Boekbesprekingen
Dr. J. G. Woelderink: Het Doopformulier, 's Gravenhage 1981 (derde druk), ƒ 39, 90.
Dezelfde: Het pastoraat rond het Heilig Avondmaal, 's Gravenhage 1981, (tweede druk), ƒ 13, 90.
Het is al weer een paar jaar geleden dat deze herdrukken van boeken van Woelderink verschenen. Toch werden zij nog niet aangekondigd in ons blad. De schuld daarvan ligt niet bij de uitgeefster, Boekencentrum in Den Haag, maar bij mij.
Er is al zoveel over Woelderink geschreven. Pro en contra. De ervaring heeft mij geleerd, dat men bijkans geen woord over hem schrijven kan of men krijgt enerzijds te horen dat men een 'Woelderinkiaan' is, en men krijgt anderzijds te horen dat men het gezag van de grote meester heeft aangetast. Het is dus net alsof men een bezonnen, waarderend pn tegelijk kritisch oordeel over Woelderinks theologie niet verdraagt. Dat ontneemt dan de lust om er nog iets over te zeggen. En toch móet het. De uitgeefster heeft er recht op. Welnu, laat men dan toch eens rustig Woelderink zelf lezen. Leg hetgeen hij geschreven heeft naast de Schrift en naast de belijdenis van de kerk.
Men moet niet bang zijn voor Woelderink! Bepaalde groeperingen in de Gereformeerde Gezindte zijn dat wel. Hen zou ik willen aanraden om eens kennis te nemen van het vele historische materiaal dat Woelderink in zijn boek over het Doopformulier opgediept heeft uit de alleroudste bronnen van het Gereformeerd Prostantisme. Laten zij hun 'verbondsvisie' daaraan eens toetsen. Het gaat niet om de visie van Woelderink, maar om het authentiek-gereformeerde. Daar behoeven we toch niet bang voor te zijn? En het is toch geen schande om zich uit de bronnen te laten corrigeren?
Naar de andere kant zou ik willen zeggen: Ga niet met Woelderink op hol. Woelderink zelf draafde door. Zijn laatste geschrift, over de uitverkiezing is er het sprekendste bewijs van. Echte 'Woelderinkianen' raken gewoonlijk ver van de belijdenis der kerk verwijderd. Dat is al meer dan eens geconstateerd. Woelderink heeft niet het laatste woord. In zijn boekje over het Avondmaal zal men veel praktische wijsheid tegenkomen.
Ik weet het: dit is een ongebruikelijke boekbespreking. Maar: ik meende het voor dit keer eens zo, en niet anders, te moeten doen. Boekcentrum ervoor bedankt, dat beide werken weer beschikbaar zijn.
Dr. L. F. Groenendijk: De Nadere Reformatie van het gezin. De visie van Petrus Wittewrongel op de christelijke huishouding. Uitgeverij J. F. van den Tol, Dordrecht 1984, 208 biz., ƒ 45, -.
Dit boek is een proefschrift. De schrijver behaalde er aan de Vrije Universiteit te Amsterdam de graad van doctor in, niet in de theologie, maar in de paedagogie(k). We wensen hem hiermee van harte geluk. Hoewel het boek in eerste instantie een paedagogische studie wil zijn, bevat het toch overwegend theologische stof. Dat is geen wonder, als men in rekening neemt de titel. Wie over de Nadere Reformatie schrijft móet wel op theologisch terrein zich begeven. Anderzijds, het is uitgesproken praktische theologie. Vele vertegenwoordigers van de Nadere Reformatie waren geen hoogleraren of doctores, maar heel gewone predikanten en pastores in een of andere gemeente. Zij hadden niet zoveel pijlen op hun boog, al waren het wel zeer indringende.
Dr. Groenendijk heeft zich speciaal beziggehouden met een lijvig werk van de Amsterdamse predikant Petrus Wittewrongel (1609-1662) getiteld Oeconomia Christiana, d.i. Christelijke Huishouding.
Na een paar inleidende hoofdstukken laat hij zien hoe Wittewrongel, als vertegenwoordiger van de Nadere Reformatie, het christelijke huwelijksleven, de verhouding man en vrouw, en de verhouding van de ouders tot de kinderen en omgekeerd heeft geschetst.
Ik bedoel het geenszins als een verwijt aan de schrijver, als ik constateer dat de opbrengst van dit alles maar matig is. Het zijn de voor iedere bijbellezer bekende zaken. Er wordt op gehamerd dat in het huwelijk de vrouw de man onderdanig en gehoorzaam moet zijn, dat de man zijn macht niet mag misbruiken, dat de kinderen hun ouders moeten eren; dat men niet mag echtbreken, dat men in huis trouw de bijbel moet lezen en moet bidden, en dat men trouw naar de kerk moet gaan, en nog een aantal van deze zaken.
Wittewrongel heeft, en dat boeide mij in deze studie, gebruik gemaakt in zijn ontwerp van andere auteurs, met name Engelse puriteinen. Hij heeft vooral de puritein Gouge geplunderd. Hiermee heeft Groenendijk nog weer eens bevestigd hoezeer de Nadere Reformatie in allerlei opzicht van het Engelse puritanisme afhankelijk is geweest. In het notenapparaat gaat heel wat belezenheid schuil, waarvoor wij respect hebben. Daar vonden wij, eerlijk gezegd, ook het meest interessante van deze studie.
Een manco vind ik, dat in dit boek weinig aan het licht is gebracht wat nu precies de mannen van de Nadere Reformatie, ofwel de gereformeerde piëtisten in ons land heeft onderscheiden van de 'andere' Gereformeerden in ons land.
Heel van wat vermeld wordt was gemeengoed. Men kon het net zo goed bij de zgn. orthodoxe theologen tegenkomen als bij de piëtisten. Alleen, de zware ascetiek ontbrak bij de eerstgenoemden. Waren zij misschien minder wettisch? Er waren protesten in Nederland tegen het 'Engelse Zuiverdom' (puritanisme). Maar aan deze protesten is in deze dissertatie geen gehoor gegeven. Kortom, wat was gemeengoed en wat was een specialiteit der piëtisten; en hoe stonden de diverse groepen tegenover de Reformatie van de 16e eeuw; niet alleen in dogmatisch, maar ook in ethisch opzicht?
Het boek, hoewel een dissertatie, is (gelukkig) goed leesbaar geschreven. Allen die zich in het Nederlandse Gereformeerde piëtisme interesseren zullen er stellig gretig naar grijpen. Al was de thematiek van de mannen der Nadere Reformatie zeer beperkt, het is goed eens naar hun stem te horen, al was het alleen maar om afgebracht te worden van een al te gemakkelijke manier van christen-zijn. De schrijver bedanken wij voor deze inleiding.
K. Exalto
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's