Geestelijke levensregels (1)
De zenuwspanning van de geciviliseerde mens voert ten top.
GEMIS EN VERLANGEN
Gevaren
In de uitdrukking 'geestelijke levensregels' is een begrip bewaard, dat een wezenlijk deel van de diepte, hoewel vaak verborgen, begeerte van onze generatie, voor zover je nog op de bodem van het christendom staat, inhoudt. Het is het begrip van het geestelijke. Men zoekt naar de geestelijke mens, men verlangt naar een geestelijk leven, men vraagt naar een geestelijke levenshouding, een geestelijke discipline die alle levensuitingen doortrekt. Wij hebben allen wel een vage voorstelling van een persoonlijkheid, hetzij in een levensbeschrijving, hetzij in levenden lijve, die wij bewonderen en willen navolgen. De een denkt daarbij aan Luther en Calvijn, de ander aan een man of een vrouw, die als een glanzende gestalte door de geschiedenis van een gemeente gaat.
Maar zult u zeggen: betekent deze begeerte naar een geestelijk leven en naar de geestelijke mens niet heel eenvoudig een terugval in gelukkig overwonnen tijden? Ligt in dit zoeken en ontvangen en vragen niet de oeroude, altijd weerkerende verzoeking te streven naar eigen grootheid, het gevaar religieus met eigen krachten te worden, in zichzelf besloten te blijven, de blik om ons heen te verliezen? Laten wij het anders zeggen: loert hier niet de hinderlaag van het idealisme zonder grond op het farizeeïsme?
Bijbels
Het zou inderdaad zo kunnen schijnen; velen zouden werkelijk op deze manier kunnen oordelen, ja, veeleer: het zal in talrijke gevallen werkelijk zich zo toedragen. Maar het wezenlijke is daarmee niet aangeraakt. Het wezenlijke in die begeerte is veeleer een bijbels en daarmee een diepmenselijk verlangen - want de Bijbel noemt de verborgen beloften van het mensenhart met name. Dit verlangen wordt met het begrip van het geestelijke klaar en helder aangeduid, wanneer wij namelijk het Woord in de eigenlijke, woordelijke zin verstaan. Zonder vertekening of caricatuur, zonder vervalsing of misvorming. Evenzeer zonder gevaar om in het tegendeel om te slaan, om maar geheel te zwijgen van een toeëigening van dit Woord door een religieuze- of sociale groepering.
De geestelijke mens - dat is de mens, wiens leven vanwege Gods Geest in het licht staat. Ja, wiens leven gevormd wordt door de Heilige Geest, niet door de menselijke geest, maar door de Geest van God. Daardoor staat zijn leven in tegenstelling tot al de andere mogelijkheden die zich in het leven voordoen. Dat leven heeft niets te maken met een levensinhoud, die door het toeval wordt beheerst. Het gaat niet om gedreven te worden door de toevallige situatie van de tijd. Geenszins komt hier het zintuigelijke of lichamelijke in aanmerking. Nog minder laat zich zulk een geestelijk leven leiden door het demonische. Kortom - wij zijn hier op een geheel ander terrein dan dat wat het Nieuwe Testament met de harde, heden ten dage vaak ergerlijke uitdrukking aanduidt: vlees!
De geestelijke mens, dat is de mens, die de grote, eeuwige waarheden in zijn leven werkelijkheid ziet worden: maar die in de Geest zaait, zal uit de Geest het eeuwige leven maaien. Maar indien gij door de Geest de werktuigen des lichaams doodt, zo zult gij leven. Waar de Geest des Heeren is, daar is vrijheid. Indien wij door de Geest leven, zo laat ons ook door de Geest wandelen. De mens zal bij brood alleen niet leven, maar bij alle Woord, dat door de mond Gods uitgaat.
Bedreigingen
Het lijkt of bovengenoemde begeerte in het gemeentelijk leven geheel weg gestorven is. Dat komt daarvandaan, dat tegenwoordig alleen het activisme alles verlamt. Diepere zielen gruwen van al die bruisende activiteit, al dat gepraat en kerkelijk gebabbel. Zij doorzien de oeverloze praatcultuur van een kerk, die met al haar woordenrijkdom niets bereikt. Zij meent, dat het geheim der genade in woorden ligt en niet in kracht. Diepere zielen worden in een geweldige krisis gedreven. Er is aan de ene zijde het tere geestelijk verlangen naar pure spiritualiteit. Maar daar staat tegenover een inmense levensnood. Ja, verlangen en nood drijven elkaar voortdurend op. Ons gehele moderne leven met zijn kracht principieel uit andere bronnen, die wezenlijk eensdeels aan de Geest vijandig zijn, anderdeels zijn krachten op afgezwakte manier verder geven. Wat zijn dan de bronnen waaruit het mensdom thans leeft?
Wij noemen vooreerst het intellect. Maar - dat heeft zijn oorspronkelijke verbondenheid met God in de diepe alomvattende zin verloren. Het is een autonome intelligentie geworden - wetteloos en ongebonden. Vervolgend denken wij aan de erotiek, die nog niet eens als sexualiteit, maar als woeste vleseslust over de mensheid slaat. In de derde plaats wijzen wij op de publieke opinie, die veelszins gehele volksgroepen in een verlammende macht onderdrukt. Ten vierde denken wij aan de kracht van het pure leven oftewel de zuivere levenslust in eten en drinken, uitgaan en plezier maken. Het leven verschijnt hier als een primitieve dans om het flakkerende vuur. Een eenheidsbeleving, die onze Nederlandse taal onovertrefbaar aanduidt met 'hossen'. In de vijfde plaats noemen wij de beschaving of de cultuur, waardoor de oorspronkelijke ordeningen van de schepping worden omgekeerd. Dat komt onder meer openbaar in de verwoesting van het milieu, in de vervuiling van het water en de lucht.
Invloeden
Dit droeve vijftal kan uiteraard naar believen vermeerderd worden. Wij voor ons houden het evenwel op dit getal om de wille van de orde en de klaarheid. Maar wanneer de lezer nadenkt over één van deze gevaren, nadert hij vanzelf ook de andere.
Peinzen over het moderne levensniveau brengt ons onherroepelijk in de afvalgoot van de moderne cultuur. De verdovende middelen horen zeker daarbij, maar deze niet alleen. Intussen - dit muitgespan is verantwoordelijk voor de vergiftiging van onze moderne samenleving. En toch - wij allen, als mensen van deze tijd nemen allen deel aan de kwade invloeden, dit dit vijftal van zich laat uitgaan. Ook zelfs in het kleinste gehucht vindt u de man met zijn mateloze branie, die in eigenzinnigheid en betweterigheid heerst.
In het kleinste gehucht oefenen de gefluisterde verhalen over slaapkamers en ontuchtigheden een ware terreur uit, om nog maar geheel te zwijgen van de overige schandelijkheden. Trouwens, wie weet niet hoe in een klein dorp de openbare mening het leven geheel kan doen verstarren in betonblokken? Wie weet niet, hoeveel pril, fleurig, geestelijk leven werd verstikt door een mening, die werd ontleend aan de gewoonte, maar niet aan de Schrift? En is het nodig voort te gaan? ...
Dwang
Wij allen delen deze nood. En het gruwelijke daarin is, dat de enkeling zich helemaal niet zo zonder meer uit deze samenhang kan losmaken. In een groot aantal van onze huidige levensgewoonten speurt u deze nood als een vreselijke ban op ons allen. Daarbij komt nog dit: er móet tegenwoordig steeds meer. De plichten van de moderne mens nemen zonder ophouden toe. Ingebeelde plichten van de mode, van het amusement. Werkelijke plichten van het sociale verkeer. Het levenslawaai wordt al dreunender. De zenuwspanning van de geciviliseerde mens voert ten top. De verwarring van normen neemt toe. Soms komt men op een rustig ogenblik tot de slotsom: ik zit in een slavenhuis van plichten. Voeg daarbij nog de drijfkrachten van het vergaderen en het uitgaan zonder maat - welnu, dat weet u vanzelf hoe het er bij staat. De nood van het leven, dat radicaal tegengesteld is aan de Geest en tegelijkertijd het verlangen naar een puur geestelijk leven. Een ieder weet, dat deze druk eens tot uitbarsting komen moet. In een afzwering van alle activisme. Of in een absolute twijfelzucht.
Activisme
Het grote gevaar van ons huidige levenstempo is zeker het activisme, de kerkelijke bedrijvigheid. Ogenschijnlijk is dit activisme het tegendeel van het traditionalisme, maar het leeft toch uit hetzelfde gebrek. Het ontbreekt hier niet aan levendigheid, die zich openbaart in allerlei stichtingen, verenigingen, kringen, gemeenschappen, ondernemingen van sociale-en liefdadige aard. Maar het ontbreekt hier aan de innerlijke betrokkenheid van al deze dingen op het doel, de gemeente in het geloof dienstbaar te zijn. Lijdt het traditionalisme aan levensleegte, aan langzaamheid en traagheid in het gebruiken van nieuwe ideeën tot opbouw van het gemeentelijk leven, het activisme lijdt aan onrust en haast, die van het nieuwe naar het allernieuwste overspringt, zonder zich aan de innerlijke behoefte te houden. Men meent de behoeften van een gemeente uit het alledaagse leven te kunnen aflezen in plaats van te onderzoeken waar de innerlijke nood is vanwege de zwakheid des geloofs. Welnu, het activisme holt en draaft oeverloos voort. Maar het zet doorgaans weinig zoden aan de dijk. Men let op het doel niet.
Uitzicht
En zo kan het gebeuren, dat er in een gemeente van alles is. Bijbelkringen zonder tal, gesprekskringen, verenigingen en stichtingen. Maar toch geschiedt het wezenlijke niet, omdat er geen innerlijke nood is over de spanning tussen de levenspraktijk van nu en hetgeen in het geloof diende te geschieden. Alle bedrijvigheid geschiedt uit zelfbehagen en... gezelligheid. Wij laten vanwege onze drukte de Geest niet aan het Woord komen. Wij vrezen onze armoede te ontdekken.
De ware verlossing zou bestaan in een steeds echter ervaring van onze wezenlijke leegte. Allerlei werk kan veel beter niet gedaan worden dan wanneer het alleen maar draait om te draaien. Het moet naar de diepte toe. De kringloop van gemis en verlangen kan alleen doortrokken worden, daardat wij aan de ene kant in gebed en Schriftonderzoek een nieuwe ernst gaan maken met het Woord én met de gemeente waartoe wij als leden behoren. Anderzijds doordat wij een sfeer proberen te verjagen, waarin het nieuwe leven niet kan tieren en vrucht dragen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's