Globaal bekeken
Het is al weer enige tijd geleden dat, in verband met het jubileumfeest van de Torajakerk (70 jarig bestaan), een oproep in ons blad werd geplaatst voor jaargangen van Alle den Volcke, het orgaan van de Gereformeerde Zendings Bond. Bladerend in één van die jaargangen trof één van de zendingsarbeiders een brief, die daar ingevouwen in lag. Een naamloze brief! Geschreven door een zoon, die gefusilleerd ging worden, aan zijn vader. Een ontroerend getuigenis van één van de vele 'naamlozen', die heengingen in de kracht van het geloof. Of is er iemand van de lezers die deze brief toch kan 'thuis' brengen? Hier volgt de tekst ervan:
'Lyon, 17 Februari 1942
Lieve Vader,
Het valt mij zeer moeilijk voor U dezen brief te schrijven, maar ik moet U mededeelen dat het krijgsgericht over ons een zeer zware straf heeft uitgesproken. Leest U dit eerst alleen, en licht daarna Moeder voorzichtig in. Toen ik U den vorigen brief schreef op 14 Februari, wisten we al dat we op 13 Februari voor het gericht ter dood veroordeeld waren, maar ik heb het U niet kunnen schrijven, omdat ik U ook niet dien tijd van spanning wilde laten doormaken: er was nl. een genade-verzoek voor mij gestuurd naar Parijs, en we meenden ook een goede kans te hebben, omdat onze zaak tenminste geen misdaad was, maar een poging die voortvloeide uit plichtsbesef als militair tegenover ons vaderland. Ik zeg niet een tijd van angst, want dat is het gelukkig niet geweest, omdat ik veel heb kunnen bidden, en omdat God me het vaste geloof heeft geschonken, dat als het doodvonnis mocht komen, ik dan zou mogen hopen op de zoendood van Christus en zoodoende op de hemelsche heerlijkheid. Het is me ook een groote troost te weten dat U dat geloof ook bezit, zoodat U dit ook zult kunnen overgeven in de hand Gods. We mogen toch weten dat God tenslotte alle dingen, ook alle menschenhandelingen en menschen-besluiten bestuurt en als we ons dan vertrouwend aan hem kunnen overgeven, dan is toch alles wat er ook gebeurt goed voor ons. Ik weet wel, menschen kunnen hier niets toe doen, maar toch dank ik U dat U mij hebt opgevoed in dat geloof, wat God me zoo zeker heeft geschonken, en waaruit ik nu voldoende kracht putten kan om rustig en in de zekerheid dat God mij zal opnemen in zijn heerlijkheid, den dood tegemoet te zien. Straks om vijf uur zal het gebeuren en dat is niet erg. Het is tenslotte een moment, en daarna zal ik bij God en bij Jezus in den hemel kunnen zijn; nooit meer verdriet of moeite hebben, niets meer te maken met de ontzettende narigheden en het vele verdriet, die overgang is toch niet erg? God heeft ons dat alles geopenbaard in zijn woord en daaruit mogen wij weten dat Hij ons niet zal verlaten, als wij hem daarom bidden. Ik voel Gods nabijheid deze dagen zoo sterk en ben volledig bereid om te sterven! Troost U zich daarmee. Ik weet wel, het is erg en wij zijn nog zoo jong, maar God weet dat onze zaak rechtvaardig was en Hij is de Rechter die oordeelen zal. Ik vind het voor U veel erger dan voor mij zelf,
Ik weet dat ik bij God in den hemel zal zijn. Bidt God om die zekerheid te mogen hebben. Ik heb God al mijn zonden beleden en ben volkomen rustig geworden. Hij sta mij bij. Hij kan en wil en zal in nood, zelfs bij het naderen van den dood volkomen uitkomst geven. Treur dus niet, maar wees vertrouwend op God en bid Hem om kracht. Het spijt me erg, dat ik geen afscheid heb genomen, maar tenslotte zal er een weerzien zijn dat veel gelukkiger is.
Laten we daarom bidden! Moeder, lieve Moeder, laat mij U omhelzen, vergeef me alles wat ik gedaan mocht hebben. Huil niet, lieveling, maar wees moedig. U heb nog veel kinderen, anders dan Mevrouw Joke. Ik weet dat ik U allen zal weerzien. Een laatste innige kus van Uw zoon Leen. Vader, vergeef ook U mij. Wees sterk in het geloof, dat ik weet dat ook U hebt, evenals Moeder. Treur niet, maar dank God voor zijn Genade over mij, dat Hij mij de zekerheid geeft naar den hemel te gaan. Zegt niet, omdat jij weg bent, is de vrede voor ons geen feest meer, want tenslotte ben ik toch voor het Vaderland gestorven, zooals zoovelen doen in dezen tijd. Het is voor mij heusch veel beteren gelukkiger zoo. Geef me een stevige hand, Gode bevolen in alles. Een laatste groet met dank voor alles van Uw zoon Leen. Mart, Lien, El, Truus, jullie ook allen gegroet, weest sterk en bid God om kracht. Gelooft in Hem en Hij zal alles goed maken. Weest goed voor Vader en vooral voor Moeder. Dikke zoenen van jullie broer Leen. Wil alle broers en zusjes groeten, zij zullen het misschien nog niet zoo goed begrijpen, maar leer ze ook dat geloof. Groet allen, vooral Oom Jan en Tante Lien, mijn hartelijke dank voor alles wat ze voor mij gedaan hebben. Ook groeten en dank voor de anderen. Wij zijn moedig, weest dat ook. Tenslotte nogmaals: treurt niet te erg, alles is goed. De Heere is met mij, wat zou ik vrezen? Zij kunnen alleen het lichaam dooden, maar de geest is in Gods hand. Die troost is toch voldoende. Als mijn stoffelijk overschot naar Holland komt leg het dan bij de familie. Ik ga heen! Tot weerziens in het Vaderhuis. Dat geve God. Hij zegene U allen. Leen. Heb geen haat. Ik sterf zonder haat. God bestuurt alles.'
***
We ontvingen een persbericht betreffende het 'eerste boekje over anderhalve eeuw gereformeerden', dit naar aanleiding van het feit, dat in 1984 anderhalve eeuw Afscheiding en in 1986 een eeuw Doleantie herdacht zal worden. Hier volgt de tekst van het bericht:
' "Het kan geen kwaad als gereformeerden lezen wat hun voorouders in de kerksplitsingen van de vorige eeuw, Afscheiding en Doleantie, gedaan en beleefd hebben. Hoezeer wij misschien die beide bewegingen anders waarderen dan vorige generaties, ons respect voor de moed en de offers van het voorgeslacht moet er niet minder om zijn''.
Dat zei ds. C. Mak uit Zutphen maandag in Lunteren bij de presentatie van het eerste deel, over Drenthe, van een reeks van populaire boekjes over "Anderhalve eeuw gereformeerden in stad en land". Als voorzitter van de interkerkelijke commissie die herdenkingen van Afscheiding (1834), Doleantie (1886) en de vereniging van beide tot de Gereformeerde Kerken in Nederland (1892) voorbereid, overhandigde ds. Mak het eerste exemplaar aan de voorzitter van de synode van de gereformeerde kerken, dr A. Kouwenhoven. Ds. Mak vertelde dat in de door uitgeverij Kok te Kampen verzorgde serie niet naar volledigheid wordt gestreefd, maar wel naar herkenbaarheid. In twaalf uitgaven, waarvan er drie jaar lang elk kwartaal één zal verschijnen, worden alle provincies afzonderlijk beschreven. Door vrijwilligers, gereformeerden uit de betreffende provincie, wordt in archieven veel spitwerk gedaan. Daardoor zullen de uitgaven veel niet eerder gepubliceerde verhalen en illustraties bevatten. Omdat de gereformeerde kerken "samen op weg" zijn met de hervormde kerk, waarvan zij in de vorige eeuw los raakten, worden de herdenkingen zonder triomfalisme en in overieg met de hervormden georganiseerd. Maar, meende ds. Mak, wanneer dat samen-op-weg gestalte krijgt in een nieuwe kerk zal de aandacht voor het verleden verslappen. En daarom is het goed dat er nu nog aandacht en tijd besteed wordt aan de geschiedenis van de gereformeerden.'
In de eerste uitgave van de serie 'Anderhalve eeuw gereformeerden in stad en land', dat handelt over Drenthe, staan veel aardige dingen over wat zich in de gemeenten van Afscheiding en Doleantie afspeelde. Hier volgen twee stukjes uit het betreffende nummer:
• ' In 1847 emigreerden vele Drenten naar Amerika om daar een beter bestaan te verwerven, ook op het gebied van de godsdienst en de vrijheid van onderwijs. De Afgescheiden ds. Van Raalte (Ommen) leidde deze pioniers naar Michigan. Het volgende fragment geeft de sfeer onder de achterblijvers weer:
't Of scheid
De ollen op het boerenheem
Staot noe verlaoten en alleen,
Maor 't is een eernstig stark geslacht
Dat oet 't geloof put grote kracht.
De vaoder stek zien arm omhoog
En mooder steed met 't schoet veur 't oog.
Maor Geesie kik neet op of om,
't Verdreef, dat mak heur doof en stom.
Vlak bij de kromming van de weg
Hold Jans de pere in en zeg:
"Oes volk die staot daor zo alleen,
Laot heur de kinder nog les zeen."
Zie staot bij de waoge, holt de kinder in 't èène
Bij de wring is 't noe 'n gewuif van gien èène...
Zachies zegt Jans: "'t Begun is neet licht!
Maor 't stoerste hew had, geleuf dat mien wicht." (L Braaksma)'
• 'De kerk had eerst geen kachel. Maar er waren kerkstoven. Voor de lidmaten van buiten het kerkdorp waren er in Gees woningen, waar zij "de ingang hadden". Hier stond voor hen een warme stoof, die de vrouwen meenamen naar de kerk. Later zorgde de koster voor de kooltjes vuur. Was er iemand zonder stoof, geen nood, dan werd een stoof doorgegeven van buurvrouw naar buurvrouw. Dikwijls begon een stoof te roken en deze moest dan uit de kerk verwijderd worden.
't Kon ook nog wel ernstiger gevolgen hebben. Tot in onze eeuw droeger de vrouwen de lange "streepte rokken" van geweven linnen, gemaakt door de wever. In Gees woonden verschillende wevers, die in het hele kerspel en soms ook wel daarbuiten hun klanten hadden. Praktisch onverwoestbaar waren die rokken - in oud-Drentse kabinetten worden ze soms van geslacht op geslacht bewaard - alleen vuur kon ze beschadigen, en dat kon gebeuren in de kerk! Door vuur uit de test kon een "streepte rok" wel eens gaan smeulen. Zo gebeurde het nogal eens dat dominee zijn preek moest opschorten, omdat de smeulende rok moest worden gedoofd. Dan kwamen de "loddereinflessies' voor de dag, want lekker ruiken deed dit smeulende linnen niet.
In de jaren 1910 tot 1914 bouwden "die Cocksen" "zomaar" een pastorie en een mooie nieuwe kerk. Een gesprek tussen twee hervormde boeren verliep toen als volgt: De een: "Die Cocksen, ie begriept niet, hoe ze dat almaol veurmekaor kriegt; mij dunkt, zie moet heur wal straotarm geven".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 oktober 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 oktober 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's