De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

11 minuten leestijd

Jeugd en maatschappij

Hoe helpen wij jonge mensen in deze tijd? Dat is de vraag die dr. R. H. Bremmer stelt in een artikel in het Gereformeerd Kerkblad van de vrijgemaakt Geref. Kerken in Overijssel, Gelderland, Utrecht en Noord-Holland. Bremmer wijst op het toenemend aantal zelfdodingen in de jongerenwereld. Wat is de oorzaak van deze nood in het leven van vele als 'normaal' te boek staande jongeren? Bremmer citeert Lea Dasberg's rede 'Hulde aan de hoop'.

'De oorzaak? Ze noemt er allerlei: ontwrichte gezinnen, het moeten kiezen tussen vader of moeder bij huwelijksscheiding, kindermishandeling, onderdrukte sexualiteit, schoolconflicten. Ze schrijft: dat zijn oorzaken die eigenlijk helemaal niet nieuw zijn. Alleen de frequentie, het zo vaak voorkomen, is iets geheel nieuws. En ze schrijft dan, ik citeer letterlijk: "Wij vrezen dat de toename vooral te wijten is aan het feit dat de wereld op kinderen als zinloos en perspectiefloos overkomt". Het kon wel eens zijn, dat ze daarmee het hart van de zaak heeft geraakt. Dan komt de volgende vraag: hoe komt dat? Komt de samenleving jongeren juist niet op alle mogelijke manieren tegemoet? Is er juist niet de sterke tendens om wat jongeren doen niet te bekritiseren maar goed te vinden? Men heeft daarvoor in Amerika het woord ''permissive society" bedacht: permissieve maatschappij. Dat wil zeggen: een samenleving waarin alles goed gevonden wordt wat vooral jongeren doen. Ik denk b.v. aan de manier waarop velen vorm geven aan hun "relatie" - wat een naar nivellerend woord is dat eigenlijk - b.v. door in plaats van te trouwen samen te leven. Er is meer te noemen. Ik denk aan het legaliseren van het gebruik van soft drugs. Men meent oprecht daardoor het gebruik van hard drugs af te remmen.

Helpen wij nu jongeren door deze permissieve maatschappij te bevorderen? Ik denk nog eens aan de oorzaken die Lea Dasberg noemde voor het .toenemen van het aantal gevallen van zelfdoding. Hangen die juist niet samen met de permissieve maatschappij? Ligt daar de oorzaak dat de wereld aan jongeren zo zinloos en perspectiefloos overkomt?

Onlangs heeft dr. G. van Leeuwen er op gewezen dat de wortels van de permissieve maatschappij liggen in cynisme en relativisme. Als je geen normen aan de jongeren meegeeft in je opvoeding, wijken de wanden zegt hij, en is alle gevoel van geborgenheid weg. Heeft, zo zou ik willen vragen, de christelijke kerk juist in deze tijd niet de roeping de jongeren de weg naar de geborgenheid in de normen te wijzen, de normen waarvoor de christelijke kerk alle eeuwen - zij het met vallen en opstaan - heeft gestaan. In het onnavolgbaar mooie bericht van de schepping van de eerste mensen brengt God Eva zelf tot Adam. Deed God dat als één uit de vele vormen van relaties die Hij voor zijn mensen achter de hand had? Deed Hij dat voor een poosje, omdat ze nog niet helemaal zeker van elkaar waren? Dat klinkt misschien wat vreemd maar het kan duidelijk maken wat Hij bedoelde. In het Johannesevangelie zegt Jezus: Ik ben de deur. Een deur is er om erdoor naar binnen te gaan. Op dit punt is het evangelie beslist niet permissief. Er is maar één deur, er is geen alternatief. Wie door die deur in-en uitgaat zal weide vinden zegt Jezus. Dat betekent: zo alleen komt de wereld niet op jou over als zinloos en perspectiefloos. Dat is precies het tegenovergestelde van 't cynisme en van 't relativisme in de permissieve maatschappij.

Hoe wij jongeren in deze tijd helpen? Ik denk door ze die deur te wijzen en de weide die er achter ligt. Dan komen de normen waar de christelijke kerk - nogmaals met vallen en opstaan - voor staat, niet over als autoritaire bedenksels maar als het zachte juk en de lichte last van Jezus Christus. Heere God, mogen wij bidden, wilt u alstublieft allen die met jongeren omgaan, helpen om ze de weg te wijzen naar die deur. En ontferm u over al die jonge mensen.'

De pastorale toonzetting van Bremmer's artikel is belangrijk. Juist in een tijd waarin mensen hunkeren naar contact en geborgenheid, naar een perspectief ook in hun leven. Het is natuurlijk gevaarlijk te spreken over dé jeugd in onze tijd. Immers voor men er erg in heeft, is men aan het generaliseren. Bovendien is er de eeuwen door een jeugdproblematiek geweest. Niettemin ontslaat ons dat niet van de roeping om er erg in te hebben wat er in deze tijd gaande is. Dat gaat ook de jongeren van onze gemeenten niet voorbij. Hoe helpen we hen in hun vragen? Ik denk dat een bijbels pastoraat dat dicht bij de Schrift blijft en dat de vragen van de jonge mens van nu verstaat belangrijk is. En ik denk niet alleen aan kerk, school, jongerenclub. Ook het gezin komt dan in het vizier. Wat dragen we over en wat leven we voor? Van welke kantje het ook benadert, je stuit steeds weer op de bijbelse notie van het herderschap. Een herderschap in de navolging van de goede Herder, Jezus Christus.

Helpen... op welke wijze?

In Hervormd Nederland van 15 jan. troffen we een uitvoerig vraaggesprek aan met prof. dr. H. M. Kuitert. Hervormd Nederland introduceert hem als volgt: eens was Kuitert om zijn theologische standpunten schietschijf van behoudenden, nu roepen deze zelfde mensen hem als hun getuige aan. Ik dacht dat dat nogal overtrokken was. Ik kom het namelijk nergens tegen. Wel is het een feit dat Kuitert de laatste tijd nogal eens protest aantekent tegen tendenzen van het IKV, de Christenen voor het socialisme enz. Maar er zou wel eens meer samenhang kunnen zijn tussen zijn theologische opvattingen, b.v. inzake het Schriftberoep in de ethiek, en zijn opstelling ten aanzien van de bewapening, dan velen denken. Maar dat kan Kuitert zelf het beste duidelijk maken. In dit gesprek komen uiteraard ook zaken als bewapening, politiek, hulp aan de armen etc. aan de orde. Kuitert is tegenstander van het harde conflict zoals dat door sommigen bepleit wordt. Hij vreest daarvan afbraak van de samenleving en ondergraving van de democratie. Juist de kerk moet als het gaat om politieke zaken niet de kant op van acties, conflict en machtspolitiek. Als de interviewer Kuitert de vraagt stelt, of het toch niet gaat om een keus voor de onderliggende, waar men in de kerk pal voor moet staan, ziet Kui tert hier ideologische gevaren.

'Gaat het niet veel meer om een keuze voor de onderliggende, de ontrechte. Dat is toch niet de keuze voor een ideologie?

"Dat is de keuze voor een, ideologie. Ik kan me niet voorstellen, dat christenen tegen steun aan arme bevolkingsgroepen zijn. Het vat waarin dat moet worden gegoten, is tot nog toe een politiek vat, een vat voor een bepaalde politieke partij. En zo wordt de hele dienst aan de armen aan de man gebracht. Ik zie wel in, dat ook dat moet, natuurlijk. Maar het kost mij toch niks om op de PSP te stemmen, of PPR, PvdA, of op welke andere partij ook, die dan zo graag voor de armen opkomt."

Het lijkt erop, of u zegt: de kerken moeten dan maar de armen helpen, in de vorm van liefdadigheid. Zonder te kiezen voor bevrijdingsbewegingen.

"Dat is precies wat ik bedoel. Natuurlijk kies ik voor bevrijdingsbewegingen. Maar wat kost mij dat? Dat kost mij toch niets meer dan stemmen op de goede partij, of verbaal geweld maken. Ik maak mee, dat mensen op vergaderingen een pleidooi voeren voor de theologie van de armen, of voor een strategie die de armen moet bijstaan, maar wat doen deze mensen er anders aan dan dat met veel woorden indringend zeggen en op een bepaalde politieke partij stemmen. Ik vind dat dat echt moet gebeuren. Ik vind, datje op een partij moet stemmen die dit soort dingen aan de orde stelt. Maar als je werkelijk zo verschrikkelijk voor de armen bent, zou je meer moeten doen dan dat. Het wordt me te goedkoop op basis hiervan elkaar aan te pakken of te veroordelen. Ik heb op de synode eens gezegd, dat de mensen die zo voor de armen zijn zich ongeloofwaardig maken door het alleen maar in deze verbale termen te uiten. Laten ze hun dure huizen, ze hebben netzo'n duur huis als ik, verkopen en aan de armen geven, zoals het evangelie zegt en daar heengaan en structureel meewerken aan verandering. Zolang dat niet gebeurt, komt het op mij over als iemand die in een auto mij voorbij rijdt en mij al rijdende toeroept, dat ik in godsnaam de auto moet laten staan. Dat maakt het werkelijk ongeloofwaardig. Zo bedoel ik het."

Wat zijn de armen ermee geholpen als wij allemaal onze huizen verkopen en naar de derde wereld verhuizen?

"Misschien niets, maar dan vind ik, dat we veel bescheidener moeten praten. Dat is mijn punt. De woorden en daden liggen zo ver uit elkaar, datje óf je woorden wat bescheidener moet maken, óf je daden wat groter. Anders is de kloof tussen die dure woorden en dat wat wij doen mij veel te groot."

Als je in de derde wereld komt, smeken de mensen je om thuis te proberen regering en publieke opinie op een ander spoor te krijgen, om structurele wijzigingen tot stand te brengen.

"Ik vind, dat wij ons ten onrechte hebben laten ontfutselen, dat er ook nog liefdadigheid is. Dat er talloze situaties zijn waarin mensen doodgaan en verkommeren waar politiek geen eer mee te behalen is en wat dus blijft liggen in de goot, terwijl juist daar de kerken iets zouden kunnen doen. Dat zou uniek zijn voor de kerk, maar dat gebeurt niet. Er zijn genoeg politieke partijen in Nederland die overal achter de armen aanzitten om te proberen structurele veranderingen te bewerkstelligen. Er zijn echter weinig instanties om in actie te komen waar structureel niets te doen is, of waar je geen vinger meer achter krijgt, of waar niemand meer eer aan kan behalen. Ik vind, dat dat er ook bijhoort, dat moet je je niet laten ontfutselen."

U pleit voor een tweesporenbeleid. Structurele veranderingen met daarnaast mensen die het slachtoffer zijn van onrechtvaardige structuren gewoon helpen.

"Sterker dan dat. Ik pleit niet alleen voor een tweesporenbeleid, ik zou ook zeggen, dat het structurele beleid minder oplevert dan je had gehoopt en gedacht. Dus als u vraagt ben je conservatiever geworden dan antwoord ik: nee, maar wel wat wijzer. Ik heb mijn theorie door de praxis gedwongen bijgesteld. Ik ben niet in deze wereld om er een soort ideaal op na te houden, maar om er wat aan te doen. Dat is een nuchtere bezigheid. Als ik met mijn idealen maak dat er niets gebeurt, maar door een klein beetje nuchterder te worden ervoor zorg dat er wel wat gebeurt, dan kies ik voor het laatste. Je mag ontzettend blij zijn, zo wil ik het wel formuleren, als je een kleine marge kunt veroveren waarin de dingen beter gaan dan ze gingen."

Hier zijn belangrijke zaken in het geding. Vooreerst schemert op de achtergrond door de verhouding tussen persoon en structuur. Kennelijk is de tijd toch voorbij dat structuren als de grote boosdoeners beschouwd werden, waarbij men zeer optimistisch hoopte dat met structuurverbeteringen de nieuwe maatschappij zich als vanzelf presenteerde. We zullen natuurlijk niet blind mogen zijn voor het onrecht in allerlei foute structuren. Maar tegelijk bedenken dat het mensen zijn die hen vorm geven. Bekering begint daar: in het hart van de mens.

Verder is het goed dat we juist ten aanzien van hulpverlening en welzijnswerk ons bescheiden opstellen. Een kleine marge van verbeteringen is niet niets. De christen-werker behoeft niet bij de pakken neer te zitten. Hij mag werken aan welzijn in het geloof dat God dit werk wil zegenen. Maar hij weet ook van het relatieve. Belangrijk vind ik voorts Kuitert's positieve benadering van de veel gesmade liefdadigheid. Natuurlijk, er zijn vormen van liefdadigheid die ethisch bezien bedenkelijk zijn. Maar wanneer de barmhartigheid in de samenleving verdwijnt en alle aandacht gevraagd wordt voor een verpolitiseerde gerechtigheid, verkommeren mensen. Het diakonaat heeft in onze tijd vele mogelijkheden bescheiden en zinvol te helpen waar niemand helpt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 januari 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 januari 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's