De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

C. H. Spurgeon als praktisch-theoloog (slot)

Bekijk het origineel

C. H. Spurgeon als praktisch-theoloog (slot)

8 minuten leestijd

Existentiële kennis van de hoorders is verre te verkiezen boven studeerkamerkennis.

Hoorders

In dit laatste artikel bepalen we onze aandacht bij de hoorders, de gemeente tot wie de prediker zijn boodschap richt. Al deze hoorders hebben, ondanks hun diversiteit, één fundamentele en principiële overeenkomst, nl. de verloren staat waarin zij allen van nature verkeren. Geldt voor allen zonder onderscheid dat zij onder Gods oordeel liggen, eveneens geldt voor allen dat slechts redding mogelijk is door het bloed van Jezus Christus. Deze hoofdwaarheid moet zonder onderscheid, op gelijke wijze aan alle hoorders worden voorgehouden. Dit staat voorop en dit sta voorop! Het betekent echter niet dat de prediker geen rekening moet houden met de verschillen die er zijn tussen de individuele hoorders in het bijzonder en de gemeenten in het algemeen.

Kennis van hoorders

Een gemeente bestaat uit individuen en is geen grauwe, anonieme massa. Deze wetenschap vereist kennis van de toe te spreken hoorders; 'Veel predikers zijn volkomen onbekend met de wijze waarop de massa van de mensen leeft; zij voelen zich thuis tussen de boeken, maar als een vreernde tussen de mensen. Een dienaar van het evangelie, die zich niet onder de mensen begeeft en hun karakter bestudeert, kan niet anders dan een kwakzalver zijn'.

Uit de omgang met de hoorders ontstaat kennis van de onderscheiden problemen, zorgen en vreugden welke zij in het leven meemaken. Dit gegeven leidt tot het advies de hoorders op te zoeken in hun konkrete werk- en leefsituatie; 'Als u uw arbeid hebt te verrichten in een grote stad, zou ik u willen aanbevelen, waar uw kerkgebouw ook mag staan, uzelf vertrouwd te maken met de armoede, onkunde, dronkenschap in die plaats. Alleen de aanblik van de kwaal zal u ertoe aanzetten het geneesmiddel bekend te maken'. Existentiële kennis van de hoorders is verre te verkiezen boven studeerkamerkennis. Verdriet en ellende moeten door de prediker als het ware persoonlijk meegeproefd en meegeleden worden; 'Ook sterfbedden zijn een uitnemende leerschool voor ons. Zij kunnen dienen tot een opwekkend middel om ons te sterken tot het werk. Dikwijls te vertoeven bij stervenden zal ons helpen de mensen te leren sterven èn te leren leven'.

Ook en vooral bij het voorbereiden van de preek zal de prediker zich steeds de omstandigheden waarin de gemeente verkeert, voor ogen moeten houden; 'Ga na welke zonden het meest in de gemeente blijken voor te komen. We moeten acht geven op de geestelijke toestand van onze gemeente. Als we bemerken dat ze achteruit gaat; als we vrezen dat ze dreigt beïnvloed te worden door een schadelijke dwaling of een verderfelijk waandenkbeeld, kortom, als ons in de geestelijke gesteldheid van de Kerk iets bijzonders opvalt, moeten we zo spoedig mogelijk een preek maken die met Gods hulp de plaag tot stilstand kan bren­gen'. Het belang van inzicht in de diverse levenssituaties en de noodzaak van solidariteit met de hoorders ligt verankerd in Jezus' wijze van optreden, wanneer Hij zich begaf onder alle lagen van de bevolking; 'Hoe kunt u anderen van dienst zijn, als u u verre van hen houdt? Onze Meester ging naar een bruiloft en at met tollenaars en zondaars en toch was Hij heel wat reiner dan die schijnheilige Farizeeën, die er een eer in stelden zich van hun medemensen af te zonderen'.

Het persoonlijk verstaan en de individuele kennisname van de onderscheiden problemen, zijn van minstens even grote betekenis als die kennis welke men opdoet uit de literatuur; 'Lees andere mensen, ze zijn even leerzaam als boeken. Wie een gezonde ervaring heeft opgedaan in goddelijke zaken en het hart van zijn medemens heeft leren kennen, zal een nuttiger mens zijn dan hij, die alleen maar wat boekenwijsheid bezit. Een diep beklagenswaardig mens is hij, die als een heertje, dat door een ringetje gehaald kan worden, uit de collegezaal terecht komt in een wereld, die hij tevoren nooit gezien heeft'.

Ook nauwgezet zelfonderzoek kan bijdragen tot een dieper verstaan van de ander; 'Ge zult ervaren dat de bestudering van uw eigen hart voor u als wachter over de zielen van anderen, van oneindige betekenis is. Iemands eigen ervaring moet voor hem een laboratorium zijn, waarin hij het medicijn keurt dat hij anderen voorschrijft'. Een andere wijze waarop de predikant zich een oordeel kan vormen van het leven en bewegen van de gemeente is de kritiek die hij te horen krijgt op zijn prediking; kritiek als positieve en negatieve respons op het door hem gepredikte Woord; 'Een eerlijk oordeel is voor geen geld te koop en als wij het voor niets kunnen krijgen, laten wij er dan tenvolle ons voordeel mee doen'. De prediker dient echter duidelijk te beseffen dat er verschillende soorten van kritiek zijn, waaraan beter geen aandacht kan worden geschonken vanwege de inferieure kwaliteit. Te denken valt aan 'het scherpe vonnis van een vooroordeel, de lichtvaardige bedillerij van voorname lieden, het domme gezwets van onkundigen en de meedogenloze aanklacht van de tegenstanders'. Eerlijke en oprechte kritiek breekt af wat niet solide is, maar bouwt het deugdzame tevens op; 'Een verstandig vriend die u van week tot week onbarmhartig bekritiseert, zal voor u een veel groter zegen zijn dan duizenden onoordeelkundige bewonderaars, als u maar verstand genoeg hebt om zijn handelwijze te verdragen en genade genoeg om er dankbaar voor te zijn'. Om oordeel en kritiek op hun juiste waarde te kunnen schatten, is kennis van de beruchte malkontenten die elke gemeente nu eenmaal bezit, onmisbaar. Het is immers niet om het even wie zijn oordeel uitspreekt. Elke gemeente bestaat uit een aantal leden die 'vivisectie toepassen op hun medemensen', en die 'hun messen beproeven op de dominee, de domineesvrouw en de kinderen van de dominee; op de hoed van de domineesvrouw, de kleding van de domineesdochter. Er zijn altijd bepaalde personen die nooit zó gelukkig zijn als wanneer zij 'zeer tot hun leedwezen' de dominee moeten vertellen dat mijnheer A een adder is onder het gras; dat hij zich vergist, wanneer hij van de heren B en C zulk een hoge gedachte heeft; en dat ze hebben gehoord dat mijnheer D en zijn vrouw een ongelukkig huwelijk hebben'. De prediker die zich realiseert dat elke gemeente bestaat uit een immanente groep wrevelmoedigen, wordt ervoor bewaard dat het portret dat deze lieden van deze gemeente schilderen, beoordeeld wordt als het enige ware. Anders gezegd: het sprekend deel van de gemeente is niet altijd het beeld dat sprekend op de gehele gemeente lijkt.

Aanpassing

Doordat de prediker kennis heeft verkregen van leven, vragen, zorgen, kritiek en taal van zijn hoorders, kan hij zich in de prediking van het Woord daarnaar richten en zich daarbij inhoudelijk en formeel aanpassen; 'Probeer u zulk een preektrant eigen te maken dat u u daarmee aanpast bij uw gehoor. De prediker die een goed onderlegde gemeente zou aanspreken in de taal die hij zou gebruiken voor een gezelschap fruitventers, zou daarmee bewijzen dat hij een dwaas is. Wie zich daarentegen met technisch theologische termen en salonuitdrukkingen temidden van kolendragers begeeft, handelt eveneens als een dwaas'. Spurgeon huldigt de mening dat het van zeer groot belang is dat de voorganger het taaleigen kent en verstaat van de diverse bevolkingslagen; 'De spraakverwarring in Babel was ingrijpender dan wij ons kunnen voorstellen. Zij schonk niet alleen verschillende talen aan grote volken, maar bewerkte ook, dat elke stand een verschillende taal ging spreken. Iemand uit Billinsgate kan een man uit Brasenose niet verstaan'. De prediker moet de hoorder in gepaste en aangepaste taal onderwijzen en oefenen in 'de tale Kanaans'. 'Als de fruitventer niet de taal van de hogeschool kan leren, laat dan de hogeschool de taal van de fruitventer leren.' Prediking waarvan de woorden niet begrepen worden, daagt er niet toe bij dat het Woord verstaan wordt; 'Ik ben ervan overtuigd dat een groot deel van de preken die gehouden worden niet verstaan wordt door het volk. Ze zijn gewoonweg te mooi en niet eenvoudig genoeg om te worden verstaan. Het volk begrijpt niet wat we bedoeling. Waar zij de taal uit de winkel, van de markt en van hun eigen dorp willen horen, komen wij aanzetten met de taal van de collegezaal'.

Niet de afgepaste, afstandelijke rondgang, maar de aangepaste omgang moet de predikant typeren. Hij 'moet niet als een onzichtbare nachtegaal vanuit de top van een boom zitten kwelen', maar hij 'moet door persoonlijke invloeden de samenleving doordringen en kruiden'. Levensstijl en levenswijze van de prediker moeten overeenstemmen met de evangelische eenvoud en soberheid; 'Bepaalde broeders houden er een deftige houding op na, die naar hun mening indruk maakt, maar ze verwekt alleen maar ergenis en ze is volkomen in tegenstelling met wat hen als volgeling van de nederige Jezus betaamt'. Evenals een preek, die protserig getooid is in dure bewoordingen, een belemmering kan zijn voor een eenvoudige hoorder, zo kan een luxe, onaangename levensstijl van de prediker een barrikade vormen voor de doorwerking van het Woord; 'Naar mijn mening is een van de redenen waarom onze arbeiders totaal niets van dominees willen hebben, gelegen in het feit dat ze een afkeer hebben van hun gemaakte en onmannelijke manieren. Als ze ons óp en buiten de preekstoel maar zagen te werk gaan als gewone mensen en ons natuurlijk hoorden spreken als ieder ander, dan zouden ze zich om ons verdringen'.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juli 1984

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

C. H. Spurgeon als praktisch-theoloog (slot)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juli 1984

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's