De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een morgenlied met een veilig gevoel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een morgenlied met een veilig gevoel

9 minuten leestijd

Doch Gij, Heere! zijt een schild voor mij, mijn Eer, en Die mijn hoofd opheft. Psalm 3 : 4

De psalm scharniert bij vers 4 van het benauwd begin (velen staan tegen mij op) naar de in het geloof beleden veiligheid: Gij, o God, zijt het schild dat mij dekt. Als tienduizenden tegen mij opkomen, dan mag ik achter U wegkruipen. U bent mijn eer, dat wil zeggen: U zult er voor zorgen, dat ik niet te schande word. Gij heft mijn hoofd op, dat neergebogen was in benauwdheid. Tegenover het spreken en doen van zijn tegenstanders getuigt David dus van wat de Heere voor hem - wil zijn en met hem wil doen. Hij heeft het dus niet over eigen kracht en mogelijkheden. Die ziet hij niet. Maar de God die hem geroepen heeft en geleid, die is zijn beveiliging. Deze zekerheid ontvangt hij als de verhoring op zijn gebed: Als ik roep tot de Heere, antwoordt Hij mij van zijn heilige berg. Dat is Sion, de hoogte in Jeruzalem, waarheen David de ark heeft laten brengen als een teken van Gods genadige tegenwoordigheid. Omdat de Heere zijn schild is, kon hij zich rustig neerleggen in de avond om te slapen ondanks alles wat hem benauwde: ik legde mij neer en sliep. Misschien wel te vertalen als: ik lag nog niet of ik sliep. En ik ontwaakte, veilig de nacht doorgekomen, want de Heere ondersteunde mij. Dat geeft hem zo'n intens gevoel van veiligheid, dat hij zegt: ik ben niet bang, al komen ze met tienduizenden om mij heen staan. Dan kun je toch geen kant meer uit? De Heere ondersteunde hem — dat is zijn veiligheid.

Dat was het vertrouwen van Israël de eeuwen door met tienduizenden tegen hen om hen heen. Het volk Israël heeft vaak tijden doorgemaakt als nachten van onzekerheid. Maar de Heere bleek een schild voor allen die bij Hem schuilen. Dat gaf moed voor de nieuwe dag, al waren alle vijanden nog op de been: de Heere is een Helper in benauwdheid. En deze beveiliging geldt allen, die op Israels God hun hoop vestigen.

Dan kan het zijn, dat zorg en nood ons bevangen en onrustig maken. Maar is het u nooit overkomen, dat u uw verdriet en moeite in uw gebed bij God bracht en ondanks alle zorgen kon u toch inslapen en uitrusten, wat er ook voor de deur stond. Petrus zat in de gevangenis met de dood voor ogen, maar hij ging slapen, want de Heere waakte over hem (Handelingen 12 : 6). En als het dan morgen wordt en de omstandigheden zijn niet veranderd, de zorgen zijn er nog onverminderd, de onzekerheid om zwakte en ziekte, het verdriet om een gemis als een blijvende smart — zou je dan niet bang worden bij het ontwaken en liever je nog maar eens omdraaien om de komende dag te ontvluchten? Nee, de dichter, die zijn leed bij God heeft gebracht, heeft zich in zijn hoede te ruste gelegd en bij het wakker worden verwondert hij zich over Gods sparende trouw: Ik ben er nog. O ja, de tegenstanders zijn er ook nog, bij tienduizenden, en zij laten het niet afweten, - maar de Heere is bij mij, ik zal niet vrezen. Dat is geen opgeschroefd optimisme van 'mij kan niets gebeuren', maar: Daar God mijn schild en hulp wil wezen, wat zal een nietig mens mij doen? Dat mag de zekerheid zijn voor allen, die op de Heere Jezus Christus hun vertrouwen leerden stellen. Het is de geloofssituatie van Christus' gemeente in alle tijden. In onze tijd dunnen de gelederen van hen die Sions vorst belijden als hun Heer en talrijk zijn zij, die zich onttrekken aan zijn aanspraak op hun leven. Christus heeft ons voorzegd, dat naar mate de wereldtijd naar het einde gaat, de tegenstand tegen het evangelie en tegen de kerk zal toenemen, maar dat Hij de beveiliging zal zijn van allen die op Hem hopen, wat er ook gebeurt en elke morgen is zijn goedertierenheid nieuw. Hij is de enige beveiliging die het houdt, tegen welke tegenstand ook, tegen welke tegenslag ook. Buiten God is het nergens veilig. Buiten God is er geen hoop en geen uitzicht, maar wie bij Hem schuilt is veilig en geborgen, die redt Hij godlijk, wonderbaar.

En elke uitredding, elke hulp in dit leven, is een teken van de grote bevrijding die Hij belooft aan allen die bij Hem schuilen. Van bevrijding zingt ook dit morgenlied: Het spreekt er van in de vorm van een gebed en een geloofsbelijdenis. Een gebed, want het spreekt nooit vanzelf, het blijft een wonder van genade, waarom wij ootmoedig vragen. Sta op, Heere, verlos mij, mijn God. David is opgestaan van zijn slaap en nu bidt hij: Heere, staat U óók op, alstublieft. Hij spreekt dus nogal menselijk over God. Dat tref u vaker aan in de psalmen. Zo dicht leefden deze mensen bij God. 'Vele vijanden zijn tegen mij opgestaan, Heere, staat U nu óók op. Zij zeggen: hij vindt geen hulp bij God. O, laat U toch zien, dat het anders is, dat U wél opstaat om mij te verlossen'. Mijn God, dat gaat terug op Gods genadige toewending tot zijn leven, op Gods verhond, waardoor Hij zijn goddelijke hand heeft gelegd op Davids schuldige en zwakke leven. En de Heere had hem zijn trouw ook doen beleven. Daar grijpt David op terug: Gij hebt al mijn vijanden op de kaak geslagen. De slag in het gezicht als een uiting van smaad en miaachting, maar dan zo krachtig, dat hun tanden uit de mond vlogen. De Heere heeft Davids vijanden verslagen in de jaren van zijn koningschap. Ook nu zal Hij hem beschermen tegen wie hem wederstaat.

Dan gaat het gebed over in een belijdenis: Het heil, de verlossing, is van de Heere. Dat wil zeggen: Hij alleen beschikt over de verlossing. Uw zegen over uw volk. De koning vraagt niet alleen Gods hulp voor zichzelf. Ook al heeft zijn volk hem verlaten in ontrouw, toch blijft hij als koning voor hen bidden. Daarmee reikt hij ook ons een lied aan om over te nemen. In alle tijden van benauwdheid: de verlossing is van de Heere, uw zegen zij over uw volk. En zijn diepe vervulling heeft deze psalm gekregen in het leven en sterven van Davids Zoon, onze Heere Jezus Christus. Toen zijn dagen vervuld waren en Hij zich tot een schuldoffer zou geven, toen werden zijn tegenstanders zeer talrijk. Velen stonden tegen Hem op. Velen zeiden van Hem: Hij vindt geen hulp bij God. En daarin kregen ze gelijk: het kruis en de drie uren buitenste duisternis deden Hem luid roepen tot zijn Vader, maar Die antwoordde Hem niet. En zo kwam Hij in de verschrikkelijke verzoeking om het daarbij dan maar te laten, om zich nooit meer te laten zien en zijn openbaring te staken. Maar Hij stond op en was er weer op de derde dag en Hij is er nog altijd weer. Toen, op de Paasmorgen, heeft God dit gebed uit psalm 3 verhoord op zijn unieke manier: sta op, o God, verlos mij, mijn God. Toen zei de Heere Jezus: Zie hier ben Ik, Ik ben opgestaan tot uw verlossing. Het is meteen profetie van de grote morgen die komen zal na de laatste nacht, als Christus komt in zijn heerlijkheid, de blinkende Morgenster met zijn zegen over zijn volk. En omdat deze psalm aan Christus werd vervuld, wordt hij vervuld aan al de zijnen, wat hun ook overkomt. Wie Christus volgt krijgt met bestrijding van doen. De tegenspoed gaat dan niet langs ons heen, aan ons voorbij, maar dóór ons heen. Maar de Heere is opgestaan tot onze verlossing en Hij zegt: Ik ben met u alle dagen. Ook de dagen die grauw zijn als een eindeloze regendag, zodat de moed ons ontzinkt en er geen uitzicht meer open is. Dan nog: Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld. Dat is de vrede, de zegen voor heel Christus' gemeente. Zoekt u de verlossing van uw leven ergens anders, dan bent u aan het verkeerde adres. Al hebt u alles méé, maar de Heere tegen, dan betekent dat toch uw ondergang: Absalom had tienduizenden van het volk op zijn hand en zijn vader moest voor hem op de vlucht. Toch kwam Absalom in dat avontuur óm en werd zijn vader door de Heere bevrijd, hoevelen ook tegen hem opstonden. 't Is maar, dat wij niet op de schijn afgaan, dat wij niet met de massa meelopen, maar de Heere aanlopen, op zijn woorden afgaan, er op ingaan om in de beklemming van ons leven in Hem onze beveiliging te vinden en onze bevrijding voor eeuwig: Gij heft ons hoofd omhoog. Tenslotte moet ik u nog wijzen op het woordje 'sela', dat in deze psalm drie keer vóórkomt en dat u vaak in de psalmen tegenkomt. De betekenis is onzeker, maar het meest waarschijnlijke is, dat het een aanwijzing is voor de muzikale begeleiding. Het geeft dan de plaats aan voor een tussenspel dat de zang onderbreekt en meteen de laatste woorden versterkt en na laat klinken. Dat geeft aan deze psalm enkele bijzondere accenten. Eerst aan het eind van vers 3: hij vindt geen hulp bij God. Wacht even, denk het u goed in wat dat betekent: geen hulp bij God, dan sta je moederziel alleen, een duisternis zwart als de nacht. Maar dan komt dezelfde pauze, hetzelfde accent, weer na vers 5: als ik luide roep tot de Heere, antwoordt Hij mij van zijn heilige berg. Houdt u dat vooral vast: de Heere antwoordt. Hij doet niet het zwijgen toe aan onze nood. Bidden is geen roepen in het luchtledige. Het is juist: lucht krijgen, antwoord krijgen, antwoord en leven. Geen nacht maar een morgen, een eeuwige morgen. En voor de derde keer dat 'sela' na de woorden waarmee de psalm besluit: uw zegen zij over uw volk, of zelfs nog stelliger: uw zegen is over uw volk. Dat spreekt van vrede en zekerheid. En daardoor een veiligheid ongekend. Wilt u dat vooral vasthouden, zeggen de instrumenten: de Heere vindt in gunst en niet in wraak zijn lust.

O Heer, mijn rotssteen, mijne sterkte. Gij hebt mij steeds tot heil verstrekt en in de strijd, waar elk 't bemerkte zijn hoofd als met een schild bedekt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 augustus 1983

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Een morgenlied met een veilig gevoel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 augustus 1983

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's