Globaal bekeken
Enkele varia
• Een dominee is óók maar een mens, moest ik denken bij liet lezen van het volgende wijkbericht in één der vele mij toegezonden kerkbladen, een bericht van een predikant in een éénmansgemeente met enige hulp.
'Wij zijn dankbaar dat er een getrouwe kerkgang mag zijn. Wij zien ook wat meer kinderen in de diensten. Dat verheugt ons. En ook de catechisaties worden trouw bezocht. Er zijn liefst 400 catechisanten.'
400 catechisanten voor één predikant. Hoe moet dat vandaag! Er zijn ook candidaten die op arbeid in de wijngaard des Heeren wachten.
• 'Ondervoeding in Zuid Afrilka'. De titel is ontleend aan een artikeltje in de Zuid-afrika Koerier. Dr. J. P. Kotze van het departement van Gezondheid in Zuid Afrika gaf een verklaring uit omtrent de ondervoeding in Zuid Afrika, dit in reactie op beschuldigingen in het Britse medische tijdschrift The Lancet omtrent deze ondervoeding. We laten de cijfers hieronder voor zichzelf spreken, zonder te oordelen of het méér of minder erg is dat de ondervoeding in Zuid Afrika minder erg is dan in andere 'ontwikkelingslanden'.
'Zo blijkt o.m. uit het onderzoek van 1981, dat 2, 14 miljoen kinderen onder de leeftijd van 14 jaar aan tweedegraads ondervoeding (d.w.z. 75% van het voor de betrokken leeftijd normale lichaamsgewicht) lijden, hetgeen volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) een gematigde vorm van PEM is.
Van het aantal kinderen beneden de 65% zullen naar verwachting 7.770 binnen de twee jaar overlijden. Alhoewel de kindersterfte ten gevolge van PEM in Zuid-Afrika niet zo hoog is als in andere ontwikkelingslanden (zie tabel), komt ondervoeding onder een groot deel van de Zuidafrikaanse kinderen voor, zij het in meerdere of mindere mate.
Gebaseerd op de gedurende augustus 1983 verzamelde gegevens, behoren naar schatting in totaal zo 'n 635.000 kinderen in de leeftijd van 0 tot 10 jaar tot de categorie van tweedegraads PEM (t. w. 10.000 blank 100.000 kleurling-, 25.000 Aziatische en 500.000 zwarte kinderen). Dit is ongeveer 8, 3% van het totale aantal kinderen in deze leeftijdsgroep. Vergeleken met de cijfers van ontwikkelingslanden, steekt dit percentage uitermate gunstig af'.
• Nooit meer de uitdrukking 'werklozen', gebruiken, zegt een 'baanloze'. Voortaan liever spreken over baanlozen.
***
Een predikant (mee-)lezer gaf ons een bericht door uit het Nieuwsblad van N.O. Friesland onder de titel 'Zo stond het 50 jaar geleden in deze krant'. Het ging toen om het 100-jarig bestaan van de Afscheiding. De woorden toen geschreven (ook door het 'Ned. Herv. Verbond tot Kerkherstel') zijn ook bij het gedenken van 150 jaar Afscheiding uiterst actueel. De aanhef van het stuk (van 50 jaar geleden dus) luidt: 'men schrijft ons uit Ulrum'.
'Momenteel is men reeds druk bezig de noodige toebereidselen te maken om de herdenking der Afscheiding der Geref. Kerken feestelijk te vieren. De Geref. Kerk wordt in een feestdos gestoken, terwijl bij den ingang van den pastorietuin een groote eereboog wordt opgericht.
Overmorgen (Zondag) wordt een radio kerkdienst gehouden, welke via den rijkszender te Huizen wordt verzorgd. - De dienst vangt aan om half zes, terwijl als voorganger optreedt ds. U. EIgersma.
Maandagavond d.a. v. spreekt dr. K. Dijk uit Den Haag den herdenkingsrede uit. Eveneens zal de Afscheiding worden herdacht in de Chr. Geref. Kerk te Ulrum. Te dien einde wordt een tent gebouwd, waarin 1000 personen kunnen plaats nemen. Gerekend wordt op de komst van 900 personen van heinde en verre. O.a. zullen bij de plechtigheid aanwezig zijn alle studenten van de Theologische school te Apeldoorn met de docenten.
Het woord zal worden gevoerd door 'n tweetal professoren.
Een en ander brengt stellig a.s. Maandag een geweldige drukte in ons dorp teweeg. De Ned. Herv. Kerk zal zich in een groot bezoek mogen verheugen, daar velen de plaats in oogenschouw willen nemen waar ds. de Cock de akte van scheiding heeft voorgelezen.
De Afscheiding van 1834
Het Ned. Herv. Verbond tot Kerkherstel heeft in zijn jaarvergadering te Utrecht deze motie aangenomen:
1. gehoord wat in zijn midden werd uitgesproken naar aanleiding van de herdenking der Afscheiding van 1834;
2. voelt zich gedrongen om uiting te geven aan de gevoelens, die eenparig, de vele ter vergadering aanwezige leden bezielden;
3. richt daartoe een boodschap aan allen, die de éénheid van de kerk van Christus belijden;
4. om in deze maand van herdenking niet te jubileeren, doch met verslagenheid terug te zien op het kerkelijk onheil, dat in deze eeuw van schuld (1834-1934) is aangericht;
5. om tegenover het separatisme, dat uiteen scheurt wat in Christus één behoort te zijn en tegenover het sectarisme, dat de Volkskerk en het Verbond Gods in en met die kerk los laat, hoog te heffen de banier van kerkelijke trouw en oecumenische gezindheid;
6. om ondanks het tekort aan uitzicht op het Woord Gods en het gemis aan door werking der Belijdenis in onze Herv. Kerk op de bres te blijven staan voor haar eer en haar waarde en haar waardigheid; en om hoopvol uit te zien naar dien dag, waarop een herstelde Hervormde kerk van Nederland weer "Moeder" kan zijn, die alle Christus-belijders aan haar schoot vereenigt.
In verband met 't feit, dat het a.s. Zondag 14 Oct. 100 jaar geleden zal zijn, dat de afscheiding te Ulrum onder ds. De Cock plaats vond, welk feit algemeen in den lande in de Geref Kerken alsdan zal worden herdacht, brengen we hier een foto van een huis, staande onder Burum, en eigen aan den heer E. v. d. Vaart aldaar. Hier werden door de afgescheidenen van Burum in het geheim godsdienstige bijeenkomsten gehouden, daar het prediken hun verboden was, godsdienstige bijeenkomsten door soldaten uiteengejaagd werden, en boete en gevangenisstraf op de leidsleiden werden toegepast.
Het aantal volgelingen van De Cock groeide ook hier, zoodat den 21 Juni van het volgende jaar tot kerk-instituteering werd overgegaan, hetgeen vermoedelijk onder de leiding van ds. De Cock in bovenstaand huis heeft plaats gevonden.'
***
Een genereus stukje troffen we in 'Het orgaan'van de Bond van Nederlandse predikanten. Het gaat over een geestig (of geestrijk) gedicht van Karl Gerok (1815-1890), dichter en prediker, prelaat en opperhofprediker in Stuttgart.
Tijdens een onweer nodigde hij een jonge dame, die door de regen verrast werd, uit onder zijn brede parapluie te schuilen. Daar ontspon zich een levendig gesprek. Bij het afscheid stelde Gerok de volgende 'poëtische' vraag:
'mag ik het wagen uw naam te vragen? '
De dame dacht een ogenblik na en antwoordde:
'Op deze vraag kan ik zien, dat u nooit naar de opera ging: als eerste zangeres ben ik iedereen bekend. Nu is het best me die vraag te stellen, maar ik vraag u ook te zeggen wie mij onder de parapluie zojuist goedmoedig toegang gaf.'
Gerok antwoordde zonder aarzelen:
'uit de vraag kan ik constateren dat u nooit naar de kerk gaat. In de kerk kent men mij, want de "heer prelaat" ben ik.'
De noot bij dit verhaal is:
'Wellicht kon dus de grote prediker Gerok hetzelfde zeggen als die dominee, die in zijn gemeente een groot zielental maar slechts een kleine kerk heeft en die desniettegenstaande uitroept: "als ze er allemaal ingingen, gingen ze er stellig met allemaal in; aangezien ze er echter lang niet allemaal ingaan, gaan ze er allemaal in".'
De dichtbundel van Gerok ('Psalmblatter', 1856) werd destijds veel gelezen. Daarna stelde men de volgende spotvragen op:
'Wat is het verschil tussen een christelijk jong meisje en een wilde neger? '.
Antwoord:
'het jonge meisje geniet van de "Palmblatter" van Gerok en de ''moor" van de Gerok van de palmbladeren.' (Gerok is een uit palmbladeren bereide wilddrank.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's