Over vertalen en een nieuwe vertaling (6)
Groot Nieuws Bijbel
Nog enige aantekeningen bij de vertaling GN van Ps. 51. De gehele tekst van deze boetespalm kan ik niet opnemen, ook niet op de verschillende woorden, die met het begrip zonde samenhangen, zoals ongerechtigheid, fouten, gebreken en dergelijke ga ik niet in. Welk woord ook gebruikt wordt - ik bedoel niet te zeggen, dat dat er niet toe doet - integendeel - , elk woord heeft zijn diepe ernst in het feit, dat de psalmist - en hij niet alleen - met al zijn wandaden voor Gods aangezicht staat, die dwars door de mens heenziet en voor wie ik niets te verbergen heb. Ouders kunnen een kind wel een aankijken met de blik in de ogen van: ebben wij dat aan je verdiend? Ps. 51 : 6 wordt in GN aldus vertaald: egen u heb ik gezondigd/want ik heb gedaan/wat u verafschuwt. Terecht hebt u mij veroordeeld, /uw vonnis is juist. Calvijn schrijft over dit vers: l spreekt de ganse wereld mij vrij, zo is het meer dan genoeg U mijn rechter te weten. Mijn geweten trekt mij voor Uw rechterstoel. De psalmist weet, dat hij in al zijn levensverhoudingen in verantwoordelijkheid voor God staat. Hier is de zonde tegen de naaste bedreven niet uitgesloten, maar juist ingesloten. Zonde tegen de naaste betekent zonde tegen God. In Ps. 39 : 9 (om mij tot dit ene voorbeeld te beperken) wordt ons dat voor gehouden in het woord van Jozef: oe zou ik dan dit een zo groot kwaad doen en zondigen tegen God (GN vertaalt: k kan onmogelijk doen wat u verlangt. Het zou tegen Gods wil zijn). Uit vergelijking met de tekst van de St.vert. blijkt, dat GN hier een hebreeuws woord (lemaan) wegvertaalt (in Rom. 3 : 4 - citaat naar de Septuaginta). St.vert.: pdat gij gerechtvaardigd wordt in Uw woorden... Dit woord betekent in het algemeen opdat, een woord dat wijst op de bedoehng van een daad of woord. Reeds bij de Kerkvaders denkt men aan een vertaling met zodat, dus een gevolg. (In lemaan zouden doel en resultaat begrepen zijn en zowel een finale, causatieve alsook een consecutieve zin hebben.) Ter vergelijking noem ik Jer. 27 : 15 (St.vert. om), Micha 6 : 16 opdat ik u stel. Hoz. 8 : 4heeftGN: aarom zal dat vernietigd worden. In Ps. 51 wordt vers 6b door sommige exegeten 'aangevuld' met: k zegt dit... M.i. is dit niet te verdedigen.
Ps. 51 : 7, GN: a, zondig ben ik geboren/ schuldig ben ik vanaf de moederschoot. Het eerste deel van dit vers geeft een weinig heldere vertaling. Hier is het voorzetsel be (ned. in) niet gehonoreerd. Vanaf de tijd van de Septuaginta (met de vertaling en anomiais - in zonden) is de vertaling 'in zonde ben ik geboren' de gebruikelijke. Voor de vergelijking geef ik enige uitdrukkingen, die eenzelfde vorm hebben: preken in bitterheid van mijn ziel, gezworen in mijn toorn. In Pred. 7 : 15 vertaalt GN de tekst met: echtvaardige mensen kwamen om ondanks hun rechtvaardigheid... Ik geef er de voorkeur aan het woord te vertalen met in, in de zin van met. Ps. 51 : 7 is het begin van de zin waarvan Rom. 51:12 het vervolg is. Zo gezien is deze tekst met een woord van Luther de geweldigste tekst over het peccatum originis.
Ps. 51 : 9: ntzondig mij met hysop. GN: esprenkel mij, dan word ik weer rein, doet tekort aan het hier gebruikte Hebreeuwse woord, waarin de wortel 'zonde' voorkomt (Lev. 14).
In VS. 11 luidt de St.vert.: erberg Uw aangezicht van mijn zonden; in de GN-vert.: et niet op mijn zonden en wis mijn fouten uit. Hier komt niet uit, dat in dit woord van de psalmist een benauwende tegenstelling wordt uitgedrukt met het lichten van Gods aangezicht. In de zegswijze: erbergen van Gods aangezicht zit iets van: ij kan. Hij wil mij niet meer zien. Beneden het peil van het grondwoord is ook de GN.-vert. van Ps. 51 : 12: aak mijn hart zuiver en mijn geest standvastig. De St.vert. heeft hier: chep mij, o God, een rein hart en vernieuw in het binnenste van mij een vaste geest. Hier is in GN het scheppingswerk vereenvoudigd, gedevalueerd tot maken en het woord - chdsj - vernieuwing in het
tweede deel is niet weergegeven (wegvertaald). De Schrift wijst hier op een radicale vernieuwing - van de grond af aan - door God zelf.
Men vergelijke woorden als Jes. 41 : 20, 65 : 17v.
Ps. 51 : 13: tuur mij niet weg/blijf mij bezielen (GN). St.vert.: erwerp mij van Uw aangezicht niet en neem Uw Heilige Geest niet van mij. De Heilige Geest: e Geest Uwer heiligheid, de garant van het delen in Gods gunst en gemeenschap! In dit tweede deel van vs. 13 verwijdert de GN zich sterk van de grondtekst - Als dat eens zou gebeuren, dat Hij mij verwerpt - verdiend heb ik het wel. Verwerp mij niet van Uw aangezicht, dat betekent de grote tegenstelling met de geladen woorden van de zegenbede: e Heere verheffe Zijn aangezicht over u - als een 'toeknik van de hemel'. Verwerp mij niet (in de Gr. tekst een zeer scherp woord: egjagen, verbannen). Verwerpen herinnert aan Ps. 71 : 13a: aarom ook, terwijl de ouderdom en grijsheid daar is, verlaat mij niet, o God (in het Hebreeuws azab; GN: n de steek laten). Ook VS. 14 had dichter bij de grondtekst kunnen blijven. Erg voldaan over de vertaling van één der meest ontdekkende en vertroostende psalmen kan ik niet zijn.
Vergeleken met het geheel van de Schrift kwamen in deze artikelen slechts weinige stukken ter sprake. Maar (m.i.) wel zoveel, dat een billijk oordeel kon worden gegeven over de methode der vertalers, die acht jaar aan dit veelomvattende en zeer verantwoordelijke werk hebben gearbeid. Ik vind heel wat woorden en zinnen niet conform de grondtekst. Bij de bespreking heb ik wel een selectie toegepast: teksten waarbij tekstkritische problemen ter sprake moesten komen heb ik buiten beschouwing gelaten. Hoe meer ik op de tekst - om de vertaling ging het - studeerde, hoe meer is voor mij komen vast te staan, dat de kwalificatie van deze vertaling als: een stap terug niet onredelijk is. Met deze vertaling zijn we goed op weg naar een geseculariseerde Bijbel. In deze aanduiding staan we niet alleen. Ook kritische theologen waarschuwen in deze tijd voor 'neutralisering en secularisering van de Bijbeltekst' (J. Anderegg). •
Besluit
Als een dierbaar kleinood heeft de Heere ons Zijn Woord gegeven. En aan dat Woord moet prioriteit worden gegeven. Er is een sterke waarheid in een woord van Luther: e kerk is een schepping van het Woord van God. In het begin van deze stukken wees ik er op, dat de Bijbel heus niet zulk een vlot te lezen boek is als men wel eens voorstelt, zo in de zin van een kind kan het begrijpen. Augustinus schreef hierover (in verband met de prediking, maar het geldt ook van ide vertaling en wat daarmede samenhangt, zoals ook uit het bovenstaande wel uitkomt): e duisternis van de Schrift is te eerbiedigen, maar niet na te volgen. God spreidde er die duisternissen over uit om de menselijke geest te oefenen. Doch zo schrijft hij, het is aan te raden de duistere passages niet dan hoognodig ter ore van het volk te brengen. Wel kan dit gebeuren in studieclubs en onder vier ogen. Maar vele woorden, bijbelse woorden en begrippen zeggen de moderne mens niets meer. En in onze tijd is het stellig waar dat voor de moderne mens de hoofdbegrippen van de Schrift geheimtaal zijn, onverteerbaar en oninteressant. Moeten we dan allerlei grondwoorden uit de kerkelijke - d.i. bijbelse - taalschat elimineren? Moeten we dan de fundamentele begrippen een andere vorm zien te geven, naar moderne snit? Afgeslankte en van pit en kracht beroofde woorden? De eeuwen door is het een vraag geweest: aarom is er geen geloof in de boodschap van de vrije genade en van het eeuwige licht over onze duisternis? Meer dan eens hoort men: e moderne mens vraagt wel naar het verlossende woord. Daar ben ik niet zo zeker van. De natuurlijke mens wil - op zijn tijd - wel een woord hebben, als het maar past in onze eigen gedachten, als het maar een woord is naar de mens. En dat is het juist, het Woord doorkruist onze overleggingen, onze idealen. Het is wel vóór de mens, maar niet naar de mens. Het wereldse denken beheerst ons. Het gaat in onze tijd om wat bewezen kan worden en gecontroleerd. Men botst tegen de ergernis van het kruis. Het licht om licht van beneden en de Schrift spreekt van het Licht van Boven. Men wil niet leven van hemelse gaven - ook het leven is geen gave van Boven - en dat niet maar heidens, maar anti-christelijk. In heel de zaak van de modernisering van de Bijbeltekst komt m.i. dit element te weinig aan de orde. Niet, dat we niet voor de haast bovenmenselijke inspanning staan om met de evangelieprediking voort te gaan zo, dat voor de kinderen het boord gebroken wordt en voor de kleinen in geloof hun passende spijze moet worden bereid en voorbereid. Maar dit komt in deze tijd veelszins op de achtergrond, wat Christus zelf heeft gezegd over het ongeloof van de mensen uit Zijn tijd. Waarom kent gij Mijn spraak niet? Omdat gij Mijn woord niet kunt horen. Wie uit God is, hoort de woorden Gods (Joh. 8 : 43-47).
Zij staan vreemd tegenover de boodschap: r is geen geestelijke affiniteit. Zij zijn van deze wereld. De natuurlijke mens verstaat niet de dingen die des Geestes Gods zijn. 1 Kor. 2 : 14. Mijn v oord vindt in u geen plaats. Het is als in c e dagen van Luc.: een plaats voor Christus Ook vandaag: oor alles plaats, maar v\k\. voor Christus. (Het gaat hier over een ^rieks woord, dat ook wel vertaald wordt met in zich opnemen, doordringen, in 2 Kor. / : 2 wordt het algemeen vertaald met: aak plaats voor ons - nl. in uw hart.) Het gaat om het geestelijke verstaan. En daarom vinden we in de Schrift de voortdurende vermaning tot het bewaren van het Woord (Joh. 8 1:51, 14 : 23 e.a.). Bewaren dat is acht geven op. De hele kerk moet de wacht betrekken bij het Woord. In die weg wordt de kracht van het wojord van Rom. 15 : 4 ervaren: ant al wat tevoren geschreven is, dat is tot onze lering geschreven, opdat wij door lijdzaamheid en vertroosting der Schriften hoop zouden hebben.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 1984
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 1984
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's