De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het stuk der dankbaarheid

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het stuk der dankbaarheid

6 minuten leestijd

'Ik zal de beker der verlossingen opnemen!' (Psalm 116 : 13)

Dankbaarheid is een bloempje dat in weinig hoven bloeit! Dankbaarheid is heel wat! Dankbaarheid is een vergeten stuk. Hoe dikwijls horen we niet: een mens is niet zo snel dankbaar! Eerlijk en gemeend zeggen wij er ook nog bij dat het ons gegeven moet worden. Is het terecht wanneer iemand opmerkt, dat het leven der dankbaarheid, de heiligmaking, weinig aandacht ontvangt in de prediking? De Heere Jezus Christus is opgewekt tot onze rechtvaardigmaking, maar is Hij ook niet tot onze heiligmaking en worden wij juist in Hem niet opgeroepen als kinderen des Lichts te wandelen? Daarom dienen wij elkaar juist hierop te wijzen. Offert voor uw reiniging, offeranden van dank. Graag uw aandacht voor het stuk der dankbaarheid wanneer wij in onze psalm lezen: 'Ik zal de beker der verlossingen opnemen!'

Lettend op het verband vragen wij ons af wat toch de reden daarvoor is. Onze dichter is tot zichzelf gekomen. Eerst was er een gebed in grote nood en hij riep tot de Heere: 'Och Heere bevrijd mijne ziel!' Hij keerde vervolgens tot zichzelf in en sprak: 'Mijn ziel keer weder tot uw rust!' Nu spreekt hij opnieuw tot zichzelf en zegt: 'Wat zal ik de Heere vergelden voor al de weldaden aan mij bewezen'. Onze tekst is dan het daarbij passende antwoord: 'Ik zal de beker der verlossingen opnemen'. Hij spreekt van verlossingen in het meervoud. Die waren er immers! De dichter was uitgeteerd, in doodsnood, in angsten der hel, in benauwdheid, in droefenis, in tranen en in struikeling. Maar de Heere heeft verlost en de Heere heeft welgedaan, gered van de dood, van tranen en van aanstoot.

Er is zeer veel reden tot dankbaarheid. Zijn die redenen er bij u ook? Na uw ernstige ziekte? Die bange nacht? Er was grote zorg om uw kind? Gevaar op de weg? Denk aan de schuld die u met schrik vervulde. Let op de zonde die u steeds voor ogen zweefde. Maar de Heere deed niet naar de zonden en spaarde nog. Hij gedacht aan Zijn genade en nam redenen uit zichzelf. Uit al deze dingen redde de Heere. Vandaar: Wat zult u de Heere vergelden voor alle weldaden aan u bewezen? 'Ik zal de beker der verlos­singen opnemen!' Deze woorden brengen ons de drankoffers in herinnering. Er werden onder Israël allerlei offers gebracht: spijs-, brand- maar ook drankoffers (zgn. plengoffers). Deze laatsten golden als een dankoffer en daarbij werd o.a. wijn in een beker uitgegoten voor het aangezicht van de Heere. De beker gold als het altaar, de wijn was het offer. Het geheel als een dankoffer. Nog duidelijker wordt de psalm wanneer wij bedenken dat na een dankoffer er een offermaaltijd plaatsvond. Wij weten bijvoorbeeld dat als door David de ark weer in de tabernakel is geplaatst alle aanwezigen brood, vlees en wijn ontvangen. Het hoogtepunt van de offermaaltijd brak aan als op een zeker moment de beker der verlossing plechtig werd opgeheven, waarbij de reden van de offermaaltijd duidelijk aangegeven werd. Alle aanwezigen dronken uit die beker en betuigden hun instemming en dank. De verlossing, bewaring en erkenning werd door allen erkend. De beker der verlossingen doet ons dus denken aan een drankoffer en aan die offermaaltijd. Beide zijn heenwijzingen naar de Heere Jezus Christus, Zijn verlossing, heil en bloedstorting. Ja, menigvuldige verlossing in Hem! Zullen wij tot onze verootmoediging en dankbaarheid deze 'beker der verlossingen' eens goed bezien. De Heere Jezus heeft eerst Zijn beker leeggedronken. De lijdensbeker, gevuld met onze smaad en hoon. Gevuld met de toorn van God over onze zonden. Gevuld met de smarten en angsten der hel. Gevuld met de duisternis van het graf en van de dood. Hoor hoe Hij daar spreekt tot onze troost: De beker, die Mij de Vader gegeven heeft... zal Ik die niet drinken? Hij heeft die beker leeggedronken en... de lege beker vulde Hij tot de rand toe met de allerzoetste en meestverkwikkende wijn nl. genade, vergeving, gerechtigheid en eeuwig leven. Ja daarin is een teken te zien van menigvuldige verlossing. Deze beker wordt door de Zijnen opgenomen en aan de mond gezet, opdat zij verzadigd zouden worden met het goede uit Hem en zouden genieten van het vette van Zijn huis.

Dankbaarheid is nu niet anders, niet meer en niet minder, dan deze Christus als de beker der verlossingen op te nemen en hoog op te heffen. Waar geven wij hoog van op? Onze naam, onze werken, van ons­ zelf of van anderen. Daarmee danken wij de Heere niet. De Heere wil gedankt worden en geëerd worden met Zijn eigen werk. Al onze dankbaarheid ligt in Christus. Zo geeft de Heere inderdaad in Christus ons een danklied tot Zijn eer. De Zijnen spreken goed van Christus. Toen de Heilige Geest uitgestort werd op het Pinksterfeest verheerlijkte Hij Christus. Hij zou immers niet van Zichzelf spreken maar alles uit Christus nemen en ons verkondigen. Danken is niet met onze werken aankomen, maar met dat ene volmaakte werk in Christus. Ik zal deze 'beker der verlossingen' opnemen.

'Ik'. Dat staat niet netjes voorop. Toch wel, want hier is het een hart, dat geraakt en verbrijzeld is. Getroffen door de nood, vervuld van de wonderen. Laat dan dat 'ik' maar rustig staan, want in het geloof wordt op Christus gedoeld. Het ware geloof eert immers altijd Christus. Wat zal ik de Heere vergelden en hoe zal ik betalen? Verhef die Zaligmaker in uw leven. Dat mag dan het leven der dankbaarheid uitmaken. Wij verheffen Zijn Naam in de prediking, Jezus Christus en Die gekruisigd. Wij verheffen Zijn Naam in onze gebeden. Vraag het in Zijn Naam en om zijnentwille zal de Vader horen. Verhef Zijn Naam in al uw zingen en in heel het leven. Dan is het voortdurend: Zie het Lam Gods dat de zonde der wereld wegdraagt. Deze is de Koning, die in het dodelijkst tijdsgewricht mijn banden slaakt. Deze is de Profeet, die in deze duistere en onheilspellende tijd mijn heil verkondigt. Deze is de Priester, Die mij midden in alle zonde en ongerechtigheid reinigt van alle vuile zonden. Zijn Naam moet eeuwig eer ontvangen. Leven der dankbaarheid is er nooit buiten Christus om.

'Wat zal ik, met Gods gunsten overlaân,
Dien trouwe Heer' voor Zijn gend vergelden,
'k zal bij de kelk des heils Zijn Naam vermelden!'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Het stuk der dankbaarheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's