De Nimbus
De zon sloeg uit een stuk geslepen glas / een schittering, die mij bijna verblindde;
De zon sloeg uit een stuk geslepen glas
een schittering, die mij bijna verblindde;
't was of een lichtfontein ontsprongen was
en elke kleur een uitweg zocht te vinden.
'k Bewoog mijn hoofd voorzichtig heen en weer,
en kleuren laaiden uit naar alle kanten;
't was als een uittocht van een hemels heir
- geruisloos en gezwind - van Godsgezanten.
Toen dacht ik: Als zo'n stuk onooglijk glas
zo'n schone glans te voorschijn weet te halen
alsof het door Gods hand ontstoken was,
hoe schoon moet Gods gedaante dan niet stralen!
En diep van binnen steeg een heimwee op
bij Hem te zijn, de Vader aller lichten,
en een gebed werd elke harteklop:
O, mag ik eens mijn ogen op U richten!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 maart 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 maart 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's