Niet aan het Avondmaal... en dan toch ouderling? (2)
Pastorale overwegingen
Staan en stonden wij bij de belijdenis voor Gods aangezicht ook ooit met het besef 'het is beter niet te beloven dan te beloven en niet te betalen.
Het 'ja' bij de belijdenis
Ook dit jaar zullen weer honderden catechisanten in het midden der gemeente na Openbare Belijdenis als lidmaten der christelijke gemeente worden bevestigd. Uit even zovele monden klinkt een 'ja' in de kerk, voor God en voor Zijn gemeente. Daarmede hebben ze volgens de orde der kerk toegang gekregen tot de tafel des Heeren. Niet automatisch! Tussen de openbare belijdenis en de avondmaalsviering ligt de noodzakelijke 'waarachtige beproeving van onszelf en het overdenken, waartoe ons de Heere Christus Zijn Avondmaal heeft ingezet, namelijk, dat wij zulks doen zouden tot Zijn gedachtenis'. Staan en stonden wij bij de belijdenis voor Gods aangezicht ook ooit met het besef 'het is beter niet te beloven dan te beloven en niet te betalen', van de wijze Prediker, Die er aan toevoegt: 'want God is in de hemel en gij zijt op de aarde'. Gelukkig als deze overweging ons uitdrijft met 'Heere, hoe moet dat' ? Te moeten, omdat de Heere het zo waardig is beleden te worden en niet te kunnen, als we zien op onszelf en op wat wij ervan maken. Ik denk niet, dat wij de openbare belijdenis mogen uithollen van binnen door te stellen, dat het alleen maar gaat om een lidmaatschap van een kerkverband. En wij kunnen dat wel zo stellen, maar... zou de Heere dat ook doen? Pogen wij niet al te zeer uit de klem te komen of catechisanten uit de klem te halen, terwijl de Heere ons en hen er juist zo graag en met alle ernst in brengt? Het 'ja' bij de belijdenis is eigenlijk tevens een ja-in-principe, wanneer we geroepen worden tot de ambtelijke bediening.
Men zal met dwingende redenen moeten komen als we uit de kring der belijdende leden worden geroepen tot dienst in het Koninkrijk Gods op bijzondere wijze, om neen te zeggen. We mogen dat ook bij de onderdelen van het onderricht over de kerk en de ambten wel duidelijk aan de belijdeniscatechisanten te verstaan geven, dacht ik. Kunnen we bij bedanken voor een verkiezing neen zeggen tegen de Meester, Die roept? In veel gevallen zal bedanken voor een kerkelijk ambt moeilijker zijn dan aannemen. We beven wellicht en durven geen 'ja' te zeggen met vrijmoedigheid, maar een 'neen tegen de Koning der Kerk' is helemaal onmogelijk! De ambtsdragers worden gekozen uit de kring der belijdende leden. Nimmer mag dat leiden tot de stelling: 'kun je geen belijdenis doen van harte dan maar verstandelijk, van de waarheid, want de kerk moet bestaan. Zo het volk, zo de priesters zou men kunnen zeggen. Kweekt men 'uiterlijke belijders', krijgt men dan ook 'uiterlijke ambtsdragers' ? Bij de doop worden de kleine kinderen niet omgetoverd tot kinderen van God. Bij de openbare belijdenis worden geen catechisanten omgetoverd in gelovigen. Dat zou een schrikkelijke overschatting zijn. Niettemin, wie worden tot het doopvont toegelaten en wie mogen er belijdenis afleggen? Bij het dooponderricht en de voorbereidende catechese dient daarover bijbels en eerlijk te worden gesproken.
Zorgvuldigheid geboden
Hoewel ik met name over de ouderling ten aanzien van de - tafel des Heeren schrijf op verzoek, is het goed te voren zorgvuldigheid te betrachten. Ooit is ervoor gepleit geen doopouder toe te laten voor de doop of hij of zij moet eerst belijdenis hebben gedaan. 'Anders liegen ze'! Persoonlijk maak ik daartegen bezwaar. Wordt er dan bij de openbare belijdenis niet (meer) gelogen? Hoevelen zullen dan belijdenis doen 'om van het gezeur af te zijn'? Arglistig is het hart. Zo gemakkelijk sluipt dan weer het automatisme in. Wel zal bij de doopzitting aan hen, die geen belijdenis deden gevraagd worden: 'belijdt u wel bij de doop, voor uw kindje, maar... niet voor uzelf, bij de belijdenis' ?
Zorgvuldigheid is ook geboden bij de verkiezing der ambtsdragers. Diep ernstige vragen liggen hier voor de predikant en kerkeraadsleden bij de voorbereiding ervan. Aan wie vertrouwen we de geestelijke leiding van en de regering over de gemeente toe? Kiezen we mannen, die 'ons liggen', van wie we weten, dat ze bij voorbaat 'aan onze kant staan', kritiekloos alles aanvaarden? Kijken we er alleen maar naar of zij aan de tafel des Heeren gaan of juist... of ze zo maar niet gaan, nimmer nog kwamen? Min of meer staat of valt de gemeente, wat betreft haar geestelijk gehalte en de prediking, met de kerkeraad, die verkozen is. Een predikant vertrekt nog wel eens, een kerkeraad blijft en beroept. We kunnen ook niet stellen, dat een kerkeraad altijd een afspiegeling is of moet zijn van de gemeente, als zou deze een soort kerkelijke gemeenteraad zijn. Bij de verkiezing van een gemeenteraad dingen partijen mee, die democratisch allemaal even veel rechten hebben. In de gemeente van God heeft niet elke stroming even veel rechten. Dan gaat het om geestelijke leiding en regering. Dan gaat het om ambtsdragers die naar Schrift en belijdenis de gemeente begeren te dienen in de vreze des Heeren. Dan is eigenlijk maar één richting toegestaan: die van het Woord en de gehoorzaamheid daaraan, met alle accentsverschillendieer zijn. De discipelen van de Heere Jezus waren waarlijk niet allen dezelfden, wel... één in Hem.
Het ambt geen grond
Reeds nu wijs ik er op, dat het ambt, beter in-het-ambt-staan niet de grond is der zaligheid evenmin als de grond voor de Avondmaalsviering. Het gaat om de geloofskennis van Christus als de hemelse Gastheer. Volle Avondmaalstafels zijn op zichzelf geen bewijs van veel geestelijk leven, maar lege tafels zeker ook niet. De Heere stelde het sacrament niet in om niet gebruikt te worden!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 maart 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's