De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zijn komst is ’t, die ons heil volmaakt!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn komst is ’t, die ons heil volmaakt!

10 minuten leestijd

Opvallend is dat beide broers Erskines spreken over een verblijdende komst van Christus.

Wie regelmatig de preken van de Erskine's leest, kan zich niet helemaal aan de indruk onttrekken, dat zij enigszins wijdlopig zijn. Wanneer deze gedrukte preken letterlijk door hen zo zijn uitgesproken, heeft men wel langer dan anderhalf uur in de kerk gezeten. Toch kunnen wij niet zeggen, dat hun preken langdradig zijn. Zelfs niet dat de gebroeders Erskine vaak in herhaling zijn gevallen. Integendeel, hun preken blijven boeiend en fris tot het einde toe. De oorzaak hiervan is, dat zij de beloften van het Evangelie in hun verkondiging niet beperkt hebben. Zij hebben 'de kabinetten der evangelische beloften' zeer wijd geopend. Dat openen van 'die kabinetten' deden zij niet voor een enkeling, doch voor allen die onder hun gehoor zaten. De prediking die zij brachten mag daarom als een goede Schriftuurlijke prediking gezien worden. Exegetisch en dogmatisch op zeer hoog niveau. Dit bleek ons weer eens temeer nu wij voor het kerstnummer van ons orgaan een aantal adventspreken van de hand van de Erskine's lazen. Ofschoon er meerdere zijn verschenen, hebben wij ons moeten beperken tot een preek van Ralph over Psalm 40 vers 8 die hieraan koppelde een tekst uit het Hooglied nl. hoofdstuk 2 vers 8 en tot één van Ebenezer die handelt over Lukas 1 vers 78. De preek van laatstgenoemde zou trouwens ook een kerstpreek kunnen zijn.

Een verblijdende komst

Opvallend is dat beide broers spreken over een verblijdende komst van Christus. Die verblijdende komst geldt echter niet in de eerste plaats voor de Zijnen, maar geldt in eerste instantie voor Christus zelf. Reeds in de Raad des Vredes was Christus verheugd over Zijn komst in het vlees. Dat blijkt uit de woorden: 'zie. Ik kom; Ik heb lust, o mijn God! om Uw welbehagen te doen. Verheugd is Christus omdat Hij met de opdracht van Zijn Vader naar de aarde komt. Hij verblijdt Zich erin Diens gezant te zijn. Verblijd is de Zoon van God omdat Hij komt om Zijn Vader te verheerlijken en omdat Zijn komen de zaligheid van Zijn volk teweeg zal brengen. Ofschoon Zijn komst dus in de eerste plaats Hem stof tot vreugde gaf, zo zou dit ook tot grote blijdschap zijn voor allen die door de Vader aan Hem gegeven zijn. Want de komst van Christus houdt in dat de 'evangeliewagen' zegevierend door de wereld zal rijden. Met Zijn komst in het vlees, komt Hij immers in het Woord. In dat Woord komt Hij met uitgestrekte armen op ons toe en zegt: wend u naar Mij toe. Zijn komst in het vlees en in het Woord is een zeer heugelijke zaak. Maar - zo zeggen de Erskine's - Zijn komst in het Woord is dan alleen vreugdevol en gezegend als zij vergezeld gaat met Zijn komst in de Geest. Wij kunnen geen verblijdend gezicht hebben van Zijn komst in het vlees en geen 'aangename bevinding' van Zijn komst in het Woord, tenzij wij deel hebben aan Zijn komst in de Geest, als een Geest des geloofs en der vertroosting.

Het bijzondere in deze preken

Het bijzondere in deze preken is eigenlijk in drie woorden samen te vatten: Christus is alles! Zijn komst in het vlees, Zijn komst in het Woord, Zijn komst in de Geest bevat alle heil. Wij behoeven geen heil in onszelf te zoeken. Die is er niet. In ons hoofd niet, in onze hand niet, in onze voet niet én in ons hart niet. Alle zaligheid is alleen in de vleesgeworden Christus. Het geloof dient alleen oog te hebben voor Hem. En dan voor Hem in Zijn zaligmakende ambten. Want het vleesgeworden Woord is onze Heere Jezus Christus. De geboren Zoon is ons van God gegeven. Hij is niet voor Zichzelf, maar voor ons geboren. Alles wat Hij als Middelaar is, is Hij voor ons. Hij is de allerhoogste Profeet, de Onderwijzer van de wil van God. Als Onderwijzer bezoekt Hij Zijn leerlingen. Niet Zijn leerlingen Hem, doch Hij hen. Hij is ook een getrouw en barmhartig Hogepriester. Die medelijden heeft met onze zwakheden.

Daarom mogen wij hem vragen ons te bezoeken. Hij is zeer gewillig ons te bezoeken. Reeds in Zijn vleeswording heeft Hij ons dit laten zien. Hij is onze Middelaar Die tussen God en ons staat. Hij is onze Koning. Een goede Koning, een beste Koning! En zal deze beste Koning Zijn onderdanen niet willen bezoeken? Hij zal het én Hij kan het op grond van Zijn Borgtochtelijk werk. In de kribbe wordt ons het reeds duidelijk, dat Hij als Koning in ons hart wil komen en alle vijanden kan en wil onderwerpen. Het gaat de Erskine's in hun preken alleen om Christus. Hij Die aan al de gerechtigheid Gods voldaan heeft, is onze gerechtigheid voor God. Christus is de Heere van onze gerechtigheid. Niemand of niets anders!

Gunnend en welmenend

Ook in deze 'feeststoffen' van Ralph en Ebenezer komt zeer duidelijk uit, dat het heil niet slechts beperkt is tot een enkeling. Tot een ieder laten zij het welmenend aanbod der genade uitgaan. Christus wordt aan de voeten gelegd en er wordt duidelijk gezegd: wilt gij Christus hebben of niet? Bij dat aanbod stellen zij geen voorwaarden. Ofschoon zij heel goed weten dat alleen een schuldige om Christus verlegen is en Hem begeert te omhelzen, spreken zij toch niet over de maat of de trap van de schuld. Zij leggen geen duimstok aan. Begeert gij, o zondaar, de vleesgeworden Christus? Wel, Hij is voor u! Voor u, zoals u bent. Beider prediking is ruim en mild. Ebenezer zegt in zijn preek over 'de dageraad': het licht van de dageraad (Jezus Christus) is voor iedereen. De bedelaar mag er evengoed gebruik van maken als de koning. Wie men ook maar mag zijn, doch van Jezus Christus mag en moet gebruik gemaakt worden. Het licht en de genade Gods in de uitdeling van het Evangelie is algemeen en vrij voor rijk en arm, voor grote en kleine zondaren. Hieruit blijkt, dat zij een algemeen en welmenend aanbod tot een ieder laten uitgaan. Terecht! Ook al betwisten sommigen in onze tijd dat dit niet Schriftuurlijk is. Het is puur Schriftuurlijk, want op deze wijze zal zich nooit iemand kunnen verontschuldigen. Wij kunnen van deze Schotse predikers veel leren, zeker in onze tijd waarin de genade Gods soms zo minimaal wordt voorgesteld. Het lijkt wel alsof Christus niet in het vlees is gekomen en Zijn leven heeft gegeven om een groot volk in het leven te behouden, een schare die niemand tellen kan. Laat toch de nodiging tot Christus ruim, mild en welmenend uitgaan. En laten wij ons dan in de eerste plaats door de Schrift laten onderwijzen, maar ons dan ook door de overlevering van deze geschriften laten gezeggen. Zonder de geschriften van de Erskine's of van wie ook boven of naast de Schrift te stellen. Dit laatste is trouwens nooit de bedoeling van de gebroeders geweest.

Tegenwerpingen

Dat zij hun gemeente door en door hebben gekend en er goed van op de hoogte zijn geweest wat in het hart van een mens kan omgaan, blijkt steeds opnieuw uit de pastorale toon in hun preken. De tegenwerpingen die het hart heeft tegen vrije genade deden zij niet af door er geen aandacht aan te schenken of er geen waarde aan te hechten. O neen, zo gingen zij met hun hoorders niet om. Uitvoerig gaan zij op die tegenwerpingen in en ontzenuwen deze vanuit het Woord. Tegenover iedere tegenwerping wordt de belofte van het evangelie gesteld. Wanneer men bijv. tegenwerpt, dat de zonden te groot zijn, zodat Christus wel nooit tot de zondaar zal willen komen, dan is het antwoord in de preek: ziet, hoe Christus de grootste zondaren bezoekt met de aanbieding van Zijn liefde en genade. En wanneer iemand tegenwerpt een bergenhoge schuld te bezitten en dat om die reden Christus wel geen bezoek zal willen brengen in het hart, dan is het antwoord: overweeg, dat bergen voor Hem geen hinderpalen zijn. Hij komt, springend op de bergen, huppelend over de heuvels. Het zal waar zijn, dat een berg van duisternis in uw verstand is, een berg van wederspannigheid in uw wil is, een berg van vleselijke en wereldse gezindheid in uw genegenheden is, bergen van schuld liggen op uw consciëntie (geweten), bergen van twijfel, bezwaren en vrees in uw hart, maar... al die bergen zijn niets voor Hem. Verlaat u op Zijn Woord. Spreekt het Woord na en zegt: Ziet Hem, Hij komt. Hij is gekomen in het vlees, en als de vleesgeworden Christus komt Hij tot mij. Hij komt springende over de bergen. Met één sprong kan Hij over al die bergen bij mij zijn.

Ook gaan de Erskine's in de preek in op de vraag: ben ik wel uitverkoren? Een vraag die menigeen zich ook in onze tijd stelt. Het antwoord op deze vraag is wel zeer pastoraal. Zij antwoordden: Christus 'genadebezoeken en de aanbiedingen van Zijn genade in het Evangelie zijn tot zondaren. Hij roept mensen en de kinderen der mensen. Als u daar uw naam onder kunt vinden (bedoeld is dat men mens, gevallen mens is), hebt u geen enkele reden u zelf uit te sluiten. U begint aan het verkeerde eind, wanneer u zich met de besluiten Gods inlaat. U mag u niet indringen in Gods heiligdom. Ziet eerst op de zaken die u in het Woord geopenbaard zijn. De Heere roept u. Hij roept u welmenend. Gehoorzaamt de stem van het Woord. Dat is de weg om tot kennis te komen van de verborgen voornemens van Gods hart. Luistert naar het Woord, want het Woord maakt nooit beschaamd. En als u zegt, dat u geen been hebt om voor Hem op te staan, gelooft dit: Hij brengt alles mee, want in Zijn vleeswording heeft Hij reeds alles meegenomen om u te helpen. Ook uw onmacht is voor Hem geen bezwaar. Juist dan wil Hij graag bij u komen om u sterkte te geven. Wat een rijke prediking, vindt u niet?

Misschien dat sommigen onder ons zich de vraag stellen of de gebroeders Erskine in hun preken nooit gewaarschuwd hebben. Zijn zij altijd zo lieflijk geweest als in het bovestaande naar voren is gebracht? Voorzover wij uit hun geschriften hebben kunnen nagaan zijn zij in hun prediking inderdaad altijd zo lieflijk geweest, ofschoon zij toch ook ernstig wisten te waarschuwen. De goddeloze, die in zijn goddeloosheid volhardde, hebben zij het eeuwig wee aangezegd. Ook hebben zij ernstig gewaarschuwd om het vertrouwen toch niet te stellen op tranen, gevoelens, gebeden, een geschikte voorbereiding en wat er meer van de mens zou kunnen zijn. Alleen op Christus moest vertrouwd worden! Alleen op Zijn volbracht werk moest gerust worden! Want Christus alléén is alles! Al het andere is vergeleken bij Hem steigerwerk. 't Wordt eens afgebroken en in het vuur geworpen. Christus alleen!

Christus’ wederkomst

Schreven wij eerder over de komst van Christus in het vlees, in het Woord en in de Geest, ook Zijn wederkomst mogen wij niet vergeten te noemen. Vooral Ralph Erskine wijdt hieraan veel aandacht in zijn adventsprediking. Christus' komst op de wolken is eveneens een verblijdende komst. Verblijdend voor Hem en de Zijnen. Zijn komen is een komen tot zaligheid. En als Hij komt om te zaligen, is het altijd met vreugde. Huppelend en springend van vreugde kwam Hij in het vlees. Die eerste komst kostte Hem echter het leven. Nog veel meer zal Christus huppelen en springen van vreugde als Hij zal komen om het werk der zaligheid aan de Zijnen te voltooien, te vervolmaken door hen in Zijn eeuwige heerlijkheid op te nemen. De vreugde van Christus zal dan groot zijn. Ook de vreugde van Zijn volk zal dan groot zijn. Want Zijn komst is het, die hun heil volmaakt!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 december 1983

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Zijn komst is ’t, die ons heil volmaakt!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 december 1983

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's