De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Geen excuus

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Geen excuus

7 minuten leestijd

Om de winter zal de luiaard niet ploegen; daarom zal hij bedelen in de oogst, maar er zal niet zijn. Spreuken 20 : 4

Als wij mensen ergens bedreven in zijn, dan is het wel in het zoeken van excuses, om daarmee onze verkeerde daden te rechtvaardigen. Wij munten uit in het zoeken van goed klinkende verontschuldigingen om onze boosheden aannemelijk te maken tegenover anderen. En geen wonder dat we daarin bedreven zijn en uitmunten! Immers was onze eerste vader, Adam, daarin al niet de eerste en daarmee bezig? Want toen de Heere tot Adam kwam, nadat hij gezondigd had en hem toen wees op zijn zonde, zei hij: De vrouw, die Gij bij mij gegeven hebt, die heeft mij van die boom gegeven en ik heb gegeten. Én nu dat zoeken van excuses en verontschuldigingen, dat als het ware onze tweede natuur geworden is - maar het is onze tweede natuur niet, maar onze oude gevallen en zondige natuur - wordt in de tekst voor deze meditatie aan de kaak gesteld. Want dan wordt ons daar een landbouwer getekend. Maar hij is een grote luiaard. En als hij ergens een hekel aan heeft, dan is het wel aan ploegen. Nu moeten we eerlijk zijn, dat ploegen was ook niet zo'n gemakkelijk werk in het oosten. Integendeel. Want voor de ploeg werd een os gespannen en die was niet altijd even gewillig. Én dan kwam daar nog dit bij, dat zo'n ploeg erg licht was. En om daarom het ploegijzer diep in de harde en door de zon geblakerde grond te krijgen, moest de landbouwer met zijn hele gewicht op de ploeg gaan hangen. En als er dan bovendien nog stenen in de grond zaten, en die waren er maar al te veel in Israël, dan werd het ploegen nog moeilijker. Neen, ploegen was geen gemakkelijk werk, maar wel een noodzakelijk werk. Werd er niet geploegd, dan kon er ook niet gezaaid en geoogst worden. Maar omdat het niet gemakkelijk was, had de luiaard aan dit werk een hekel. Maar ja, zoiets kan je natuurlijk niet hardop zegggen. Je kunt moeilijk zeggen: Ik heb er een hekel aan of ik ben er te lui voor. Ja maar, wat dan? Wel, dan maar een excuus zoeken, een verontschuldiging gebruiken. En als dan ook zijn buren aan deze luie landbouwer vroegen: Waarom ploeg jij niet, dan zei hij niet rechtstreeks dat hij er geen zin in had. Neen, dan zei hij: Het is winter, en het is zo koud met die winterregen en storm. Dan kan je toch niet werken?

Maar zijn er nu niet veel mensen, die op deze luie landbouwer lijken? Immers, dan zijn er van die mensen en ze zijn zwak in de kerkgang of in het lezen van Gods Woord of in het gebed. O ja, ze weten wel, dat het noodzakelijk is, maar ze hebben er geen zin in, ze zijn er te lui voor. Eigenlijk gezegd hebben ze er een hekel aan. Maar ja, daar kan je niet mee aankomen, als de ouderlingen op huisbezoek komen. En daarom zoeken ze excuses. En je staat er versteld van hoe ze er op komen. Neen, naar Gods huis komen ze niet, want ze kunnen het zitten niet uithouden of ze hebben last van al die mensen in zo'n volle kerk of die dominee preekt zo moeilijk en zo lang. En neen, Gods Woord lezen doen ze niet, want, u moest eens weten hoe druk we het hebben. En neen, het gebed, dat schiet er bij in, want u moest eens weten hoe vroeg ik naar m'n werk moet en hoe moe ik ben als ik thuis kom. En het zijn allemaal excuses, verontschuldigingen en ze zijn er te over. Maar dan zijn er ook nog anderen. En ze weten: Bekering, jazeker, dat is nodig. En dat zeggen ze ook wel. Maar eigenlijk en diep in hun hart hebben ze er maar een hekel aan. Want dat is toch wat, als in de weg der bekering de ploegschaar van de wet Gods door het harde en verharde hart gaat. Dat is toch wat, als je niets, maar dan ook niets overhoudt van je godsdienstigheid en je arm en ellendig wordt. Als al je zekerheden buiten Christus weggeslagen worden! Dat is toch wat, als je als een arme bedelaar enkel van genade moet gaan leven! Als je van Christus moet gaan leven. Neen, daar hebben ze heel geen zin in. Dat willen ze niet. Maar... dat kun je als keurig net kerkmens toch niet zeggen. Dus zoeken ze excuses. En de één zegt: O natuurlijk, ik wil me best bekeren, maar als het nu allemaal zó moet, zoals in de preking gezegd wordt... En de ander zegt: Zeker, bekering is nodig, maar ik kan me toch niet bekeren. Daartoe ben ik toch onmachtig. En zo leven ze maar verder. Totdat de oogst komt. Want dan zien we daar nog één keer die luie landbouwer uit de tekst. En hij kijkt eens om zich heen. Zijn buurman haalt de oogst binnen en zijn schuren zitten vol. Terwijl zijn land kaal ligt en zijn schuren en zijn maag leeg. Wat te doen? Wel, daar wordt die luie landbouwer een bedelaar. Want hij denkt: Ik moet toch te eten hebben. Maar daar komt hij bij zijn buurman om te bedelen en wat gebeurt? Wel, die zegt: Neen man, dat kan niet, want anders heb ik niet genoeg voor mijn eigen gezin; maar waarom heb je zelf niet geoogst? 't Is toch goed gegroeid dit jaar? En zo gaat het steeds verder en de luie bedelende landbouwer komt om. Daarom zal hij bedelen in de oogst, maar er zal niet zijn. Ja, hij komt om! Wat ontzaglijk erg. Ja, maar het kan nog erger. Wanneer daar eenmaal zal zijn de grote oogst. Wanneer daar zal zijn de voleinding der eeuwen. En dan zie ik ze daar staan. Die mensen, die zeiden: Ik heb geen tijd. Die mensen, die zeiden: Ik kan me niet bekeren. Die mensen, die zeiden: Waarom is nu bekering nodig? Daar zie ik ze staan, tesamen met die dwaze maagden uit de gelijkenis. En ze bedelen. Ze slaan met hun vuisten op de deur: Heere, Heere, doe ons open. Maar wat blijkt dan? Wel, dat al die excuses voor de Heere niet konden bestaan. Want de deur blijft dicht. En het klinkt: Voorwaar zeg Ik u, Ik ken u niet. Ze bedelen in de oogst, maar er zal niet zijn. En wat zal het vreselijk zijn: Anderen binnen te weten en zelf buiten. Ja maar, wat dan? Wel, hoort de roepstem des Heeren vanuit Zijn getuigenis, nu het voor u nog de tijd van ploegen is, die zegt: Bekeert u van uw boze wegen, want waarom zoudt gij sterven, o huis Israels? Want een mens wordt behouden uit genade alleen, maar gaat verloren door eigen schuld. Want hij blijft verantwoordelijk. Daarom, besef uw verantwoordelijkheid, opdat er zou zijn een roepen om genade. Die genade, die Christus verworven heeft. Immers, Christus heeft gearbeid in de arbeid van Zijn ziel, in Zijn lijden en sterven. Hij kon zich verontschuldigen, want Hij was zonder zonde. Maar Hij deed het niet. Want Zijn spijze was te doen de wil desgenen Die Hem gezonden had en Zijn werk te volbrengen. En zo is Hij gegaan, vrijwillig, die weg, waarin het ploegijzer van het oordeel Gods over de zonde door Zijn ziel ging. Opdat Hij zo een oogst zou bereiden voor een arm en ejlendig volk in zichzelf, dat het alleen leerde verwachten van Hem. Ja, een rijke oogst van vergeving en vrede en eeuwige zaligheid. En alleen, wie door een waarachtig geloof, dat de Heilige Geest werkt, met Hem verbonden is, krijgt er deel aan. En daarom, wanneer de oogst daar is, dan zal de scheiding vallen. De excuses en verontschuldigingen zullen niet anders blijken te zijn dan spinnewebben en ze zullen breken. In al hun onwil om van de genade Gods in Christus voor arme zondaren te leven zullen de geestelijke luiaards openbaar komen. Maar ook zullen openbaar komen al degenen, die in de weg van waarachtige bekering deel kregen aan Christus. Ze zullen ingaan tot de oogst en oogsten, wat ze zelf niet hebben gezaaid, maar dat hen om Christus' wille werd toegerekend. Om dan niet eeuwig lui te zijn, maar eeuwig werkzaam te zijn in het dienen van de Heere en in het loven van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1983

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Geen excuus

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1983

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's