De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Overwegingen vanuit een groeigemeente (1)

Bekijk het origineel

Overwegingen vanuit een groeigemeente (1)

6 minuten leestijd

Groeikernen, burgelijke gemeenten, die een buitengewone aanwas van inwoners meemaken, staan voor de niet geringe taak om in vaak korte tijd een geheel nieuwe infrastructuur op te bouwen.

Groeikernen, burgelijke gemeenten, die een buitengewone aanwas van inwoners meemaken, staan voor de niet geringe taak om in vaak korte tijd een geheel nieuwe infrastructuur op te bouwen. Onder infrastructuur verstaan we het samenstel van voorzieningen dat noodzakelijk is om een goed leefbaar bestaan voor de burgers te scheppen. Bijvoorbeeld: een plattelandsdorp van ongeveer 10.000 inwoners heeft een ander gemeentelijk apparaat, een andere winkelstand, andere voorzieningen voor onderwijs, andere sociaal-culturele instellingen nodig als een groeiende gemeente van ongeveer 30.000 inwoners of meer. De centrale overheid heeft voor onderwijs, vorming, recreatie en welzijn extra middelen ter beschikking gesteld, zodat nieuwe scholen, gemeenschapshuizen, sportcomplexen en centra voor gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening als paddestoelen uit de grond rijzen. Dat het beheer en de exploitatiekosten soms niet aan de verwachtingen voldoen is te verstaan. De te kort schietende kennis van zaken, de tegenvallende deelname vanuit de burgerij, zijn vaak oorzaak ervan dat via verhoogde gemeentelijke belastingen tekorten hoofdelijk worden omgeslagen. Ook zij, die weinig of geen gebruik maken van bepaalde voorzieningen moeten toch een forse bijdrage leveren om de tekorten te dekken.

Lasten dragen

De tijd dat de overheid directe zorg op zich nam voor de uitbouw en het onderhoud van de christelijke gemeente ligt achter ons. De wet subsidie kerkenbouw werd voor het laatst in 1973 toegepast en is niet meer van kracht. De zilveren koorde, waardoor een symbolisch bedrag voor onderhoud (het rijkstractement) vanuit de Staat naar de kerken vloeide, is nu ook doorgesneden met de beklonken afkoopsom van 250 miljoen gulden. De kerken in de groeigemeenten moeten de last van de uitbreiding geheel en al zelf dragen, ook al is daar soms een incidentele subsidie uit de Generale Kas van onze kerk. Predikantsplaatsen moeten worden gesticht, nieuwe kerkelijke centra gebouwd. Al met al een flinke opgave. Toch blijkt dat de opgave om het vergrote werkterrein als een opdracht te aanvaarden gemakkelijker is dan de opgave tot inkrimping, afstoting van werkzaamheden en ontmanteling van kerkelijke gebouwen. Het enthousiasme om gezamenlijk de schouders te zetten onder een nieuwe uitdaging is vaak groot. Ook in de financiële bijdrage, vooral ook gegeven door ouderen die kennelijk weten dat dit een goede investering is van inkomsten, en soms ook van vermogen, gezien erg grote giften en legaten. Opmerkelijk vind ik in dit verband dat binnen onze gemeenten vaak sprake is van een tweedelige waardering van de groeisituatie. Met de uitbreiding van de burgerlijke gemeente gaat meestentijds een stuk authenticiteit, het eigen karakter van de samenleving, een door christelijke inslag gekenmerkte leeforde, geheel of gedeeltelijk verloren. Soms voelen mensen, die geboren en getogen zijn in hun dorp, zich vreemdelingen in die uit zijn voegen gegroeide stad, die een heel ander klimaat vertoont. Hoeveel kerkelijke gemeenten, die voorheen in hun zienswijze op de inrichting van de samenleving stempelend waren voor gezindheid en gedrag van de meerderheid van de burgerij, zien hun invloed niet duchtig tanen. Zij geven nog slechts een minderheidspunt weer, dat bovendien als ouderwets en uit de tijd wordt gewaardeerd. Wij denken aan de zondagsheiliging, aan de plaats van de overheid in haar verhouding tot God, aan wie zij verantwoording schuldig is. Daarbij komt nog dat met de uitbreiding het proces van secularisatie, verwereldlijking, afgang van bijbelse invloed op het totale leven, zich in versterkte mate laat gelden. Dat proces laat zich overal gevoelen, maar met name in een situatie waarin in korte tijd het tij keert en men de bakens verzet. In iedere gemenschap zijn er niet weinigen, die slechts door sociale controle, door de beteugeling die uit de christelijke traditie voortkomt, zich laten leiden, zonder dat zij daarin innerlijk, in hun overweging aan gebonden zijn. Voor hen is de verandering van klimaat, het draaien van de wind, een andere geest nog al eens een aanleiding om zich aan te passen aan een andere meerderheid, een nieuwe orde, die nu als normaal wordt ervaren. En dan toch: en kerkelijke gemeente maakt zich op om voor de prediking van het evangelie in een nieuwe situatie voorzieningen te treffen. Zij breidt zich uit, let wel tegen de prognose van menige socioloog in. Zij ervaart de roeping om in een nieuwe situatie aannwezig te zijn, vanuit de primaire opdracht uit Mattheus 28 : 19: aat dan heen, onderwijst al de volkeren, hen dopende in de Naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes; lerende hen onderhouden alles wat Ik u geboden heb. Trouwens de daarop volgende belofte stelt die opdracht in voluit actueel perspectief: n zie. Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld.

Beleid

Dit alles maakt ons niet zorgeloos en onverstandig. Wie bouwt, wie uitbreidt, moet kosten berekenen, moet tellen en overwegen. Wij weten dat in het verleden genomen beleidsbeslissingen soms na een tien- of twintigtal jaren enorme negatieve consequenties kunnen opleveren. Wij denken aan de nieuwe wijken van de grote steden, die na de oorlog ontstonden. Door de overheidssubsidie op kerkenbouw-gestimuleerd, door de lage rentestand van de banken aangemoedigd, werden in iedere woonwijk kerken gebouwd. De kerk moest bij de mensen worden gebracht. De enorme vlucht uit de stad naar de forenzengemeenten, de verhoging van de rente op de vaak lang lopende leningen, de stijging van de exploitatielast, de verminderde inkomsten, de ontkerkelijking, het zijn even zovele elementen van een financieel zorgelijke situatie waarin de grote steden zich bevinden. Zij betalen leergeld, dat wellicht bespaard kan worden door anderen, hoewel wij er van overtuigd zijn dat de beste stuurlui nog steeds aan wal staan. Toch zal, gelet op de ontwikkelingen, het de vraag zijn of op de komende generatie een financiële wissel kan worden getrokken. Het aangaan van langdurige leningen kan betekenen dat om aan de verplichtingen te kunnen voldoen daarom maar het aantal werkers wordt ingekrompen. Een heilloze weg, die inhoudt dat de kerk al minder diensten kan verlenen. Dan ontstaat er een vicieuze cirkel van vermindering van inzet en daaraan gekoppeld vermindering van meeleven. Daarom is geboden om op de korte termijn beslissingen te nemen, waarvan de gevolgen niet te zeer buiten de verwachtingen kunnen vallen. Toch heeft de gemeente-van Christus in een uitbreidende situatie vooral het geloofsvertrouwen te beoefenen dat de opdracht, die wordt uitgevoerd, niet zinloos is in de Heere. Wij zien niet om in heimwee naar het verleden, wij stellen ons niet negatief en passief op in het heden, wij zijn niet hopeloos over de toekomst, integendeel, wie de tijd duidt vanuit Hem, die Zijn Koninkrijk doet vorderen naar het einde der tijden, heeft een betrekkelijkheidszin, die hem vastberadenheid en kalme moed verschaft. De erfgenamen van het Koninkrijk, die getekend zijn 'voor hun leven' door het teken en zegel van de Doop, zien de grenzen van dit leven niet liggen bij geboorte en dood. Wij mogen met Gods kerk, van Adam af tot aan de jongste dag, ons verheugen in de herderlijke zorg van onze God en Vader, die ons in Christus leidt, ook in moeilijke tijden, in beslissingen, die voor het oog aanvechtbaar zijn, naar de stad, die dorpsgewijze zal bewoond worden, vanwege de uitbreiding met de schare die niemand tellen kan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Overwegingen vanuit een groeigemeente (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's