Opwekking buiten Europa (2)
Verbrokenheid en verootmoediging waren de kenmerken van deze opwekking.
Oeganda
Op woensdagmorgen sprak dhr. Samson Mwesigye, een student uit Oeganda die momenteel in Engeland studeert, over opwekking in Oost-Afrika, met name in het district Kigezi in zuid-west Oeganda. Deze opwekking begon in het buurland Rwanda op het 'zendingsstation' Gahini, (1935). Enkele christenen, verontrust over de geestelijke situatie, kwamen bijeen voor gebed; om te bidden voor een nieuwe uitstorting van de Heilige Geest. Vanuit Gahini kwamen er opwekkingspredikers naar Kigezi. Het Evangelie was hier pas in 1915 gekomen. In 1931 was de geestelijke toestand indroevig. Het was als in de tijd van Achab. Veel christenen waren naam-christenen en hinkten op twee gedachten: christelijke geloof en traditionele godsdienst. Velen leefden in dronkenschap en overspel. Nu kwam er de prediking van bekering, concreet en zonder compromis. Afrikanen drongen ook bij de zendelingen aan om zich te bekeren. Sommige zendelingen gaven zich gewonnen en werden broeders van de Afrikanen, anderen wendden zich hoogmoedig af. Ze dachten, dat de Afrikanen gek geworden waren. God zegende deze prediking.
Verbrokenheid en verootmoediging waren de kenmerken van deze opwekking. Naamchristenen werden nu 'praktijk-christenen'. Er kwam honger naar het Woord. Het verlangen naar Christus' wederkomst was zo groot, dat sommige christenen hun bezittingen verkochten.
Vruchten van de opwekking zijn: groei van de kerk, spontaan evangelisatiewerk, teamwerk, goed leiderschap in kerk en staat. Overal werden er nieuwe kerken 'geplant' en werden er scholen geopend. Zendelingen werden naar Zaïre en naar Rwanda en Burundi uitgezonden. De opwekking leverde ook een bijdrage aan het sociale leven: onderwijs (ook voor meisjes), netheid in de huizen, uitbreiding van het voedselpakket met vlees, enz.
Kigezi is economisch niet rijk, maar geestelijk wel. Het kerkewerk is financieel onafhankelijk van hulp uit het buitenland.
De spreker werd christen tijdens deze opwekking in Oost-Afrika. Hij gaf zijn persoonlijk getuigenis. Het schrikbewind van Amin betekende een grote beproeving, maar werkte mee ten goede. De opwekking werd versterkt.
Spreker vertelde hoe hij om voedsel, kleren en schoenen leerde bidden, omdat deze niet te koop waren. De opwekking gaat nog steeds door. Naast de eredienst op zondag hebben de gemeenten een wekelijkse bijeenkomst voor gemeenschap, gebed, getuigenis en lofprijzing.
In 1982 verscheen het boek Quest for the Highest. A diary of the East African revival door J. E. Church (Paternoster Press, Exeter), die zelf bij de opwekking betrokken was.
China
Vorig jaar bracht dr. Orr een bezoek aan cummunistisch China na ruim veertig jaar. Hij ontdekte, dat de kerk daar niet dood is maar leeft. Er zijn veel huisgemeenten, maar er zijn ook gemeenten die in het openbaar samenkomen. Hij had een kerkdienst van zo'n 'open' gemeente bijgewoond. Er werd Bijbels gepreekt en de Heere Jezus stond in het middel punt. Velen namen deel aan het Heilig Avondmaal. Op zondag kwamen de christenen reeds vroeg bijeen om samen te bidden voordat de kerkdienst begon. Hij ontmoette een predikant, die 21 jaar gevangen had gezeten. Men had van alles gedaan om hem van het geloof af te helpen, maar het was niet gelukt. Hij getuigde nog van de hoop, die in hem was. In China is er grote honger naar het Woord van God.
India
Op de conferentie was er een verslag van Akumba Longkumer over opwekkingen in Nagaland (India) van 1976-1980. Dr. Orr had dit gebied vorig jaar nog bezocht. In 1960 kreeg Nagaland politieke interne zelfstandigheid binnen de republiek van India. De moderne tijd deed nu zijn intree in dit gebied: migratie van het platteland naar de steden, verstedelijking. De dorpsgemeenschap werd aangetast. Kerkelijk werd het moeilijker om de tucht te handhaven. Er kwamen veel problemen en conflicten. Het geestelijke en zedelijke leven vloog achteruit. Dronkenschap en overspel namen toe. De kerkgang werd hoe langer hoè meer vorm.
In 1972 vierde de kerk in Nagaland haar honderdjarig bestaan. In 1975 werd er een 'Lausanne' congres gehouden All Nagaland Congress on World Evangelization te Dimapur.
Op dit congres kwamen twee onderwerpen aan de orde: de geschiedenis van opwekkingen, evangelisatie en zending en het werk van de Heilige Geest in de kerk. De afgevaardigden namen het onderwerp opwekking mee naar hun plaatselijke gemeenten. Overal werd er nu Bijbelstudie- en gebedskringen in het leven geroepen. Tijdens zo'n week van Bijbelstudie en gebed werd er in de gemeente Wameken de Heilige Geest uitgestort. De harde harten smolten onder de prediking. Er vond een genezingswonder plaats. Verborgen zonden werden beleden. Mensen woonden urenlang de samenkomsten bij zonder honger of dorst te krijgen. Vanuit deze gemeente verspreidde de opwekking zich naar andere gemeenten. In sommige gemeenten was er tegenstand, maar de Geest van God overwon deze. Vele werden christen en traden toe tot de kerk. Kenmerken van deze opwekking waren: het samen zingen en bidden waarvan het geluid mijlenver weg gehoord werd, visioenen en profetieën, tongentaal, duiveluitwerping, genezingswonderen. Als positieve resultaten worden genoemd: de vernieuwing van het leven van de christenen (met slechte gewoonten werd gebroken), hun actieve deelname aan het gemeentewerk, gemeentegroei (kerkgebouwen moesten vergroot worden), grote belangstelling voor Bijbellezen en gebed (tijdens de opwekking raakten de bijbels in de winkels uitverkocht), nieuwe visie en liefde voor de zending (vrijwillige gaven voor wereldevangelisatie), veel theologische studenten die in de opwekking tot bekering of vernieuwing zijn gekomen. Er waren echter ook negatieve resultaten: kerkelijke verdeeldheid door verschil van mening over de Geestesgaven, ondermijning van het Schriftgezag door het toekennen van meer waarde aan visioenen en profetieën, tweeërlei niveau van christen-zijn door de Geestesgaven ('ik ben geestelijker, heiliger, dan gij'). In Nagaland bleek dat bij opwekking de strijd tussen de Heilige Geest en de duivel openbaar komt. De opwekking duurt voort, zolang het gebed voortduurt. Van de 500.000 Nagas zijn er nu 200.000 christen.
De opwekking bracht ook sociale veranderingen: vermindering van diefstal, dronkenschap en overspel, minder omkoperij van regeringsambtenaren, meer eerlijkheid in de handel.
Brazilië
Op de laatste conferentie dag sprak ds. David Glass, oud-zendeling in Brazilië, over de opwekking van 1952 in dit land. Het Bijbelcolportagewerk werd rijk gezegend. Overal kwamen er kleine kringen, die om opwekking baden. Ook een toernee van dr. Orr wilde God zegenen. De Bijbel is nu het meest bekende boek in Brazilië. Velen lezen de Bijbel. Er is honger naar het Woord van God. De protestantse kerken groeien hard in Brazilië. Nu gaan er zendelingen vanuit dit land naar andere landen. Bijzijn vertrek uit Brazilië kwam er een rooms-katholieke priester met een aantal priester-studenten naar ds. Glass toe die vroeg: 'Hoe kunnen wij God kennen en de Bijbel lezen? ' De rooms-katholieke bisschoppen bespreken met elkaar hoe zij kunnen voorkomen dat hun gemeenteleden evangelische christenen worden. Vanaf 1952 is er overal een sterk besef om te evangeliseren. De protestantse kerken zijn nu een minderheid in dit grote land, die gerespecteerd wordt.
De volgende keer een slotbeschouwing over 'opwekking en wij' D.V.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's