De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

7 minuten leestijd

De in 1982 overleden literator dr. C. Rijnsdorp hield jaren een dagboek bij. Na zijn overlijden zijn zijn 'laatste gedachten' verschenen. Uit de rubriek 'Terloops' in het blad 'Opbouw' nemen we enige van die dagboeknotities over.

'In 1982 overleed dr. C. Rijnsdorp. Hij was 88 jaar en dus één van een bijna voorbije generatie. Wat me bij het lezen van z'n boeken altijd is opgevallen is zijn kennis van zaken en zijn frisheid In denken. Hij was een man die op een goede manier vasthield aan het oude, maar tevens blij was met het goede in het nieuwe. Daarom blijft zijn werk het waard om ook door jongeren te worden gelezen.

Rijnsdorp hield jaren een dagboek bij. Zijn laatste gedachten zijn na zijn overlijden verschenen en het leek me goed een aantal opmerkingen hier zonder commentaar door te geven. Het zijn gedachten van een man die wist dat hij ouder werd en eens zou sterven.

Hij kende ook de gebreken van de ouderdom en schreef daar rustig over.

23 mei 1978: ledere morgen bij het wakker worden dezelfde vervelende tegenstrijdigheid: te moe om op te staan en te onrustig om te blijven liggen.

26 mei 1978: In mijn vorige dagboek hield ik me nogal eens met de dood bezig. Maar die (eigen) dood lag nog in het verschiet. Nu is het aanstaande sterven concreet, biologisch en administratief.

16 juni 1978: Bij elke notitie in dit dagboek moet ik denken: "Deze aantekening zal wel de laatste zijn; hierna weet ik niets meer, of ik zal in herhaling vallen''.

9 juli 1978: Ik heb geen eigen wil meer. Ik voel mij maar het veiligste mij ingevoegd te weten in het weefsel van Gods wil. Noem het wil, noem het toelating: hoe kunnen wij het juiste woord vinden als het over God gaat? Theologieën kunnen hierop ontsporen.

23 juli 1978: De zonde is na Auschwitz op aarde volwassen geworden.

2 november 1978: Ik haat sectarlsme, partijdigheid en het denken in partij-categorieën.

21 november 1978: Als de Heer eenmaal zijn hand op je gelegd heeft, kom je er niet meer onder uit.

27 april 1979: Enkele oude aantekeningen ontdekt. Januari 1974. Ik heb weleens de indruk, dat een volgende generatie voor de onze geen goed woord zal overhebben. De beste humanist mist een dimensie, die de slechtste christen wèl heeft. Wat je schrijft en spreekt lijkt niets, maar als het er niet zou zijn of geweest zijn, zou er toch iets ontbreken.

11 juli 1979: Wacht niet te lang met een troostboekje aan deze weduwnaar, wil je niet tot de ontdekking kómen dat hij zichzelf al getroost heeft.

4 februari 1980: Op mijn leeftijd bezie je de dood niet meer vanuit het leven, maar het leven vanuit de dood. Je leven overdoen? De gedachte alleen al maakt me moe. Ik ben dankbaar dat mijn ervaringswereld zich nu ook uitstrekt tot de hoge ouderdom.

6 mei 1981: Elk gelezen boek is hoogstens een volzin uit het totale boek van het leven. Ik ben nu wel duidelijk op de stervenslijn aangekomen.

26 augustus 1981: De dood wet (scherpt) de zeis. Ik hoor het.

1 september 1981: In de schaduw van de voortschrijdende aftakeling Is een merkwaardig lichtgroen gewas zichtbaar geworden: tevredenheid.

Jaarwisseling 1981/1982: Wie werkzaam in het leven staat, moet wel aan de dood denken, maar handelen van het leven uit. Aan het einde evenwel bepaalt de dood het gezichtspunt. Dit brengt om te beginnen een sterk relativeringsproces op gang. Het leven heeft zijn betekenis niet verloren, maar het vertoont zich plotseling onder één enkel aspect: dat der betrekkelijkheid.

Leven lang of kort, bekend zijn of vergeten, veel of weinig pijn te hebben geleden, het wordt alles doorzichtig als gevarieerd levensslot. En dan de grote verrassing: het loslaten van de activiteit leidt niet in een vacuüm! Als de mens niet meer kan medewerken, neemt God het initiatief over. Dan wordt het ineens duidelijk, hoe de Geest alle positief menselijk streven draagt en mogelijk maakt. Veel sterker nog: iets ongekends breekt zich baan, een uiterste ervaring; Gods werking wordt zichtbaar als essentieel en alles omvattende. Krachten van de toekomende eeuw worden oppermachtig in een vrij en stralend spelen met vuur uur en geluid. Gestalten verschijnen aan mijn bed; mijn bewustzijn lijkt zich te verdubbelen, alles ervaar ik als reeds gebeurd.'

***

De redactie van het reformatorisch opinieblad 'Koers' kreeg het originele idee aan 25 'min of meer bekende Nederlanders' te vragen welke (drie) boeken beslissende betekenis hadden in hun leven. Hier volgen van enkele gevraagden hun lievelingsboeken.

• Meindert Leerling, voorzitter RPF-fraktie in de Tweede Kamer: - Ongeloof en revolutie. Groen van Prinsterer - Maatschappij der toekomst, prof. dr. H. van Ries - Bouwen in een verscheurde samenleving, Anne van der Bijl.

• mr. Floris B. Bakels, auteur van Nacht un Nebel: - De boeken der kleine zielen, Louis Couperus - Ziekte als lot en kans, H. O. Moolenburgh - Schuld en boete, F. M. Dostojevski.

• drs. A. Moerkerken, predikant Geref Gemeenten - Keurstoffen, ds. B. Smytegelt - Eigenschappen van het zaligmakend geloof, ds Alexander Comrie - Institutie, Johannes Calvijn.

• Mevr. drs. A. B. F. Hoek-van Kooten, arts: - De taal van het lichaam, Julius Fast - Nacht und Nebel, Floris Bakels - Het kind in gezin en samenleving, dr. R. W. M. Croughs.

• dr. J. Hoek, Nederlands Hervormd predikant te Veenendaal: - (als kind) Peerke en z'n kameraden, W. G. van de Hulst - (als puber) De Dordtse Leerregels - (later) De Institutie, Johannes Calvijn

• ir. H. van Rossum, voorzitter SGP-fractie in de Tweede Kamer: - Eens christensreize naar de eeuwigheid, John Bunyan - Zien op Jezus, Ambrosius (d.i. een Engelsman uit de zeventiende eeuw) - Vrijheid, gelijkheid, broederschap, Groen van Prinsterer.

• Andries Knevel, redacteur Koers: - Boek III der Institutie, Johannes Calvijn - Nacht und Nebel, Floris Bakels - Op het scherp van de snede, prof dr A. A. van Ruler en anderen.

• prof. dr. C. Graafland, hoogleraar vanwege de gereformeerde Bond aan de Rijksuniversiteit Utrecht: - Eens christensreize naar de eeuwigheid, John Bunyan - Eigenschappen van het zaligmakend geloof, ds Alexander Comrie - Boek III der Institutie, Johannes Calvijn.

• Ad de Boer, redacteur Koers: - Gevangene... en toch, Corrie ten Boom - Vrijheid, gelijkheid, broederschap. Groen van Prinsterer - De rode bisschop (over leven en werk van Dom Helder Camara), Wim Hermann.

***

Op D.V. 29 maart a.s. promoveert aan de T.H. te Delft ir. M. Verhage te Huizen (N-H) op een (In het Engels geschreven) proefschrift over een chemisch onderwerp. Van de stellingen bij dit proefschrift - dat aanvangt met de belijdenis van Psalm 95 vers 3-6 - nemen we de volgende over.

• 'De alternatieve straf "dienstverlening", die primair moet dienen ter vervanging van de korte onvoorwaardelijke vrijheidsstraf, dient zo spoedig mogelijk als hoofdstraf te worden opgenomen in het Wetboek van Strafrecht, zodat deze straf beschikbaar komt voor de rechter, en de rechter daarmee de volledige verantwoordelijkheid draagt voor het opleggen van deze straf

M. Verhage-van Kooten, Alternatieve strafrechtelijk sancties, Doctoraalscriptie, Rijksuniversiteit Leiden (1981).

• Het verdient aanbeveling alsnog mogelijkheden te scheppen voor grootouderadoptie.

• De ongeboren menselijke vrucht dient te worden gezien als natuurlijk persoon, en van daaruit als drager van rechten, zodat de ongeborene niet alleen vermogensrechten worden toegekend, maar ook het meest essentiële recht, namelijk het recht op leven.

Artikel 2, boek I, Burgerlijk Wetboek, Ie gedeelte.

"Het kind waarvan een vrouw zwanger is, wordt als reeds geboren aangemerkt, zo dikwijls als zijn belang dit bevordert."

• De Nederlandse Overheid is inconsequent bij de bescherming van haar onderdanen tegen contaminatie met giftige stoffen, gezien het ontbreken van bescherming voor de niet-roker tegen tabaksrook en daartegenover de strenge bepalingen met betrekking tot het nuttigen van voedsel in laboratoria.

Veiligheidsbesluit Fabrieken en Werkplaatsen, artikel 185.'

De promoverendus hebbe een goede dag en moge Gods zegen ervaren ook in deze tak van wetenschappelijke arbeid. Proficiat!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 maart 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's