De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De situatie in het Midden-Oosten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De situatie in het Midden-Oosten

Sabra een teken

9 minuten leestijd

Het woord Sabra staat nu model voor massale vernietiging.

Een sabra is een cactusvrucht, waaruit onder andere sabrawijn wordt gemaakt. Het is een harde stekelige vrucht met een zachte kern. De vrucht kan, om de pit eruit te halen, niet met zachte handen worden aangepakt. Maar jongetjes in Israël weten precies hoe ze de vrucht moeten ontbolsteren.

Nu wordt de jeugd in Israël ook aangeduid met Sabra. De Israëlische jongeren zijn sabra's: hard van buiten en zacht van binnen. De situatie, waarin de Joden zich eeuwenlang hebben bevonden en zich thans nog bevinden, heeft uiterlijke hardheid veroorzaakt. En toch: de pit is zacht.

Sabra heeft intussen vandaag voor ons een heel andere betekenis gekregen. Het woord staat nu model voor massale vernietiging. Het kamp van die naam staat in de geschiedenis van deze jaren geboekstaafd als vernietigingskamp, kamp waar honderden burgers zonder pardon werden vermoord. Hier is geen sprake meer van een harde bolster en een zachte kern. Dit 'Sabra' is een harde steen in de situatie van het Midden-Oosten vandaag.

Geen vergoelijking

Er is voor de gepleegde wandaden geen enkele vergoelijking aan te voeren. Er zijn geen verzachtende omstandigheden. Het gaat ook niet aan om te wijzen op vergelijkbare of nog erger situaties elders. Hier werd een massamoord verricht onder het 'wakend' oog van Israël. Israël, dat zich erop beroemt - en niet ten onrechte - de bevrijder van Libanon te zijn, wist hoe fel de haatgevoelens van de bevolkingsgroepen in Libanon onderling zijn. Het toelaten van de (christen)-falangisten in de kampen, stond gelijk met het vrijlaten van wolven onder een kudde schapen. De vraag naar directe of indirecte verantwoordelijkheid van Israël is aan de ernst van de zaak volstrekt ondergeschikt. Israël is verantwoordelijk omdat het als bevrijdende bezetter of bezettende bevrijder te waken had voor het welzijn van de burgers. En juist een volk, dat weet wat holocaust, wat massale vernietiging is, moet dubbel op z'n hoede zijn om aan een dergelijke gruwel zelf niet medeplichtig te worden. De gruwelen, Israël zelf aangedaan, kunnen anders hun scherpte in het bewustzijn van de mensen verliezen, gegeven de actuele situatie. waarin Israël zélf schuldig staat.

En bovendien, als Israël pretendeert - hoe raadselachtig voor ons ook - volk Gods te zijn, dan geldt nog altijd dat dit volk niet goedkoop zondigt. Dan mag de belichting van wandaden ook feller zijn. Ik meen dan ook dat Begin en Sharon, de verantwoordelijke politici in eerste instantie, wijs zouden hebben gedaan als ze waren afgetreden. Als ze beseft hadden: hierdoor is ons blazoen zo besmet dat we, of we één en ander bewust hebben laten geworden of niet, beter het veld kunnen ruimen voor anderen, die mét de ervaring van dit moment, hun verantwoordelijkheid nu, naar binnen en naar buiten, moeten verstaan en pogen waar te maken.

Antisemitisme

Zonder één woord af te doen van wat ik nu neerschreef en zonder dit ook maar één moment te willen verzwakken, dient echter direct ook te worden gewezen op de niéuwe golven van anti-semitisme, die over de wereld gaan.

Israël is én door de dreiging van de naburen én vanwege de publieke wereldopinie én vanwege de politiek vooringenomenheid (ten gunste van de Palestijnen) in allerlei landen van de wereld al jaren lang in de engte, in de benauwenis. De economische situatie, die er één is van totale ontreddering, spreekt hier boekdelen.

We schijnen nog weinig geleerd te hebben van de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog, tengevolge van de waan van een man, die zich de Verkorene waande en die derhalve een volk, dat in de Schrift met 'beminden om der vaderen wil', vanwege de verkiezing wordt aangeduid, van de aardbodem wilde verjagen. De Palestijnen willen niet anders vandaag, en velen, die het voor hen opnemen, zonder hun wandaden jegens Israël aan te wijzen en af te wijzen, zijn medeplichtig.

Waar is vandaag de deemoed, de verootmoediging, de boetedoening om wat de eeuwen door aan Israël geschiedde, tot vandaag toe! Paus Johannes Paulus II ontving Yassar Arafat, de bloedzuiger van het Joodse volk. Nimmer kwam de naam Israël over de pauselijke lippen toen hij Israël bezocht. En moet dan vandaag het hart van hen, die weten hoe met name de Rooms Katholieke Kerk inzake de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog zweeg, niet ineen krimpen bij deze daad?

En waar blijft vandaag de verontwaardiging over de échte daders? Want het waren toch christenen, de falangisten, die de massamoord pleegden! Israël is verantwoordelijk, maar is niet de enige schuldige.

De demonstraties in verschillende steden van de wereld doen dan ook verschrikkelijk ongeloofwaardig aan. Er mag wel walging zijn over de selectieve verontwaardiging van velen vandaag, die zwegen over alle wandaden van de Palestijnen (men denke alleen al aan de beschieting van een bus met schoolkinderen enkele jaren geleden) en die nu ook zwijgen over de echte daders. Me dunkt dat de massale roep in Israël zélf om verantwoording van de politieke leiders geloofwaardiger is. Het volk, dat de jaren door, in de engte gedreven als het was, eenparig weerstand bood tegen de bedreiging van buiten en, ook bij politiek verschillend inzicht, als één man stond in het afweren (en zelfs het van de grenzen verdrijven) van de vijanden, is nu verdeeld, omdat datgene wat in Beiroet gebeurde niet alleen de wereld maar ook de Israëli's zelf schokte.

Nuchterheid

Als het gaat om de vragen van de verhouding van Kerk en Israël en de visie, die we als christenen op Israël als volk van de belofte hebben, dan scheidden de wegen in het verleden en dan scheiden de wegen in het heden nogal eens. Daarover moeten we ons dunkt me niet verbazen en niet verontrusten. De bijbelgegevens dienaangaande zijn niet eenvoudig en wie heeft de pretentie de Schrift hier in de volle breedte en diepte te verstaan? Maar over één ding kan geen verschil zijn. Israël was, wat het Oude Testament betreft het enige volk waaraan God Zich openbaarde - zo wilde Hij met geen volken handelen - en wat het Nieuwe Testament betreft het volk waaruit Christus, de Messias, is voortgekomen. In Israël stond het kruis en lag het open graf en ligt de Olijfberg. En 'beginnende van Jeruzalem' kwam het evangelie naar de volkeren. Er is een onmiskenbare verbondenheid tussen Kerk en Israël, hoewel ook een onmiskenbare scheiding vanwege de Messias.

Maar, en daar gaat het nu om, naar twee kanten zijn vereenzijdigingen ook in Schriftgebruik, letterlijk levensgevaarlijk. Met de Schriftplaats 'Zijn bloed kome over ons en onze kinderen' zijn heel wat anti-semitische daden goedgekeurd of van hun ernstig karakter ontdaan. Terwijl die woorden bij het kruis niet alleen door Joden geroepen zijn. Er is gelukkig oog gekomen voor het feit dat deze Schriftplaats niet eenzijdig naar Israëel mag worden uitgelegd. Maar thans is er ook een andere vereenzijdiging. Er is ook een misplaatst filosemitische, een manische Israëlliefde, die de nuchterheid en dan ook de eerlijkheid ten opzichte van wat Israël vandaag fout doet, mist. Er staat in de Schrift ook een ander Bijbelwoord, dat dan te gemakkelijk gehanteerd wordt, namelijk 'Wie Mijn volk aanraakt, raakt Mijn oogappel aan'. Om dan zo elke vinger, die naar Israël wordt uitgestoken af te hakken. Dan vallen we in hetzelfde euvel van vereenzijdiging en misplaatst Schriftgebruik.

Verwachting los van politiek

Welke visie we ook mogen hebben ten opzichte van Israël in het plan van God met deze wereld of - één stap verder - welke verwachting men ook ten aanzien van dit volk mag hebben naar de toekomst toe, één en ander wordt niet bepaald door de politieke situatie. Het politieke beleid in Israël zelf wordt allereerst bepaald door degenen, die verantwoordelijkheid dragen in de regering, en dan wisselt het beeld van tijd tot tijd.

Zulk een visie wordt zélfs niet bepaald door de (wan)daden van Israël maar wordt bepaald door wat de Schrift ons te zeggen heeft, hoe moeilijk verstaanbaar soms ook. Wat niet wegneemt dat de politieke beslissing om de staat Israël te vormen (in 1948) en de vraag van het land voor Israël ook theologische doordenking behoeft. Maar zicht op Israël hangt tussen twee haakjes, samen met het geloof in de God en Vader van onze Heere Jezus Christus.

In het boek van Dick Houwaart 'Mijn Jodendom' staat dat Joden, of ze nu voor Jeruzalem kiezen of voor Amsterdam, voor één ding niet kunnen kiezen. Hij citeert dan Ignaz Maybaum:

‘Het Joodse volk, het volk dat een aparte plaats inneemt in de geschiedenis, het volk dat daardoor heilige is, is een volk door God gemaakt. In onze verhevenheid en in onze onaanzienlijkheid, in onze verfijning en in onze alledaagsheid, in onze volharding en in onze zwakheid, in onze grootse momenten en in de 'schande van onze ontmenselijking in Auschwitz - wij zijn het volk van God... De keuze om jood te zijn was niet aan ons, Gód heeft ons gekozen.’

Dit zal waar zijn! Niet zodra Israël zich echter op dat gekozen zijn verhief trad in het Oude Testament telkens het oordeel in, was er de bestraffende vinger van de profeten in Gods Naam. Israël kan ook vandaag niet doen wat het wil, net zo min als christenen dat kunnen. En daarom, ook wie vandaag met Israël verbondenheid voelt en beducht is voor het toenemende antisemitisme, tot in eigen hart latent aanwezig, zal Israels daden kritisch volgen. Verbondenheid met het volk (vanwege de belofte) betekent niet absolute solidariteit met het politieke beleid; wél solidariteit met Israels worsteling om voortbestaan in eigen land.

Wolken

De wolken pakken zich intussen in toenemende mate boven Israël samen. De golven van antisemitisme laaien steeds hoger op. De engte wordt benauwender. Zal dit volk dan tóch alleen wonen, totdat...?

Maar Sabra is intussen een teken, ter waarschuwing ook voor Israël zelf.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 oktober 1982

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De situatie in het Midden-Oosten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 oktober 1982

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's