De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Dr. Chr. Fahner, drs. A. G. v. d. Weerd, drs. G. Sipkema, Vervreemd, hoezo? (serie: Kader christelijk perspectief op mens en samenleving), 168 blz., ƒ 26, 50.

Met vreugde kondig ik dit boek geschreven door drie van mijn collega's van 'De Vijverberg', bij u aan. Zoals de ondertitel zegt willen zij een christelijk perspectief bieden op mens en samenleving, waarbij de Bijbel in verbinding gebracht wordt met allerlei tijdsverschijnselen. Daarbij dient de lezer te bedenken dat hier geen theologen aan het woord zijn, maar maatschappijwetenschappers die vanuit hun kennis van en inzicht in de sociale wetenschappen schrijven over het thema 'vervreemding' . Het zwaartepunt van het boek ligt dus op de sociologische en cultuürfilosofische inbreng, maar daarbij komt het bijbels en christelijk perspectief steeds weer ter sprake. En juist de bestudering van dit boek heeft me nog weer eens opnieuw geleerd hoe belangrijk een sociologische analyse van allerlei maatschappelijke verschijnselen is voor het onderkennen van wat er gaande is. Pastores, evangelisten en diakonale werkers kunnen daar hun winst mee doen. Het thema 'vervreemding' speelt in de europese filosofie vanaf Rousseau tot en met Marcus een grote rol. Fahner laat in hoofdstuk 2 deze denkers beknopt de revue passeren. Maar de europese cultuurgeschiedenis is niet denkbaar zonder de invloed van het Evangelie. Vandaar dat hij ook ingaat op de betekenis van de woorden 'vreemd' en 'vreemdeling' in de Schrift. Huidige denkers als Fromm, Marcuse en de existentialisten vertolken het levensgevoel van de huidige mens. Boeiend is dan om te zien hoe in de sociale wetenschappen de vervreemding beschreven wordt in de verschijnselen als machteloosheid, betekenisloosheid, normloosheid, culturele vervreemding, zelfvervreemding, sociale isolatie. De secularisatie heeft er toe geleid dat het Bijbels spreken over vervreemding als breuk met God teloor ging in het denken van velen. Maar juist het Evangelie laat zien hoe er herstel is door verzoening en vergeving. Dan wordt de mens op andere wijze vreemdeling. Van de Weerd geeft in hoofdstuk 3 een verhandeling over vervreemdende effecten van de media, waarin hij o.a. ingaat op de vraag in hoeverre de massamedia de consument beïnvloeden. Die invloed blijkt gevarieerd te zijn. Media zijn machtig, maar we zijn er als ontvanger zelf bij. Vandaar dat de socioloog laat zien hoe een ethiek van de media broodnodig is. In die paragraaf worden behartigenswaardige dingen gezegd over de christelijke media en de christenen die ervan gebruik maken. Maar al te vaak laten we ook onder ons kritiekloos over ons heen komen wat media ons bieden, of... we wijzen het kritiekloos af. Een door normatief, bijbels denken gescherpte blik en dito oor zijn nodig om het media-pakket te beoordelen. Dat dat alles gevolgenheeft voor je visie op het omroepbestel zal duidelijk zijn. Kijkcijfers zijn niet normatief.

Hoofdstuk 4 van de hand van Fahner brengt ons in "een geheel andere cultuur, nl. de Yali-samenleving in het stenen tijdperk. Terwijl van binnenuit vervreemding afwezig lijkt is er toch van vervreemding sprake. Welke verandering het Evangelie in zo'n cultuur brengt schetst Fahner aan het slot van zijn bijdrage. Sipkema behandelt in hoofdstuk 5 het thema 'vervreemding en zelfdoding' onder sociologisch gezichtspunt, al blijkt ook hier de ethiek niet afwezig. Na een kort overzicht over Bijbel en kerkgeschiedenis behandelt hij factoren die met zelfdoding in verband kunnen staan zoals ouder worden, eenzaamheid, deviantie, chaotische gezinnen, echtscheiding-, economische crises enz. Voorts bespreekt hij het klassieke werk van de 19e eeuwse socioloog Durkheim. Aan het slot van zijn bijdrage stelt Sipkema de vraag: 'Zou de kerk zich er niet nader op moeten bezinnen of zij hen die het levenseind in eigen hand nemen nog verder van zich vervreemdt door hen expliciet te veroordelen? ' De gesignaleerde factoren zijn van belang voor wie daadwerkelijk in hulpverlening en diakonia de vervreemding zoekt op te heffen. Fahner besluit dit boek met een korte samenvatting waarin hij wijst op oorzaak, facetten en opheffing van de vervreemding. Het perspectief van de verzoening wijst wegen naar herstel en integratie.

De summiere samenvatting moge de lezer duide­ lijk maken dat het boek zeer de moeite waard is om te lezen en te bestuderen. Al moet ik er wel bij zeggen dat u zich wel enige moeite moet getroosten. Hoe helder de schrijvers ook hun gedachten verwoorden, het begrippenarsenaal van de sociale wetenschappen heeft, zoals trouwens elke wetenschap, zijn 'eigenaardigheden' die niet steeds doorzichtig zijn. En de filosofische problematiek is nu eenmaal niet gemakkelijk.

Als ik me toch enkele vragen veroorloof moge dat voor de drie auteurs een bewijs zijn van mijn belangstelling en waardering voor dit boek. In de bijdrage van Fahner over vervreemding in bijbels licht heb ik me afgevraagd of het eschatologisch karakter van de vreemdehngschap (1 Petr., Hebr.) voldoende uit de verf komt. De nieuwtestamentische visie op de vreemdehngschap wordt niet zozeer gestempeld door de tijdelijkheid, als veeleer door de verwachting van het in Christus gekomen Rijk. Daardoor betekent deze vreemdehngschap ook geen wereldmijding. Het is 'weltzugewandte' vreemdehngschap. M.i. had daardoor de confrontatie met Marx c.s. nog wat scherper uit de verf kunnen komen.

Van de Weerd geeft belangrijke opmerkingen inzake de ethiek van de media. Staan ook chr. media niet in de spanning om ethische principia te laten gelden en tegelijk betrokken te zijn in voorschriften die samenhangen met ledenaantallen etc. En is een compromis niet dikwijls onontkoombaar? Men versta mij goed: Principieel deel ik Van de Weerd's inzichten ten volle. Maar iets van de spanning tussen het ideaal en de vaak harde werkelijkheid (concurrentie etc!) had ik er toch wel graag in gehad.

Sipkema's bijdrage over de suïcide is sterk sociologisch gericht. De auteur had over de ethische aspecten nog wel iets meer mogen zeggen, wat mij betreft. Ik versta zijn vraag aan de kerken ten volle. Wat is er vaak ondoordacht en liefdeloos geoordeeld! Toch heb ik moeite met het vaak verhullend spreken in de huidige (ook chr.) ethiek. Ik meen dat de Bijbel niet maar constaterenderwijs over zelfdoding spreekt, maar dat de tendens wel degelijk is dat zelfdoding veroordeeld wordt. Wellicht moeten we onderscheiden tussen suïcide en de persoon die suïcide pleegt. Wie vanuit het gebod Gods het eerste afwijst, zal toch met bewogenheid en voorzichtigheid hebben te spreken over hen die tot deze daad komen. Alleen God kent ons leven woord voor woord.

Resumerend: waardevol materiaal, dat goede diensten kan bewijzen aan allen die met verstand en hart als christen in hun tijd willen staan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's