Barmen, Nederland en het kerkelijk verzet (1)
Van 20 tot 22 september heeft het vijfde europese Bekenntniskonvent (belijdeniskonvent) herdacht hoe 50 jaar geleden de Bekennende Kirche (belijdende kerk) in Duitsland een belijdenissynode te Barmen belegde, waar in 6 stellingen het nazidom en elke macht, die Christus' aanspraken verloochent, werd afgewezen.
Inleiding
Van 20 tot 22 september heeft het vijfde europese Bekenntniskonvent (belijdeniskonvent) herdacht hoe 50 jaar geleden de Bekennende Kirche (belijdende kerk) in Duitsland een belijdenissynode te Barmen belegde, waar in 6 stellingen het nazidom en elke macht, die Christus' aanspraken verloochent, werd afgewezen. Men had thans ook weer 6 stellingen vervaardigd, die in de Gemarkekirche, waar toen de 'vaderen' van Barmen bijeen waren, zouden worden afgekondigd. Maar de leiding van de landskerk van Rheinland-Westfalen heeft vroegtijdig de kerkeraad van de betrokken kerk op de hoogte gesteld van wat er op 22 september 1984 zou gaan gebeuren, en de toegang tot de kerk, die aanvankelijk toegezegd was, werd aan het belijdeniskonvent ontzegd. Men moest genoegen nemen met een bijeenkomst in een Stadthalle.
Waar ging het om?
Kort samengevat zegt Barmen 1934, dat ten eerste Jezus Christus het ene Woord van God is. Die wij moeten gehoorzamen en dat er naast Hem geen andere bron van verkondiging voor de kerk bestaat. Ten tweede zijn er geen levensgebieden, waarin we een ander dan Hem toebehoren. Ten derde mag de vorm van de boodschap der kerk niet aan menselijk goeddunken of aan de wisseling van heersende wereldbeschouwelijke of politieke overtuigingen worden overgelaten. Ten vierde kent de kerk geen 'Führer' met bijzondere bevoegdheden, want de dienst in de kerk geschiedt via ambten, waarvan geen over een ander heersen mag. Ten vijfde heeft de staat volgens de Bijbel de plicht, in de nog niet verloste wereld naar menselijk inzicht en vermogen voor recht en vrede te zorgen. Maar de staat kan niet de enige en totale ordening van het menselijk leven worden en zo de opdracht van de kerk vervullen, noch mag de kerk een orgaan van de staat worden. Ten zesde kan de kerk niet in menselijke zelfverheerlijking het Woord en werk des Heeren in dienst van eigenmachtige wensen, doeleinden en plannen stellen.
Waar gaat het om?
Barmen 1984 heeft zijn 6 stellingen als bekrachtiging van de Barmer verklaring van 1934 bedoeld. In stelling 1 wordt de enige geldigheid van de Heilige Schrift als Gods Openbaring beleden, terwijl de verstoring van het gezag van de Bijbel door de historische kritiek, door het rationalistische liberalisme en de existentialistische uitleg van christelijke begrippen en misbruik van de Bijbel in een maatschappelijk-politiek program worden afgewezen. Christen-marxisme, bevrijdingstheologie, feminisme, e.d. zijn de andere feiten, machten, vormen en waarheden, die 50 jaren geleden reeds door Barmen naast Jezus Christus als openbaringsbron zijn afgewezen. 'Daarom verwerpen wij elke aanpassing der christelijke verkondiging, onderwijs en zielzorg aan de geesten van deze tijd'.
In stelling 2 wordt de belijdenis van Jezus Christus naar Bijbels getuigenis gesteld tegenover valse leringen, waarin eigenmachtig de menselijke Persoon van Jezus als voorbeeld van religiositeit en humaniteit, als wereldhervormer of sociaal revolutionair wordt voorgesteld. Dat zijn de 'andere heren', van wie Barmen 1934 verbood om naar hen te luisteren.
In stelling 3 worden Woordbediening en bediening der sakramenten als kenmerken der kerk beleden, en in dit licht het leerpluralisme (de mogelijkheid van verschillende leeropvattingen) binnen de Evangelische Kerk van Duitsland hartgrondig verworpen. In één adem wordt ook de valse oecumene bestreden en afgewezen.
In stelling 4 wordt het dienstkarakter van alle kerkelijke ambten benadrukt en daarom de mogelijkheid verworpen dat de kerk ook politieke taken kan behartigen.
In stelling 5 wordt een helder onderscheid tussen kerk en staat aangebracht en tegelijk opgeroepen tot respekt voor de huidige politieke orde, die immers het staatsabsolutisme van het Derde Rijk hielp overwinnen, al moet daarbij gezegd worden, dat wij ons verzetten tegen zulke politieke maatregelen in het heden, die Gods geboden weerstreven. Het behoort tot de valse leringen, wanneer men bepaalde konkrete en in situaties gebodene beslissingen tot verplichtende geloofsbeslissing verheft, want daardoor worden het wereldlijke en geestelijke regiment van God op een heilloze wijze door elkaar gehaald.
In stelling 6 wordt vanuit de mogelijkheid om het Evangelie aan het hele volk te prediken elke poging bestreden om in naam der vrijheid huwelijk en gezin zoals ook alle natuurlijke autoriteiten in de maatschappij te ondergraven en verachtelijk te maken, en een goddeloos mensbeeld tot norm van opvoeding en vorming te maken.
Met het oog op de vrede belijdt deze 6e stelling, dat christenen zich stellen tegen de verwoesting van Gods schepping, maar tegelijk wordt gezegd dat het niet in de macht van de mens gesteld is, in de geschiedenis zelf een algemene vrede te organiseren.
Zo wordt dan eensgeestes met Barmen 1934 betuigd, dat de Openbaringswaarheid, zoals die in de Heilige Schrift en in de reformatorische belijdenisgeschriften betuigd is, ook in onze historische situatie de eenduidige basis van de Evangelische Kerken is.
De konferentie 20-22 september
Prof. Beyerhaus en de zijnen wilden deze stellingen uitvaardigen na een konferentie, waarop ook ruimte was gemaakt voor buitenlandse deelnemers. In het kader van het kerkelijk verzet sprak de eerste avond prof. Torleiv Austad van de gemeentefaculteit te Oslo, terwijl op de tweede avond voor ondergetekende tijd was uitgetrokken om te vertellen van de parallellen tussen het Duitse en het Nederlandse kerkelijke verzet. Verder bracht prof. Künneth uit Erlangen de aktualiteit van de inhoud van de Barmer thesen 1934 ter sprake en refereerde prof, Huntemann over het misbruik van de Barmer thesen door de progressieve theologie. Met name de naoorlogse ontwikkeling van bisschop Martin Niemöller, die dit jaar gestorven is, en vooral ook de aanwezigheid van Rudolf Bultmann op Barmen 1934, wiens theologie men meende door te horen klinken in these 1 (Jezus Christus, zoals Hij ons in de Heilige Schrift betuigd wordt, is het ene Woord van God) waren doorlopend onderwerp van gesprek. Veel deelnemers aan de konferentie Barmen 1984 hadden ook Barmen 1934 meegemaakt en vertelden over de spanningen in theologisch opzicht tussen de mannen als Bultmann enerzijds en Barth en de zijnen anderzijds.
Rond die ontwikkeling tussen het vooroorlogse Barmen en de naoorlogse progressieve theologie rijst mijns inziens gemakkelijk misverstand. Men kan namelijk de 'vaders' van Barmen - zoals men in Duitsland zegt - niet zonder meer schuldig stellen aan theologische dwaalleringen onder de leerlingen van Bultmann en Barth. Zo kan men ook in ons land niet zonder meer mannen van het kerkelijk verzet als Koopmans, Miskotte en Kroon verantwoordelijk stellen voor wat zich bijvoorbeeld in de Hervormde Kerk in ons land na de Tweede Wereldoorlog aan middenorthodoxe leerstellingen en theologische ontwikkeling heeft voorgedaan. Wat ik hierover gezegd heb in mijn lezing tijdens dit vijfde belijdenis-konvent, wil ik in enkele artikelen hier herhalen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's