De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Prediking en het leven van iedere dag! (3)

Bekijk het origineel

Prediking en het leven van iedere dag! (3)

8 minuten leestijd

Het doel van de nadere reformatie is heel eenvoudig geweest: terugkeer tot de reformatie, terugkeer tot het onvervalste bijbels getuigenis.

Een vorig keer hebben wij u proberen aan te tonen, dat Calvijn, vooral in zijn preken over de decaloog (tien geboden), leiding heeft willen geven aan het leven van iedere dag. Helaas werd deze prediking al snel overvleugeld door een bijbels humanisme en nog later door het remonstrantisme. Het is de verdienste van de nadere reformatie geweest, dat het in de sporen van Calvijn wilde doorgaan, althans de beste vertegenwoordigers van deze beweging. Het valt nl. niet te ontkennen dat latere vertegenwoordigers niet helemaal vrij zijn geweest van 'wetticisme' waardoor de prediking soms enigszins moraliserend uitviel.

Het doel van de nadere reformatie

Het doel van de nadere reformatie is heel eenvoudig geweest: terugkeer tot de reformatie, terugkeer tot het onvervalste bijbels getuigenis. Grote nadruk werd gelegd op de praxis piëtatis (praktijk der vroomheid óf godzaligheid). Zoals Calvijn dit beoogde, zo was dit ook het oogmerk van de nadere reformatie. In de prediking kwam derhalve het leven van iedere dag aan de orde. Heel het leven viel (en valt) immers onder de tucht van Gods Woord. Tot het zeer eigene van de nadere reformatie behoort volgens prof. dr. S. van der Linde (Chr. Encyclopedie, deel V, blz. 128) het opkomen voor de eigen taak en rechten der kerk tegenover die van de overheid. Tegenover de ruwheden van het volksleven, poogde men, goeddeels vergeefs, dans, spel, luxe, zondagsontheiliging te keren. Volgens Van der Linde is dit wel op een kleinzielige wettische wijze gebeurd, dat is echter kennelijk het tegendeel van de opzet. Want ook de 'gewetensgevallen' bekend uit het Puritanisme, willen geen 'Joodse' of 'Jezuïtische' praktijk kweken, maar een beslissen in concrete situaties, van het geloof en het evangelie uit. Wij zijn het inderdaad eens met onze oud-hoogleraar uit de zestiger jaren. De beste vertegenwoordigers van de nadere reformatie hebben het gehele leven coram Deo beschouwd en dat vanuit het geloof en het evangelie.

Voorbeelden

Een paar voorbeelden willen wij hiervan geven. De preken van Lodenstein waren werkelijk actueel. Hij hield er rekening mee in welk deel van de stad (Utrecht) hij voorging. Hij ging af op de behoefte en bevatting van zijn hoorders en welke gebeurtenissen te melden waren. Zijn preken zijn zeer actueel, niet actualistisch. In zijn werk 'de prediking van de nadere reformatie' weet dr. T. Brienen ons zelfs te melden, dat Lodenstein tijdens de engelse oorlog zestien keer preekte over Jeremia 45 en in 1672, toen de Fransen ons land benauwden, sloeg deze godvruchtige prediker Ezechiël 37 op. Het vraagstuk 'oorlog en vrede' bracht hij vanuit het Woord ter sprake.

Udemans, een wat minder bekende vertegenwoordiger van de nadere reformatie, staat eveneens met beide voeten binnen de kerk, de politiek en zelfs de economie van zijn dagen. In het kader van kerk, politiek en economie wil hij de praktijk der godzaligheid zien functioneren. Thema's als 'rijk en arm', 'recht en gerechtigheid' is hij bepaald niet uit de weg gegaan.

Ook W. Teellinck is de praktijk der godzaligheid in het gewone leven niet uit de weg gegaan. Hij is zoals wij zullen weten een predikant die zich bediende van een platvloers taalgebruik. Zeer beneden de maat, althans de huidige maat! God wordt door hem n.a.v. Genesis 3 - waar ons wordt verhaald dat de Heere voor Adam en zijn vrouw rokken van vellen maakte - de 'eerste kleermaker' genoemd. In navolging van Plato noemt hij het menselijk lichaam 'een madenzak'. En wel zeer vulgair is het, wanneer hij over het Oude en Nieuwe Testament spreekt als van 'de twee borsten Gods waaraan Zijn kinderen zuigen'. Wellicht was dit taalgebruik in bepaalde kringen toen gewoon, ofschoon wij zulk een taalgebruik noch bij een Smijtegelt noch bij een Brakel én zéker niet bij een Calvijn en een Luther ooit zijn tegengekomen.

Ondanks dat waren zijn preken wel zeer praktisch. Fel ging hij tekeer tegen de toen heersende volkszonden: luxe, overdaad, drankmisbruik, gierigheid, sabbatschennis en nalatigheid in het betrachten van godsdienstige plichten. Ook toen hadden velen al kennelijk de gewoonte om op zondag slechts één keer naar de kerk te gaan. Wat dat betreft is er in 1984 geen nieuws onder de zon. Toen in 1624 de pest in Middelburg uitbrak hield hij naar aanleiding daarvan een preek, waarin hij opriep tot boete en bekering. In 1628 veroverde Piet Hein de Zilvervloot. Het volk juichte luid! Theelinck juichte mee, maar was bang dat de veroverde schatten niet tot Gods eer en tot nut van de naasten zouden worden aangewend. Daarom preekte hij over 1 Tim. 6 vers 17-19: 'Beveel de rijken in deze tegenwoordige wereld, dat zij niet hoogmoedig zijn, noch hun hoop stellen op de ongestadigheid des rijkdoms, maar op de levende God...' .

Ook Smijtegelts prediking was in hoge mate aktueel. Wanneer men zijn biddagpreken met aandacht leest, moet men tot de conclusie komen, dat er niet veel gebeurtenissen in binnen- en buitenland aan zijn aandacht zijn ontsnapt. Hij was ook bepaald niet bang om de zieke plekken in de kerk en staat aan te wijzen. Wat de staat betreft, haalde hij hierdoor wel het misnoegen van de regenten op de hals. Maar hij kon niet zwijgen als hij meende te moeten spreken. Van Smijtegelt is het gevleugelde woord bekend: 'Vergt nooit van ons dat wij ontrouw zijn. Waarom zouden wij met u verloren gaan? Uw haat verdienen wij niet, uw gunst zoeken wij niet' .

Piëtisme

Hadden de beste vertegenwoordigers van de nadere reformatie aandacht voor het leven van iedere dag in de prediking, het later opkomend piëtisme had weinig oog hiervoor in de verkondiging. Het innerlijk leven werd het één en al. De wereld verdween uit het gezichtsveld en men trok zich terug met 'een boekje in een hoekje'. Voor het latere piëtisme werd het geloof zélf en de zekerheid die het geeft, een vraagstuk. In de prediking werd steeds opnieuw een antwoord gezocht naar de vraag: 'wie ben ik?' Men ging de zekerheid zoeken in zichzelf en niet in de beloften Gods. Het bovenstaande is enigszins zwart-wit geschilderd, doch ten opzichte van het begin van de nadere reformatie ons inziens niet geheel ten onrechte. Wij willen niets afdoen van de vraag: 'wie ben ik?' Wellicht wordt deze vraag in onze tijd te weinig gesteld. Maar 'wie ben ik' moet dan zijn: wie ben ik voor God én voor de samenleving? Ben ik een 'saved sinner' (geredde zondaar), in Christus geheiligd, die in Christus vruchten der dankbaarheid voortbrengt? Het is immers onmogelijk, dat, zo wie Christus door een waarachtig geloof ingeplant is, niet zou voortbrengen vruchten der dankbaarheid (Zondag 24, antw. 64).

Nu moeten wij niet menen dat het piëtisme geen ethische gestrengheid kende. Die kende men wel degelijk, maar was meer gebaseerd op de wet dan op het evangelie. Het gevolg hiervan was, dat de normen voor het christelijke leven meer werden gezocht in de letter van de wet of dat men streefde naar het voorbeeld van figuren uit de heilshistorie, vooral die uit het Oude Testament. Dat betekent, dat het piëtisme altijd zekere gespletenheid vertoont: aan de ene kant een wereldaanvaarding, een staan in de concrete wereld, om er God te dienen, maar daarnaast ligt er een mystieke gloed over alle piëtisme, waardoor het naar cultuurkritiek en zekere wereldmijding overhelt. Zwart-wit gezien heeft het laatste het van het eerste gewonnen én zelfs bedorven. Het piëtisme kweekte een zekere levensvreemdheid en wereldschuwheid. Hier had de catechismus-preek heel veel goed kunnen maken, in het bijzonder de zondagen 32-52. De prediking van de catechismus stond echter veelal meer onder Lutherse dan Calvijnse invloed. Het resultaat hiervan was, dat men in de ontdekking bleef steken en men aan de heiliging van het gehele leven niet meer toekwam. Met alle waardering die men voor het piëtisme kan hebben, was dit toch wel een manco!

Gevaar

Uit wat wij tot nu toe hebben geschreven zal u duidelijk zijn, dat wij ervoor pleiten, dat in de prediking aandacht wordt gegeven aan de heiliging van het leven en dat op de problematiek van onze tijd wordt ingegaan. Wel stellen wij, dat wij het Woord i.e. de tekst of pericoop laten spreken en Schrift met Schrift vergelijken. Niettemin zal men zich ervoor dienen te hoeden dat het leven van iedere dag of de actualiteit van het moment het middelpunt van de prediking gaat worden. Desastreuze gevolgen kunnen dan niet uitblijven. Eén van die gevolgen is dat de rechtvaardiging van de goddeloze gaat verbleken en aan een etisch-religieuze elite de weg tot het heil wordt gewezen. Allen die naar de Schrift begeren te leven, dienen zich hiertegen te verzetten. Want bij een overaccentuering verliezen wij de doelstelling van de prediking uit het oog. Deze doelstelling is dan niet meer verticaal-horizontaal, doch enkel en alleen horizontaal. Calvijn maakte reeds de opmerking, dat men dan wel vruchten kweekt aan de boom van een algemeen religieus christelijk leven, maar geen vruchten die stammen uit de rechtvaardiging.

Hoe men de doelstelling van de prediking verticaal-horizontaal in sommige kringen uit het oog verloren is, daarover een volgend keer.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 mei 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Prediking en het leven van iedere dag! (3)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 mei 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's