De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De leefwereld van de Student anno 1983 (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leefwereld van de Student anno 1983 (2)

8 minuten leestijd

De titel van het bekende boekje van dr. W. Aalders 'Burgers van twee werelden' past uitnemend bij christen-studenten.

In het vorige artikel ging het over het leven en werken als student in het algemeen. Nu maken we een toespitsing naar christenstudenten.

Burgers van twee werelden

De titel van het bekende boekje van dr. W. Aalders 'Burgers van twee werelden' past uitnemend bij christen-studenten. Allereerst is daar de wereld van thuis en de wereld van de universiteit, twee heel verschillende levenssferen die soms moeilijk met elkaar in verband zijn te brengen. Dan is er de kerkelijke gemeente in de universiteitsstad en de gemeente thuis. Dat kan allerlei spanningen geven. Als student voel je dat er aan twee kanten aan je getrokken wordt en je kunt je aan geen van beide kanten volledig geven. En ouders hebben het er soms erg moeilijk mee dat hun kinderen een eigen bestaan opbouwen in een heel andere omgeving. Ze zouden hen het liefst angstvallig bij zich houden. Des te meer wanneer ze voelen dat ze hun kinderen niet meer bewaren kunnen bij het oude patroon dat ze zelf van jongs af in kerk en gezin gewend waren.

Dan mag ik u wijzen op de christelijke studentenverenigingen. Veel studenten uit onze kring zijn hier direct en intensief betrokken geraakt bij het Woord van God, bijv. door de wekelijke bijbelkringen. Velen zijn er aangeraakt door Gods Geest en zijn daarbij soms door een crisis gegaan, waarvan wij niet weten. Bovendien hebben ze er geleerd om in de kritische omgeving van de universiteit voortdurend rekenschap te geven van wat ze geloofden. Ze zijn nu in nog veel diepere zin burgers van twee werelden geworden. Ze hebben een burgerschap in de hemel gevonden midden in het bolwerk dat zich verheft tegen de kennis van Christus.

Bij ons is de beschaamdheid...

Christelijke studentenverenigingen zijn destijds op particulier initatief opgericht. En dat was niet voor z'n tijd. Iemand heeft eens gezegd dat er twee bolwerken van onkerkelijkheid in de westerse wereld zijn aan te wijzen. Het ene is de arbeidersklasse en het andere is de universitaire wereld. En de kerk heeft zich, vaak gedwongen teruggetrokken uit de wereld der arbeiders en studenten, omdat ze eenvoudig niet aanvoelde welke knelpunten en vragen en ergenissen aandacht behoefden alvorens men een open oor mocht verwachten voor de boodschap van het Evangelie. Daarom geloof ik dat onze kerken vandaag het chr. studentenwerk zoals dat gegroeid is, moeten aanvaarden, ja steunen en bevorderen. Zoveel in hun vermogen ligt. Ik zal u nog verder proberen uit te leggen waarom.

Christelijke studentenverenigingen binnen de IFES, zoals in Nederland de CSFR en Ichthus en de nieuwe HBO-studentenvereniging Alpha, nemen twee taken van de gemeente over in de studentenwereld. In de eerste plaats vangen ze jonge mensen op en geven hun een schuilplaats in het soms kille intellectuele en onpersoonlijke klimaat van de universiteit. Voor mensen die meestal ver van hun vertrouwde omgeving een nieuw bestaan moeten opbouwen geven ze een plaats van ontmoeting en bemoediging rondom het Woord van God. Ik herinner me uit mijn studietijd hoe we hiermee bezig waren. Hoe we meer en meer leerden ons niet alleen te buigen óver, maar ook ónder Gods Woord. Hoe we vaak 's avonds laat nog bij elkaar kwamen om de Bijbel te lezen of een stukje uit McCheynes geschriften, of om te zingen. Hoe er ook een groot verlangen ontstond om het evangelie uit te dragen. De dankbaarheid hiervoor in het prille Wageningse CSFR-dispuut leidde tot de naam 'Dei Gratia'. Dat betekent niet aleen 'door Gods genade', maar ook 'dank aan God’.

In de tweede plaats is de christelijke studentenvereniging een leerhuis voor christelijk getuigenis. Wie kunnen nu beter het evangelie duidelijk maken aan studenten dan christen-studenten? Zouden wij de mond van de kerk snoeren door in alle toonaar­ den te zwijgen over de ene Naam die onder de hemel gegeven is? Zouden zij de handen van de gemeente binden omdat ze niet de liefde van Christus kennen, noch de schrik des Heeren weten om 'vast te grijpen die ten dode wankelen? ' Hoe zullen studenten horen zonder die hen predikt? Of laten we dat aan het studentenpastoraat over? Op enkele CSFR-disputen zijn kleine gesprekskringen met niet-christelijke vrienden. Binnen Ichthus tref je heel wat studenten aan die vanuit een totaal onchristelijke achtergrond tot geloof zijn gekomen. In veel landen kan de IFES er getuigenis van afleggen hoezeer ze kerk en zending heeft mogen dienen. Niet in het minst doordat verflauwde en ingezonken gemeentes weer leerden buigen onder de autoriteit van de Schrift door het voorbeeld, de gaven en de ijver van studenten en afgestudeerden die in een studentengroep tot geloof waren gekomen.

Eigenlijk moeten we ons als kerk van Christus schamen als we zien hoe in de chr. studentenverenigingen mensen uit verschillende kerken bezig zijn in bijbel-en studiekringen. Hier is stukje interkerkelijke gemeenschap werkelijkheid geworden, waar we in onze kerken nauwelijks of niet aan toe zijn. Maar er is méér. Op de studentenverenigingen wordt bijna alles samen gedaan. Samen de bijbel lezen, samen bestuurswerk doen, elkaar helpen in de studie, in de diepste geloofsvragen, samen bidden. De waarde van het samen-doen is nauwelijks te overschatten. Mag dat ook overgedragen worden naar onze reformatorische kerken, waar het 'oog voor elkaar' soms zo bedroevend weinig leeft? Hoeveel huwelijken zijn er zelfs niet onder ons, waarin de man en de vrouw nog nooit met elkaar hebben gebeden, terwiji ze al tien, twintig, dertig jaar getrouwd zijn?

Wetenschap met geweten

Misschien blijft u toch nog met de vraag zitten waarom christen-studenten zich zo nodig apart moesten organiseren. Ze kunnen toch ook meedoen aan de jeugdverenigingen en bijbelkringen van de gemeente? Natuurlijk kunnen ze dat. Maar op de studentenvereniging leren ze de 'godzaligheid te verbinden met de wetenschap' (Voetius) door bijbel- en studiekringen, door lezingen en conferenties. Een christen-psycholoog word je niet vanzelf, een christen-jurist ook niet, om maar wat te noemen. Daar is grondige bezinning voor nodig vanuit de Schrift. En daarvoor is ook nodig dat we die bezinning leren toepassen in de praktijk. Dan zien we wat ze waard is. Zoals Luther eens zei van zijn theologie dat dat geen 'salonkamergeleerdheid' was, maar dat hij door zijn collega's die hem bestreden, het 'Woord in gejaagd was'. Zo gaf God hem de diepte van zijn theologische studie.

Op de chr. studentenvereniging leren we studie en geloof te verbinden. We mogen beseffen dat juist in de reformatie zoveel aandacht voor de (natuur)wetenschap ontstond, en dat geloof en wetenschap geen vijanden, maar bondgenoten zijn. Augustinus zegt ergens: 'de hemel en de aarde en al wat er in is zeggen mij zonder ophouden mijn Heer te beminnen'. Maar vandaag moeten we bij het bestuderen van hemel, aarde en al wat er in is door een dikke muur van onbijbelse theorieën heenworstelen. Voetius stelde in 1634 ook al vast dat er 'veel wetenschap zonder geweten' is.

Er zijn studenten die zich op eigen houtje in de wereld der wetenschap wagen. Men mag de goede afloop van die onderneming in twijfel trekken. Godzaligheid verbonden met wetenschap is namelijk een smalle weg. Alleen verdwaalt men zo gemakkelijk. O men probeert niet te veel na te denken en brengt een scheiding aan in zijn leven. Een volledige scheiding tussen de wereld van thuis, de kerk etc. en de wereld van de stu die. Veel jonge mensen kunnen niet meer tegen zo'n gespleten leven op en als de dijken dan doorbreken, spoelt het hele lam onder en is spoedig zelfs het laatste restje geloof verdronken.

Kunnen we de waarde van een chr. studentenvereniging inzien? Wellicht willen we dan aanvaarden dat onze studenten tijdelijk veel van hun energie aan de vereniging geven. Wellicht willen we hen tijdelijk voor die roeping afstaan, wanneer ze veel minder betrokken kunnen zijn in de kerk of in de familiekring.

Als we dat willen doen met liefde en met een vurig gebed, dan mogen we hoop hebben dat velen in hun studententijd Christus zullen vinden in plaats van Hem te verliezen. En dan mogen we ook verwachten dat ze hun ervaring als kringleider of als bestuurslid en het besef van verantwoordelijkheid voor elkaar willen gebruiken tot opbouw van de gemeente, in jeugdverenigingen, op bijbelkringen, in het evangelisatiewerk of als ouderling of diaken.

Bidt dat ze blijven in het geloof, gefundeerd en vast, en dat ze niet bewogen worden van de hoop des Evangelies.


Vorige week schreef ir. N. M. Tramper over de leefwereld van de student. Vandaag gaat hij in op de situatie van christen-studenten. Hoe belangrijk zijn christelijke studentenverenigingen? En hoe moet je als student omgaan met dat wat je leert? Een stafwerker aan het woord!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 november 1983

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De leefwereld van de Student anno 1983 (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 november 1983

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's