Globaal bekeken
Een lezer uit Alkmaar stuurde ons een krantenbericht, waarin stond dat het personeel van het Medisch Centrum Alkmaar, ontstaan uit een fusie van het neutrale Centraal Ziekenhuis en het Rooms-Katholieke Sint Elisabeth ziekenhuis, geen medewerking behoeft te verlenen aan abortus-ingrepen. Het ziekenhuis krijgt de 'speciale vergunning' voor het verrichten van abortussen. Gezegd wordt: 'Niet dat we van het MCA een abortuskliniek willen maken. We vragen de verguning aan om onze huidige activiteiten op dit gebied te kunnen voortzetten'. Maar goed, de principieel bezwaarden zijn vrij van medewerking.
De rollen worden kennelijk nu omgekeerd. Na de strijd tegen de legalisering van de abortus moet nu kennelijk strijd worden gevoerd om vrijstelling te krijgen van medewerking. In dit verband is het goed te wijzen op een uitermate instructieve, uitvoerige brochure van de 'Landelijke Werkgroep Gewetensbezwaarden' (secretariaat Meerveld 38, 3085 PH Rotterdam). Uit deze brochure lichten we terzake nog twee artikelen, het eerste uit de CAO voor het ziekenhuiswezen (art. 6), het tweede uit de wet Afbreking Zwangerschap (art. 20).
'De werknemer is verplicht de overeengekomen werkzaamheden naar zijn beste vermogen te verrichten en zich daarbij te gedragen naar de aanwijzingen door of vanwege de werkgever gegeven, zulks met inachtneming van hetgeen is neergelegd in een code, zoals deze per beroepsgroep is geformuleerd en door partijen bij deze CAO bekrachtigd.
Niettemin heeft de werknemer het recht op grond van ernstige gewetensbezwaren het uitvoeren van bepaalde opdrachten te weigeren.
Niemand is verplicht een vrouw een behandeling, gericht op het afbreken van zwangerschap, te geven dan wel daaraan medewerking te verlenen. Indien de geneeskundige gemoedsbezwaren koestert tegen het verrichten of doen verrichten van de behandeling, stelt hij de vrouw onverwijld nadat zij zich tot hem heeft gewend, daarvan in kennis. Het eerste lid ontheft een geneeskundige niet van de verplichting om desgevraagd en indien de vrouw daartoe toestemming heeft verleend inlichtingen omtrent de toestand van de vrouw te geven aan andere geneeskundigen.'
Wie deze brochure bestellen wil: voor ƒ 7, 50 is deze verkrijgbaar op bovengenoemd adres. De brochure heet 'Abortus provocatus en de Gewetensbezwaarden in de ziekenhuizen'.
***
Libanon - hoop tussen de ruïnes? Dit staat boven een informatiebrief van het hervormd werelddiakonaat. Aan het slot ervan is een citaat opgenomen uit een brief van ds. Fuad M. Nseir van de Evangelische Blindenschool in Beiroet. Hier volgt het citaat, waaruit hoop straalt door de barre nood heen, christelijke hoop.
'De Heere heeft grote dingen bij ons gedaan, wij waren verheugd (Ps. 126:3). Met deze woorden prijzen wij onze Heere iedere dag, nadat wij door de zeer zware storm van de laatste maanden zijn heengegaan. Wij ervoeren Zijn goedheid, in het bijzonder de dagen van beleg en gevechten. Wij voelden de nabijheid en bescherming, de liefde en genegenheid van de Heere toen wij onze voormalige blinde leerlingen in hun huizen gingen opzoeken om hen te voorzien van wat zij nodig hadden, hen te bemoedigen, hen naar ziekenhuizen te brengen en medicijnen te geven. De situatie is nu beter in Beiroet en wij hebben op 11 november de school weer kunnen openen. Er zijn 7 nieuwe blinden gekomen. Sommige studenten konden nog niet komen, omdat het gebied waar zij wonen nog onveilig is. Er zijn Palestijnen, Syriërs, Libanezen, Jordaniërs en een Irakees onder onze leerlingen. Wij prijzen de Heere dat er geen ruzie of twist is en dat wij leven als een gezin van christenen.'
***
Aktie 41-plus. Achter deze aanduiding zit bezorgdheid over het lot van de christen Turken in Nederland. Gevraagd wordt brieven te schrijven aan het ministerie van Justitie. Hier volgt een schrijven waarin de bedoelingen worden verwoord; getiteld 'Vluchtelingen'.
'Alles moeten ze achterlaten. Oorlogen, natuurrampen en vervolgingen verdrijven hen uit het land waar ze opgroeiden en wilden leven. Soms komen er duizenden van een volk in het buurland aan. Andere volken verspreiden zich over de hele wereld. Dat laatste gebeurde ook met de Armenen en de Syrisch-Orthodoxen, bij ons beter bekend als de Turkse christenen. Na de volkerenmoord in 1915-1916, waarbij ongeveer 1, 5 miljoen Armenen en duizenden Syrisch-Orthodoxen omkwamen, ontvluchtten ze massaal Turkije en vestigden zich in alle mogelijke (christelijke) landen, in Noord-Amerika, Australië en heel Europa.
Stuur hen niet terug!
Ook in Nederland. Vergeleken bij andere landen echter niet zo heel veel. Ze hoopten hier een nieuw bestaan te kunnen opbouwen. Maar dat gaat niet zomaar. Slechts 20% van de vluchtelingen wordt toegelaten. Ze wachten lang. Na een paar jaar wordt hen dan verteld dat ze weer weg moeten, naar een ander land of naar Turkije, waar ze geen toekomst meer hebben. Dat is afschuwelijk, zeker als je hier al lang woont. Door de visumplicht voor Turken zijn er sinds 1 nov. 1980 nauwelijks nieuwe Turkse christenen in ons land gekomen. De gemiddelde wachttijd is daarom al 3, 5 jaar! Geen argument om hen toe te laten, vindt de huidige staatssecretaris mw. Korte-van Hemel (CDA). Misschien lijkt het dat ook niet vanuit je kantoor uit Den Haag. Anders wordt het, als je de mensen kent. Ze hebben het nog niet verwerkt, denken er nog dagelijks aan. En dan altijd de angst om weer terug te moeten naar dat land, waar ze niet vrij hun geloof konden belijden. Vervolgens het schuilen in kerken, die gelukkig hun deuren wijd openzetten voor hun broeders en zusters. De spanning en de depressieve sfeer in de kerken. De huilbuien 's nachts. Dan weer naar huis; weer wachten. Sinds de laatste "kerkenaktie" alweer 2 jaar.
Zo lang onzekerheid, spanning en angst laat diepe sporen achter; niet alleen psychisch, worden de mensen ziek: ook lichamelijk. De geestelijke kramp uit zich in allerlei kiacliten: slaapstoornissen, nachtmerries, hoofdpijn, maagklachten, rugklachten, hyperventilatie, duizeligheid, hoge bloeddruk en hartkloppingen. In bijna ieder gezin komen een aantal van deze klachten voor. Hun lijdensweg is lang; met de vlucht uit Turkije was het niet afgelopen.
Door de hulp en de aktiviteiten die er van alle kanten voor hen kwamen, van vrijwilligers, van de kerken, van de politieke partijen (dhr. Leerling b.v. liet herhaaldelijk zijn stem hierover horen) heeft nu toch een groot gedeelte van de groep (ongeveer 40 Armenen emigreerden vorig jaar naar Canada) een verblijfsvergunning gekregen. Helaas niet omdat ze als vluchteling erkend werden, maar omdat er medische en sociale redenen voor waren. Mensen die ziek zijn geworden door de langdurige psychische spanningen kun je niet meer wegsturen of laten emigreren. Kinderen die vloeiend Nederlands spreken en, hoewel meestal één of twee klassen lager zittend dan hun leeftijdsgenootjes, zich uitstekend thuisvoelend op de Nederlandse scholen, kun je niet meer wegsturen (dat zou ook nog meer achterstand op school betekenen) zonder dat ze psychisch helemaal uit hun evenwicht geraken. Door de lange wachttijden, voor sommigen zelfs 5 jaar, heeft iedereen zich aan Nederland gehecht Ze hebben de taal geleerd, de kultuur kennen ze. Maar vooral hebben ze hier ervaren wat vrijheid is: naar de kerk gaan zonder geslagen of met stenen bekogeld te worden; je wordt hier niet bestolen, je dochters worden hier niet ontvoerd en gedwongen moslim te worden, je hoeft hier geen sluier om, op school wordt je niet getreiterd, niet achtergesteld, en de jonge mannen ontvluchten de diensttijd waarin ze geen wapens mogen dragen, de vuilste karweitjes opknappen en soms zelfs met de besnijdenis, het uiterlijke kenmerk van een moslim, bedreigd worden. Ze zijn van Nederland gaan houden en beschouwen het als hun tweede vaderland. Voor velen zal het dat ook worden. Maar niet voor allemaal, zegt Justitie. In januari kwam er voor ongeveer 250 personen de zgn. "restgroep", een brief. Ze konden kiezen: emigreren of: terug naar Turkije. Heel willekeurig werden deze gezinnen uitgezocht. Er werd niet gelet op nauwe familiebanden (die heel hecht zijn bij de Turkse christenen), op schoolgaande kinderen, op de medische situaties, op het aantal verblijfsjaren in Nederland. Er is een jongen van wie al 20 familieleden in Amsterdam een verblijfsvergunning hebben. Hij alleen moet emigreren. Er is een man die zulke hartklachten heeft dat de specialist verklaarde dat een uitwijzing zijn dood kon betekenen. Hij heeft sinds kort een uitwijzing. Er is een gezin dat drie schoolgaande kinderen heeft (één van hen heeft 's nachts nog nachtmerries), dat al meer dan 4 jaar in Nederland is, waarvan de moeder lichamelijk helemaal verzwakt is door de psychische spanningen en waarvan bijna alle naaste familieleden een verblijfsvergunning in Nederland hebben. Ook zij moeten emigreren. En ga zo maar door. Allemaal zijn ze er even ellendig aan toe; na de laatste brief zijn ze wanhopig. De één huilt, de ander zit verlamd op een stoel te staren. Bijna iedereen heeft een verblijfsvergunning; zij moeten weg. Waarom? Waarom? Ze vragen het. Er is geen antwoord. En ding is duidelijk: het zal vreselijk moeilijk zijn om dit laatste besluit terug te draaien. Nederland lijkt de lijdensweg van deze christenen alleen maar te vergroten. Gelukkig gebeurde er op 8 febr. 1983 iets hoopvols: een door de RPF ingediende motie werd aangenomen door de kamer met 149 tegen 1 (CP) stem. In deze motie werd erop aangedrongen aan de Turkse christenen zo snel mogelijk zekerheid te verschaffen over hun toekomst (een emigratieprocedure duurt ook al snel een jaar of langer). Het is te hopen dat het aannemen van deze motie een daadwerkelijke versnelling zal inhouden.
Waarschijnlijk wist u dit alles niet. Misschien schrikt u er wel van: zoveel leed van vluchtelingen in eigen land. Hopelijk denkt u ook: Wat kan ik daaraan doen? Nederland is gelukkig een democratisch land. Dat betekent dat u niet machteloos staat. U kunt uw medechristenen helpen. Het is ongelooflijk belangrijk brieven te schrijven naar het Ministerie van Justitie. Alleen door talloze brieven zal het de staatssecretaris duidelijk worden dat dit niet kan, niet mag gebeuren. Het kost u misschien één of twee uur van uw vrije tijd om een brief te schrijven. Maar het kan het eind betekenen van een enorme brok leed van 250 vluchtelingen. Het is ook heel belangrijk dat u voor hen bidt. Hoe vaak hebt u al voor deze Turkse christenen gebeden? Ze zitten diep in nood. Na al die jaren lijkt de situatie voor hen, vooral in hun eigen ogen, uitzichtloos. Bij wie kunt u beter hun problemen brengen dan bij uw Vader Die ook hun Vader is? Ze hebben Zijn hulp en kracht hard nodig.
Wat zou u in de brief kunnen schrijven?
- Dat u gehoord hebt van de "restgroep" van de Turkse christenen;
- Wat (in het kort) hun situatie is, waarom u emigratie, en zeker terugkeer naar Turkije, niet goed (onmenselijk) vindt;
- Aandringen op een snelle verblijfsvergunning. (Een officiële reden om vluchtelingen toe te laten is: "klemmende redenen van humanitaire aard". Daar kunt u een beroep op doen.)
De brief, liefst in eigen woorden geschreven, kunt u richten aan: Staatssecretaris mevr. Korte-van Hemel, p/a Ministerie van Justitie, Schedeldoekshaven 100, 2511 EH Den Haag.
Het zou fijn zijn als er ook brieven gestuurd werden door plaatselijke en regionale SGP-, RPF-en CDA-besturen. Voor ons als aktiegroep voor deze Turkse christenen is het belangrijk om te weten hoeveel brieven er gestuurd worden. Deelt u ons dus vooral mee als u schrijft. Een kort brief kaartje of telefoontje naar: aktie 41-plus, Amstelveld 10, 1017 JD Amsterdam, tel.:020-247165 is genoeg. Hier kunt u ook allerlei verdere informatie over Turkse christenen krijgen. Namens 250 vluchtelingen hartelijk dank!'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 maart 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 maart 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's