De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Dominee in Zwitserland

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dominee in Zwitserland

8 minuten leestijd

Thusis-een liefelijk dorp, niet ver van de San-Bernardino, in het Zwitserse Graubünden, een stralend vacantiegebied, voor Nederlanders vaak niet zo bekend als het Berner-Oberland of Wallis, maar toch het grootste vakantiegebied van Zwitserland.

Een ontmoeting met ds. M. Aangeenbrug

Thusis-een liefelijk dorp, niet ver van de San-Bernardino, in het Zwitserse Graubünden, een stralend vacantiegebied, voor Nederlanders vaak niet zo bekend als het Berner-Oberland of Wallis, maar toch het grootste vakantiegebied van Zwitserland. Nu ongeveer vier maanden is ds. M. Aangeenbrug (gekomen van Goedereede) daar 'Pfarrer'. Tijdens onze vakantie in het zonovergoten land van de Alpen, maakten mijn vrouw en ik de voor een vakantiedag wel wat verre tocht van Krattigen (Berner Oberland) naar Thusis; alles bij elkaar ruim 500 kilometer (met inbegrip van twee passen op de terugtocht). Maar de ontmoeting met onze jonge collega, die met zijn vrouw en kinderen ons hun eerste impressies meedeelden, loonde de moeite. De kinderen plukten voor ons de mooie rode bessen en kersen in de tuin beneden. En wij praatten inmiddels honderduit.

God geeft open deuren

Thusis is een plaats van plm. 3000 inwoners, van wie er 2000 behoren tot de Evangelisch Reformierte Kirche, die ds. Aangeenburg, binnenkort met een collega naast hem, mag dienen. Daarnaast is er het bergdorpje Masein wat met Thusis een pastoraal verband vormt, doch verder zelfstandig is, en ook tot het ambtsgebied behoort. De kerk van Thusis, vlak bij de pastorie, zo'n 250 zitplaatsen groot, is een sober maar tegelijk stemmig Godshuis, één van de vele goedverzorgde Zwitserse kerken en - wat meer is - zondags bezocht door een kleine en soms toch trouwe kern van mee­levende gemeenteleden. Soms - bij begrafenissen door de week - kan de kerk ook vol stromen. Maar dan met de niet minder talrijke niet-meelevende kerkleden, die het bedehuis slechts gebruiken voor kinderdoop en voor rouw- en trouwdiensten. Intussen betalen zij wel trouw hun kerkelijke belasting, een verplichte betaling die, alhoewel ze meestal door de overheid wordt geïnd, toch bepaald wordt door de kerkelijke gemeente (aan de hand van het inkomen) en ook in haar kas terecht komt. Een band dus tussen kerk en staat, waarbij de kerk toch financieel geheel zelfstandig is.

Moet een Zwitserse dominee dan maar dopen wat in het doophuis komt? Ook de kinderen van hen, die door hun financiële bijdrage ervoor zorgen, dat 'de kerk niets tekort komt', maar voor het overige weinig heil blijken te zien in het elke zondag gepredikte Evangelie? We praten er samen over tijdens ons bezoek aan ds. Aangeenbrug. Hij zegt: 'In Holland doet men twee doopbezoeken op één avond, maar hier zou het wel eens goed en nodig kunnen zijn om één doopbezoek te doen of twee of drie avonden'. Het pastorale kontakt met zijn gemeenteleden staat bij de nieuwe dominee van Thusis hoog op de lijst van prioriteiten. Dat zal wel een betere weg zijn dan die, welke K. Barth eens wees, toen hij raadde, dat men de kinderdoop maar moest afschaffen.

De geestelijke toestand van vele Zwitserse gemeenten is hier en daar bepaald een toestand van verval en ingezonkenheid. Enerzijds is daar de liberale instelling en daarnaast een sterk op de sociale toer geraakte prediking. Maar zijn er niet ook de open deuren voor de verkondiging van het Evangelie van vrije genade voor zondaren, een verkondiging, waarin de volstrekte onwil van de mens tot enig geestelijk goed en de vrijmacht van Gods Geest in de wedergeboorte uit de doeken mag worden gedaan. Calvijn schreef eens aan een gemeente in Zwitserland, die het zwaar te verduren had: 'Al lichtte er geen straal van hoop om in de toekomst verwezenlijkt te zien, wat gij u voorstelt, zo moet toch de wetenschap u aan God overgegeven te hebben en Hem te moeten gehoorzamen, u staande houden en moed geven. Er is echter iets dat u nog veel meer tot rechte ijver sterken kan, namelijk de overweging, dat uw arbeid eens heerlijke vruchten afwerpen zal, die weliswaar nu nog niet tot rijpheid gekomen zijn. Want Gods belofte is nog steeds van kracht, dat wij, waar Zijn Woord ons voorgaat, niets tevergeefs zullen doen, ook al lijkt het ons, dat al ons pogen ijdel is.'

Goede troostrijke woorden voor iedere dienaar des Woords, die in Nederland of Zwitserland of waar dan ook ter wereld zijn God dienen mag met de hartverblijdende boodschap van Jezus Christus en Die gekruisigd.

Jane Grey en onze jeugd

Op onze heenreis naar Thusis kwamen wij door Zurich heen. We letten 'toevallig' op de naam van een straat die we passeerden: De Bullingerstrasze. Bullinger was de Züricher reformator, opvolger van Zwingli (wiens beeltenis boven de ingang van de pastorie van Thusis prijkt). Beza schreef eens enkele maanden voor zijn dood (1575), dat 'hij de enige was die nog overgebleven was uit die eerste gouden tijd der reformatie'. We herinnerden ons toen het indrukwekkende boek van Walter Hollweg over Heinrich Bullingers, Hausbuch en het ontroerende verhaal over de achttienjarige Janè Grey, die een paar dagen koningin van Engeland is geweest als opvolgster van Eduard VI en die op zeer jeugdige leeftijd door Maria de bloedige werd vermoord. Toen zij 14 jaar was las zij reeds de preken van Bullinger en werd er zeer door gesterkt. En dan schrijft zij aan Bullinger: 'Uit uw geschrift, vol waar en onvervalst geloof, dat u onlangs aan mijn vader en mij toezond, verzamel ik dagelijk als uit een liefelijke tuin de kostelijkste bloemen...' Vier jaar later stierf zij, een martelares van het geloof.

Ja, dat was in de tijd van de Reformatie. Maar is God niet machtig om ook in onze tijd jonge mensen in het hart te grijpen en hen te gebruiken voor de verbreiding van Zijn hoogheilig Evangelie? In Zwitserland lijkt dit één van de grootste problemen te zijn. Kinderen ziet men slechts weinig in de kerk. Er zijn voor de jongeren een onmogelijk aantal buitenkerkelijke activiteiten waaruit men kan kiezen. De kerk staat dan ook niet gauw als eerste keus. Zeker daar waar een doopformulier zoals in ons land, met zijn (tweede) accent op de opvoeding en de verantwoordelijkheid, niet bestaat. De predikanten zijn in Zwitserland er vrij in de 'doopaanspraak' zelf op te stellen. Waar dan dit accent op de verantwoordelijkheid wegvalt, of in ieder geval niet meer wordt betrokken op deze eerste kerkgang van het kind en alle volgende, daar krijgt het kind van huis uit ook niet veel kerkelijk besef mee. Jeugdwerk functioneert dan eigenlijk in Thusis, en in vele gemeenten, ook niet. Al pratend met ds. Aangeenbrug over zijn werk als catecheet op de scholen (de catechese is daar hoofdzakelijk iets, dat tijdens de schooluren plaatsvindt), ziet hij op dit terrein van het jeugdwerk moeilijkheden maar ook mogelijkheden liggen. Mogen wij niet geloven, dat God op de puinhopen van het vermaterialiseerde en pseudo-religieuze leven van de Westerse volkerenwereld doorgaat met het opgroeiend geslacht?

Heel de wereld mijn parochie

Er zijn twee dingen nodig voor een dienaar des Woords. Het maakt niet uit of hij in Holland of Zwitserland dominee is. Het eerste is (om met Calvijn te spreken): dat de waarheid Gods die hij verkondigt 'in zijn ingewanden gezonken is'. Het tweede is: dat hij gelooft, dat Gods Woord, naar Zijn eigen belofte, nooit ledig wederkeert. En dan zullen er wel een paar problemen overblijven. Luther had er bijv. al een probleem mee om de Bijbel goed Duits te laten spreken. En ds. Aangeenbrug zal dat de eerste tijd zeker ook niet gemakkelijk vinden.

Maar wat geeft dat ook eigenlijk. Als die vriendelijke mensen in het kleine bergdorpje Masein en die hun dominee zo hartelijk begroeten met hun 'Gruezi', maar verstaan dat hun 'Pfarrer' een gedrevene is.

Op de kleine begraafplaats van dat bergdorpje zagen we op een grafsteen de woorden staan 'Gott weisz warum'. In het veelbewogen leven, ook van een pastor, blijven er altijd onbeantwoorde vragen over. Maar ook dan geeft het troost te weten, dat God weet waaróm. Leer mij volgen zonder vragen... al begrijpt mijn ziel u niet.

En als dan na enkele jaren op een gemeenteavond de gemeente haar oordeel gaat geven over de dominee (zo gaat dat in Zwitserland), laat de 'vox populi', de stem des volks, dan maar klinken. Als God Zijn belofte waarmaakt, dat Zijn Woord niet ledig wederkeert, zal dat ook dan blijken.

Heel de wereld is mijn parochie, zei John Wesley eens. Als ons in Nederland, gelijk bij Paulus, soms een macedonisch man (of een Zwitserse of misschien ook wel een Fransman binnenkort) verschijnt, die ons wenkt, waarom zouden wij dan niet gaan? 'De aarde is des Heeren, mitsgaders haar volheid, de wereld en die daarop wonen' (ps. 24 : 1).

Nee, en dan niet omdat het zo mooi is om het land van de Alpen te bewonen. Niet uit avontuur of voor de verandering. Maar omdat het God behaagt uit alle geslachten, natiën, tongen en talen Zijn kerk te vergaderen. En dat niet zonder die Hem, als Zijn dienaren, van ganser harte prijzen.

Het bovenstaande wil weinig meer zijn dan een vakantie-impressie. En tevens een hartelijke groet vanuit Nederland aan ds. Aangeenbrug en zijn vrouw en kinderen. In blijvende verbondenheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 september 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Dominee in Zwitserland

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 september 1984

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's