De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Waar zijn de 1834ers?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Waar zijn de 1834ers?

In verband met Samen op Weg

8 minuten leestijd

Waar zijn de échte 1834-ers, moeten we er helaas bij vragen, gezien de grote verdeeldheid.

Toen in november 1982 de laatste Combisynode van de Nederlandse Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken werd gehouden heeft ds. C. Blenk, toen nog predikant te Oudewater, een pleidooi gehouden voor de Afgescheidenen van 1834 in het kader van Samen op Weg. Zijn betoog kwam hierop neer. De gereformeerden, die rechts de hoofdweg verlieten, halen thans de hervormden links in. 'Dit zijn de erfgenamen van 1834 en 1886 niet meer', zei hij. Als Samen op Weg in 1986 zou lukken, zijn daarmee Afscheiding en Doleantie niet ongedaan gemaakt. Aan de gewetensnood van 1834 en 1886 is dan geen recht gedaan. 'De echte 1834ers aldus ds. Blenk - zitten hier niet, zelfs niet als gasten'. 'Als wij 1834 en 1886 recht willen doen, moeten wij met hen Samen op Weg willen en weg doen wat in de weg staat'. Maar de Gereformeerde Gezindte komt hier niet in het vizier.

Het is waar, maar...

Men zal weinig in kunnen brengen tegen deze woorden van ds. Blenk. En zij, die met Groen van Prinsterer het ideaal van de Gereformeerde Gezindheid, die er voor hem was in de Hervormde Kerk (het toenmalige Hervormde Genootschap) en buiten de Hervormde Kerk, niet hebben prijs gegeven, zullen zijn woorden alleen maar kunnen beamen. De vraag is intussen wel reëel hoe de zaak eruit zou zien als de 1834ers bij het Samen op Weg proces betrokken zouden zijn. En met 1834ers moeten dan bedoeld zijn zowel diegenen, die kerkelijk direct op de Afscheiding terug gaan, dat wil zeggen de Christelijke Gereformeerde Kerken en de Vrijgemaakt Gereformeerde Kerken, waarvan dan weer de Nederlandse Gereformeerde Kerken een afsplitsing zijn, als óók de kerken, die ontstaan zijn uit de Ledeboeriaanse en Kruisgezinde gemeenten, t.w. de Gereformeerde Gemeenten, de Gereformeerde Gemeenten in Nederland en de Oud Gereformeerde Gemeenten van uiteenlopende soort.

Wie met positieve belangstelling de ontwikkelingen in de Gereformeerde Gezindte buiten de Vaderlandse kerk volgt kan moeilijk optimistisch gestemd zijn. Samen op Weg ligt uiterst moeilijk, zéker voor hen, die aan Groen van Prinsterers Gereformeerde Gezindheid blijven vast houden, maar de Gereformeerde Gezindte zélf ligt niet minder moeilijk. Ik geef een paar voorbeelden zonder in beoordelingen te treden.

Regelmatig worden vanuit de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, in het orgaan de Wachter Sions, de Gereformeerde Gemeenten bestreden. Men ijvert om het hardst om de erfenis van de 'Vader' der Gereformeerde Gemeenten, ds. G. H. Kersten. Vanuit de Gereformeerde Gemeenten in Nederland wordt momenteel b.v. het initiatief genomen voor een eigen schoolbegeleidingsdienst. Het laatste nummer van de Wachter Sions vermeldde dat daaraan de naam 'Ds. G. H. Kersten Onderwijscentrum' is gegeven. Daar zit veel achter. Men claimt de naam en theologische bagage van ds. Kersten voor zich en ziet de anderen intussen als de ontrouwen. Er zullen jaren over heen gaan - als het nog ooit gebeurt - vóór de kloof, die geslagen is bij de scheuring van de Gereformeerde Gemeenten in 1953, gedicht is. En in de Gereformeerde Gemeenten zélf staat men ook niet direct 'te trappelen van oecumenisch ongeduld' wanneer het gaat om besprekingen over kerkelijke eenheid met andere kerken binnen de Gereformeerde Gezindte.

Binnen de Vrijgemaakt Gereformeerde Kerken ligt het niet anders. Prof. Douma heeft met grote oecumenische welwillendheid de sleutel van de oplossing van het kerkelijk vraagstuk in handen van de Gereformeerde Bond gegeven - en hij staat daar tot vandaag voor - maar in zijn kerken lijkt hij een eenzame zwaluw te zijn, die nog geen lente brengt. In het laatste nummer van Variant - een wekelijkse bijlage bij het Nederlands Dagblad - zegt hij 'Als wij over het werk van de Geest buiten onze kerken zwijgen, dan zullen de stenen wel spreken'. Maar het klimaat in zijn kerk is intussen toch zó, dat alles buiten eigen kring op de maat van het eigen kerkelijk gelijk gesneden wordt. Het is voor buitenstaanders - bij alle respect, die men hebben kan voor het 'karakter' van de vrijgemaakten - wel eens verlammend om elke publicatie, over welk onderwerp dan óók beoordeeld te zien worden op de kerkvraag. In dat verband leest men dan de meest scherpe oordelen.

Samensprekingen tussen de Vrijgemaakt Gereformeerde Kerken en de Christelijke Gereformeerde Kerken hebben intussen nooit iets opgeleverd. Het blijft bij samenwerking van prof. dr. W. H. Velema en prof. dr. J. Douma op het ethische vlak en af en toe in een interkerkelijke organisatie. Maar intussen zegt prof. Douma zelf in genoemde Variant; 'Toch is het een verdrietige zaak wanneer je ook in zo'n samenwerking moet constateren dat je kerkelijk niet dichter bij elkaar komt en ik heb het gevoel zelfs verder uiteen groeit, als ik naar de gang van zaken in de Christelijke Gereformeerde Kerken kijk'

Welnu, over de Christelijke Gereformeerde Kerken zijn we de laatste weken, in verband met de daar gehouden synode, ook uitvoerig geïnformeerd. Een kop in een kranten-verslag luidde: 'Verdeeldheid over eenheid op christelijke gereformeerde synode'. Dat de vleugels zich duidelijker profileren blijkt uit de geschillen over de gezangenkwestie, de samenwerking met de Nederlandse Gereformeerde Kerken en - een recent probleem - de kernwapenproblematiek. En, op de achtergrond de prediking, zo leest men in de verslagen.

Nogmaals, ik treed niet in een beoordeling. Maar het beeld, dat de Gereformeerde Gezindte oplevert, is er één van grote verdeeldheid en verwarring. En ik ben ervan overtuigd dat, als de Gereformeerde Bond als een nieuwe kerk, buiten de Nederlandase Hervormde Kerk zou geraken, het vraagstuk van de Gereformeerde Gezindte daardoor niet simpeler zou worden. De Gereformeerde Bond zou in het geheel weer een eigen problematiek ook meebrengen, waarbij de vraag zou rijzen: waar liggen dan de samenwerkingsprioriteiten, of liever de prioriteiten als het gaat om kerkelijke eenheid. Zouden ook dan de vleugels zich niet profileren?

Prof. dr. W. van ‘t Spijker

Intussen werd ik getroffen door een uitspraak van prof. dr. W. van 't Spijker op de Christelijke Gereformeerde synode: 'zouden alle problemen met de Nederlandse Gereformeerde Kerken niet komen doordat wij onze profetische roeping tot die kerk beperken?'

De Christelijke Gereformeerde Kerken - zo stelde hij - zouden zich meer tot heel orthodox-gereformeerd Nederland moeten richten met de roeping tot eenwording. 'We kunnen dan op hoger niveau met elkaar praten en hebben geen tijd meer om elk verschilpuntje diepgaand te bekijken', zei hij.

'Voor gereformeerden in de Hervormde kerk, die vandaag hun worsteling hebben in Samen op Weg, juist gezien de gereformeerde belijdenis, die met name binnen de Gereformeerde Gezindheid tot vandaag als accoord van kerkelijk belijden wordt gezien, zijn zulke woorden, als die prof. van 't Spijker sprak, uit het hart gegrepen. Waar zijn de 1834-ers? , staat boven dit artikel. Waar zijn de échte 1834-ers, moeten we er helaas bij vragen, gezien de grote verdeeldheid. Wordt het niet tijd dat gereformeerden buiten de Hervormde kerk de gereformeerden binnen de Hervormde Kerk tot jaloersheid gaan verwekken, gezien de eenheid die daar gevonden zou moeten worden vanwege de binding aan de belijdenis, die men toch in elke kerk van gereformeerde belijdenis naast de Hervormde Kerk voorstaat? Wie de realiteit ziet, zal moeten zeggen; begin er maar niet meer aan. Het zal wel blijven kraken en scheuren tot de jongste dag (Douma). Maar is de Gereformeerde Gezindte, die - ik geef het toe - nu in het kader van Samen op Weg terzijde wordt gelaten, het niet aan zichzelf, nee aan de confessie, nee nog dieper aan het Woord en aan de Heere van het Woord verplicht, om de bezinning echt ter hand te nemen.

Een vraag

Ik heb een vraag naar de Gereformeerde Gezindte toe. In de komende tijd zal het in de bezinning op Samen op Weg gaan om een zogeheten ecclesiologische consensus, om een overeenstemming inzake de ecclesiologie, de kerkleer, de kerkopvatting. Zou de Gereformeerde Gezindte niet moeten doen alsof ze helemaal in de bezinning daarop méé betrokken was, in die zin dat het om haar zaak ook gaat? Zouden de kerken in de Gereformeerde Gezindte, bij alle kerkelijke verdeeldheid die er helaas is en waarvan ik het einde warempel nog niet zie, in staat zijn om samen te komen tot een gereformeerde ecclesiologische consensus? Zodat, als de 1834-ers in het kader van Samen op Weg ter verantwoording (ik bedoel het positief) worden geroepen, zij zeggen kunnen: hier hebt u wat naar onze diepste overtuiging, vanuit een hartelijke verbondenheid met en gebondenheid aan onze belijdenis, de kerk des Heeren vandaag is en moet zijn?

Zo niet, dan rijst de vraag welke betekenis de woorden hebben, die in kritische zin vanuit de gescheiden kerken vandaag in de richting van Samen op Weg worden gezegd. Woorden die wij vaak moeten onderschrijven, omdat het ook onze woorden zijn, maar waarmee we zo weinig kunnen, omdat we er geen weg mee weten, geen kerkelijke weg. Broeders, waar is vandaag voor u de vaderlandse kerk, concreet? We zouden als gereformeerden in de Hervormde Kerk met uw antwoord gebaat kunnen zijn. En Samen op Weg zou er mee gediend kunnen zijn. De hartekreet van prof. van 't Spijker moge een praktische uitwerking krijgen. Zoals er ooit in het blad 'Enigheid des Geloofs' grondige bezinning was. Wie neemt het initiatief tot een nieuwe, een hernieuwde bezinning? Ligt hier niet een primaire taak voor het C.O.G.G.?

Wellicht zou de Heilige Geest erin mee kunnen komen om de dorre beenderen tot leven te brengen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Waar zijn de 1834ers?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 1983

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's