Mannenbond 50 jaar
De Nederlands Hervormde Bond van mannenverenigingen op g.g. mag terugzien op een geslaagde toogdag, waarop het vijftigjarig bestaan werd herdacht.
De Nederlands Hervormde Bond van mannenverenigingen op g.g. mag terugzien op een geslaagde toogdag, waarop het vijftigjarig bestaan werd herdacht. Op 14 januari 1933 werd de bond in hotel Terminus te Utrecht opgericht. Eén van de stuwende krachten was toen de heer M. Noteboom , die al eerder mede de stoot had gegeven voor de oprichting van de Jongelingsbond, en bij de oprichting van de mannenbond sprak over 'Wij mogen niet achterblijven'.
Bij de herdenking zaterdag ll. was de congreszaal van het jaarbeursgebouw in Utrecht meer dan vol, een ouderwetse aanblik. We willen ook op deze plaats onze zusterbond, zoals dat heet, hartelijk gelukwensen en de wens uitspreken dat de bond ook in de toekomst zal mogen bijdragen aan de opbouw van de gemeenten en daarin van de kerk, door het onderzoek der Schriften en de bestudering van de vragen, die zich vandaag voordoen. Op de jubileumtoogdag refereerden, na het openingswoord van de voorzitter ds. G. H. van Kooten, dr. W. Aalders over 'Kerk en Theologie 1933-1983' en dr. A. van Brummelen over 'De plaats van de kerk nu'. Uit beide referaten één kort, kernachtig citaat.
Dr. W. Aalders, ingaande op de invloed van Karl Earth in de achterliggende jaren (met name ook in de Tweede Wereldoorlog) en op zaken als de Open brief (van o.a. ds. G. Boer en dr. K. H. E. Gravemeyer, 1967) en het Getuigenis (van o.a. prof. dr. E. C. van Niftrik, 1971) in de Hervormde kerk, zei:
'Door de secularisatie zijn wij het tijdperk ingegaan van het vuistrecht, - van de straatterreur, van de harde acties, van bomaanslagen, van de stadsguerrilla. De filmfragmenten ervan zijn dagelijks op de televisie te zien. Wie zou niet treuren over deze verloedering van onze steden, onze jeugd, ons volk? Bedenken wij wèl, dat het fascisme en het nationaal socialisme beslist geen heidendom waren, maar de eerste doorbraak in de politiek van de anarchie en het nihilisme als vruchten van de secularisatie. Daarom staan ook na de ondergang van Mussolini en Hitler de wateren van de chaos nog hoog tegen de dijken en is het gevaar van een nieuwe doorbraak allerminst geweken. Anarchie en nihilisme, de tweelingdochters van het secularisatieproces, zijn veel en veel erger dan het heidendom. Heidendom is naïef, maar het nihilisme is doortrapt en afgrondelijk! Hoe kan het ook anders? In het heidendom is God in de wanvormen van dwaling en leugen nog aanwezig. Maar in de geseculariseerde wereld is Hij geloochend en uitgebannen en vermoord.' (....) 'Dit overzicht over de kerkelijke en theologische ontwikkelingen in de periode 1933 tot 1983 moge ik nu afsluiten met een Psalmwoord, dat mij van toepassing lijkt op allen, die met G. Boer en G. C. van Niftrik diep kunnen zuchten en zwaar tillen aan de crisissituatie, waar Kerk en theologie in zijn beland: Wie met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien. Hij gaat al wenende voort, die de zaadbuidel draagt; voorzeker zal hij komen met gejuich, dragende zijn schoven" (Psalm 126 : 5-6).'
Dr. A. van Brummelen, sprekend over overschatting en onderschatting van de kerk, zei van die onderschatting o.a.:
'Neen, geen kerk, geen Woord, geen sacrament - al die middelen, die de verscheurde band met het natuurlijke leven weer aanknopen, zijn overbodig. Het komt alles alléén aan op de direkte bijzondere werking van de Heilige Geest in het mensenhart. Men wil méér dan het Woord. Voor het uitwendige Woord komt het inwendige Woord, dat men door direkte ingeving waant te ontvangen. Voor het uitwendige licht, dat door de Schrift tot ons komt, wil men alleen het innerlijke licht des Geestes. Voor de zichtbare kerk, die vele vlekken vertoont, komt het stichtelijke gezelschap. Men wil bij voorkeur het puikje, het exclusieve. Het extra-ordinaire, niet de prediking door bezonken studie uit de Schrift opgediept. Neen, het daverende woord dat de schare verdooft en verplet, maar als uit de hemel schijnt neer te dalen. Het is een overgeestelijke neiging, die velen in onze tijd buitengewoon gereserveerd doet staan tegenover alles wat met de zichtbare kerk samenhangt. Wij twijfelen niet aan de ernst, evenmin aan de oprechtheid van hun streven. Zij zijn bevreesd voor verstening. Zij willen waken voor veruitwendiging van het christendom. Zij willen het geestelijk leven niet inpersen in onbuigzame, knellende vormen. Ze scheiden datgene wat in deze bedeling onlosmakelijk samenhangt: Christus en de kerk. Genade en genademiddel. Het licht der waarheid en de kandelaar, die het moet dragen om het in de duisternis te laten schijnen. Wij hebben hier te doen met een spiritualistisch kerkbegrip. Het is een dwaling, die menigeen boeit en meesleept, omdat er zo'n teervrome zin uit spreekt. Die dwaling ziet niet op de vorm zozeer, maar op het innig geestelijk element in de dienst des Heeren. En dat is inderdaad onmisbaar. Religie zonder warmte is een onding. Maar, wij kunnen de kerkelijke vormen niet missen. Ze moeten er zijn. De apostelen weten maar al te zeer dat een geestelijke beweging zonder vormen weldra in drijfzand ontaardt. Daarom stichten zij kerken, stellen ambten in, onderwijzen in de leer. De vormen bewaren voor verstrooiing en vervluchtiging, evenals een bedding van een rivier het water voortstuwt en leidt.'
De teksten van de referaten en van het openingswoord en het slotwoord (van ds. H. Visser) zijn gebundeld in een fraai uitgegeven boekje van 48 pagina's, dat voor de prijs van ƒ9, - verkrijgbaar is bij uitgeverij den Hertog te Houten. Moge onze Mannenbond onder Gods zegen ook de komende jaren arbeiden tot heil van mensen en tot welzijn van de gemeenten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 november 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 november 1983
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's