Licht in de duisternis tot Verlichting
De wereld laat vanuit de etalages en huiskamers een zee van kunstlicht zien in de donkere dagen voor Kerstmis. We weten, dat de wereld alleen kunstlicht heeft.
Zowel in de kerk als in de wereld wordt het Kerstfeest in verband gebracht met licht. De Kerk Gods heeft als een licht te getuigen van het grote licht de Heere Jezus Christus. Daarom staat dat Licht centraal in de prediking. De wereld laat vanuit de etalages en huiskamers een zee van kunstlicht zien in de donkere dagen voor Kerstmis. We weten, dat de wereld alleen kunstlicht heeft. Ze heeft wel de klok, het getuigenis van het grote Licht gehoord, maar ze weet niet, waar de klepel van dit getuigenis hangt. Veel leed en ellende wordt gecamoufleerd met kunstlicht. De grauwe werkelijkheid van ziekte, dood, werkeloosheid, conflictsituaties in gezin en maatschappij, doemdenken, ja van de totale verlorenheid van de mens wordt verborgen achter het kunstlicht. Kunstlicht is schijn, hoe romantisch alles ook lijkt. Deze schijn bedriegt: immers over enkele dagen zal de rauwe werkelijkheid weer terugkeren. Het kunstlicht openbaart slechts, dat wat de mens aan licht maakt surrogaat is. De echtheid ontbreekt helaas.
Als je het licht aan de hemellichamen ziet, dan is dat authentiek. Geen kunstlicht kan daar tegenop. Dat komt, omdat alles, wat God doet echt is. Zijn werken zijn immers volmaakt. De zon doet op een stralende dag de stemming van een mens, hoe goddeloos hij ook is, veranderen. Dat is nog de vaderlijke goedheid van God. Hij doet immers de zon schijnen over bozen en goeden. Nog veel meer is de verschijning van Christus in deze wereld. Hij straalt meer dan duizend zonnen!
Licht in de schepping
Het Licht van het Kerstfeest is niet een romantische aangelegenheid, maar heeft wel een zeer schriftuurlijke basis. Het licht straalt in de duisternis. Dat heeft de Heere al geopenbaard in Zijn schepping. Het is jammer, dat veel theologische publicaties God meer beschrijven als een duistere vraag dan als een verlichtend antwoord op de diepste levensvragen.
Hetzelfde vinden we op huisbezoek, als bijna in alle geledingen van de kerk vaak meer gesproken wordt over de verborgen wil van God, dan over de dingen die helder en duidelijk zijn; vanuit de Lichtbron de Bijbel zelf. De diepste oorzaak van dit alles is, dat de mens zelf verduisterd is van verstand door de vorst der duisternis, die in kerk en samenleving overal duisternis zaait, die nu eens door middel van valse drogredenen, dan weer door spot het licht van het Woord Gods probeert te verduisteren. God is echter een licht en daarom kan Zijn Woord niet anders dan licht zijn! Dat stellen we al op grond van de eerste bladzijde van de Bijbel. Immers terwijl duisternis op de afgrond lag (Gen. 1:2), heeft God het licht geschapen. Wij hebben middelen nodig om licht in de duisternis te maken, maar de Heere heeft zelfs daarvoor geen middel nodig. Hij spreekt en het is er. Hij is ook Zelf het Licht! Daarom moet de duisternis wel verdwijnen, waar Hij als het Licht verschijnt. Geen zon, maan en sterren waren er en toch was er Licht! Op de vierde dag, het midden of het begin van de tweede helft van de scheppingsweek werden die pas geschapen..Dat wil nu accentueren, dat de werken van God in de schepping in het licht en niet in de duisternis tot stand zijn gebracht. Niets is in de duisternis of op duistere wijze voltooid. Daardoor kan er volgens de Bijbel geen duisternis, geen kwaad aan de schepping van God kleven. Daarom was het leven van Adam en Eva licht door de lichtende en zegenende gemeenschap van de drieënige God. Aanschijn heeft immers vrolijkheid en licht!
Hoe schril steekt de duisternis van de zonde af tegen de achtergrond van de lichtende gemeenschap van God. Door de zonde wordt de schepping ontluisterd en wordt de donkere nacht over de schepping ingeroepen. Adam en Eva verborgen zich, ze zochten de duisternis op buiten God, in het struikgewas. Zoals kinderen tegenover hun ouders vaak de schuld niet willen bekennen, zo verborgen de eerste mensen ook hun schuld, terwijl hun geweten tegen hen getuigde. Daarom was er bij hun verantwoording alleen een duistere argumentering over: Geen zelfverwijt, maar God, de naaste en de duivel krijgt de schuld. Door de zonde leeft de mens in duistere raadsels voort. De duistere vragen over God zijn eigenlijk gesteld door het eerste mensenpaar in het paradijs, toen ze God beschuldigden. Daar ligt ten diepste het begin van alle duistere vraagstellingen. Zo gaat de mens dolend en dwalend over deze aarde. Hij is zijn God kwijt; daarom blijft er een donkere nacht over.
Licht in de duisternis
In een donkere nacht kun je toch bij helder weer veel sterren ontwaren. De sterren flonkeren als vele lichtpuntjes aan het firmament. Elke ster laat zien, dat er licht is. De morgenster kondigt in de vroege morgen de nieuwe dag aan. Zo kondigen de profetieën in het Oude Testament in de nacht der zonde het Licht aan, dat komt in de Heere Jezus Christus, zoals sterren flonkeren in de nacht. Zo zeker als de nacht in de dag verandert, zo zeker is de vervulling van de beloften Gods. Naarmate de dag van de geboorte van Christus dichterbij komt, zie je ook dat de profetieën al duidelijker als een morgenster de nieuwe dag van Christus' geboorte aankondigen. Zo verschijnt Christus als de blinkende morgenster in de nacht van verlorenheid. Politiek is in de tijd van het Romeinse rijk de toekomst allerminst rooskleurig. Er is veel kracht nodig om het rijk bijeen te houden. Ook het Joodse volk is innerlijk verdeeld, politiek en ook godsdienstig . En toch is er geprofeteerd door Jesaja van het grote Licht dat verschijnt. Zo heerlijk waren die profetieën, dat het wel leek alsof de Messias al geboren was, zodat de duisternis in een ogenblik verdwijnt en alles licht wordt. Dat wordt inderdaad in Christus heerlijk vervuld, zoals de profeten voorzegd hebben.
Kort voor de geboorte van Christus getuigt Zacharias van de Opgang uit de hoogte, die verschijnt aan mensen die in de duisternis van de dood verkeren. In Efratha's velden breekt de hemel open en wordt in hemelse pracht de geboorte van Christus aangekondigd. Letterlijk midden in de nacht, terwijl ook de wereld rondom nacht is. Niet alleen de engelen in Efratha, maar ook de natuur doet mee om deze geboorte aan te kondigen; de ster in het oosten doet de wijzen naar Bethlehem gaan om de Koning der koningen te aanbidden.
De heiden Bileam heeft ongewild al geprofeteerd van de Ster, die in Jakob zou opgaan. Zo worden Jood en Heiden voor en na de geboorte al betrokken bij dit Licht. Simeon belijdt, dat dit Kind tot verlichting der heidenen is. Zij, die Christus aanbaden, zagen hun nacht veranderen als in een ogenblik in de dag, omdat door dit Licht de duisternis der zonde verdreven werd. Dit Licht zal heerlijk stralen in de overwinning, die Christus behaalt op de vorst der duisternis. Na de nacht van Godverlatenheid volgt de Paasmorgen, die met stralen overgoten is: De Paasvorst overwint dood, hel en graf. De duisternis is door dit Licht verdreven. Lichtende engelen verdrijven de aardse machten, die het Licht in de duisternis zouden moeten houden.
Licht in de duisternis tot voleinding van de wereld
Niet minder straalt het Licht met Pinksteren, als de Heilige Geest door Christus uitgestort, zich openbaart tot verlichting. Tongen als van vuur worden zichtbaar. Het vuur straalt een lichtglans van zich uit en is voor iedereen zichtbaar. Zo maakt Christus als het Licht der wereld de Gemeente Gods tot een lichtend licht, door het vuur van de Heilige Geest. Zo worden Kerstfeest en Pinksteren nauw met elkaar verbonden.
Zo schijnt het Licht in de duisternis, krachtig en levenwekkend. De duisternis begrijpt het niet. Overal, in kerk en samenleving zie je duisternis. En toch, we mogen in plaats van 'de duisternis begrijpt het niet', ook vertalen 'de duisternis overweldigt het niet'. Duisternis kan niet tegen licht op.
Er is veel vaagheid in het geestelijk leven, zodat de scherpe grenzen tussen licht en duisternis vervagen. Wat is de oorzaak hiervan? Als je een vliegreis maakt, dan zie je bij het aanbreken van de morgen aan de ene kant de nacht, aan de andere kant het daglicht. Dat ontwaar je alleen op flinke hoogte. Zo is het ook in het geloof: hoe dichter we bij de Heere leven, hoe meer het geloof op de hoge God is gericht, des te meer gaan we het onderscheid van licht en duisternis zien.
Als het licht is geworden, zie je pas het verschil met de duisternis. Dat heeft Simeon in het geloof beleden en eveneens Zacharias met vele anderen. Als we tot dat licht komen, gaan we nog meer licht ontdekken.
Dat Licht heeft door tweeëenheid van Woord en Geest ook een ontdekkende functie. We ontdekken niet alleen wie God is, maar ook, wie we zelf zijn.
Als een moeder in de kamer alles keurig heeft schoongemaakt, dan zie je toch nog in de stralen van de zon stofjes bewegen! Zo is het ook in het geloof: Hoe meer Licht we in Christus zien, des te meer stoffen van ongerechtigheid we bij onszelf ontdekken.
Het is een troost dat dit Licht blijft tot het einde van de wereld. De Heilige Geest voleindigt het werk van Christus. Voor de schepping broedde Hij op de wateren en God sprak en het werd licht! Zo handelt Christus ook in de herschepping. Zijn Geest maakt de chaos tot Licht. Dode zondaren ontwaken en Christus licht over hen door de Geestkracht van het Woord!
In de donkerheid der tijden wil Christus nog door Zijn licht zondaren verlichten, ontdekkend en Zich openbarend. De Bijbel, Gods Woord, getuigt van dit Licht. In dat Licht is het leven.
Wonderlijk, de Bijbel begint met het Licht in de schepping; wordt bevestigd in het Licht der wereld Gods Zoon Zelf en eindigt met het Licht van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. Door de duisternis heen komt Gods Kerk in het eeuwige Licht van de drieënige God om altijd bij Hem te zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1982
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1982
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's