De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Verkwikking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Verkwikking

6 minuten leestijd

'Ik zal water gieten op de dorstigen, en stromen op het droge; Ik zal Mijn Geest op uw zaad gieten, en Mijn zegen op uw nakomelingen.' Jesaja 44 : 3

Heeft God nog wat te zeggen in deze wereld? Ik denk dat we allemaal wei eens over deze vraag nadenken. Als je toch ziet wat er allemaal aan de hand is in de wereld, zou je er bang van worden. Oorlogen en geruchten vanoorlogen, volkeren die in hun bestaan bedreigd worden, moreel verval, economische crisis, opkomst van een religieus denken dat de kerk dreigt omver te lopen; onze kinderen die geen werk hebben en met vrienden en vriendinnen omgaan dat we als ouders anders zouden willen. De dreiging van het wereldeinde is nabij, tenminste als het van de mensen afhangt. In die situatie was ook Israël, Gods uitverkoren volk terecht gekomen. Gedeporteerd naar Assyrië dreigde hun volksbestaan ten onder te gaan. Omringd door vijanden, moesten zij hun land vergeten. Dat was te erger omdat zij ook verdreven waren van Jeruzalem waar de tempel verwoest was. Tempel weg! Dat betekende: ook hun God weg. God, de God van Israël was niet bij machte geweest Zijn volk te redden. Hij was te zwak geweest. Daarom zat men nu in de narigheid. Wat geëerd moest worden als Gods eigen volk, is nu ingezonken en bespot. Wat zal ervan terechtkomen? Zouden zij hun geloof hunner vaderen voortzetten en de Heere verkondigen, de God van Abraham, Izaak en Jacob? Hoe kon het zover komen in de nood? Is dat Gods schuld? Zo is de wereld gauw geneigd te zeggen. De profeet haalt echter andere motieven naar voren. In Jesaja 43 : 27 wordt hun eerste vader als zondaar aangewezen en ook de uitleggers, hun leraars. Nog meer zijn zij zelfde oorzaak van al dit verval. In vs. 22-24 verwijt God het volk! Niet dat zij niet godsdienstig geweest waren, maar de vreze Gods had ontbroken. Men had wel de offers gebracht, godsdienst genoeg, maar ze hadden Hem vermoeid met hun zonden en ongerechtigheden. Aan de buitenkant leek het er wel op dat zij godsdienstig waren, maar verder bleven zij volharden in de zonde. Er was geen berouw, geen hartelijke bekering; ze bleven buiten de tempel voordeven in hun zonden. Daar werd God moe van.

't Is vandaag niet anders. We hoeven tempel en offers alleen maar te vervangen door kerkgaan en bijbellezen. Als ons hart dan verre blijft om zich te bekeren, is het een precies eendere situatie: wel godsdient, maar geen vreze Gods. Daar ligt de oorzaak van de nood en ellende waarin wij heden verkeren. Die ligt niet bij de Heere, maar bij ons, in het verlaten van Gods wegen en niet hartelijk buigen voor Zijn Woord. Met onze zonden en ongerechtigheden vermoeien wij de Heere. Hebt u dit al eens overwogen?

Eenzaamheid en nood zijn in diepste wezen de gevolgen van het feit dat wij onze Helper loslaten, verachten, niet laten meetellen.

Toch! Dat is het wonder van de Bijbel. Toch is en blijft God bij Zijn volk. Hoe groot de nood ook is gestegen. Hij vergeet de Zijnen niet. Midden in de woestijn van de wereld en mijn leven zegt hij het Woord van onze tekst: 'Ik zal water gieten op de dorstigen en stromen op het droge'. Op de dorstigen! Dat zijn zij die smachten naar water, naar verkwikking. Zij gaan onder de oordelen door. Voor hen geldt in deze tijd: zou God Zijn gena vergeten, nooit meer van ontferming weten; heeft Hij Zijn barmhartigheên door Zijn gramschap afgesneên? Dat is God missen. Door ontdekking van eigen schuld God kwijt geraakt te zijn. Toch is dorsten niet hetzelfde als missen; het is ook verlangen naar Hem, Hem aanroepen. Hem verwachten.

Voor deze dorstigen ligt er de belofte. God verstoot Zijn volk niet. Dat is het wonder. Hij haalt ze er uit. Dat is Zijn welbehagen en verkiezing. Hij zal water gieten op de dorstigen. Dat is niet anders dan Zijn Aangezicht toewenden in Christus Jezus. Hij Iaat het weten, doet geloven dat in Christus onze zonden vergeven zijn. Hij is er, ondanks onze zonde. Hij heeft de Zijnen in de hand. Midden in de nood verkwikt Hij ze met Zichzelf. Niet dat die nood weg is, ze zijn niet direct uit de woestijn. Maar het is een verkwikking op hun levensweg. Je zou dat kunnen vergelijken met een ernstig zieke. Zijn lippen en zijn tong zijn vreselijk droog geworden. Een geliefde bevochtigt ze met een nat watje: het is een verkwikking voor de zieke, maar het ziekzijn gaat wel door.

Zo is Gods Geest, als water op de dorstigen. Hij verkwikt mijn ziel, ook in het dal waar al de schaduw van de dood is. Jezus noemt zich het levende water. Wie daarvan drinkt zal nimmer meer dorsten.

Die belofte is niet alleen voor het heden, maar ook voor de toekomst. Wat kunnen wij ons een zorgen maken over onze kinderen en kleinkinderen. Dat is werkelijkheid. Maar kijk eens in de tekst. Ook voor uw nageslacht ligt er de belofte: Ik zal Mijn Geest gieten op uw zaad en Mijn zegen op uw nakomelingen. Zorgen over uw kinderen en kleinkinderen, maar we hebben een machtig God in Christus Jezus. Hij zal Zijn zegen uitstorten, ook op uw nageslacht. Deze belofte voltrekt zich ook vandaag. Als je ziet hoe machten in mensen werken tot vernietiging van elkaar en deze wereld, dan is het toch een wonder dat de wereld nog bestaat. Dat is niet anders dan omdat God regeert. Als ooit de wereld kan tonen dat er een God is, dan is dat vandaag. De machten tot totale verwoesting houdt God tegen. God is er.

Nog meer echter verkondigt ons Gods Woord dat Hij er is. Dit leert ons hoe Hij leeft en werkt. Daar wijst Hij ook aan de oorzaak, nl. onze zonden en schuld.

Daar roept Hij ook: o alle gij dorstigen, komt tot de wateren en gij die geen geld hebt, komt, koopt en eet, je komt, koopt zonder geld en zonder prijs, wijn en melk. En op het feest van de tempelinwijding spreekt Jezus: 'Zo iemand dorst, die komt tot Mij en drinke; die in Mij gelooft, gelijkerwijs de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn buik vloeien'. Nee, voor de gelovige en zijn nageslacht is het niet hopeloos in deze wereld. God regeert. Dat weten we niet van onszelf, maar uit de Schrift. Dorstigen, laat ons ootmoedig buigen en ons verkwikken aan Zijn genadige belofte.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1982

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Verkwikking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1982

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's