De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

5 minuten leestijd

L. V. Hartingsveld, De sleutels van het koninkrijk der hemelen, 110 blz. ƒ 15, 90. Kok, Kampen 1982

Wie geroepen is te spreken over zondag 31 van de Heid. Cat. wordt licht overvallen door een zekere verlegenheid. Niet alleen vanwege de vraag of de tucht nog wel functioneert binnen de kerken, maar ook of de geladen Bijbelwoorden uit Matth. 16 en 18 en Joh. 20 nog wel landen in de huidige door democratisering en inspraak gestempelde tijd. Verstaan we nog wat de volmacht van de bediening van het Woord betekent? Een tijd waarin het instituut 'kerk' onder een spervuur van kritiek ligt, heeft het licht moeilijk met deze vragen. Daarbij wordt het vraagstuk van de leertucht door de veelheid van kerkinformaties, het huidige pluralisme en de interpretatievragen uitermate complex. Bovendien zijn velen geschrokken van de gevolgen van Assen en de leeruitspraken van 1944. Niettemin gaat het in de zaak van de sleutelmacht niet om bijkomstigheden. Het zijn immers de sleutels van het Koninkrijk! Het gaat ten diepste om de rechte bijbelse mondigheid, om de binding van de gemeente aan het Woord van haar Heere, om de rechte prediking.

Juist gereformeerd kerkelijk denken zal daarom aan de bezinning op deze vragen niet voorbij kuiinen, ten wille van pastoraat en prediking. Het is de verdienste van dit helder geschreven boekje dat het de bijbelse gegevens op een rij zet. Na een inleidend hoofdstuk over sleutels en grendels, deuren en poorten volgen achtereenvolgens: en bespreking van de tekst uit Matth. 16 : 18vv, de betekenis van de Thora en de Oud-Testamentische joodse strafbepalingen, de houding van de apostelen Petrus en Paulus en de plaats van de gemeente m.b.t. de sleutelmacht, een hoofdstuk over de wijze waarop Jezus zelf tijdens zijn omwandeling op aarde en in de toekomst oordelen velt, terwijl het laatste hoofdstuk een aantal probleemvelden m.b.t. de vertolking en het heden behandelt.

Dit laatste hoofdstuk is het minst bevredigend. Van Hartingsveld somt wel vele spanningsvelden op, die het huidige preken inzake tucht bemoeilijken, wijst op aberraties in het verleden, maar de lijn die hij wil volgen wordt niet duidelijk. Toch krijg ik de indruk dat de teneur van zijn boekje is: terug naar de Schrift ook inzake de sleutelmacht. Jammer dat de gegevens van het laatste hoofdstuk niet wat systematischer opgezet zijn. Nu geeft dit hoofdstuk ons vooral inzicht in de vele dwaalwegen die de kerk in het verleden en.heden gegaan is. Dat is natuurlijk niet onbelangrijk. Maar welke weg we inzake het vraagstuk van de tucht hebben te gaan, wordt niet helemaal duidelijk. Of overvragen we daarmee de auteur en kunnen we niet anders dan volstaan met het aangeven van dimensies van de tucht? In ieder geval de bezinning op zondag 31 en de prediking daarover kan profijt hebben van dit zakelijk geschreven boekje van deze bekwame Nieuw-Testamenticus. Zijn pleidooi voor een bijbelse mondigheid die zich stelt onder het Woord is mij uit het hart gegrepen.

Bewerken en bewaren, studies aangeboden aan prof. dr. K. Runia, Kampen 1982, ƒ 32, 50. 180 blz.

Het is een goede gedachte geweest de Kamper hoogleraar te huldigen met een bundel studies die zich bezig houden met onderwerpen uit die terreinen waar Runia in al die jaren aktief in is geweest, nl. de praktische theologie en de dogmatiek, de reformatorische oecumene en de christelijke organisatie. Over het laatste onderwerp gaan een drietal artikelen, nl. van de hand van dr. J. Klapwijk, prof. dr. J. Plomp en Ype Schaaf: Ontstaan, kritiek en eventuele mogelijkheden worden onder de loep genomen. Mij viel een zeker verschil in accent op. Plomp beroept zich nogal eens voor de tekening van het verleden op de sociologische analyse van enkele VU-geleerden, die door Klapwijk juist bekritiseerd wordt. Alex Barkley schrijft over de situatie in Australië, waar Runia zoveel jaar pioniersarbeid heeft verricht, en P. G. Schrotenboer over de mogelijkheden van een confessionele (geref.) oecumene binnen de Wereldraad en het geheel van de oecumene. Bescheidenheid en overtuiging, besef van het gevaar van verabsolutering van de eigen traditie, dienen voorop te staan.

Een tweetal opstellen gaat over historische momenten uit de geschiedenis van de geref. kerken. Zo schrijft Veenhof een boeiend verhaal over de prediking bij PAE Sillevis Smitt. Ik heb het gevoel dat de verschuivingen en de veranderingen door hem toch te relatief gezien worden. Gaat het alleen om twee geloofstypen, of gaat-het in de krisis waarin de geref. kerken zich bevinden toch ook om het prijsgeven van een aantal noties die voor de gereformeerden van rond de eeuwwisseling kenmerkend waren en die legitiem reformatorisch zijn. Heitink laat zien hoe er inzake de visie op rijk en arm en in verband daarmee op het diakonaat nogal wat gewijzigd is, ook binnen geref. kring. Het hoofdstuk over de geschiedenis van het geref. diakonaat telt niet alleen witte bladzijden! Van der laan gaat in op de geheel eigen politieke prediking bij de grote Duitse theoloog H. J. Iwand, die accenten legt waarnaar zowel voor-als tegenstanders van politieke prediking zouden moeten luisteren. Prof. dr. De Moor bespreekt vanuit de Umwelt van Israël het motief van de goede herder, zo belangrijk voor theologie en pastoraat. Ridderbos laat zien hoe het institutaire wezenlijk is voor het kerkzijn en maakt behartigenswaardige opmerkingen over het spreken van de kerk. Prof. Schippers geeft een boeiende beschouwing over enkele Ariierikaanse kerksociologen die zich bezig gehouden hebben met de vraag naar de voorwaarden van kerk-groei.

Het geheel is een boeiend panorama geworden van wat er te doen is op het erf van kerk, theologie en samenleving. Het laat zien hoeveel werk er nog aan de winkel is en hoe juist een gereformeerde theologie die vanuit het hart van de Schriften wil bezig zijn in het huidige tijdsgewricht een belangrijke bijdrage kan geven. Moge het Runia gegeven zijn om hiermee nog vele jaren te mogen werken tot zegen van theologie, kerk en volk.

A. N.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 september 1982

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 september 1982

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's