De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hoe wilt Gij zijn ontvangen?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hoe wilt Gij zijn ontvangen?

5 minuten leestijd

Ziet, Ik zend ulieden.de profeet Elia, eer dat die grote en die vreselijke dag des Heeren komen zal. Maleachi 4 : 4

We luisteren naar de afscheidspreek van Maleachi. Die eigelijk een adventspreek is.

Er is zorg in het hart van deze vergrijsde profeet. Juda is zo weerbarstig. Van dit volk, teruggekomen uit ballingschap, klaagt God: en zoon zal de vader eren en een knecht zijn heer; ben Ik dan een Vader, waar is Mijn eer? en ben Ik een Heere, waar is mijn vrees? (Mal. 1 : 6).

Even leek het erop dat de terugkeer naar Jeruzalem ook terugkeer tot God meebracht. De prediking van Haggaï en Zacharia heeft een opwekking tot gevolg gehad, die leidde tot een massaal en enthousiast dienen van God. De handen die verslapt waren, vatten de troffel weer om de herbouw van de tempel ter hand te nemen.

Maar die opwekking was als een bloeiende boomgaard, die korte tijd al zijn pralende pronk uitbundig vertoont. Tot de bloesem verwelken gaat. Dan kun je zien waar vrucht is gezet en welke bloesem loos en voos is gebleven.

Als het eerste enthousiasme is weggeëbd, als met de eentonigheid van het dagelijks leven de hooggstemde idealen vervlakken, blijkt veel bloesem geen vrucht te hebben gezet. De geestdrift blijkt in veel gevallen geen gegrepen zijn door de Geest. Dat alles maakt de zorg uit van deze vergrijdse profeet. Want Juda bekeert zich niet. Terwijl de grote en vreselijke dag des Heeren komt. En hoe anders wil de Heere ontvangen en ontmoet zijn dan in de weg van waarachtige bekering? Maar Juda vertoont die bekering niet.

Deelt u in Maleachi's zorg? Voor uzelf, voor uw kinderen, voor de kerk? Het is advent. De roep wordt gehoord: schik u om uw God te ontmoeten. Nog één zondag klinkt die roep. Bent u bereid om Hem te ontmoeten? Behoort u tot dat toegeruste volk? (Luk. 1 : 17). Of is bekering voor u een onmogelijke mogelijkheid?

In het sombere gepeins van Maleachi breekt het adventslicht door. Ziet! Als de Heere dat zegt, moeten de ogen en oren open. Ziet, Ik zend ulieden de profeet Elia, eer dat die grote en vreselijke dag des Heeren komen zal. Met die adventsverwachting is Maleachi getroost. En met diezelfde adventsverwachting troost de Heere u die zo goed weet dat u zich­ zelf niet bekeren kunt.

De adventstijd is vol genade. Genade die tot bekering leiden wil. Omdat God Zelf bekeert. Want de tweede Elia heet Johannes - God is genadig.

En hij zal velen der kinderen Israels bekeren tot de Heere hun God.

Is dat geen vergissing? Bekering is toch het werk van God alleen? Juist omdat bekering het werk is van God alleen, zendt Hij Johannes. Om Israël te behouden.

Johannes gaat voor Christus uit in de geest en de kracht van Elia. De boeteprediker van het Nieuwe Testament lijkt in alle opzichten op de boeteprediker van het Oude Testament. Indrukwekkend sober is zijn verschijning. Messcherp is zijn prediking in het aanwijzen van de zonde. Met als enig doel dat de zonde van de mensen om hem heen werkelijk zonde wordt. Gekende zonde. En zo ook beleden zonde. En is het geen genade als de zonde gekend en beleden wordt? Johnnes is zijn naam.

Maar daar houdt de genade van God, die in de naam van de Nieuw-Testamentische Elia ligt opgesloten, niet op. Dus wordt des Heeren volk geleid, door het licht dat nu ontstoken is, tot kennis van de zaligheid in hunne schuldvergiffenis.

Johannes' vinger die beschuldigend de zonde aanwijst, wijst over de zonde heen naar het kind van Bethlehem, straks het Lam Gods dat de zonden der wereld wegneemt.

Op precies dezelfde manier wil het adventsevangelie komende zondag opklinken. In profetische prediking waarin de dingen op hun plaats komen te staan. Dat wil zeggen: u als zondaar tegenover het heilig en onkreukbaar recht van God. Zo bereidt de Geest, die Johannes bediende, voor de Heere een toegerust volk. Mensen die alles uit handen geslagen is en geen grond meer hebben om op te staan. Maar die daarom en daarom alleen het Kind van Bethlehem nodig hebben. Mensen die als armen van geest op weg gaan met herders en wijzen om in de armoede en schamelheid van kribbe en stal de heerlijkheid van Sions Borg en Middelaar te zien schitteren.

Ging u mee in die pelgrimsstoet op weg naar Bethlehem? Verlangt u ernaar om in die stoet een plaats te mogen innemen? Dat is advent. En dat verlangen wordt vervuld.

Echte voorbereiding op de viering van het Kerstfeest vraagt niet minder dan echte bekering. Wat moet er al niet in ons leven wor­den opgeruimd. U laat het toch niet bij een kerstschoonmaak alleen? Wel het huis met bezemen gekeerd en niet uw hart tot God bekeerd.

De prediking van advent laat horen de klemmende eis van bekering. Klemt die eis in uw leven? Maleachi's adventsboodschap is: Ik zend ulieden de profeet Elia. De profetische prediking in de geest en de kracht van Elia. Toen en nu. En daarin ligt de mogelijkheid en de werkelijkheid van bekering, ook van uw leven. Heden, indien gij Zijn stemt hoort... Bekering leidt tot inkeer, tot naar-binnen-gekeerdheid. Sloeg u de schrik om het hart bij deze blik naar binnen? Weet u zich schuldig voor de eis van Gods heilig recht?

Wie zo vreest, krijgt te horen: vreest niet! De ontdekking van wat er huist in mijn hart, jaagt me schrik aan. En in deze huiver voltrekt zich een voorspel op de grote en vreselijke dag des Heeren. Maar over mijn zonde en over het oordeel heen wijst de vinger van Johannes en de vinger van de profetische prediking elke zondag mij naar Hem, Die gezegd heeft: wie in de Zoon gelooft, komt in het oordeel niet. Dat is Kerstfeest. En dan mogen we, verheugd, van zorg en vrees ontslagen, Hem roemen Die ons blijdschap geeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 1982

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Hoe wilt Gij zijn ontvangen?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 1982

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's