Bij de kribbe
Nu staan wij om Uw kribbe heen, o teeder, hulpbehoevend wicht, o God uit God, o Licht uit Licht, nu zijt Gij waarlijk onzer een.
Nu staan wij om Uw kribbe heen,
o teeder, hulpbehoevend wicht,
o God uit God, o Licht uit Licht,
nu zijt Gij waarlijk onzer een.
Die droefheid kent en met ons lijdt.
Die onder ons als mensch vertoeft.
Die onze felle angsten proeft
en onzer zonden bitterheid.
Wij hebben eigen weg gewild,
wij hebben zwijnendraf begeerd,
maar God is bij ons ingekeerd,
o blijdschap, die de ziel doortrilt!
Ziet Gij, naar wat veracht is, om?
Verkiest G' een stal, Uw gunst ten blijk?
En is ons hart geen stal gelijk?
O, arm geworden Koning, kom!
Uit: W. Kruikemeier (overleden in 1948) 'Doolhof van het hart', Buijten en Schipperheijn, Amsterdam.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 december 1983
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 december 1983
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's