Boekbespreking
Othmar Keel, De wereld van de oudoosterse beeldsymboliek en het Oude-Testament, toegelicht aan de hand van de Psalmen, uitg. J.H. Kok-Kampen 1984, 370 pp., prijs ƒ 77, 50.
Het belang van dit uit het Duits vertaalde boek ligt in de poging de voorstellingswereld van de psalmen te vergelijken met die van de Oud-Oosterse iconografie (beeldbeschrijving). De contactpunten springen duidelijk in het oog. Op een indrukwekkende wijze wordt het boek geïllustreerd met ruim 1500 tekeningen en kaartjes. Een zeer nauwkeurig register vormt de afsluiting.
Het werk legt meer de vinger bij de overeenkomsten dan bij de verschillen. Daardoor valt op dat de illustraties wel eens te krampachtig op de bijbelteksten worden betrokken, zonder voldoende oog te hebben voor de inhoud van die psalmen. Als voorbeeld noem ik de afbeelding nr. 308 op blz. 205. Het geeft enkele Semitische handelaren weer, die een partij zwarte oogverf invoeren. Je vraagt je af waarom de tekst van psalm 105 : 12-15 hierbij vermeld wordt. De bronnensplitsing wordt als een vaststaand feit verwerkt (p. 105, 197, 321, 323), maar er zijn genoeg bedenkingen tegen het bouwwerk van drie bronnen (J.E.P.) in te brengen!
Bij het lezen kwamen wat vragen bij me op. Is het voeden met het manna uit Ex. 16 : 14 door de psalmisten verheven tot in het wonderlijke? (p. 207). Men kan toch moeilijk schrijven dat in psalm 2 : 7 sprake is van een adoptie van de prins door de koning (p. 229). Het koningschap in Israël kun je niet op één lijn stellen met het koningschap in Egypte: de koning wordt onder Israël bepaald niet tot een god. Naar de doorlopende strekking van de Oud-Testamentische openbaring blijft er een afstand tussen de koning en Jawhe; zelfs noemt Jahwe Israël zijn zoon. De kritiek op psalm 78 : 68-71 kan ik niet voor mijn rekening nemen (p. 252). Dat het Egyptische woord i3w niet alleen met 'lofprijzing', maar ook met 'heil', 'zegen' weergegeven kan worden (p. 291) is uit de Egyptische teksten niet bekend. Een verwijzing naar de bron was hier op z'n plaats geweest. Het is gewaagd te onderstellen dat voor de psalmisten God niet onbepaald alomtegenwoordig is (p. 300).
U merkt: door de Oud-Testamentische Godsopenbaring te bezien tegen de achtergrond van het cultuurmilieu des Semitische leefwereld, dreigt het unieke van het boek der psalmen verloren te gaan. Maar de kritische lezer zal zeker worden meegesleept en geboeid zijn door de grote hoeveelheid kennis door de auteur verzameld. Het speurwerk werpt een verrassend licht op de zalving van de koning (p. 223), de Israëlitische heilsverwachting (p. 285) en de offercultus (p. 308).
Enkele drukfouten ontsieren het prachtig uitgevoerde boekwerk. Op p. 238 is een zin weggevallen, plastiek 436-416 (p. 290), telkens wordt kardoes afgedrukt in plaats van kartouche.
Deze opmerkingen doen niets af aan mijn respect voor Keel's boek. Ook al is de auteur het gevaar van een overschatting van de iconografie misschien niet geheel ontlopen, het werk is een zeer belangrijke aanwinst voor de bestudering van de achtergronden van de Psalmen.
Voorthuizen
dr. J. Broekhuis
Marx, Motoren & Make-up; Jongeren in Oost-Europa: uitg. Ambo b.v., Baarn 1984, prijs ƒ 9, 50.
In een themanummer van het maandblad Jeugd en samenleving, wordt aandacht besteed aan de positie van jongeren in Oost-Europa. Vanuit diverse invalshoeken wordt een beeld gegeven van het jeugdbeleid, problemen die jongeren bezighouden, het onderwijs en de oplossingen die men in Oost-Europa zoekt voor de spanningen, die met name onder bepaalde groepen jongeren leven. De schrijvers hebben allen de nodige kennis opgedaan over Oost-Europa, één van hen komt uit Polen, anderen studeerden in een Oosteuropees land of hebben daar de nodige kontakten. Ze zijn vrijwel allemaal betrokken bij het werk van instanties die in zekere mate welwillend staan tegenover het politieke systeem in Oost-Europa. Met name Joke Zephat, vormingswerkster van de Ned. Chr. Plattelandsjongeren, steekt haar afkeer van het 'koude oorlogsdenken' niet onder stoelen of banken. Soms blijkt deze voorkeur in de artikelen een rol te spelen, elders wordt een meer objektieve benadering toegepast.
Enkele artikelen geven behoorlijk wat informatie, bijvoorbeeld die van Peter van der Zant over het starre jeugdbeleid van de overheid en de vragen rond de probleemjongeren. Maria Smeets geeft een duidelijk overzicht van de opbouw van het onderwijs in de DDR. Andere geven indrukken weer van ontmoetingen met jongeren in de DDR en Tsjechoslowakije. Daarbij komt met name bij Joke Zephat de eigen visie van de auteur sterk naar voren. Jolanta Klein laat in haar artikel over de seksuele voorlichting in Polen duidelijk blijken dat zij van een bijbelse visie op deze vragen niets weten wil: Sexualiteit is een autonome waarde, waarover men niet preuts moet doen, in Oost-Europa worden de rolpatronen bevestigd en kan de emancipatie niet echt doorzetten op alle terreinen van het leven.
In de bijdrage over de Junge Gemeinde in de DDR zet de schrijver de communistische leer waarmee de jongeren niets aankunnen op één lijn met de 'in zekere zin achterhaalde leer' die de jongeren in het godsdienstonderwijs op onze scholen ontvangen. Ze moeten geholpen worden in hun eigen zoeken naar echtheid en waarachtigheid. Het zal duidelijk zijn, dat wij ons meer thuisvoelen bij hen die ook in de DDR jongerenwerk doen, waarbij de noodzaak van wedergeboorte en de persoonlijke kennis van de Heere Jezus Christus centraal staan. Het themanummer biedt een bonte verscheidenheid aan bijdragen, waarvan de een meer te zeggen heeft dan de ander. Wat overblijft is een gevoel van uitzichtloosheid. Jongeren zoeken naar een uitweg, naar idealen in een wereld die geregeerd wordt door een ideologie die de hunne niet is. Juist dan is het nodig hen te wijzen op de Enige, Die ook voor jongeren een boodschap heeft, de Heere Jezus Christus. Die gedachte komt in dit themanummer niet voor.
Voor belangstellende lezers is er wel het nodige in te vinden, wie echter juist over het kerkelijk leven informatie wil ontvangen kan beter andere boeken raadplegen. De prijs is voor een uitgave van nog geen honderd bladzijden niet echt laag te noemen, het nummer is echter redelijk goed verzorgd.
A. W. van der Plas
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 1984
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's