De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Rondom de begrafenis (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Rondom de begrafenis (2)

4 minuten leestijd

Ook onze rouw- en begrafenisgebruiken zullen het stempel hebben te dragen van Hem, Dié ons het leven gaf. Uit de zorg voor onze doden mag blijken: het geloof in de Levende.

Begraven of cremeren

Onlangs was er op de t.v. een programma van de IKON over begraven en cremeren. Het was een programma, waarin het getuigenis van de kerk en de bijbelse visie op begraven niet of nauwelijks doorklonk. De manier, waarop over de dood gesproken werd, was zó kil en zó zakelijk, datje er koud van werd. De beelden, die getoond werden van de 'verassing van de mens' waren schokkend. Maar het gaat er in deze artikelenserie niet om allerlei argumenten tégen crematie en vóór begraven te noemen. Ook al is het goed, om die regelmatig te herhalen, omdat crematie steeds meer gaat plaatsvinden. Naar mijn stellige overtuiging in strijd met het belbelse denken over de zorg voor ons lichaam. Het gaat er nu alleen maar om - volledigheidshalve - een grove historische lijn te laten zien.

Begraven, heel oud

De Hunnebedden (2000-1400 vóór Christus) zijn een teken, dat begraven in ons land een lange geschiedenis heeft. Ook al was deze gewoonte van begraven met veel heidendom en bijgeloof omgeven. Zo stelde men zich voor, dat de geest nog weleens naar het dode lichaam kon terugkeren. Bijvoorbeeld, als de begrafenisrituelen niet correct waren uitgevoerd. Volksgeloof en bijgeloof hebben in de loop der eeuwen allerlei fantasieën rond sterven en begraven geweven. Zo schijnt de nare uitdrukking 'je in je graf omdraaien' nog te stammen uit de tijd van de Hunnebedden. Men hield rekening met de mogelijkheid dat de geest alsnog (tijdelijk) naar het lichaam kon terugkeren.

Cremeren tot Karel de Grote

Mede uit angst voor 'de zwervende geesten van overledenen' kwam de gewoonte van het cremeren op. Men wilde zo snel mogelijk en zo radicaal mogelijk van iemand af zijn. De angst voor verborgen invloed van reeds gestorvenen speelde daarbij een grote rol. Onder invloed van de Romeinse legioenen en vooral na Karel de Grote, en Willibrord en Bonifatius werd met 'dit heidendom' gebroken. Cremeren werd verboden, want het was in strijd met het christelijk geloof. Allerlei heidense gewoonten bleven bestaan. Zoals het sluiten van de blinden (later: de gordijnen), opdat de geest van de overledene de weg terug niet zou kunnen vinden. Het driemaal rondom de begraafplaats trekken, vanuit dezelfde overweging. Het omdraaien van spiegels, opdat de overledene niet van zich zelf zal schrikken. Het stilzetten van de klok in huis, om de geest van de overledene rust te gunnen. Het bevestigen van een strobos aan het hek van een boerderij, als een teken: hier is de dood binnen gekomen. Het luiden van de kerkklok, om de geest op een afstand te houden. Voorzover deze gewoonten nu nog bestaan, hebben ze toch een andere betekenis gekregen. Het sluiten van de gordijnen, als een teken van rouw of van medeleven. Het luiden van de klok als een memento mori.

Begraven in de bijbel

Heel sterk leefde in Israël het besef, dat de dood straf is op de zonde (Gen. 2 : 17, 3 : 19). Daarom voltrok de begrafenis zich ook in grote eenvoud. In die eenvoud onderscheidde Israël zich van alle omliggende volken. Ook in de rouwgewoonten is de verootmoediging voor God terug te vinden. Het scheuren van (een klein gedeelte van) het opperkleed, het bestrooien van het hoofd met stof en as, het dragen van een apart kleed van ruwe stof (de 'saq'), het vasten. In al deze gebruiken werd het oneervolle, het smadelijke van de dood beleefd. Daarvoor heeft God de mens niet geschapen. Maar, als dan toch gebeurt - waarvoor God de mens niet heeft geschapen en waartoe de mens door eigen schuld zich heeft verlaagd - dat iemand sterft, dan was begraven (vaak al binnen één dag) geboden.

Een ezelsbegrafenis

Een uitdrukking, die ook onder ons nogal eens wordt gebruikt, als iemand een oneervolle begrafenis heeft gehad: en ezelsbegrafenis. De uitdrukking is ontleend aan Jer. 22 : 19. Het gaat daar over de slechte koning Jojakim. Deze prachtlievende vorst zal na zijn dood behandeld worden als een ezel, die onderweg sterft en aan de kant van de weg geworpen wordt. Zo luidt de moedige profetie van Jeremia. Het komt vaker in het Oude Testament voor. In Ezech. 39 : 14 worden zelfs aparte mensen aangesteld, om als doodgravers het land door te trekken, opdat nergens achteloos met de beenderen van mensen zal worden omgegaan. Van de rijke man uit de bekende gelijkenis lezen we nadrukkelijk, dat hij begraven is. Ik stel mij voor: veel bezoek, veel toespraken, veel bloemen. Van de arme Lazarus wordt niet eens zijn begrafenis vermeld. Had Lazarus een ezelsbegrafenis, zij het dan buiten eigen schuld? Hoe het ook zij: ook onze rouw- en begrafenisgebruiken zullen het stempel hebben te dragen van Hem, Dié ons het leven gaf. Uit de zorg voor onze doden mag blijken: het geloof in de Levende.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Rondom de begrafenis (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's