De overwinning
'Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? God is het, Die rechtvaardig maakt. Wie is het, die verdoemt? Christus is het. Die gestorven is; ja, wat meer is. Die ook opgewekt is. Die ook ter rechterhand Gods is. Die ook voor ons bidt.' Rom. 8 : 33, 34
Als we deze verzen lezen, zou je zeggen, dat hier iemand aan het woord is, die de strijd te boven is. Er word immers van zekerheid gezongen. Toch lezen we in het vorige hoofdstuk nog van aanvechtingen in het leven van Paulus en roept hij het uit: 'Ik, ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?' Hoe is het dan toch mogelijk, dat dezelfde ellendige mens hier zo'n uitdagende en glorieuze lofzang uitjubelt? Hij ziet hier af van zichzelf en ziet op de grote Overwinnaar van de strijd. Die aan Zijn volk de zegen van de overwinning geven zal. Het geloof is gericht op de Heere Jezus Christus, Die gestorven is, ja, wat meer is. Die ook opgewekt is. Die ook ter rechterhand Gods is. Die ook voor ons bidt. Dat zijn de steunpunten van het Evangelie en daarop rust hij nu met het vertrouwen van zijn hart. Daarom kan hij deze uitdagende vragen stellen: Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? God is het. Die rechtvaardig maakt, wie is het, die verdoemt?
Het hele Evangelie wordt eigenlijk in het slot van deze tekst samengevat en vertrouwend op deze belofte van het Evangelie gaat Paulus af op het eindgericht. Zo kan het!
'Christus is het. Die gestorven is.' Hij heeft Zich om onzentwil in het gericht gesteld en alle ongerechtigheid heeft God op Hem doen aanlopen. Hij is in het oordeel Gods geweest en heeft de straf gedragen. Hij heeft al de zijnen in Zijn vernedering vertegenwoordigd. Gestorven om onze zonden. En dat is gebeurd. Als Hogepriester heeft Hij het volmaakte offer van Zijn leven gebracht en dat is genoeg voor een schuldige om door Hem tot God te gaan. Hij heeft de toegang tot Gods troon geopend. God heeft de zonde zo veroordeeld in het vlees door Hem in gelijkheid van ons zondig vlees te zenden, dat een tot Gods troon vluchtende zondaar door God om Christus' genoegdoening rechtvaardig wordt verklaard. In dat sterven van Christus ligt het volle heil, de volkomen zaligheid. Hij heeft een gerechtigheid aangebracht om mee te kunnen verschijnen in het eindgericht. En als Christus mij dan vertegenwoordigd heeft, als ik in Christus uitverkoren ben, wie zal dan nog beschuldiging inbrengen tegen mij? Als God mij om Christus' wil rechtvaardig verklaard heeft, wie zal mij dan nog kunnen verdoemen? De hoogste Rechter heeft dan toch vrijgesproken en dan moeten toch alle anderen zwijgen!
Daar is echter nog meer. Wij lezen het in onze tekst: 'Ja, wat meer is, Die ook opgewekt is'. Hij, Die Zich om mijnentwil in het gericht Gods gesteld heeft, is opgewekt. Hij heeft het gericht en de toorn Gods vanwege onze zonden achter Zich. Hij heeft de schuld overwonnen. Hij heeft de dood overwonnen. Hij heeft de levendmakende Geest verworven. Het is een levende Heere. Hij is een eeuwige Koning. De Borg voor de schuld is vrijgesproken van alle zonden, die Hij gedragen heeft. Zo is er dan nu geen verdoemenis meer voor degenen, die in Christus Jezus zijn. Zeker nu is daar nog de tijd van strijd en aanvechtingen. Er wordt ons geen kalme reis beloofd. We lezen hier van verdrukking, benauwdheid, vervolging, honger, naaktheid, gevaar, zwaard, om Christus' wil de ganse dag gedood, slachtschapen. Maar het Hoofd van de Kerk is de strijd al te boven en in Hem straks ook al de Zijnen. In Hem meer dan overwinnaars. De levende Heere zal alle beschuldigers doen verstommen in het gericht en daar zal niemand meer kunnen verdoemen. De levende Heere kan verlossen. Geen macht zal het tegen Hem uit kunnen houden!
Er is echter nog meer: 'Die ook ter rechterhand Gods is'. Paulus spreekt hier niet zozeer van de hemelvaart. Hij laat het koningschap beginnen met de opwekking uit de dood. En heeft de Heere het ook niet gezegd als de opgestane Levensvorst: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde? Heeft Hij het niet gezegd: Ik ben met u alle de dagen tot de voleinding der wereld? En deze eeuwige Koning is nu aan de rechterhand van God. En welke macht zal het tegen deze Koning uit kunnen houden? En als Hij Zijn Kerk vertegenwoordigd heeft in Zijn vernedering, dan vertegenwoordigt Hij Zijn Kerk ook in Zijn verhoging. Dan wekt Hij mij nu al op tot een nieuw leven, dan leidt en regeert Hij mij nu al door Zijn Woord en Geest en straks op de grote dag des Heeren zal Hij mij door Zijn levendmakende Geest opwekken! En als Christus in de hemel is, mij daar vertegenwoordigend, dan ben ik eigenlijk nu al met Christus in de hemel gezet door Zijn opneming. Dan is daar mijn vaderland. Dan komen alle beschuldigers te laat! Dan komen alle verdoemende machten te laat! Ze zijn overwonnen! Het lijden in deze tegenwoordige tijd is dan niet te waarderen tegen de heerlijkheid, die aan ons geopenbaard zal worden. De enige Hogepriester heeft daar mogen komen en dat is een bewijs, dat Zijn offer nooit meer herhaald behoeft te worden en dat er geen enkel offer van mij bij hoeft. Hij is daar als de grote Priester-Koning. En als God dan voor ons is, wie zal dan nog tegen ons zijn? Zal God ons dan met Christus niet alle dingen schenken? Hij schenkt het kindschap Gods en doet met Christus medeërven. O wat ligt het dan vast in de Heere Jezus Christus. Het heil is in Zijn hand. Nu kan de hele wereld zeggen: Hij heeft geen heil bij God, maar het heil wordt door Hem bewaard! Hij heeft het weggelegd voor degenen die Hem vrezen. Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? Wie zal nog verdoemen, als ons Hoofd al in de hemel is en de Zijnen met Hem in de hemel gezet zijn?
Er is nog meer: 'Die ook voor ons bidt'. Hij rust daar niet aan de rechterhand Gods, maar zet onafgebroken Zijn werk voort in Zijn hogepriesterlijk gebed. Hij draagt al de Zijnen op Zijn hogepriesterlijk hart. En hij is tegelijk de eeuwige Koning. En Deze behartigt daar onze zaak. Wat een troost zo'n Priester-Koning te hebben. Hij treedt met zijn offer voor het aangezicht van de Vader en dat pleiten op Zijn offer is de grond van de volkomen zaligheid. Hij verzwijgt niets in Zijn voorbede. Ook onze zonden niet. Maar Hij stelt er Zijn offer tegenover. Hij kan volkomen zalig maken degenen die door Hem tot God gaan, alzo Hij altijd leeft om voor de Zijnen te bidden! En niemand kan tegen deze voorbede op. Deze Priester-Koning is de grote Voorspreker. En alle beschuldigers moeten verstommen in het gericht. Tegen de verkiezende genade kan ook de satan niet op. Niemand van de Zijnen behoeft zichzelf te verdedigen. Het zou trouwens niet kunnen ook. Ze zouden op niet één vraag een antwoord kunnen geven. Maar Hij neemt het voor hen op. Hij gaat spreken en zal de satan wegschelden. Ik ben verzekerd, dat ik in mezelf onwaardig, schuldig, strafwaardig ben, ja, doem waardig. Maar ik ben ook verzekerd, dat Christus voor mij gestorven is en opgewekt is en mij ten goede daar aan de rechterhand Gods is opgeheven en daar voor mij bidt! Nu al neemt Hij de zaak voor mij op en straks ook in het eindgericht! En alle instrument, dat tegen mij bedacht wordt, zal niet gelukken en alle tong, die in het gericht tegen mij opstaat, zal de Heere verdoemen. De gerechtigheid is immers niet van mezelf, maar van deze Heere. En daarom zal het straks openbaar worden wie rechtvaardig maakt en om wie God rechtvaardig maakt. Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? Wie zal tegen deze Priester-Koning op kunnen? Kom maar op beschuldigers! De verklager der broederen is immers nedergeworpen! Wie zal nog verdoemen, als de Rechter van de ganse aarde rechtvaardig maakt? En daarom: Ik, ellendig mens, ik dank God door Jezus Christus, onze Heere! En deze Heere geeft aan al de Zijnen de overwinning!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's