De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Wet en Evangelie in de bijbel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wet en Evangelie in de bijbel

6 minuten leestijd

Het is niet zo, dat het Oude Testament Wet is, zonder meer, en het Nieuwe Testament Evangelie, zonder meer!

Men kan de Heilige Schrift vanuit verschillende gezichtshoeken benaderen, vanuit de ontstaanstijden van de verschillende geschriften, vooral samenvattend van het Oude Testament en het Nieuwe Testament, dan vanuit de Godsleer, onderscheidenlijk van de Vader, van de Zoon, van de Heilige Geest.

Dan ook vanuit de aard van de bijbelboeken: in de beide Testamenten, vanuit de historische boeken, de profetische boeken, de dichterlijke boeken. Wij hebben heden tot taak de Heilige Schrift te bezien: inhoudelijk, naar haar twee zijden: de Wet en het Evangelie. Het is niet zo, dat het Oude Testament Wet is, zonder meer, en het Nieuwe Testament Evangelie, zonder meer! Ook moeten wij wel weten, dat de drie Personen van de Godheid, alle drie, zowel met de Wet als met het Evangelie te doen hebben. Wij vinden zowel de Vader als de Zoon als de Heilig Geest alle drie werkzaam zowel met de Wet als met het Evangelie, zowel met het Evangelie als met de Wet. Als de deugden Gods dezelfde zijn in den Vader als in den Zoon als in den Heiligen Geest, dan verstaan wij dat de gerechtigheid Gods dezelfde in den Zoon is als in den Vader en evenzo in den Heilige Geest; en dat de genade van den Zoon even groot is in den Vader en in den Heilige Geest als in den Zoon. Als de Vader de Naam van de Schepper draagt, dan deed Hij dat door het Woord (dat is door den Logos, dat is door den Zoon), en dan bracht Hij de hemelen en hun heir voort door Zijn Geest. Zo kan men zeggen dat de Verlossing het werk van den Zoon is, maar Jezus Zelf leert tot den Vader bidden om schuldvergeving en de Heilige Geest schenkt ons alles, wat wij in Christus hebben. De werken Gods, de werken van Christus en de werken van den Heilige Geest zijn trinitarisch te verstaan: ze zijn altijd drieëenheids werken. De Vader doet niets zonder den Zoon, niets zonder den Heiligen Geest, en de Zoon doet niets zonder den Vader en zonder den Heiligen Geest, zoals ook de Heilige Geest niets doet zonder den Vader en den Heere Christus. Als u het goed beschouwt, is de Heilige Schrift van het begin tot het eind: trinitarisch. De bijbel begint in het Hebreeuws met den meervouds naam 'Elohim' en Openbaring 22 besluit met 'den Vader, den Zoon en den Heilige Geest'.

En uit den aard der zaak vindt u dan door heel den bijbel heen de twee zijden van het Woord Gods, Wet en Evangelie: de Wet kan zonder het Evangelie niet zijn en het Evangelie kan zonder de Wet niet zijn. God schiep den mens, Vaderlijk, naar Zijn beeld, naar Zijn gelijkenis schiep Hij hem, hem zorgvuldig boetserend uit het stof der aarde, zodat alle bestanddelen van de Schepping in Hem waren en Hij plantte het licht en ook het geluid in hem en Hij blies hem den levensadem in - Zijn Geest - en zo werd de mens tot een levende ziel. En de mens was bestemd om de bruid voor Christus te zijn. Daarom waren vóór de Schepping de mensenkinderen Jezus' vermakingen, reeds in den schoot des Vaders. Het Evangelie is van eeuwigheid en begint bij de Schepping. Daarom gaf God den mens mee het beeld Gods, de ingeschapen zedewet: kennis, gerechtigheid, heiligheid. Zo begint de bijbel: Genesis 1 en 2. De mens, naar Gods beeld en in Zijn gelijkenis, had in zich een rein geweten. Dat prachtige woord conscientia, het medeweten met God! Dat zat hem in die drie dingen van het beeld Gods: drie eigenschappen naar de drie Personen Gods. Naar Zijn beeld en in Zijn gelijkenis.

En de mens viel (Genesis 3), reeds toen, reeds daar in het Paradijs. Raakte zijn God kwijt, verloor het beeld Gods en daarmee alles: werd een verloren mens. Maar God, gedacht aan Zijn Zoon, gedacht aan Zijn vrederaad, aan die spelende Zoon met de mensenkinderen, gedacht aan Zijn verbond, dat eeuwig vredeverbond. En daar hebt u in Genesis 3 de Moederbelofte, de moeder van alle beloften: Genesis 3:15. Daar hebt u van den beginne: de ingeschapen zedewet en de Moederbelofte. Wet en Evangelie van het begin van den bijbel af. En die twee lijnen gebod en belofte. Wet en Evangelie gaan hand in hand lopen door heel den bijbel heen. De zedewet - die prachtige woorden, die heel het leven beschrijven en omvatten van alle volken en van élk mens, in tien woorden samengevat - wat God van hem eist. En die wet samen - met de ceremoniële wet, die op Christus ziet. En daar hebt ge heel het Oude Testament: Wet en Evangelie: wat God eist - wat God schenkt.

En dan komt het Nieuwe Testament: Christus, geworden onder de Wet. Hij draagt Gods heilige Wet in het binnenste ingewand. Hij vervuld de wet, die God den sterv'ling zet. Hij als de tweede Adam, voor zondaars. Hij verzoent de schuld Zijn volks. Hij verwerft den Heilige Geest, Die eens den mens was ingeblazen: in ware kennis Gods, gerechtigheid en heiligheid, en deelt dien Geest aan mensen mede en in dien Geest en mét dien Geest dat beeld Gods, zodat de mens weer kennis aan en van God krijgt, en in dat beeld ook gerechtigheid en heiligheid. Daarom schrijft de Heilige Geest de Wet op de tafelen, op de wanden van het hart: van binnen. Dat doet de Heilige Geest als Hij een zondaar overtuigt van zonden, maar dat doet Hij bijzonder als Hij het uit Christus neemt. Die de Wet draagt tot verzoening van de schuld der zonden, om de Wet als een Wet van het kindschap weer opnieuw als een levenswet, als een teken van het nieuwe leven mee te geven. Daarom zegt Jezus: 'Hieraan zult gij ze bekennen, dat ze Mijne discipelen zijn, zo ze Mijn geboden bewaren'.

Daarom vindt ge in uw Catechismus de Wet in samenvatting, ter ontdekking aan het begin en in het brede aan het eind, in het stuk der heiligmaking, in het stuk der dankbaarheid.

Die door 's Heeren kracht (door Jezus' genadekracht) van hen wordt volbracht. Zo houdt u door heel uw leven nodig: Wet en Evangelie.

Die lopen door heel de bijbel, door heel uw catechismus, door heel uw leven. Want zij zijn beide, hand in hand, Gods Woord. Maar vraagt ge: 'Blijft de Wet, die Christus volbracht, dan altijd van kracht? ' Voorzeker. Is Christus dan niet het einde der wet? Ja, Hij is de volbrenging van de Wet, maar ook het dóél van de Wet. En die wet leert u God lief te hebben boven alles en den naasten als uzelven. En dat houdt nooit op.

In den hemel zult u heel het Woord terugvinden: Wet en Evangelie, want het Woord Gods bestaat in eeuwigheid. God vestigt Zijn troon op heilige rijksgeboón. U zult daar de geboden vinden als de zuilen van Zijn troon. En rondom Zijn troon de vier dieren de zinnebeelden van de vier Evangelisten. Alzo Zijn troon gevestigd op Zijn wet en omgeven van het Evangelie. En op den troon Hij, Die was en Hij die is en Die zijn zal: de God van de bijbel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1982

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Wet en Evangelie in de bijbel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1982

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's