Globaal bekeken
Het is verheugend dat in een tijd van grote vervlakking er toch onder vele jongeren vraag is naar het Woord des Heeren en een zich betrokken weten bij de evangelieverkondiging aan hen, die van dit Woord niet (meer) afweten, dichtbij en ver weg. De Zendingsoverleg Commissie van de GZB, de HGJB en de IZB (ZOC) belegt voor de derde maal een jongeren zendingsdag, waarvoor ongeveer 3000 jongeren worden verwacht. De dag wordt gehouden op zaterdag 8 januari in de nieuwe Veluwehal te Barneveld, die voor een zo grote bijeenkomst ruimte biedt. In korte tijd nam het aantal bezoekers geweldig toe. Buitengewoon, dat in een tijd, waarin vrije bewegingen de wind mee hebben voor het houden van manifestaties als deze (vaak als reactie op kerkelijke malaise wat betreft het bezig zijn met het evangelie onder jongeren) dit stuk kerkelijk werk aanslaat. We hopen dat de Veluwehal in Barneveld te klein zal zijn. We hopen vooral dat het Woord werven mag voor de Koning der Kerk, onder jongeren, hier en overzee, kerkelijk en (nog) onkerkelijk.
Uit de folder over de jongerenzendingsdag:
'Wat begon ais een experiment, begint een traditie te worden, in 1981 organiseerden GZB HGJB en IZB voor 't eerst een zendingsdag voor jongeren. 1300 Jongeren toonden door hun aanwezigheid in Amersfoort zich betrokken te voeien bij zending en evangeiisatie. in 1982 Heten 2300 jongeren zich door sneeuw en gladheid niet weerhouden er bij te zijn. Ook de tweede jongerenzendingsdag, gehouden in Dronten, was een geweldig fijne dag. Het is duidelijk dat er niet mee gestopt kan worden. Besloten wordt dan ook opnieuw een dag van toerusting, bemoediging, informatie, ontmoeting en gebed te houden. Over zending en evangelisatie! Voor jongeren! Jongerenzendingsdag '83.'
***
Kerknieuws van Scheps besteedt In elk nummer aandacht aan 'hoogleraren van vroeger'. Aan de beurt is nu prof. dr. G. H. J. W. J. Geesink (1820-1926), die zes en dertig jaar ethiek doceerde aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en tot het genre hoogleraren behoorde waarover vele anekdotes in omloop waren en tot heden zijn. Geesink was altijd te laat!
Hier volgt een passage daarover uit Kerknieuws:
'Geesink was altijd te laat. Zijn leven lang heeft hij met de klok geworsteld. Tot op hoge leeftijd toe was het Geesink, die als kerkganger in de Kerk aan de Zacharias Jansestraat te Watergraafsmeer tijdens de wetslezing of zelfs de schriftlezing nog binnenkwam, iedereen minzaam groetend en zelfs toezwaaiend. En dit was geen uitzondering doch regel. Op zijn colleges kon hij evenmin op tijd verschijnen. Eens liftte hij van huis naar de Universiteit mee met een melkrijder. Geesink naast de melkboer op de bok. Enkele weken later schrijft een student op het bord in de collegezaal, toen de komst van de hooggeleerde weer eens lang op zich liet wachten "De melkwagen uit Watergraafsmeer heeft heden een vertraging van vijftien minuten".
Overigens gaf zijn te laat in de kerk komen hem nog eens de gelegenheid een goede waarheid kwijt te raken. Toen hij eens om twintig na tien de Zach. Jansestraat insloeg ontmoette hem in tegenovergestelde richting een onderwijzer, die ietwat spottend opmerkte "zo professor, u denkt zeker vele laatsten zullen de eersten zijn". Onmiddellijk repliceerde Geesink: "nee, dat niet, maar ik dacht en overdacht zojuist: er zijn er ook die er nooit komen".'
**
leder kan wel voorbeelden uit eigen omgeving aandragen van merkwaardige namen, ontstaan door 'grappige' vondsten toen de achternamen in zwang kwamen. De volgende politieke familienamen uit Leuven uit het vondelingenreglster van die stad, slaan alles. Met de toelichting erbij nemen we over wat we terzake vonden in Gents Nostra maandblad van de Nederlandse Genealogische Vereniging (nov. 1982).
'Op 27 januari 1789 wordt er bij de toegangspoort van het Leuvense Vondelingenhuis een baby aangetroffen. Aan de kleren van de vondelinge is een briefje bevestigd waarop geschreven staat dat ze die middag om 1 uur geboren is en de voornamen Maria Theresia draagt. Dezelfde dag wordt het meisje gedoopt met deze voornamen en ze krijgt als familienaam Enfin. Zij is de eerste van negenendertig vondelingen die in 1789 in Leuven worden aangetroffen.
De andere vondelingen krijgen bij hun doop de volgende voor-en familienamen:
7.2 - Petrus Alles; 10.2 - Joanna Maria Gaetom; 16.2-Antonius Zeep; 23.2 - Joanna Ende; 25.2 - Joannes Maegere; 2.3-Maria Ratten; 3.3 - Franciscus Antonius Worden; 22.3 - Cecilia Vet; 23.3-Lucia Metge; 4.4 - Antonius Stolen; 14.4 - Franciscus Goed; 17.4 - Dominicus Zoodat; 20.4 - Ludovicus Stelen; 6.5-Michael Herboots; 8.5-Leopoldus Rooven; 14.5 - Josina Plunderen; 23.5 - Philippus Geene; 5.6 - Anna Gatharina Zonde; 14.6 - Henricus Meer; 14.6 - Pauius Enis; 16.6 - Josephus Helaes; 23.6 - Dorothea Onder; 5.7 - Maria Eiisabetha Watti; 20.7 - Martinus Rannen; 24.7 - Michael Leeven; 29.7 - Caroius Wij; 31.7-Anna Maria Galges; 14.8 - Christina Pruijsman; 19.8 - Joannes Baptista Recruet; 29.8 - Augustinus Canon; 27.9-Bartholomeus Komtons; 27.9 - Mattheus Helpen; 17.10-Bernardus Uijtde; 23.10 - Benedictus Siaever; 31.10-Nicolaus Nije; 13.11 - Catharina Vande ; 1.12 - Fredericus Booze; 27.12 - Elisabeth Tyran.
Op het eind van de achttiende eeuw regeerde keizer Jozef II over de Zuidelijke Nederlanden. Hij was er niet erg geliefd. Ondermeer vaardigde hij een edict van religieuze tolerantie uit (1781), hij hief de beschouwende kloosters op (1783) en moderniseerde het gehele bestuursstelsel en de rechterlijke macht (1787). Door al deze maatregelen ging hij hevig in tegen het rechsgevoel van de bevolking en dreigde eralom verzet. Dit verzet leidde inderdaad tot de Brabantse Omwenteling (1789). Het spreekt vanzelf dat de vreemdelingen (Oostenrijkers en anderen) niet erg geliefd waren in de Zuidelijke Nederlanden, ook niet in Leuven.
Ook blijkt dat uit de naamsgeving van de Leuvense vondelingen uit het jaar 1789, hier boven genoemd. Immers alle namen achter elkaar gezet leiden tot de volgende wens: "Enfin alles gaet om zeep. En de maegere ratten worden vet met gestolen goed, zoodat stelen, herboots roven* (Vermoedelijke betekenis: heien), plunderen geene zonde meer en is. Helaes, onder wat tirannen leeven wij: galges, pruijsman, recruet, canon. Komtons helpen uit de slavernije van de booze tyran!"
Als we nu, bijna tweehonderd jaar later, het telefoonboek van de. stad Leuven voor ons nemen, blijkt, dat er van enige van deze vondelingen de naam bewaard is gebleven, in het telefoonboek treffen we o.a. de volgende familienamen aan: Alles, Zeep, Herbots (vgl. (Herboots), Geenen (vgl. Geene), Enis, Helaers (vgl. Helaes) en Wij. Politieke familienamen van tweehonderd jaar geleden!'
***
Uit een boekje van dr. A. van Selms over de Nederlandse geloofsbelijdenis 'Wie achter is moet voorgaan' (1951) twee citaten, een ernstig citaat en een ludiek woord:
'Het is dus wel duidelijk, dat de Kerk der Reformatie twee fronten heeft: tegen de secten, want anders was zij geen kerk; én tegen de Roomsen, want anders was zij niet reformatorisch. De vraag komt echter op, hoe men tussen deze twee fronten in leven kan. Nu eens holt men naar de éne, dan weer naar de andere kant. Aan zo'n tegenstrijdige positie dreigt een Kerk en een hart te vergaan.'
Hoeveel kanten heeft een kerk? Onze jongste spruit zegt op een dergelijke vraag: Drie, namelijk: een buitenkant, een binnenkant en een predikant.'
In De Zondagsbode, kerkblad voor het Westland, schrijft ds. W. H. de Jong (Vlaardingen) de volgende behartigenswaardige woorden over het aangekondige bezoek van H.M. Koningin Beatrix aan het Vaticaan.
'"Koningin naar Italië en Vatlcaan" zo luidde een krantenbericht. In mei 1983 zou dat zijn. Nooit eerder is een Nederlandse vorst officieel bij de paus geweest. Het is in de Nederlandse pers de gewoonte, het koninklijk huis zo min mogelijk te beoordelen. Maar hier is het toch wel een heel opvallende zaak. Politiek iets volstrekts nieuws. Niet eerder ging een Nederlandse vorst naar Italië, omdat dit ook inhield een bezoek aan het kerkstaatje, het Vaticaan, waarvan de bisschop van Rome staatshoofd is. Maar ons vorstenhuis is protestant en kan de paus niet erkennen als vorst der vorsten. Vorig jaar ging de paus naar Duitsland en moest toen ontvangen worden door de kanselier Schmidt. Maar daar is de paus te hoog voor in rang. Schmidt zei: ik ben protestant, ik ga niet naar hem toe. De oplossing is gevonden, dat ze beiden naar een staatsgebouw gingen voor een ontmoeting. In Engeland is de paus ontvangen door koningin Elisabeth. Nu zal hij in 1983 of 1984 misschien naar Nederland komen. Moet hij nu als eerste naar onze koningin? Klopt dat met het protocol van de Vaticaanse stoel? Of moet de Nederlandse vorst eerst naar hem toe? Onze koningin doet geen stap zonder de regering, dus dit zal op hoog niveau besproken zijn. Maar ik ben nieuwsgierig of in deze politieke zaak ook onze kerkleiding geraadpleegd is. Want het is ook een kerkelijke zaak. Nederlandse vorsten, want protestants, zijn niet onderworpen aan de vorst der vorsten, zoals de Roomse visie op alle vorsten en presidenten is. Wij hebben in ons land geen internuntius, zoals de titel van de pauselijke gezant is, die dan tevens de eerste van alle gezanten is, de deken der ambassadeurs. Wij hebben hier een pro-nuntius, die ook niet de eerste is van het gezantencorps.
Ik ben benieuwd of dat ook straks veranderd wordt Als dat zo zal worden, dan is blijkens r.k. visie heel Nederland bijkans weer teruggekeerd in de moederkerk. U ziet, er zit heel wat vast aan zo'n bezoek. En nu kunnen we geweldig oecumenisch denken, we moeten wel nuchter blijven. Als dit bezoek doorgaat, mag wel openbaar worden, waarom het gewenst geacht wordt'.
***
Tenslotte - omdat we niet aan alles wat op onze tafel komt uitvoerig aandacht kunnen geven - enkele korte 'signalementen'.
- Een briefschrijver, belast met voorziening van de preekbeurten in zijn gemeente met twee vacatures, verzucht dat hij, als het om 'eerste keus' gaat, al voor 1984 moet gaan regelen. Eerste keus wordt zo wel late keus. Maar in ernst, hier kan terecht gevraagd worden 'moet dat nu zo? ', nog afgezien van het voorbehoud van Jacobus 4 en de organisatorische rompslomp, die het met zich meebrengt als betreffende predikanten hun lijstjes weer in moeten leveren omdat ze een beroep aannamen. Soberheid is ook hier een gereformeerde deugd, dunkt me.
- De vereniging 'Op weg met de ander', hervormdgereformeerde vereniging van en voor gehandicapten, heeft een enquêteformulier gestuurd aan hervormd-gereformeerde kerkeraden en evangelisaties om een beeld te krijgen van wat er ten aanzien van de gehandicapten in de gemeenten leeft en om bezinning te krijgen over de vraag 'Wat is onze roeping ten aanzien van onze gehandicapte gemeenteleden? ' Aangezien de praktijk leert, dat niet élk rondschrijven elke kerkeraadstafel inderdaad bereikt is het goed hier ook op deze zaak te attenderen, zodat opmerkzame broeders er op hun kerkeraad in ieder geval aandacht voor kunnen vragen.
- Het is dunkt me een goede zaak als in de gemeenten één, maal per jaar in de kerkdienst herdacht wordt aan hen die heengingen (hoewel het voor nabestaanden vaak een dagelijks denken is). In verschillende kerkbladen troffen we nu dat zondag 7 november daarvoor wordt aangewend. In De Kerkbode, weekblad van de hervormde gemeente te Breukelen, lezen we het zo:
'Gelijk ook vieren wij deze zondag het feest van Allerheiligen. Wij gedenken met naam en toenaam hen, die ons dit jaar zijn voorgegaan, de overledenen uit ons midden die ons vooruit de weg gegaan zijn van het Koninkrijk Gods.'
Allerheiligen! Op deze roomse wijze kan en mag het dunkt ons niet. Als protestanten vieren wij die zondag niet (zó).
- Tenslotte aandacht voor twee kersverse boeken, die uitvoerig in ons blad aandacht zullen krijgen, maar die best al aangereikt mogen worden (als cadeautip). Prof. dr. S. v. d. Linde schreef een boek 'Jean Taffin', een 'populair geschreven boekje' over de hofprediker/raadsheer van Willem van Oranje (uitgave Ton Bolland, Amsterdam). 'Ik heb hem ontmoet als een levende, die mij indringend aanspreekt', zegt prof. v. d. Linde in het voorwoord.
Bij uitgeverij Boekencentrum verscheen een boek, getiteld 'Luther en het Gereformeerd Protestantisme' (316 pag. ƒ 37, 50). Dit gebonden uitgevoerde boek bevat bijdragen van dr. W. Balke, dr. J. Hoek, drs. K. Exalto, prof. dr. J. van Genderen, prof. dr. C. Graafland, dr. C. A. Tukker, prof. dr. W. van 't Spijker en prof. J. Kamphuis. De 140 studenten in de theologie, die op uitnodiging va het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond vorige week in Zeist bijeen waren, hadden de primeur, omdat het boek in een vooraflevering nog juist op tijd in Zeist bezorgd kon worden.
Hartelijk aanbevolen deze boeken!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 december 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 december 1982
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's