De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De inhoud van ons leven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De inhoud van ons leven

5 minuten leestijd

Opdat gij ten volle kon begrijpen met al de heiligen, welke de breedte, en lengte, en diepte en hoogte zij... (Efeze 3 : 18)

Op school hebben we allemaal wel geleerd hoe je de inhoud van iets kon uitrekenen. De juf of meester zei dan: 'De lengte maal de breedte is de oppervlakte van iets; als je dat vermenigvuldigt met de hoogte heb je de inhoud' .

't Is net, alsof Paulus op de leerschool van de Heilige Geest voor de klas staat en de gemeenteleden in Efeze (én al de heiligen, de kinderen Gods waar en wanneer zij ook mogen leven!) zegt: 'Probeer nu eens uit te rekenen, te begrijpen hoe groot de volheid Gods is (vs. 19), wat de omvang van de zondaarsliefde in Christus is (vs. 17 en 19)'. Dat behoort de inhoud van ons leven te zijn, maar wat is de praktijk?

Wij rekenen doorgaans slechts en op z'n hoogst met twee maten: de breedte van deze wereld en de lengte van de tijd. En er zijn er velen, die zich christen noemen en nog nooit met meer dan deze twee maten leerden meten. Ze zijn in feite oppervlakkig.

De Heere meet echter met vier maten. Pas dan en alleen zo kan er sprake zijn van volheid en inhoud. Zo spreekt Paulus in deze brief over Christus, in Wie de volheid Gods openbaar komt. In hoofdstuk 4 noemt de apostel de twee andere, onmisbare maten: 'Christus is opgevaren in de hoogte, nadat Hij eerst is nedergedaald in de benedenste delen der aarde, opdat Hij alle dingen vervullen zou'.

De hoogte en diepte zijn dezelfde afstand, namelijk tussen de Heere en ons. De diepte is de diepte van psalm 130, van onze verlorenheid. In het paradijs wilden we de hoogte in - als God zijn - maar we zijn diep gevallen. En we bevestigen het anno 1983, dat we gaarne de hoogte in willen. De torenbouvv van Babel toen en onze 'torenbouw' van nu op economisch terrein (E.E.G.), op politiek terrein (V.N.) en zelfs op kerkelijk terrein (Wereldraad), maken de diepte van onze val alleen maar duidelijker. In onze hoogmoed komt de diepte van onze val openbaar. Niemand, die God zoekt. Niemand, die goed doet. Niemand, die leeft, zal voor Gods aangezicht rechtvaardig zijn. Wie verstaat het? Niet als een beschouwing, maar als een bittere werkelijkheid in eigen hart en leven.

Want juist daar wordt het wonder opgemerkt van Gods ontferming. Hij heeft Zich niet te hoog geacht en onze verlorenheid niet te diep om nochtans Zijn Zoon te zenden naar deze wereld. Christus is in ons oppervlakkig bestaan neergekomen, ja, daalde willens en wetens in de diepste diepte van de godverlatenheid af met dat ene doel: ons weer op de hoogte te brengen van God en goddelijke zaken en ons weer op die hoge plaats te brengen, waar we waarlijk 'Godlover' mogen zijn.

Is er groter en heerlijker volheid te vinden? En toch leven we er aan voorbij. Op z'n best houden we er een vrome beschouwing op na, maar ten diepste zijn we van genade niet gediend, tenzij de Geest des Heeren plaats maakt in ons hart en leven. En wie de Geest des Heeren niet heeft, die komt Hem niet toe. Daarom laat de Heere die volheid nog prediken in de breedte der wereld en in de lengte van dagen.

Wat hebben we de Geest der uitbranding en des oordeels evenzeer nodig als de Geest der genade en der gebeden - tot ontdekking en tot vertroosting. Paulus zegt: 'met al de heiligen'. Dat betekent, dat elk kind van God daar iets van leert verstaan. Neen, 't is geen systeem. De Heere is wijs genoeg om te weten wat er voor een ieder persoonlijk nodig is. De weg van de een is niet altijd gelijk aan die van de ander. Maar dit hebben ze toch met elkaar gemeen - dit is toch de gemeenschap der heiligen, dat Gods Geest ze op de hoogte brengt van hun diepe ellende en zo het wonder deelachtig maakt, dat ze uit Christus' volheid mogen ontvangen, genade voor genade.

Weet u, oudere, en weet jij, jonge vriend of vriendin, daar van? Daar zijn mensen en groepen, die veel nadruk leggen op de gaven van de Geest. Best, als maar niet wordt vergeten dat het om de Geest van de gaven gaat!

Het valt te vrezen, dat het ook nu nog geldt wat er staat geschreven (Spreuken 30): 'Daar is een geslacht, dat rein in zijn (eigen) ogen is, en van zijn drek niet gewassen is'.

O, wat moest er in onze geesteloze tijd veel meer gesmeekt worden om die Geest. Al mogen we door genade in de aanvang iets van dat nieuwe leven kennen, dan hebben we dat evenzeer nodig als de meest gevorderde in Gods Koninkrijk. 'Wie is dat?', vraag wellicht iemand.

Dat is degene, die geleerd heeft uit hoe grote nood en dood hij is verlost, en die steeds minder gaat begrijpen van die volheid van genade. Hoe meer hij z'n gedachten laat gaan, hoe minder hij ervan begrijpt. Dat wonder van Gods ontferming, dat roemt tegen het welverdiende oordeel, leidt tot ver-wonder-ing en aanbidding. Mateloos, zoals het wel gezongen wordt:

Zo hoog Zijn troon moog' boven d'aarde wezen, zo groot is ook voor allen, die Hem vrezen, de gunst waarmee Hij hen wil gadeslaan. Zo ver het West verwijderd is van 't Oosten, zo ver heeft Hij om onze ziel te troosten van ons de schuld en zonde weggedaan. Mag dat ons hartelied zijn?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juni 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De inhoud van ons leven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juni 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's