Globaal bekeken
'Vertalen in steeds meer talen', zo luidt een kopje in een folder van het Nederlands Bijbel Genootschap. Hier volgt het verloop van het aantal vertalingen vanaf 1950:
Zie origineel
***
Vorige week plaatsten we een gedicht van Cornelius Lambregtse. Hier volgt nóg een gedicht, dat hij ons tegelijkertijd opzond. De titel is: 'Ode aan Jacobus Revius (1586-1658).
Indien ik slechts één deel bezat van al uw gaven
dan zou ik dat talent ook zeker niet begraven
maar ermee woekeren zoals u hebt gedaan
en daarmee in de dienst van God en mensen staan.
U weet dat nog niet maar eens hoop ik het te staven
hoe vaak mijn ziel zich aan uw poëzie mocht laven
en hoe u snaren trof in 't diepst van mijn bestaan
dat steeds de melodie mocht horen en verstaan.
Al heb ik dan wellicht niet meer dan één talent
en wordt mijn werk ook niet als literair erkend,
ik doe maar wat ik kan, en dan nog bij Gods gratie.
Ondanks de afstand die ons door de eeuwen scheidt
denk ik heel vaak aan u met grote dankbaarheid
voor al uw schone taal en stille inspiratie.
***
Hierboven schreef Lambregtse een 'Ode aan Jacobus Revius'. In dezelfde tijd, dat we dit gedicht ontvingen, lazen we ook drie gedichten van Revius zélf in het hervormd kerkblad voor Kampen e.o., nl. over de predikant, de ouderling en de diaken. Niet alléén vanwege die opvallende samenstemming in tijd plaatsen we het hier.
Predicant
Suldy wesen predicant.
Wacht u beurt van hoger hant.
Sett'laet-duncken aen een cant
Biddet God gedurich, want
Hy moet queecken wat ghy plant.
Voor de waerheyt houdet stant,
Waerheyt is een edel pant.
Strengelt vast der liefden bant.
Liefde doch de crone spant.
Siedy een geveynsden quant.
Dreycht hem met der hellen brant.
Die in openbare schant.
Levem, uut de cudde ban't.
Vanden wollef aengerant
Toont hem dapper uwen tent.
Volget niet des werelts trant
Of ghy werdet overmant.
Bouwet nimmer op het sant
Maer op Christum die u sant.
Weest soo doende predicant.
Ouderling
Suldy wesen ouderling
Selluf u niet in en dring.
Oordeelt recht van alle ding,
Van de leere sonderling'.
Vrede is een vasten ring,
Houdet vrede onderling.
Onderwijst den nieuweling'
Dat hy niet te rugge spring.
De godlosen heftich dwing'
En met haer u niet verming.
De bedroefden troost aenbring.
Weest den swacken niet te string',
Denckt hoe Christus ons om-ving'
Doe hy aenden cruyce hing
En hy in sijn schoot ontfing'
T'schaepken datter dolen ging.
Tegen goede ordening
Niet en worstel noch en wring.
Acht u leeraars niet gering.
Weest so doende ouderling.
Diaken
Suldy wesen een diaken
En Gods segeninge smaken,
Neemt in goet-doen u vermaken;
Alle sturicheyt wilt staken.
Weest van minnelycker spraken,
Laet haer noot u herte raken
Dien de middelen ontbraken.
Spijst de hongerige caken.
Drencktse die van dorste blaken.
Troost die na den adem snaken,
Helpt de naeckte onder 't laken.
En de vremde onder daken.
Luyaerts laet u niet genaken.
Welker vingers syn als haken
En haer herten God versaken.
Syt getrou voor alle saken.
Past goe rekening te maken,
Willet bidden ende waken,
Godes loon hebt voor een baken,
Weest soo doende een diaken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 mei 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 mei 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's