De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Dokkumer Wouden, kerkelijk en geestelijk

Bekijk het origineel

De Dokkumer Wouden, kerkelijk en geestelijk

Het koude hoge Noorden (4)

5 minuten leestijd

In de tijd, dat de opkomende 'verlichtingsgeest' meer en meer begon baan te breken, bleef er toch nog veel van het reformatorische erfgoed bewaard in conventikels en gezelschappen.

De vorige maal zagen wij hoezeer ook Friesland van de prediking van Reformatie en Nadere Reformatie is doordrenkt geweest. Nog lang werd in Friesland door de geslachten heen de nawerking hiervan gevonden. In de tijd, dat de opkomende 'verlichtingsgeest' (18e eeuw, de eeuw van de nienselijke rede en de deugdzame vrome mens) ook in Friesland meer en meer begon baan te breken, bleef er toch nog veel van het reformatorische erfgoed bewaard in conventikels en gezelschappen, overigens wel eens met het gevaar van allerlei uitwassen. Door heel Friesland heen vond men zulke gezelschappen, ook in de Dokkumer Wouden.

Conventikels

In die tijd stond in de combinatie van Dantumawoude, Driesum en Wouterswoude de verlichte ds. G. A. Abbring (1782-1798), een predikant, door de gemeente niet begeerd, maar verkozen door de grootgrondbezitters (floreenplichtigen). Deze had een gruwelijke hekel aan die conventikels in de gemeente, niet beseffend dat deze juist vanwege zijn prediking en theologische opvattingen waren opgekomen.

In 1788 dient ds. Abbring zelfs een klacht in over 'lieden die in zoogenaamde oefeningen zich tot leraars opwerpen, daar zooals men het noemt, teksten verklaren en toepassen, echter op zulk een erbarmelijke wijze, dat menschen die een verstandigen eerbied voor Gods Woord hebben, zig daarover ergeren en dat een geheel valsche bedorven smaak in de uitlegkunde en onbekookte bevattingen van den godsdienst licht-en bijgeloovigen worden ingeboezemd'. Maar ds. Abbring besefte niet, dat zijn kerkvolk a.h.w. het zout miste in 'de lichte spijze die dikwijls hun, al was 't ook in Dordtsche schotels, werd voorgezet. Zij hadden aan klanken niet genoeg, maar wilden waarheid en leven en hadden een woord, hoe eenvoudig ook, noodig, dat uit het hart kwam en het hart trof. Dat alles meenden ze nu te vinden in zoogenaamde conventikelen of oefeningen, waarbij dan de een of andere broeder voorging en het Woord verklaarde'.

Woelgeesten

De aanhangers van de oude rechtzinnigheid werden nu wel genoemd 'de woelgeesten onzer dagen'. Lastige lieden, die de Evangelische Gezangen afkeurden (in 1807 ingevoerd) omdat die ''te ruim'' zouden zijn. Ze hadden het maar over de 'uitverkorenen' en noemden een menigte van 'kenmerken ener genadestaat' op, waaraan men zich hebbe te beproeven. Donkerziende en zwaarmoedig riepen de woelgeesten alsmaar van ingeslopen verderf en gevaar der kerk. Zij spraken altijd van achteruitgang en zagen zo donker de toekomst in. Aldus de klacht van een zeker gastspreker voor de Ring Dokkum in 1836. Intussen hadden de 'woelgeesten' goed aangevoeld, dat er sedert het 'nieuwe licht' van de 18e eeuw een fundamentele wending in de prediking langzamerhand een feit was geworden. Het oude licht van Reformatie en Nadere Reformatie dreigde te worden uitgeblust.

Onbehagen

In grote delen van Friesland en met name rondom Dokkum was echter het verlangen naar de oude rechtzinnige prediking bij het kerkvolk sterk. Daarbij kwam er de verplichting (van de toen geldende staatsreglementen in de kerk) om in elke dienst tenminste één Gezang te zingen. Ook dit stichtte veel kwaad bloed. Met name Driesum en Wouterswoude zijn van meetaf zeer sterk tegen de Gezangen geweest. Ouderling Raap te Driesum riep op een ledenvergadering uit: 'Ik ben hard tegen de nieuwe Gezangen, omdat ze niét goed, niet wettig zijn en dat men ze niet voor godsdienstige Gezangen erkennen kan'. Maar hoezeer de gemeenten ook de oude rechtzinnige prediking begeerden, hoezeer men ook de Gezangen afwees, in veel gevallen bleef de prediking verlicht en liberaal, en het Gezang werd ondanks alle tegenzin toch opgegeven.

Als kerkvoogd Egbert Dirks Zijlstra te Wouterswoude tijdens het Gezang moest collecteren, ging hij met de kerkzak buiten wachten tot het Gezang was uitgezongen; dan kwam hij weer binnen. Voorzanger meester Beukenkamp stelde in 1876 voor de Gezangen maar weer af te schaffen. Dat lukte hem toen nog niet (2 jaar later maakte ds. P. J. Hopman er voorlopig een einde aan). Maar met opzet zong meester Beukenkamp de Psalmen voortaan vrij wat luider dan de Gezangen. Alles bij elkaar leefde er in menige waarheidslievende gemeente een groot onbehagen.

Hoe is dat nu te verklaren, dat de gemeenten in de kerk niet ontvingen wat men daarom in het gezelschap zocht? Een belangrijke oorzaak ligt in het zgn. 'floreenstelsel', een stelsel waarbij niet de belijdende lidmaten, maar de grotere grondbezitters (meestal liberale heren) in de kerk het stemrecht hadden. Pas in 1875 is dit oude stelsel in Friesland afgeschaft. Zo was het dus mogelijk, dat een bevindelijke gemeente door een liberale of evangelische predikant gediend werd.

Al deze dingen hebben toch wel een rol gespeeld bij de Afscheidingsbeweging van 1834, hoewel deze beweging over het algemeen in Friesland minder aansloeg dan later de Doleantie van 1886. Er was sinds 1840 wel een kleine Afgescheiden Gemeente te Wouterswoude (gesticht door ds. Tammo Foppens de Haan, voorheen Hervormd predikant van Ee), die echter leden trok uit wijde omgeving: Dokkum, Rinsumageest, Akkerwoude, Murmerwoude, Veenwouden, Zwaagwesteinde, zelfs uit Bergum en Oenkerk. De meerderheid bleef echter bij de plaatselijke Hervormde Gemeente, ondanks veel onbehagen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De Dokkumer Wouden, kerkelijk en geestelijk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's