De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het goede en de weldadigheid tot in lengte van dagen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het goede en de weldadigheid tot in lengte van dagen

7 minuten leestijd

Immers zullen mij het goede en de weldadigheid volgen al de dagen mijns levens; en ik zal in het huis des Heeren blijven in lengte van dagen.

Iets kan ons achtervolgen. Achterna zitten. We willen het kwijtraken. Maar het lukt niet. Alle pogingen ten spijt. De achtervolger volgt. Te denken valt aan een ongeneeslijke ziekte. De dood. Als een niet te ontwijken macht. Achtervolgen. Negatief. David slaat in Ps. 23 een andere toon aan. Positief. Immers zullen mij het goede en de weldadigheid volgen. Volgen zullen zij mij al de dagen van mijn leven. Anders gezegd: David weet wat hem in de toekomst te wachten staat. Bij voorbaat. Zo lang hij leeft zullen het goede en de weldadigheid er zijn. Wat hoogmoedig gezegd en gesproken? Eigengereid en eigenwijs? Nee. Het geheel van deze psalm geeft aan waarop déze moedig uitgesproken woorden rusten. Op een vast fundament, dat onwankelbaar de eeuwen trotseert. Dat fundament is God als de goede en trouwe Herder. Hij zorgt. Vandaar. Het goede en de weldadigheid ontvangt David uit de hand van God. David meldt dit in zijn lied. Een variatie is het op H.C., zondag 1. Christus - als de goede Herder - bewaart mij alzo dat zonder de wil van mijn hemelse Vader, geen haar van mijn hoofd vallen kan, ja ook dat alle ding tot mijn zaligheid moet dienen.

Het goede zal volgen. Wat is het goede? Gezondheid, geluk, promotie of rijkdom? Het goede in de mens wellicht? Het goede in onze weloverwogen theorie? Dit alles haalt het niet bij hét goede. Dat doet God ons zien. Immers bij Hem en van Hem is het allerhoogst en eeuwig goed. Het goede van de Heere is de gave van Zijn Woord, de gave van de sacramenten. Daarvan laat God ons horen. Daarvan laat Hij ons proeven. Het goede is Zijn genade. Zijn barmhartigheid. Het goede is dat Hij als de goede Herder er alles voor over heeft, dat de schapen geen gebrek behoeven te lijden. Het goede is Zijn grote gave, geschonken in Zijn Zoon. Want door deze gave is hét goede weer mogelijk. Innige gemeenschap, contact tussen Schepper en schepsel. Het is het goed dat nimmermeer vergaat.

En de weldadigheid. Hierin schuilt het woord weldoen, weldaad, goeddoen. Geen mens doet zo goed, zoals de Heere weldoet. Hij doet wel. Hij doet goed. Op grond waarvan? Op grond van Zijn eigen Woord en belofte. Onder eedzwering. Voor Israël. Beloofd heeft de Heere dat Hij weldoet en zal weldoen. Het zijn de gewisse weldadigheden. Toen en nu. Het zijn Zijn weldadigheden die groot zijn tot in duizend geslachten. God Zelf is het, Die ze ons bewijst. Laten we deze niet vergeten: Zijn zorg. Zijn trouw, Zijn liefde betoond in Christus Jezus.

Wellicht staat u een dezer dagen op van uw kerkbank, wellicht van de avondmaalstafel. U hebt het goede en de weldadigheid van de Heere genoten. U hebt goede voornemens. En u wenst echte dankbaarheid jegens God de Heere te bewijzen. U wenst oprecht voor Gods aangezicht te wandelen. En u wenst ook in echte liefde en enigheid met uw naaste te leven. Maar de praktijk? Het goede is meer dan eens ver weg. Het kwade ligt meer dan eens heel dichtbij. Daardoor telt ons levensboek talloze zwarte bladzijden. Ze steken af bij de smetteloze goedheid en weldadigheid van de Heere. Hoe wordt dit zwarte wit? Door een schoonmaakbeurt van onze kant? Door middelen die wij te baat nemen? Nee. Die besmetten meer dan dat ze ontsmetten. Goed wordt en is het weer door Hem, Jezus Christus. Door Zijn bloed. Door Zijn dood heeft Hij de oorzaak van de zonde weggenomen en ons de levendmakende Geest verworven opdat wij door die Geest met Hem waarachtige gemeenschap zouden hebben en aan al Zijn goederen, het eeuwige leven, de gerechtigheid en heerlijkheid deelachtig maken. Dat is het goede. Dat is de weldaad van God. Ze vergaan nimmermeer. Ze volgen. Ze zijn Davids deel. Nu al. Vandaar het slotakkoord als een preludium op de eeuwigheid. Aangeblazen door de Heilige Geest. In het huis des Heeren zal ik blijven tot in lengte van dagen. Het is zijn hoogst en daarom enig verlangen. Het is het ene wat hij van de Heere heeft begeerd. Een buitenstaander kijkt tegen het huis van de Heere, de kerk, aan met de opmerking dat alles somber en zwaargeladen is. David en met hem allen die de Heere dienen, spreken daar anders over. In het huis van de Heere wordt voor hen het Woord uitgezegd en uitgelegd. Tot vermaning. Tot bemoediging en vertroosting. Daar wordt het Woord zichtbaar gemaakt. Tot verzadiging. In dat huis blijven. In Gods huis. Waarom? Omdat God er woont en troont. Het is de plaats van verzoening en vergeving. Het is de plaats van het gebed. Het is de plaats van het hed. In het huis van de Heere heeft David de lieflijkheden van de Heere aanschouwd. Hij heeft in het heiligdom geleerd wie God is. Voor hem is het huis van de Heere de plaats van de rust. De plaats om sabbat te vieren. Rust in het voortgejaagde en voorbijgaande leven. Daar waar God woont tot rust komen. Want daar wordt de rust geschonken. Daar wordt het vette van Zijn huis gesmaakt. Een volle beek van wellust maakt er elk in liefde dronken. Nergens anders rust vinden dan daar, dan in God. Rust voor onze ziel. Vanwaar? Omdat Christus daar verkondigd wordt. Vandaar: één dag in uw voorhoven, in de tempel, in de kerk, is beter dan duizend elders, dan dagenlang in de tenten van de goddeloosheid. Ik zal in het huis van de Heere blijven. Ik zal het doen. Daar strekt zich al mijn lust en liefde heen. Waar kunnen we beter naar verlangen dan naar dit ene: de voorhof van de Heere binnentreden. Waar u veel goeds hebt genoten, daar verlangt u altijd weer naar terug. Zo ook wat betreft het huis van de Heere. Daar is de goedheid en de trouw van de Heere. Daar woont Hijzelf. Daar wordt Zijn heil verkregen. Daar willen blijven. Niet als het uitkomt of als de nood aan de man of de vrouw is. Maar al de dagen van ons leven. Er willen blijven. Nog sterker: als een belofte. Ik zal er blijven. Door eigen krachtsinspanning? We zeggen het nu zo: Gód zal me altijd weer doen naderen en Zijn stem van heil laten horen, Hij zal me doen wonen in Zijn huis.

Ik zal! Zal ik? Ja, belijden we in het geloof, want de Heere laat niet varen het werk dat Zijn hand is begonnen.

Ik zal! Zal ik? Ja, belijden we met de hand op het Woord, omdat de Heere voor mij Zijn werk afmaakt.

Ik zal er blijven in lengte van dagen. Dat is lang. Heel lang! Hoe lang? Tot het moment van onze dood? Nee, het is langer, tot in lengte van dagen is tot in eeuwigheid. Eeuwig blijven in het huis van God. Een huis met veel woningen. Plaats is er bereid door Hem. Christus Jezus. Hij is voorgegaan.

In dat huis is de rust volkomen. Dé rust wordt er geschonken. De rust na de strijd. De rust die er overblijft voor het volk van God. Rust om op adem te komen. In dat huis blijven. Het huis in Jeruzalem. Het huis dat boven is. In dat huis blijven betekent aanzitten aan de bruiloft van het Lam. Dat betekent feest. De vraag is of u als kerkganger feestganger bent.

U wordt nu in het huis van de Heere genodigd. Met zoveel woorden: ga tot Zijn poorten in met lof. Er zijn mensen die zeggen: ik ga naar mijn akker of ik ga naar mijn koopmanschap. Daar houd ik het bij. Dat heeft gevolgen. Ernstige. Het is niet blijven in, maar buiten geworpen worden.

De heer zegt tegen zijn dienstknechten: ga uit in de heggen en de steggen, in de sloppen en de stegen en dwing ze om in te komen, opdat mijn huis vol worde. Vol zingende feestgangers: wij zullen met vreugde in het huis van de Heere gaan. Wij zullen er blijven tot in lengte van dagen om daar met lof de grote Naam van de Heere te danken. En: elk hef met mij de lof van de Heere aan!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 mei 1984

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Het goede en de weldadigheid tot in lengte van dagen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 mei 1984

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's