De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Opbouw van de gemeente

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Opbouw van de gemeente

6 minuten leestijd

Jaren geleden ontmoette ik iemand, die op mijn vraag hoe het in de gemeente ging antwoordde: 'altijd strijd, al twintig jaar strijd'. Wat hij er aan toevoegde was echter merkwaardig. Hij zei namelijk 'je kunt bijna niet meer zonder'.

Kerkelijke strijd is er altijd geweest en zal er wel blijven zolang we in deze bedeling leven. Maar niet meer zonder strijd te kunnen is toch nog wel iets anders. De broeder, die het me zei, is zelf de strijd allang te boven. Daarom kan ik het hier ook neerschrijven. Maar de vraag blijft of alle strijd de opbouw van de gemeente dient.

De Schrift

Wanneer de Bijbel over strijd spreekt dan gaat het over de strijd, die de christen heeft te voeren tegen de machten en de geestelijke boosheden in de lucht (Ef. 6 : 12). En Paulus wekt Timotheus op de goede strijd van het geloof te strijden. Zélf zegt hij de goede strijd gestreden te hebben en het geloof te hebben behouden. De gemeente in haar geheel en de christen afzonderlijk is gewikkeld in een strijd der geesten. Wanneer hij zijn tijd verstaat en echt in die tijd leeft dan moet hij zich voortdurend verweren tegen allerlei verschijnselen, die zich niet verdragen met het reine Evangelie. Wie zich onbesmet wil bewaren van de wereld leeft in voortdurende strijd.

Houding

Strijd kan echter ook een houding worden. 'Vanwaar komen krijgen en vechterijen onder u? Komen zij niet hiervan, namelijk uit uw wellusten, die in uw leden strijd voeren?', zegt Jakobus (Jak. 4 : 1). Er is ook vleselijke strijd. Die bouwt de gemeente niet maar breekt haar af. Ze is geen strijd des geloofs maar komt voort uit 'wellusten', zoals de apostel zegt. Het is onmiskenbaar dat er ook in de kerk vaak van zulk een strijd sprake is. Al te gemakkelijk kan strijden om de waarheid daarin ook ontaarden. Het wordt een houding. Altijd wordt het negatieve gezocht en niet het positieve. 'Der Geist der immer verneint', zegt de Duitser, de geest die altijd 'nee' zegt. Een enkele persoon in een gemeente, die strijd tot houding heeft, kan ongelooflijk veel kapot maken. Maar het geldt ook in het geheel van de kerk. Kerkscheuringen zijn soms ontstaan door eigenzinnigheid van mensen, die hun strijd voor de waarheid streden. Het gereformeerde werd overtroefd door het gereformeerdere en het gereformeerdere door het gereformeerdste totdat tenslotte een uiterste verbizondering als alleenzaligmakend overschoot.

Positief denken

Toch is het zo dat negatief denken vaak veel vat heeft op mensen. Wie zich tégen iets keert krijgt vaak aandacht en aanhang. Kerkbladen staan (gelukkig) vol van artikelen, die thetisch van inhoud zijn, bezinnend op vragen van geloof en leven. Zulke stukken halen de grote pers meestal niet. De strijdvragen krijgen echter wèl alle aandacht.

Het zou heilzaam zijn voor kerk en gemeente wanneer we ook vandaag, in alle rumoer en geharrewar, het positieve zoeken en dat benadrukken. Van het negatieve kan een mens niet leven, ook een gemeente niet. We vergeten zo gemakkelijk de zegeningen: het loutere feit van het bestaan en voortbestaan van de gemeente, met daarin de wekelijkse verkondiging, de viering van de sacramenten, het oefenen van gemeenschap der heiligen. Er zijn nog zo veel goede dingen in Juda, zegt de Schrift. Alleen positief denken kan de gemeente dienen. Negatief denken breekt de gemeente af, positief denken bouwt haar op.

In een tijd, waarin het doemdenken in is, mogen we elkaar binnen de gemeente wel meer bemoedigen. Velen in de wereld zijn verstoken van de verkondiging van het Evangelie en zouden blij zijn met de meest eenvoudige verkondiging. Maar daar, waar vrijheid is om het Woord te verkondigen en het Woord nog niet 'schaars' is geworden is er vaak 'kittelachtigheid van gehoor'. En om de minste of geringste oorzaak gaat men uiteen, sticht men een eigen kerkelijk filiaal.

Geloof

Het geloof leeft echter niet van negatieve dingen maar van positieve. Als het negatieve kenmerkend wordt mogen er wel vraagtekens worden gezet. Er is een rust, die voor het volk Gods overblijft. Toegegeven er is óók een rust, die gerustheid is en die ook niet opbouwend is voor de gemeente. Maar wil de gemeente gebouwd worden op het fundament van apostelen en profeten dan zal er rust moeten zijn, harmonie, vrede , die iets in zich heeft, althans in beginsel, van de eeuwige vrede.

De eeuwige sabbat begint al hier, in dit leven, zegt de Heidelbergse Catechismus. Dat mag ervaren worden wanneer de gemeente, wanneer de afzonderlijke gelovige leeft bij God, wanneer de fonteinen van heil het water des levens voortbrengen in de verkondiging, wanneer aan de tafel des Heeren de rust genoten wordt, die de Heere de Zijnen schenkt. Het geloofsleven is gekenmerkt door momenten van rust, vrede, harmonie. De hele schepping zingt dan. En men lééft dan ook in harmonie met zijn omgeving.

God rechtvaardigt goddelozen. Daarvan ben ik er één. Zou ik minder zondaar zijn dan de ander? Zou ik dan ook meer gerechtvaardigd zijn dan de ander? De opbouw van de gemeente begint daar, waar we het af leren dat we zelf belangrijk zijn, dat we meer inzicht hebben in de waarheid, en op grond daarvan zélf denken het voor het zeggen te hebben.

Bouwen niet breken

De belijdenis van de rechtvaardiging van de goddeloze heeft ook consequenties voor het kerkelijke en gemeentelijke leven. Wanneer we belijden dat de Heere zondaars rechtvaardigt om-niet zullen we ook beseffen dat we allen in de gemeente zondaars zijn, niet alleen theoretisch maar ook praktisch. Dan leren we elkaar ook verdragen. Elkaar verdragen zelfs in ootmoed en met liefde (Ef. 4 : 2).

De gemeente is nog altijd een gemeente van zondaren, waarvan de één zich niet boven de ander verheffen mag. Maar samen, met alle heiligen, zingen we de lof Gods.

De gemeente bestaat niet uit individuen maar is een gemeenschap. Als we dat meer beseften zou 'twist en wrok' verdwijnen. De opbouw van de gemeente begint daar, waar we samen zondaar voor. God zijn en samen leren op genade aangewezen te zijn; en dan ook samen uit de triumf van de genade te mogen leven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 februari 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Opbouw van de gemeente

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 februari 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's