Synodaal Allerlei
Moderamen
Na de vorige week gehouden synodevergadering is het hervormd moderamen als volgt samengesteld: ds. C. B. Roos, Amsterdam (praeses), ds. H. Huting, Rotterdam (assessor-primus), mevr. M. W. v. Beinum, Almelo, drs. R. H. Kieskamp, Leerdam, dr. R. J. Mooi (scriba), dr. A. de Kuiper (secr. voor Algemene zaken).
Zondag voor de arbeid
In het kader van de behandehng van een nota over 'sociale zekerheid' kwam aan de orde op de synode het instellen van een zondag voor de arbeid. Met name drs. R. H. Kieskamp (Leerdam) maakte bezwaar tegen het invoeren van allerlei thema-zondagen, waardoor het eigenlijke karakter van de verkondiging in het gedrang komt en de prediking gedevalueerd wordt tot een lezing. De synode besloot met 34 stemmen om een dergelijke zondag niet in te voeren. Merkwaardigerwijze was er daarna ook onvoldoende steun voor het voorstel van drs. Kieskamp, om tijdens de bidstond - als deze niet in de week gehouden wordt, dan op de zondag erna - aandacht te geven aan de arbeidsproblematiek. Dit laatste hing ongetwijfeld samen met het feit dat in het merendeel van de gemeenten, waaruit de afgevaardigden ter synode komen, helaas geen bidstond voor gewas en arbeid meer wordt gehouden.
Herformulering besluiten over Zuid Afrika
De Generale Commissie voor de Behandeling van Bezwaren en Geschillen heeft op 1 september 1983 twee onderdelen van de besluitvorming van de Generale Synode van juni 1982 over Zuid Afrika nietig verklaard, namelijk het besluit om 'te blijven streven naar kontakten met bevrijdingsbewegingen, in het bijzonder het ANC' en het besluit om 'bij de oecumenische kommissie voor kerk en samenleving in de E.G. aan te dringen om een brief te schrijven aan de ministerraden voor Buitenlandse Zaken en Economische Zaken van de Europese Gemeenschap op Euratom druk uit te oefenen kontrakten van levering en bewerking van uranium uit Namibië niet langer goed te keuren'. De commissie meende dat de synode met deze uitspraken de grenzen van haar bevoegdheden op grond van art. VIII van de kerkorde (het apostolaat) te buiten was gegaan. Wat betreft contact met bevrijdingsbewegingen wijst de commissie op het daarmee erkennen van het gebruik van geweld en ten aanzien van het leveren van uranium stelt de commissie dat nergens blijkt dat een besluit daarover tot stand is gekomen op verzoek van 'de kerk' in dat land.
De synode moest zich nu buigen over opnieuw geformuleerde besluiten terzake. De nieuwe besluiten luidden:
'Te blijven streven naar kontakten met de bevrijdingsbewegingen, in het bijzonder het A.N.C., in zoverre deze dit doel dienen, d.w.z. zich verzetten tegen het systeem van gescheiden ontwikkeling en de daaraan dienstbare apartheidspolitiek, zonder dat de Generale Synode daarmee het gebruik van geweld en tegengeweld legitimeert en voorts in het bijzonder: ondersteuning van het Handvest van de Vrijheid van het jaar 1955 en streven naar het tot stand komen van een nationale konventie, waarbij alle bevolkingsgroepen betrokken zijn om te beslissen bver de toekomst van Zuid-Afrika'.
'Uitgaande van het feit, dat de Raad van Kerken in Namibië zich duidelijk uitgesproken heeft tegen de roof van bodemschatten uit dit land, bij de door de samenwerkende West-Europese kerken ingestelde Oekumenische Kommissie voor Kerk en Samenleving in de E.G. aan te dringen om een brief te schrijven aan de Ministerraden voor Buitenlandse Zaken en Economische Zaken van de Europese Gemeenschappen op Euratom druk uit te oefenen kontrakten van levering en bewerking van uranium uit Namibië niet langer goed te keuren'.
Dr. W. Balke (Den Ham), zelf lid van de Generale Commissie voor de behandehng van bezwaren en geschillen, zei in de behandeling op de synode het volgende:
'Nu de agenda ons opnieuw oproept ons uit te spreken over onze houding t.o.v. Zuid-Afrika, wil met nadruk stellen, dat elke schending van mensenrechten ons met afschuw moet vervullen en dat elk systeem van apartheid verwerpelijk is. Daarover gaan onze standpunten in de synode niet uiteen. Maar wij hebben diepgaande verschillen van inzicht over de wijze waarop de kerk haar theokratische roeping verstaat en vervult. De kerk moet er zorgvuldig voor waken niet op de stoel van de overheid te gaan zitten. Geen aardse macht begeren wij. De kerk heeft slechts één wapen nl. het zwaard des Geestes, d.i. Gods Woord. Hoe de kerk het Woord heeft te bedienen tegenover overheid en volk is aangegeven in de kerkorde art. III, VIII, i en uitgewerkt in Ord. 4, 19. T.a.v. het beleid van de synode m.b.t. Zuid-Afrika is herhaalde malen in onze vergadering gevraagd naar de kerkordelijke basis van dit beleid. Op welk artikel van de kerkorde baseert zich dit beleid als nader bepaald in de besluiten van nov. 1982 en met name in de onderdelen 3 sub a en 4 sub d? In de considerans wordt dit niet vermeld. Dat is geen wonder want deze basis ontbreekt geheel. Zoals reeds door mij betoogd in de zitting van nov. 1982, heeft de GS door het nemen van deze besluiten zich buiten de orde der kerk gesteld. Nu stelt de GS voor te besluiten tot herformulering van de door de gen. commissie vernietigde artikelen. Echter deze vernietigde besluiten 3 sub a en 4 sub d van het besluit van de GS nov. 1982 blijven nietig ook al worden ze, na de vernietiging geherformuleerd. Zij kunnen door herformulering achteraf niet rechtskrachtig.worden. Met de voorgestelde herformulering wil de GS tot uitdrukking brengen, dat zij volhardt bij de vernietigde besluiten, m.a.w. dat zij de beslissing van de gen. commissie over deze besluiten niet eerbiedigt. In de orde der kerk is de GS aan de beslissingen van de gen. commissie onderworpen. Het is een buitengewoon kwalijke en bedenkelijke zaak, dat de GS zou vasthouden aan de vernie-tigde besluiten. De GS kan de gevolgen van een dergelijke niet-eerbiediging niet op zich nemen en dient de voorgestelde herformulering niet te aanvaarden'.
Een inhoudelijke discussie over de besluiten als zodanig werd afgehouden. Het ging om de formele bezwaren van de commissie. Dr. R. J. Mooy stelde dat het moderamen zich aan de uitspraak van de commissie niet heeft willen onttrekken, maar de commissie mag anderzijds niet inhoudelijk de besluiten van de synode toetsen.
Zodoende werden de herformuleringen aanvaard (met overigens 18 stemmen tegen). Rest nu de vraag of er dan tóch nog wegen zijn om aan een besluit van de commissie van bezwaren en geschillen, waartegen namelijk géén beroep mogelijk is, kennelijk te ontkomen.
Intussen staan we ook voor de vraag wat volgens art. VIII van de kerkorde apostolair vandaag kan en mag, kortom wat apostolaat eigenlijk is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's