Globaal bekeken
De afgelopen tientallen jaren worden we steeds geconfronteerd met gebedsgenezers, meestal komende uit zogeheten Pinksterkringen. Tegen dit soort massale manifestaties hebben we bepaald nogal bezwaren. Dat er op dit vlak ook sprake is van volksbedrog leert het onderstaande stukje uit een artikel van J. E. v. d. Brink in het blad 'Kracht van omhoog' van de 'volle evangelie' kringen. Het gaat over de evangelist Marjoe Gartner.
'Voordat Marjoe mamma of pappa leerde zeggen, had zijn moeder hem al bijgebracht "halleluja " te roepen. Toen hij negen maanden was, kon hij al door de microfoon het geliefde woord "glory" uitspreken. Op zijn derde jaar stond hij al op een podium te preken en kreeg hij lessen in toneel, het spelen op de saxofoon en het hanteren van een dirigeerstok. Zijn toespraken werden onder pakkende titels aangekondigd: van rolstoel naar preekstoel, of op weg naar de laatste verzameplaats, waarbij Marjoe in een cowboy-kostuum op trad. Zo bracht hij tien jaren lang aan een enthousiast orthodox publiek het "ouderwetse" evangelie, maar na zijn tienerjaren zocht hij een andere werkkring. Hij had er schoon genoeg van. In het interview zei de 33-jarige Marjoe: "Ik heb geen enkele kracht en dat hebben die andere jongens ook niet. Op mijn toernees werden honderden mensen genezen, maar ik weet (...) goed dat ik zelf niets doe. Ik maak dat alles word opgebouwd tot het moment, dat ze allemaal in extase zijn. De menigte wordt steeds enthousiaster en je moet uitkijken dat je dat niet afbreekt. Je begint met te zeggen dat je gehoord hebt, dat het een bijzondere avond gaat worden. Dan trek je alle registers open en houdt het zo aan de gang. Het is hetzelfde als in een popconcert. Je hebt een openingsnummer met een sterk begin, dan werk je een heleboel vaste, oude gegevens af tot je aan het einde aan de tophit komt. Dat is hier de wedergeboorte. Verder is het enige passende vervolg op het indrukwekkende moment van het gered worden, een persoonlijke demonstratie van de kracht van het juist verworven geloof. Dit zet aan tot het spreken in talen en tongen. Het spreken in talen leer je je aan. Van je vrienden, de kerk en de bijbel krijg je te horen dat de Heilige Geest in een andere taal spreekt Je raakt ervan overtuigd dat dit de meest wezenlijke uiting is van het door jou heenstromen van de Heilige Geest. De glossolatie is een proces dat je opbouwt. Het gaat er net mee als bij het oefenen van toonladders op de piano: je leert het steeds beter".
Marjoe begint dan enkele korte woorden veelvuldig te herhalen en gaat dan over in de "taal" die hij gewend was te spreken. Hij vervolgt dan: "Het was mijn taak de mensen de best mogelijke show te geven. Je had bijvoorbeeld een verlegen predikantje uit de provincie. Hij haalde er beroemde evangelisten bij om zijn kerk op peil te houden. Dan kwamen wij om de massa op te zwepen en wij waren de sterren. Het publiek gelooft in het charisma van de evangelist en daar komt het ook voor". Als Marjoe later, toen hij al prediker af was, een lezing houdt op een middelbare school, roept hij de studenten naar voren en zegt: in de naam van Jezus! Hij raakt hun voorhoofd aan en pats! Elke keer gaan ze weer plat.'
Uiteraard is de verklaring van de heer Van den Brink dat hier sprake is van demonische invloed. Maar wie maakt uit wat hier echt en wat demonisch is? In ieder geval is men door zo'n stukje wel gewaarschuwd.
***
Dat het vertalen van de Bijbel z'n eigen problemen met zich meebrengt - in elke taal weer andere - leert ons het volgende stukje uit Wycliff Nieuws, dat we uit De Wekker overnamen.
'Zeg dat je me niet kent (Suriname)
"Voordat de haan tweemaal kraait, zul je driemaal zeggen, dat je Mij niet kent", zei Jezus tegen Petrus (Markus 14:13).
Toen Tineke Bosch dit in het Sarnami Hindoestani vertaalde, begreep men er niets van wat Petrus nu toch fout gedaan had. Petrus deed toch immers wat hem opgedragen was. Luistert u maar naar wat Tineke vertelt:
"Het is alweer een aantal jaren geleden, dat ik werkte aan de vertaling van het Paasverhaal voor de Sarnami-Hindoestani in Suriname. Een Sarnami-Hindoestaanse, die zelf christen is, had mij het verhaal stukje voor stukje in haar eigen taal verteld.
Ik schreef het woord voor woord op en ging er mee naar andere Hindoestanen om te testen, wat ze ervan begrepen. De derde persoon met wie ik het verhaal doornam toonde een grote verbazing, toen ze hoorde, dat Petrus naar buiten ging en in huilen uitbarstte, nadat hij driemaal gezegd had, dat hij Jezus niet kende.
"Waarom denkt u dat Petrus huilde", vroeg ik voorzichtig, toen ik de verbazing op haar gezicht zag. "Ik weet het niet", antwoordde ze, "ik dacht nu juist dat hij trots en blij zou zijn''. Trots en blij zou zijn ? Nu was het mijn beurt om verbaasd te zijn.
''Ja'', vervolgde ze, ''hij had toch precies gedaan wat hem opgedragen was". Nu begreep ik er niets meer van.
Langzamerhand na een heleboel vragen besloot ik haar gedachtengang te begrijpen. De Sarnami-Hindoestanen gebruiken vaak de toekomende tijd om een gebiedende wijs aan te geven. Zoals wij in het Nederlands het woordje "even" of, "maar" gebruiken om een gebod te verzachten ("Zeg maar even tegen Jan..."), zo maakt Sarnami-Hindoestani gebruik van de toekomende tijd. Toen de Heere Jezus tegen Pe trus zei: ''Je zult driemaal zeggen, dat je Mij niet kent'', had de vertaalhelpster dit begrepen als de opdracht: "Zeg driemaal dat je mij niet kent!"
En Petrus had precies gedaan wat hem opgedragen was?
De woorden van Jezus op deze manier In het Sarnami-Hindoestani weergegeven bleken dus voor tweeërlei uitleg vatbaar. De oplossing van het probleem was niet zo moeilijk. Er staat nu vertaald: "Ik weet, dat je drie maal zult zeggen, dat je Mij niet kent". En hier is maar één uitleg mogelijk."
Gelukkig ontdekte Tineke dit probleem. Veel problemen in het Bijbelvertaalwerk zijn echter moeilijker te herkennen. Maar God kent ze en Hij kan ze ons laten zien.
Tineke Bosch werkt samen met haar vriendin Annie Hulskamp onderde Sarnami-Hindoestanen in Suriname voor de Wycliffe Bijbelvertalers.'
***
'Een echte politicus van het jaar', schrijft het Nederlands Dagblad ter gelegenheid van de verkiezing als zodanig van drs. C. P. van Dijk door journalisten. Maar, zegt het N.D. verder, 'voor het C.D.A. valt te vrezen, dat de partij in de verkiezingen niet veel kan doen met de populariteit' (van Van Dijk). Eén en ander wordt toegespitst op de bijdrage van Van Dijk in het boekje 'Christelijke politiek vandaag' (Reformatie Reeks, Kok, Kampen; uitgave van de Geref. Bond).
'Misschien heeft de parlementaire pers dit jaar wel voor het eerst een echte politicus van het jaar gekozen, dat wil zeggen: een man wiens "verdiensten" of tekortkomingen, want ook die kunnen voor sommige journalisten een reden zijn om iemand te verkiezen - speciaal in het afgelopen jaar aan ons allen duidelijk zijn geworden.
Want niemand kan volhouden dat de verkiezing van drs. C. P. van Dijk tot politicus van het jaar - in de jaarlijkse enquête van het weekblad De Tijd - als een volstrekte verrassing komt. Als aanvoerder van de RSV-enquêtecommissie heeft hij bij vriend en vijand slechts roem geoogst en bovendien het hart van de kijkers thuis gestolen als de gevierde hoofdrolspeler in talloze afleveringen van een spannende tv-serie. Met de enquêtecommissie heeft hij de politiek weer iets van haar aanzien, de Tweede Kamer haar tanden teruggegeven, zo geven veel journalisten op als motivering van hun keuze. Aan die omschrijvingen is overigens te merken dat de verslaggevers het kamerdebat rondom minister Van Aardenne niet meer hebben kunnen "meenemen". Want of zij er daarna nog net zo over dachten, is nog maar de vraag. Sommigen zouden ongetwijfeld spijtig hebben opgemerkt dat de Kamer uiteindelijk haar tanden alleen maar liet zien en niet doorbeet toen het erop aankwam. En dat Van Dijk zelf daardoor mede verantwoordelijk was.
Huwelijk en gezin
Voor het CDA valt te vrezen dat de partij in verkiezingen niet veel kan doen met de populariteit van de commissievoorzitter Nu Van Dijk tot politicus van het jaar is gekozen, is het weekblad De Tijd ook geïnteresseerd in zijn ideeën over andere onderwerpen dan scheepsbouw, overheidssteun, kolengraafprojecten en onkostendeclaraties. Omdat de man zelf een maand lang op een cruise aan het uitblazen is, heeft het weekblad gegrepen naar het al eerder in deze krant besproken boekje Christelijke politiek vandaag, waarin beschouwingen over dat onderwerp staan van vertegenwoordigers van SGP, RPF, GPV en CDA. Voor deze laatste partij draagt Van Dijk een artikel bij.
Nu was de heer Van Dijk ruim twee jaar geleden als minister van ontwikkelingssamenwerking al eens krachtig in de publiciteit geweest in verband met publikaties van zijn hand over de apartheid in Zuid-Afrika van jaren her. Van Dijk haastte zich toen zijn daarin verwoorde ideeën te bestempelen als oude plunje, die hem niet meer paste en die hij al lang had weggegooid.
Welnu, ook op andere terreinen houdt Van Dijk er standpunten op na die ongebruikelijk zijn voor een populair politicus. En dan geen oude plunje, maar zeer recent. De Tijd citeert passages uit zijn bijdrage aan Christelijke politiek vandaag over het spreken van de kerk ("de vraag. .. of hier nog de kerk van Christus aan het woord is of een netwerk van politieke actiegroepen die meestal één ding gemeen hebben: dat ze, hoe dan ook, nooit een christelijke politieke partij zullen steunen"), de verzorgingsstaat of liever: de zorgzame samenleving, overheidsuitgaven ("hier wordt een loopje met ons rentmeesterschap genomen") en het buitenlands beleid ("de opvallend sterke belerende en moraliserende trekken ervan irriteren of amuseren anderen"). En als de paragraaf over emancipatie in beeld komt, treedt het weekblad zachtjes terug om zijn lezers alleen te laten met de volledige tekst daarvan ("Men kan blij zijn met de doorbreking van oude, verstarde rolpatronen die van het huwelijk een (weinig bijbelse) karikatuur maakten, maar een herbezinning op de functie van huwelijk en gezin wordt steeds dringender geboden'').'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 januari 1985
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 januari 1985
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's