoer voor haar benoemingsbeleid zou mogen aannemen dat zij geen homosexuelen wenst aan te stellen casu quo wenst aan te houden als onderwijzend personeel...'
De uitspraak is inmiddels tien jaar oud, maar kan nog steeds gedaan worden als de wet zo'n uitspraak niet verbiedt.
Daarom moet die wet er komen, is de mening. Het moet onmogelijk gemaakt worden dat een schoolbestuur nog zo iets wil.
Het moet onmogelijk worden dat een rechter' nog ooit zo'n uitspraak doet.
En daarom ligt het voorontwerp voor ons. En het poneert voor en na de gelijkwaardigheid van homofilie en huwelijksliefde-en trouw. Men heeft in deze wet alle scholen op het oog, maar met name de christelijke, en dan onderscheid ik hier nog weer de orthodox christelijke. Want terecht stelt het Advies dat hier het verzet het meest voorkomt.
'Harde Kern'
Godsdienst is niet 'in' in dit Advies.
Godsdienst belemmerde in twee opzichten een tolerante opstelling tegenover homofilie en homofielen; als persoonlijk kenmerk en als milieukenmerk (Advies, blz. 39). Dat wil zeggen dat persoonlijk geloof een belemmerende factor kan zijn, maar ook het geloof dat door een groep wordt beleden.
Vastgesteld is dat openbare scholen verdraagzamer zijn dan confessionele scholen.
En dan is er sprake van een 'harde kern' van mensen, die zich zoveel mogelijk afsluit. Die kern wordt zo afgetekend:
'Een 'harde kern' van mensen sluit zich af voor iedere mogelijkheid dat zij door gesprekken of door ervaring met homofielen zouden worden afgebracht van hun volstrekt afwijzende houding tegenover homofilie en homofielen.
De consequentie van hun opstelling zou de sociale isolering van homofielen zijn: in de omgang worden homofielen gemeden, aan werk komen kunnen ze niet.'
'Godsdienst', zo luidt het verder, 'is een belangrijke factor maar, naar het lijkt, meer als een rechtvaardiging voor deze strikt afwijzen de houding dan als inspiratiebron.' (Advies, blz. 41).
Voor deze kern is men bang.
Want deze kern staat vele mensen in de weg om tot andere gedachten te komen.
Van deze kant, zo zegt men, worden de moeilijkheden verwacht, die mensen ervan weerhouden een homofiele sollicitant aan te nemen of in dienst te houden. In confessionele milieus, met name van orthodoxe signatuur, (cursivering van mij, L. Z.) is deze 'harde kern' sterk vertegenwoordigd, waardoor mensen, die in beginsel openstaan voor een grotere maatschappelijke acceptatie, meegaan in deze afwijzing. Hierdoor blijft hun persoonlijke ervaring met homofielen gering, waardoor hun houding zich niet verder in positieve richting ontwikkelt, enz. (Advies, blz. 41 ev.).
Dat moet afgelopen zijn. En daarom een wet. Jazeker, godsdienst is vrij, vrij in de eredienst, en op de catechisatie, maar niet op school. Want de school vervult een publieke functie. En dat geldt in het bijzonder als de christelijke school de enige school van het dorp is. En de school wordt toch bekostigd door de overheid!
Daarom moet zo'n school vallen onder een wet die alle onderscheid onmogelijk maakt tussen man en vrouw, homofiele en heterofiele mens, gehuwde en samenwonende paren, evenzeer als alle andere confessionele organisaties.
Onjuist en onredelijk
Ik moet hierbij toch dringend enkele belangrijke opmerkingen maken om het onjuiste en onredelijke van het advies en het ontwerp aan te tonen.
Het is onjuist om te veronderstellen dat godsdienst meer een rechtvaardiging dan een inspiratiebron is van de afwijzing van homofilie.
Dit is een kwalijke veronderstelling die niet waargemaakt wordt. Men oordeelt van buitenaf, maar kent niet van binnenuit.
Men verstaat niet dat niet de godsdienst, maar de bijbel, Gods Woord in het Oude en Nieuwe Testament de gelovige voor heel zijn leven bindt. In zijn geweten bindt.
Daarom is het voorontwerp onredelijk en ook onrechtvaardig ten opzichte van hen die ook op het terrein van het onderwijs zich willen stellen in dienst van God die zij mogen kennen uit zijn woord.
Deze wet die gelijk stelt wat naar Gods Woord niet gelijk is, legt dynamiet onder de christelijke school.
De Schrift is duidelijk
God schiep de mens naar zijn beeld, man en vrouw schiep Hij hen.
De Schrift spreekt over het huwelijk van man en vrouw in positieve zin. Het is een heilige instelling door het gebod gedragen en beschermd. Het is zelfs een geliefd beeld van Christus en zijn kerk.
Alternatieve verhoudingen worden in de Schrift gruwelijk genoemd. Ze ontspruiten niet aan Israels godsdienst, maar aan de afgodendienst. Alleen via moderne schriftkritiek kan men tot andere gedachten komen.
Deze dingen mogen als het niet wordt verhoed, binnenkort nog wel in de preek, nog op catechisatie gezegd worden, maar niet op de school, niet op de lagere, niet op de middelbare school, niet bij de beroepsopleidingen, en niet op de universiteiten. Want dit is volgens het Advies niet positief!!!
Op de scholen moet geleerd worden dat het niets uitmaakt of je getrouwd bent of niet, maar samenwoont; het maakt niets uit of je als jongen verliefd wordt op een andere jongen en met hem vrijt, het maakt niets uit of als meisje verliefd wordt op een ander meisje en met haar vrijt, het maakt allemaal niets uit. Daar iets van te zeggen is even erg als dat het erg is dat een vrouw minder betaald wordt dan een man. Het is beiden beledigend voor de lijdende partij. Het is allemaal hetzelfde, zegt men. Een ding mag men dan niet meer zeggen:
Dat Gods Woord het anders zegt. Dat is discriminatie. Hebben onze grootouders en ouders daar de schoolstrijd voor gestreden? Was dat de bedoeling van Groen van Prinsterer en de zijnen?
Alle onbillijke discriminatie zij veroordeeld. En we zijn er aan schuldig.
Er is veel vooroordeel, veel onbegrip, veel onverstand en onbarmhartigheid op het orthodoxe erf, en dode orthodoxie kan ook niets anders voortbrengen. Maar er is ook een volk dat door Gods genade van de rechte leer houdt en naar eer en geweten wat ze als kwaad heeft leren kennen uit de Schrift, nooit goed kan noemen.
En geen overheid en wetgever heeft het recht dat volk het recht te ontnemen onderwijs te geven naar Gods Woord.
Van genade tot genade
Dan blijft er genade.
En dat zeg ik met nadruk. Want in deze zaken is het wel dringend noodzakelijk dat we weten dat we van genade leven. En die genade maakt genadig.
De Heere behoede ons voor drogredenen.
En Hij sterke hen in de strijd die om zijnentwil te kampen hebben met hun homofilie. Laten we niet vergeten dat ze er zijn die om Christus wil die strijd voeren, leerlingen, studenten, docenten.
Laten zij zich onder ons niet gediscrimineerd voelen, maar zich gedragen weten door de liefde Gods die in ons hart is uitgestort.
Tenslotte
De wet mag er niet komen vanwege zijn dictatoriaal karakter.
Daarom roep ik alle verantwoordelijke autoriteit op dit voorontwerp zodanig te wijzigen dat er terwille van de ene minderheid geen onrecht geschiedt jegens de andere minderheid.
Géén bestuur van een chr. onderwijsinstelling mag nalaten protest aan te tekenen tegen dit voorontwerp.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 januari 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 januari 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's